-A +A

Protocolakkoord tussen de bij Assuralia aangesloten rechtsbijstandsverzekeraars, de OVB en de OBFG

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Alternatieve naam: 
Protocolakkoord rechtsbijstandsverzekeraars en advocaten
Afkondiging: 
don, 03/11/2011
Tekst van de wetgeving: 

 

Protocolakkoord tussen de bij Assuralia aangesloten rechtsbijstandsverzekeraars, de OVB en de OBFG

INLEIDING

1. De rechtsbijstandsverzekeraars, aangesloten bij Assuralia, zoeken, met inachtneming van de voorwaarden van hun polissen, een oplossing voor de geschillen van hun verzekerden, hetzij minnelijk, hetzij een gerechtelijk, met de hulp van de door de verzekerde vrij gekozen advocaten.

2. Dit alles gebeurt binnen de wettelijke bepalingen betreffende rechtsbijstandsverzekeringen, vervat in de artikelen 90 tot en met 93 van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst en het koninklijk besluit van 12 oktober 1990 betreffende de rechtsbijstandsverzekering.

3. Die regelgeving kent aan de verzekeraar het recht toe om diensten te verrichten teneinde de verzekerde in staat te stellen zijn rechten te doen gelden, als eiser of als verweerder tijdens de precontentieuze fase, dit is zolang niet moet worden overgegaan tot een gerechtelijke, administratieve of scheidsrechtelijke procedure.

4. De wet verplicht de verzekeraar om de verzekerde de vrije keuze van advocaat te waarborgen wanneer zulke procedure moet worden ingesteld, of wanneer er hetzij een belangenconflict ontstaat, hetzij een meningsverschil tussen de verzekeraar en de verzekerde in verband met de ten opzichte van de schaderegeling aan te nemen houding.

5. De verzekeraars en de balies bevestigen bovendien dat het voor de verzekerde noodzakelijk of minstens nuttig kan zijn om, in bepaalde omstandigheden, vóór of buiten iedere procedure, welke die ook moge zijn, op de bijstand van een advocaat te kunnen rekenen.

6. Het is dan ook in het belang van de verzekerde dat, binnen de wettelijke context, een samenwerking tussen de rechtsbijstandsverzekeraars en de advocaten op gang komt.

7. Met dit gemeenschappelijke doel voor ogen nemen de partijen dit protocol aan, waarin volgende doelstellingen worden nagestreefd:

- het vastleggen van gemeenschappelijke gedragslijnen om geschillen te voorkomen en op te lossen die kunnen rijzen tussen de rechtsbijstandsverzekeraar en de advocaat naar aanleiding van een concreet dossier;

- het in der minne regelen van conflicten tussen advocaten en rechtsbijstandsverzekeraars door toedoen van daartoe gemachtigde contactpersonen binnen de balies en de rechtsbijstandverzekeringsmaatschappijen, waarvan de lijst gepubliceerd is op het intranet van Assuralia, de 0.B.F.G. en de 0.V.B.;

- het oprichten van een gemengde commissie rechtsbijstandverzekering (GCR) en het vaststellen van haar werkingsregels.

BIJGEVOLG IS OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT:

TITEL 1: GEMEENSCHAPPELIJKE BELEIDSLIJNEN

Partijen maken de hierna volgende gedragslijnen kenbaar, naargelang het geval, aan de advocaten of de ondernemingen en spannen zich in om hen ervan te overtuigen deze toe te passen bij de contacten tussen de advocaten, de rechtsbijstandsverzekeraars en hun verzekerden.

Artikel 1

Wanneer de verdediging van de rechten van een rechtzoekende gewaarborgd wordt door een polis rechtsbijstandsverzekering, vormt deze polis het gemeenschappelijke richtsnoer voor de verzekerde, de verzekeraar en de advocaat, in zoverre niet wordt afgeweken van de wettelijke bepalingen en onder voorbehoud van wat hierna is bepaald.

Artikel 2

2.1

Vanaf de eerste contacten:

- vraagt de advocaat de cliënt of hij gedekt is door een rechtsbijstandsverzekering en onder welke voorwaarden en, in bevestigend geval, vestigt hij de aandacht van de cliënt op het belang dat hij er bij heeft om aangifte te doen bij de verzekeraar; informeert de advocaat de cliënt over de respectieve rol van de verzekeraar en van de advocaat tijdens de precontentieuze fase, telkens wanneer hij geraadpleegd wordt tijdens die fase;

- informeert de advocaat, behoudens andersluidende instructie van zijn cliënt, de rechtsbijstandsverzekeraar over zijn tussenkomst en vraagt hij hem bevestiging dat die tussenkomst ten laste zal worden genomen;

- pleegt de advocaat indien nodig overleg met de verzekeraar;

- neemt de advocaat alle dringende maatregelen die noodzakelijk zijn voor de verdediging van de cliënt.

2.2

Nadat de verzekeraar heeft bevestigd dat hij de tussenkomst van de advocaat ten laste neemt:

- licht de advocaat de verzekeraar, zo deze hierom verzoekt, in over de berekeningswijze van zijn kosten en ereloon en verschaft hij hem meer gedetailleerde uitleg, wanneer de verzekeraar bijkomende vragen heeft;

- houdt de advocaat de verzekeraar op de hoogte van het verdere verloop van het geschil en van de stappen die hij meent te moeten nemen, met respect voor het beroepsgeheim;

- heeft de advocaat de mogelijkheid om verantwoorde provisies te vragen en om tussentijdse staten van kosten en ereloon op te stellen;

- overhandigt de advocaat aan de verzekeraar op zijn verzoek de nodige stukken die de voorgeschoten kosten, opgenomen in de staten van kosten en ereloon, staven;

- betaalt de advocaat de door de tegenpartij terugbetaalde gerechtskosten, die door de verzekeraar waren voorgeschoten, terug aan de verzekeraar of brengt hij deze in mindering van zijn staat van kosten en ereloon;

Artikel 3

De rechtsbijstandsverzekeraar van zijn kant :

- licht de verzekerden tijdig in over hun rechten en plichten in het kader van hun polis rechtsbijstandsverzekering en over de wijze waarop ze hun rechten kunnen laten gelden;

- licht de verzekerde en zijn raadsman in over de door hem ondernomen stappen; respecteert het beginsel van de vrije keuze van advocaat door de verzekerde: de verzekeraar doet in dat verband slechts een suggestie wanneer de verzekerde het uitdrukkelijk vraagt; het beginsel van de vrije keuze van advocaat is onomkeerbaar, in die zin dat zodra de verzekeraar de tussenkomst van de advocaat heeft aanvaard, hij hem niet meer kan ontlasten. Het beginsel van de vrije keuze van advocaat heeft tot gevolg dat de verzekerde het recht heeft om in de loop van de procedure van advocaat te veranderen, zonder kosten voor hem en behoudens misbruik;

- maakt aan de advocaat, daartoe aangezocht door de verzekerde, onmiddellijk en onvoorwaardelijk alle elementen van het dossier ter informatie over en deelt indien nodig gelijktijdig aan de verzekerde en aan de advocaat het bedrag van het plafond, zoals bepaald in de polis, mee;

- maakt aan de advocaat op het eerste verzoek de algemene en bijzondere voorwaarden van de verzekeringspolis over;

- aanvaardt om, na gemotiveerd advies van de advocaat over de noodzaak van zijn tussenkomst, deze tussenkomst ten laste te nemen, behoudens gemotiveerde weigering overeenkomstig artikel 4;

- voert zonder verwijl de betaling uit van de verantwoorde provisies en de staten van kosten en ereloon van de advocaat, behoudens in geval van betwisting;

- betaalt in geval van betwisting minstens het niet voor betwisting vatbare gedeelte daarvan.

Artikel 4

In geval van onenigheid betreffende de saisine van de advocaat of over de kosten en het ereloon, verbinden de partijen zich ertoe om de volgende procedure te volgen:

- binnen 14 werkdagen na ontvangst van de aanvraag, moet de rechtsbijstandsverzekeraar zijn weigering tot het ten laste nemen van de tussenkomst van de advocaat of zijn betwisting van de provisie- of ereloonstaat schriftelijk op een precieze wijze motiveren en meedelen aan de advocaat;

- (zelfs) bij weigering tot bevestiging van de tussenkomst van de advocaat moet de verzekeraar (eveneens) een gedetailleerd chronologisch overzicht geven van de al ondernomen stappen en van de initiatieven die hij denkt te nemen en de advocaat en zijn verzekerde daarover informeren zoals bepaald in artikel 3;

- na kennis te hebben genomen van deze gemotiveerde brief geeft de advocaat schriftelijk zijn mening over het standpunt van de verzekeraar en dit eveneens binnen 14 werkdagen na ontvangst van voormelde brief;

- partijen zullen alles in het werk stellen om tot een minnelijke oplossing te komen, desgevallend door een beroep te doen op de daartoe gemachtigde contactpersonen binnen de balies en de rechtsbijstandsverzekeraars;

- bij blijvende onenigheid legt de meest gerede partij het geschil voor aan de gemengde commissie rechts bijstandsverzekering;

- in geen geval kan het al dan niet het voortzetten van de verdediging van de belangen van de verzekerde door de advocaat, ondanks weigering van de verzekeraar, beschouwd worden als een oorzaak van verval of een verzaken aan de waarborg.

TITEL 2: DE GEMENGDE COMMISSIE RECHTSBIJSTANDSVERZEKERING

Artikel 5

De GCR is bevoegd om op verzoek van de advocaat en van de rechtsbijstandsverzekeraar uitspraak te doen over elk geschil dat tussen hen is gerezen over de toepassing van dit protocol naar aanleiding van de tussenkomst van een advocaat in het kader van een rechtsbijstandsverzekeringspolis.

Artikel 6

Er is een Nederlandstalige GCR gevestigd bij de OVB en een Franstalige GCR gevestigd bij de OBFG. De GCR bestaat uit één of meer kamers.

Elke kamer is samengesteld uit vier leden, twee advocaten en twee vertegenwoordigers van de rechtsbijstandsverzekeraars, onder het voorzitterschap van één van de advocaten, van wie de stem doorslaggevend is bij staking van stemmen.

De ondertekenende partijen wijzen hun eigen leden in de GCR aan.

Artikel 7

De advocaten die betrokken zijn in het geschil en de vertegenwoordigers van de verzekeraars waarvan de maatschappij betrokken partij is en die zetelen in de gemengde commissie rechtsbijstand, moeten de zaak uit handen geven ten voordele van, naargelang het geval, advocaten of vertegenwoordigers van de verzekeraars die buiten het geschil staan.

Artikel 8

De procedure voor de GCR is kosteloos.

Artikel 9

De leden van de commissie verbinden zich tot totale discretie met betrekking tot de informatie uit de dossiers waarvan zij kennis nemen.

TITEL 3: WERKING VAN DE GEMENGDE COMMISSIE RECHTSBIJSTANDSVERZEKERING

Artikel 10

De gemengde commissie wordt samengeroepen door de voorzitter.

Ze kan zetelen, naargelang het geval, in de gebouwen van de OBFG of van de OVB., maar de voorzitter kan ook beslissen dat ze gedecentraliseerd zetelt, waarbij onder meer rekening kan worden gehouden met de zetels of het kantoor van de betrokken partijen.

Artikel 11

De GCR wordt gevat door een schriftelijk en gemotiveerd verzoek, gericht aan, naargelang het geval, de OBFG of de OVB. Een modelformulier is beschikbaar op het extranet van respectievelijk de OBFG, de OVB en Assuralia.

De aanvrager deelt gelijktijdig een kopie van zijn verzoek en van het volledig geïnventariseerde dossier aan de verwerende partij mee.

Artikel 12

De commissie wijst ambtshalve volgende verzoeken af:

- de verzoeken die niet vallen onder haar bevoegdheid of geen betrekking hebben op een concreet dossier, behoudens uitdrukkelijk akkoord van de partijen en de commissie om er kennis van te nemen;

- de verzoeken waarvoor al een gerechtelijke of scheidsrechtelijke procedure loopt;

- de verzoeken die betrekking hebben op een geschil waarvan de commissie al kennis heeft genomen, behalve bij een nieuw relevant element.

Artikel 13

Aan het verzoek moet een geïnventariseerd dossier worden toegevoegd.

Binnen 8 werkdagen na ontvangst van het verzoek deelt de commissie aan de tegenpartij kopie van het verzoekschrift en van de inventaris mee en nodigt haar uit erop te antwoorden met een schriftelijke argumentatie die samen met de behoorlijk geïnventariseerde stavingstukken wordt overgemaakt binnen een termijn van maximum 14 werkdagen. De commissie deelt deze conclusie en de inventaris onmiddellijk mee aan de andere partij.

Na de mededeling van de schriftelijke argumentatie en de stukken, beschikt de verzoekende partij op haar beurt over een termijn van 14 werkdagen om haar schriftelijke argumentatie en haar eventuele nieuwe stukken behoorlijk geïnventariseerd over te maken.

De andere partij beschikt over dezelfde termijn om op haar beurt te antwoorden.

De commissie deelt na ontvangst de schriftelijke argumentatie mee van de ene partij aan de andere partij.

De in deze titel vermelde mededelingen mogen per post, per fax of met e-mail worden gedaan.

Wanneer de termijnen beginnen te lopen of verstrijken tijdens de gerechtelijke vakantie worden ze verlengd met 30 werkdagen.

De vastgestelde termijnen voor het neerleggen en meedelen van de schriftelijke argumentatie en geïnventariseerde stukken zijn vervaltermijnen.

De voorzitter kan echter andere of nieuwe termijnen bepalen, naargelang de aard van het geschil of op basis van nieuwe elementen of bijzondere omstandigheden, na gemotiveerd verzoek van een van de partijen, dat wordt meegedeeld aan de andere partij, die 8 dagen heeft om haar eventuele opmerkingen te laten gelden.

Zodra de zaak in staat is of na het verstrijken van de hierboven vermelde termijnen, stelt de voorzitter de vergadering vast en brengt de partijen hiervan op de hoogte.

De commissie kan de partijen horen, hetzij op haar verzoek, hetzij op verzoek van één van hen.

Artikel 14

De commissie doet uitspraak binnen een maand na het sluiten van de debatten.

Haar advies wordt binnen de kortst mogelijke termijn schriftelijk meegedeeld aan de partijen en hun raadslieden.

Het advies is gemotiveerd, gedateerd en ondertekend door de voorzitter en het vermeldt de namen van de commissieleden die de beslissing hebben genomen.

Materiële fouten worden rechtgezet door de GCR op schriftelijk verzoek van één of beide partijen.

Artikel 15

De beslissing heeft de waarde van een advies en er is geen verhaal tegen mogelijk.

Het advies is vertrouwelijk ten opzichte van derden.

Het kan niet worden voorgelegd in rechte, behalve door de partijen in een procedure tussen de advocaat en de rechtsbijstandsverzekeraar uitsluitend in het kader van het dossier waarin het advies werd verstrekt.

De adviezen kunnen het voorwerp uitmaken van de publicatie van een overzicht van rechtspraak met een wetenschappelijk doel, op voorwaarde dat de anonimiteit van de partijen wordt gevrijwaard.

Artikel 16

De werkingskosten van de commissie worden gelijk verdeeld tussen, naargelang het geval, de OBFG en de OVB enerzijds, en de commissie rechtsbijstand van Assuralia anderzijds.

TITEL 4: VARIA

Dit protocol wordt van kracht op 1ste januari 2012 en wordt gesloten voor onbepaalde duur.

De partijen kunnen hieraan een einde stellen zonder opzeggingstermijn, door middel van een aanzegging per aangetekende brief aan de andere partij.

Alle zaken die ondertussen werden aanhangig gemaakt, worden echter voortgezet tot ze zijn afgehandeld.

In dat geval blijft het protocol van toepassing.

Opgemaakt te Brussel, in drie exemplaren, op 3 november 2011.

Voor Assuralia, Ph. Colle

Gedelegeerd bestuurder

Voor de OBFG,

R. De Baerdemaeker Voorzitter

Voor de OVB, E. Boydens Voorzitter

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 29/06/2015 - 13:14
Laatst aangepast op: ma, 29/06/2015 - 13:14

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.