-A +A

Sterkmaking

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Krachtens art. 1120 BW kan men zich sterk maken voor een derde, door te beloven dat deze iets zal doen, behoudens schadevergoeding ten laste van hem die zich heeft sterk gemaakt of die beloofd heeft de verbintenissen te zullen doen bekrachtigen, indien de derde weigert ze na te komen.

Indien de sterkmaking in de regel betrekking heeft op het aangaan van een verbintenis door een derde, kan zij, krachtens het beginsel van de wilsautonomie, ook betrekking hebben op de uitvoering van een verbintenis wanneer dit met zekerheid kan worden afgeleid uit de bedoeling van de partijen. In dat geval staat de sterkmaker in voor de vergoeding van de schade ten gevolge van de niet-nakoming door de derde.

Sterkmaking, kan aldus gedefinieerd als een resultaatsverbintenis die een persoon (de sterkmaker) aangaat tegenover een andere persoon (de bedinger) om een derde te overhalen een verbintenis aan te gaan of dat een derde een verbintenis zal uitvoeren

De sterkmaking is een beding waarbij een contractpartij aan de medecontractant belooft er voor te zorgen dat een derde (afwezige of handelsonbekwame) iets zal doen, geven of laten.

De derde behoudt evenwel de vrijheid om zich al dan niet te verbinden, aangezien hijzelf, als derde, door het sterkmakingsbeding niet gebonden is.

De derde is zal wel verbonden zijn wanneer en van zodra hij het contract bekrachtigt (stilzwijgend of uitdrukkelijk), met inachtneming van de pleegvormen bij plechtige of zakelijke contracten. 

De derde behoudt natuurlijk de vrijheid om al dan niet toe te stemmen. Indien de toestemming achteraf niet verkregen wordt, zal de sterkmaker schadevergoeding verschuldigd zijn.

Zodra de toestemming bekomen wordt, heeft de sterkmaker zijn verbintenis uitgevoegd en verdwijnt hij uit de rechtsband: met verdere moeilijkheden heeft hij niets te maken.

Bij sterkmaking handelt de sterkmaker niet in eigen naam. Hij handelt alleen maar om te beloven dat de persoon voor wie hij zich sterk maakt, zal goedkeuren. Bij gebrek aan goedkeuring zal de sterkmaker in de regel zelf verbonden zijn.

Bij commandverklaring handelt de commandnemer in eigen naam met de mogelijkheid een andere persoon binnen een bepaalde tijd in zijn plaats te doen stellen.

 

Nog dit: 

Sterkmaking en overlijden

• Hof van Beroep te Brussel, 1e Kamer – 11 september 2012, RW 2013-2014, 29

samenvatting

Sterkmaking is een beding waarbij een contractpartij aan de wederpartij belooft ervoor te zorgen dat een derde iets zal doen, d.i. zich tegenover de wederpartij zal verbinden.

In geval van overlijden van die derde vervalt het beding tot sterkmaking en kan de wederpartij zich daar niet meer op beroepen om toch de uitvoering van de overeenkomst af te dwingen.

arrest

F.N.D. en M.T. t/ E.V.

...

2.1. In de onderhandse overeenkomst van 6 december 1990 werd vermeld dat de kopers de volle eigendom en het genot zullen hebben van het verkochte goed, te rekenen van het ondertekenen van de authentieke akte, en dat de notariële akte verleden zal worden binnen tien maanden na de homologatie door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel en dit op het eerste verzoek van de aankoper aan notaris V. te X., daartoe onwederroepelijk door beide partijen aangesteld.

Bij deze verkoop trad op als verkoper de vader van geïntimeerde – die inmiddels overleden is – die zich sterk maakte voor zijn echtgenote die op dat ogenblik verbleef in een psychiatrisch centrum.

2.2. Op 10 juni 1991 deelde notaris V. aan de kopers o.a. mede dat het dossier (= homologatieprocedure) ondertussen, via mr. V.H. te X., op de Rechtbank te Brussel neergelegd was voor de verdere procedure.

Na de heropening van het debat heeft notaris V.B., als opvolger van notaris V., het dossier van haar voorganger geraadpleegd waaruit zij volgende stukken meedeelde:

– een brief van het psychiatrisch centrum van 19 november 1990, gericht aan notaris V., waarin medegedeeld werd dat de echtgenote van de heer V.V. niet meer bekwaam was om een notariële akte te tekenen;

– een brief van 25 april 1991 van notaris V. aan mr. V.H. waarbij stukken werden medegedeeld m.b.t. de onbekwaamverklaring van mevrouw V.-V.;

– de brief van 10 juni 1991 waarvan hierboven sprake.

2.3. Uit voornoemde stukken blijkt dat notaris V. wel degelijk opdracht heeft gegeven aan meester V.H. om een homologatieprocedure in te stellen en derhalve uitvoering heeft gegeven aan de voorwaarden vermeld in de onderhandse akte van 6 december 1990.

Het is niet duidelijk welk gevolg meester V.H. aan dit verzoek van de instrumenterende notaris heeft gegeven, aangezien hijzelf over geen stukken meer beschikt en verder onderzoek bij de griffie te Mechelen en te Brussel zonder resultaat is gebleven.

Hoe dan ook heeft de rechtsvoorganger van geïntimeerde – te gepasten tijde – het nodige gedaan opdat de homologatieprocedure zou kunnen worden aangevat, gezien de opdracht van de instrumenterende notaris aan mr. V.H.

Het feit dat de homologatieprocedure uiteindelijk geen gunstig verloop heeft gekend, maakt voor geïntimeerde een overmachtsituatie uit. De nodige stappen waren gezet om deze procedure in te stellen en vanaf het ogenblik dat het dossier in handen was van mr. V.H. kon en mocht de rechtsvoorganger van geïntimeerde ervan uitgaan dat het nodige werd gedaan voor het verkrijgen van de gevraagde homologatie. Bijgevolg kan aan de rechtsvoorganger van geïntimeerde geen enkele fout worden verweten.

2.4. De redenering van appellanten kan evenmin worden gevolgd in zoverre ze aanvoeren dat na het overlijden van mevrouw V.V. de koop toch doorgang kon vinden indien de omzetting van het vruchtgebruik was gevraagd.

De rechtsvoorganger van geïntimeerde heeft zich enkel sterk gemaakt voor zijn echtgenote wat de verkoop van een welbepaald perceel betreft en geen enkele partij kan worden gedwongen – na overlijden van een contractpartij – om bepaalde erfrechtelijke beslissingen te nemen.

Sterkmaking is een beding waarbij een contractpartij aan de wederpartij belooft ervoor te zorgen dat een derde iets zal doen, d.i. zich tegenover de wederpartij zal verbinden.

In geval van overlijden van die derde vervalt het beding tot sterkmaking en kan de wederpartij zich daar niet meer op beroepen om toch de uitvoering van de overeenkomst af te dwingen.

2.5. Bijgevolg is geïntimeerde – ingevolge rechtsopvolging – eigenaar geworden van het bewuste perceel, voorwerp van de onderhandse akte van 6 december 1990.

Hij is niet gehouden tot enige schadevergoeding, aangezien noch hij noch zijn vader enige fout heeft begaan.
 

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: wo, 15/07/2009 - 15:14
Laatst aangepast op: vr, 05/05/2017 - 14:20

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.