-A +A

Vordering tot gedwongen tussenkomst van een derde in deskundigenonderzoek

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Tussenkomst in een deskundigenonderzoek kan geschieden zolang geen afbreuk wordt gedaan aan het recht van verdediging van de partij die gedwongen tussenkomt; hieruit volgt dat een gedwongen tussenkomst in het deskundigenonderzoek niet is uitgesloten in geval dat de gerechtsdeskundige reeds een voorlopige mening heeft geformuleerd, wanneer blijkt dat het recht van verdediging van de in gedwongen tussenkomst gedaagde partij is geëerbiedigd.

Nr. C.13.0457.N
1. ARCHITECTENBUREAU GUY M.C. ROWIES bvba, met zetel te 3140 Keerbergen, Valkeniersdreef 1/A,
2. J. V. M., wonende te 2018 Antwerpen, Markgravelei 110,
eisers,
tegen
1. M. S., ,
verweerder,
2. A. V. K., handeldrijvend onder de benaming "ALGEMENE BOUWON-DERNEMING VAN KERCKHOVEN", wonende te 3150 Haacht, Rij-menamsesteenweg 157,
3. DAKWERKEN NICASI bvba, met zetel te 2560 Nijlen, Goorstraat 8,
verweerders.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel van 5 maart 2013.

II. CASSATIEMIDDEL
De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Krachtens artikel 981 Gerechtelijk Wetboek kan het deskundigenonderzoek niet tegengeworpen worden aan de partij die gedwongen tussenkomt nadat de deskundige zijn voorlopig advies heeft verstuurd, tenzij zij van het middel van de niet-tegenwerpbaarheid afziet.

2. Krachtens artikel 812 Gerechtelijk Wetboek kan tussenkomst geschieden voor alle gerechten, ongeacht de vorm van de rechtspleging, zonder dat echter reeds bevolen onderzoeksverrichtingen afbreuk mogen doen aan de rechten van de verdediging.

3. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat tussenkomst in een deskundigenonder-zoek kan geschieden zolang geen afbreuk wordt gedaan aan het recht van verde-diging van de partij die gedwongen tussenkomt.

4. Hieruit volgt dat een gedwongen tussenkomst in het deskundigenonderzoek niet is uitgesloten in geval dat de gerechtsdeskundige reeds een voorlopige mening heeft geformuleerd, wanneer blijkt dat het recht van verdediging van de in gedwongen tussenkomst gedaagde partij is geëerbiedigd.

5. De appelrechters stellen vast dat:

- de gerechtsexpert op 14 april 2011 een "verslag" opstelde van het verloop van de expertise dat alleen aan partijen werd overgemaakt maar niet werd neerge-legd ter griffie;

- dit verslag naast vaststellingen ook diens bevindingen bevat omtrent de techni-sche oorzaak van de waterinfiltraties;

- de expert aldaar stelt dat "er niet alleen uitvoeringsfouten werden gemaakt, maar ook fouten in de controle van de bouwwerkzaamheden".

Zij oordelen dat gezien de specifieke omstandigheden van de zaak de gedwongen tussenkomst van de architecten hun recht van verdediging alsdusdanig niet in het gedrang brengt op de gronden dat:

- uit moet worden gegaan van de objectiviteit en wetenschappelijke eerlijkheid van de expert;

- partijen stelselmatig op de hoogte worden gehouden van het denkproces van de expert;

- de vaststelling dat een gerechtelijk deskundige reeds een voorlopige mening heeft over de technische oorzaken van schade op zich geen schending inhoudt van het recht van verdediging van nog niet in de expertise betrokken partijen;

- aanvullende verrichtingen kunnen gebeuren;

- de architecten rechtstreeks of onrechtstreeks betrokken waren bij de expertise en een van hen het destructief onderzoek leidde met verslag aan de expert;

- zij ook op de hoogte waren van bij het ontstaan en de situatie en herstelwerken hebben opgevolgd;

- het deskundigenonderzoek in de mate van het mogelijke zal worden hernomen;

- de architecten hun standpunt volledig zullen kunnen toelichten.

6. Door aldus in deze omstandigheden te oordelen, verantwoorden zij hun be-slissing naar recht.

Het middel kan niet worden aangenomen.

Dictum
Het Hof,
Verwerpt het cassatieberoep.
Veroordeelt de eisers tot de kosten.
Bepaalt de kosten voor de eisers op 1135,20 euro en voor de eerste verweerder op 210,69 euro.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer

Noot:

Revue de Droit Judiciaire et de la Preuve [RDJP] MOUGENOT, Dominique; Note 'Recevabilité de l'intervention forcée en cours d'expertise: la Cour de cassation fait progresser le débat' 2015, n° 4, p. 147-150.

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: za, 30/01/2016 - 13:22
Laatst aangepast op: za, 30/01/2016 - 13:23

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.