-A +A

Verbetering van tussenvonnis

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Een vordering tot verbetering van een vonnis dient volgens artikel 796 van het gerechtelijk ingesteld te worden hetzij bij wijze van vrijwillige verschijning van alle partijen, hetzij “in de gewone vorm van de dagvaardingen leidt “

Het gebruik van een dagvaarding in de zin van een gerechtsdeurwaardersexploot is evenwel niet op straffe van nietigheid voorgeschreven.

Het voorschrift van de “dagvaarding” werd ingevoerd in de veronderstelling dat op het ogenblik van de vordering tot verbetering of uitlegging van een vonnis de rechtsmacht van de rechter reeds volledig uitgeput was. De vordering kan echter evengoed in de loop van een nog hangende procedure ingesteld worden bij wijze van conclusies (zie Gilliams & Gilliams, “interpreteren en rectificeren zonder te bezeren: de microchirurgie van de uitleg in de en verbeterende beslissingen”, Soc. Kron.2011, p.2001, p. 172, nr2.1.).

Niets verzet zich ertegen dat wanneer een procedure op de wachtrol staat na een na tussenvonnis waarin de verdaging van de zaak bevolen werd, de verbetering van het tussenvonnis wordt gevraagd bij eenvoudig verzoekschrift.

Zo kan zelfs een brief van een advocaat waarbij de verbetering van de materiële vergissing in het tussenvonnis wordt gevraagd, als een dergelijk verzoekschrift worden beschouwd.

Wanneer een vordering tot uitlegging van een vonnis krachtens artikel 798 van het Gerechtelijk Wetboek niet kan ingesteld worden dan nadat de termijn voor hoger beroep is verstreken, geldt dit vereiste niet voor vorderingen tot verbetering van een vonnis.

Artikel 799 van het Gerechtelijk Wetboek vereist voor een vordering tot verbetering van vonnis inderdaad niet dat er geen rechtsmiddel tegen het vonnis meer mogelijk is, maar enkel dat er geen rechtsmiddel ingesteld is (zie Gilliams & Gilliams, “interpreteren en rectificeren zonder te bezeren: de microchirurgie van de uitleg in de en verbeterende beslissingen”, Soc. Kron.2011, p.2001, p. 171, nr1.).

Zie ook Vred. landen-Zoutleeuw, 08/12/2011, T. Vred. 2014 11-12/, 501.

.

Potpouurri VI verruimt de mogelijkheden tot verbetering van de vonnissen.
Sinds Potpourri VI is de verbetering van een gerechtelijke beslissing niet louter beperkt tot de “materiële verschrijvingen en ommissies”.
Potpourri VI voorziet dat elke kennelijke rekenfout of verschrijving kan worden verbeterd, net zoals elke ander kennelijke leemte dan het in artikel 794/1 Ger.W. bedoelde verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering (met name het achterwege laten van de vermeldingen die zijn opgesomd in artikel 780, eerste lid, 1°, 2°, 4° en 5° Ger.W. en de ontstentenis van de ondertekening voorgeschreven in artikel 782 Ger.W.) en voorts de niet-naleving van de bepalingen van de Taalwet Gerechtszaken die zijn voorgeschreven op straffe van nietigheid.
Aldus voorziet Potpourri VI in de reparatiemogelijkheid van de rechter om zijn rechterlijke beslissing te verbeteren wanneer die een tekortkoming vertoont ten gevolge van een vergissing die met de nietigheid van de beslissing wordt gestraft, met inbegrip van de nietigheden waarin de Taalwet Gerechtszaken voorziet.
De gerechtelijke verbetering kan te allen tijde geschieden, ofwel ambtshalve, ofwel op verzoek van een partij. De verbetering kan tot stand worden gebracht door de rechter die de beslissing heeft gewezen, door de beslagrechter of door de rechter die is gevat is door een beroep tegen de beslissing.
De verbetering kan enkel betrekking hebben op de ontbrekende vermelding van een gegeven of vormvereiste die in de beslissing moest staan en niet op de vervulling van de vormvereiste zelf.
Ingevolge Potourri VI leest art 794 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
De materiële verschrijvingen en omissies die in een zelfs al in kracht van gewijsde gegane beslissing voorkomen, kunnen altijd worden verbeterd door het gerecht dat de beslissing heeft gewezen, of door het gerecht waarnaar de beslissing wordt verwezen, zonder evenwel de daarin bevestigde rechten uit te breiden, te beperken of te wijzigen.

Evenzo kan de beslagrechter de materiële verschrijvingen en omissies verbeteren die een, zelfs in kracht van gewijsde gegane, beslissing aantasten, zonder evenwel de daarin bevestigde rechten uit te breiden, te beperken of te wijzigen. De gegevens van de verbetering moeten zich bevinden in de tekst zelf van de te verbeteren beslissing.
Het gerecht dat de beslissing heeft gewezen, het gerecht waarnaar de beslissing werd verwezen of de beslagrechter kunnen te allen tijde ambtshalve of op verzoek van een partij elke kennelijke rekenfout of verschrijving of andere kennelijke leemte dan het in artikel 794/1 bedoelde verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering, met inbegrip van een inbreuk op artikel 780, met uitsluiting van artikel 780, eerste lid 3°, of op artikel 782 en met inbegrip van een louter formele miskenning van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, verbeteren, zonder evenwel de daarin bevestigde rechten uit te breiden, te beperken of te wijzigen.
De verbetering vindt steun in de wet, het dossier van de rechtspleging of de stavingsstukken die werden voorgelegd aan de rechter die de te verbeteren beslissing heeft uitgesproken.
Ingevolge Potourri VI leest art 795 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
Het gerecht dat verzuimd heeft zich over een punt van de vordering uit te spreken kan deze omissie in zijn beslissing ook herstellen zonder aan het in kracht van gewijsde gegane van de andere punten te raken, hierbij rekening houdend met de in artikel 748bis vervatte regels en zonder dat evenwel de in die beslissing bevestigde rechten uitgebreid, beperkt of gewijzigd mogen worden.

Het gerecht dat verzuimd heeft zich over een punt van de vordering uit te spreken, kan, mits rekening te houden met de in artikel 748bis vervatte regels, dit verzuim herstellen zonder afbreuk te doen aan de over de reeds beslechte geschilpunten uitgesproken beslissingen.

Het verzoek dient op straffe van verval te worden ingediend ten laatste een jaar nadat de beslissing in kracht van gewijsde is gegaan.
Ingevolge Potourri VI leest art 794/1 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
De vorderingen tot uitlegging, verbetering of herstel van de omissie van het verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering worden gebracht voor de rechter die de uit te leggen, te verbeteren of te herstellen beslissing heeft gewezen, of voor het gerecht waarnaar de beslissing wordt verwezen.
Ingevolge Potourri VI leest art 797 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
Uitlegging en verbetering kunnen ambtshalve geschieden.

Een rechtsmiddel als bedoeld in Boek III van het vierde deel kan niet worden aangewend wanneer uitsluitend de uitlegging of verbetering van de betrokken beslissing of het herstel in die beslissing van het verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering wordt beoogd. 
Ingevolge Potourri VI leest art 799 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
De rechter mag een beslissing enkel verbeteren of oordelen over de omissie van het verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering in zover de beslissing niet is bestreden.
Ingevolge Potourri VI leest art 800 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
De griffier maakt, op de kant van de oorspronkelijke beslissing, melding van het beschikkende gedeelte van de uitleggende of verbeterende beslissing, dan wel van de beslissing waarbij uitspraak wordt gedaan over de omissie van het verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering.
Geen uitgifte, afschrift, noch uittreksel van de oorspronkelijke beslissing mag worden uitgereikt, tenzij daarop melding is gemaakt van het beschikkende gedeelte der uitleggende of verbeterende beslissing, dan wel van de beslissing waarbij uitspraak wordt gedaan over de omissie van het verzuim uitspraak te doen over een punt van de vordering.
Ingevolge Potourri VI leest art 861 Gerechtelijk Wetboek als volgt:
De rechter kan een proceshandeling alleen dan nietig verklaren of het niet-naleven van een termijn die op straffe van nietigheid is voorgeschreven sanctioneren, indien het aangeklaagde verzuim of de aangeklaagde onregelmatigheid de belangen schaadt van de partij die de exceptie opwerpt.
Wanneer hij vaststelt dat de bewezen belangenschade kan worden hersteld, maakt de rechter, op kosten van de opsteller van de onregelmatige akte, de verwerping van de exceptie van nietigheid afhankelijk van de uitvoering van de maatregelen waarvan hij de inhoud en de termijn waarna de nietigheid zal worden verkregen, bepaalt.


 

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: wo, 06/09/2017 - 13:12
Laatst aangepast op: vr, 15/06/2018 - 22:26

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.