-A +A

Verzekeraar die met kennis van zaken de benadeelde vergoedt kan nadien het betaalde niet meer terugvorderen

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Politierechtbank
Plaats van uitspraak: Brugge
Datum van de uitspraak: 
maa, 25/10/2010
Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2011-2012
Pagina: 
757
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Belgische Staat, minister van Defensie t/ De B. en NV K.

...

A. Gegevens en voorwerp van de vordering

De vordering van eiseres strekt ertoe om eerste verweerster te horen veroordelen tot betaling van een bedrag van 8.822,84 euro in hoofdsom. De terugvordering is gebaseerd op een onverschuldigde betaling, in de zin van de art. 1376 en 1377 BW die eiseres zou hebben verricht ten gunste van eerste verweerster uit hoofde van een verkeersongeval, dat zich op 1 december 2005 heeft voorgedaan te Oostende.

...

B. Beoordeling

...

2. Bespreking

a) Vordering ten laste van eerste verweerster

De vordering op grond van de onverschuldigde betaling, zoals in casu ingesteld tegen eerste verweerster, is geen vordering die voortvloeit uit een verzekeringscontract gesloten tussen de verzekeraar en de verzekerde, maar is gebaseerd op de bepalingen van art. 1235, 1236, 1376 tot 1381 BW.

De vordering uit onverschuldigde betaling is bijgevolg een vordering op grond van haar persoonlijk karakter en onderworpen aan de tienjarige verjaring conform de bepalingen van art. 2262bis BW (zie o.a. G. Jocqué, “Verjaring en verzekering” in Verjaring in het privaatrecht: Weet de avond wat de morgen brengt?, Mechelen, Kluwer, 194 e.v.; C. Van Schoubroeck e.a., “Overzicht van rechtspraak. Wet Landverzekeringsovereenkomsten (1992-2003)”, TPR 2003, 1909 e.v.).

Het is correct dat sinds de cassatiearresten van 17 en 18 september 1970 (Arr.Cass. 1971, 47 en 60), algemeen wordt aangenomen dat voor de inwilliging van een vordering op grond van de onverschuldigde betaling er slechts twee voorwaarden dienen voldaan te zijn, namelijk er dient een betaling gebeurd te zijn en deze moet onverschuldigd zijn.

Een betaling is onverschuldigd als ze voor degene, die de betaling doet, geen oorzaak heeft (Cass. 26 juni 1998, Arr.Cass. 1998, 765), d.w.z. als hiervoor geen rechtsgrond bestaat.

Dit zou het geval zijn ofwel wanneer er helemaal geen schuld bestaat (objectieve onverschuldigdheid) ofwel wanneer de schuld wordt betaald in handen van iemand die geen schuldeiser is (art. 1376 BW) of door iemand die geen schuldenaar is (art. 1377 BW), de zogenaamde subjectieve onverschuldigdheid.

Er is uiteraard geen sprake van een onverschuldigde betaling, indien de betaling haar rechtsgrond vindt in een overeenkomst of in een rechterlijke uitspraak of indien de betaling een welbepaalde specifieke oorzaak heeft.

In de rechtspraak wordt ook algemeen aangenomen dat er evenmin sprake is van een onverschuldigde betaling, als een verzekeraar, in de mening verkerende dat zijn verzekerde aansprakelijk is voor het schadegeval, de benadeelde vergoedt, terwijl nadien blijkt dat de vermeende benadeelde aansprakelijk is (zie o.a. A. Van Oevelen, “Actualia Verbintenissenrecht” in CBR Jaarboek 2004-2005, 369; A. Van Oevelen, “Kroniek van het verbintenissenrecht (1993-2004)”, RW 2004-05, 1663 e.v. en aldaar vermelde rechtspraak en rechtsleer).

In casu is huidige eiseres haar eigen verzekeraar en heeft ze de schade definitief geregeld in het raam van een RDR-regeling, zoals ten overvloede blijkt uit de stukken die huidig verweerster voorlegt en ten aanzien van eerste verweerster louter uit de verklaringen – subrogatoire kwijtschriften, die eerste verweerster diende te ondertekenen en in het bijzonder het stuk 9 van verweerders, waarin uitdrukkelijk wordt vermeld dat eerste verweerster verklaarde de vergoeding van 6.534,96 euro te aanvaarden als volledige schadeloosstelling voor het nadeel dat zij had geleden wegens het ongeval van 1 december 2005 te Oostende, terwijl hij tegen betaling van bedoeld bedrag verklaarde af te zien van alle verhaal tegen het Ministerie van Landverdediging (huidige eiseres) en op eer verklaarde voor bedoeld nadeel geen andere vergoeding te hebben ontvangen!

De verzekeraar, die de benadeelde vergoedt omdat hij van oordeel is dat zijn verzekerde (in casu L.) aansprakelijk is, kan, wanneer de strafrechter achteraf vaststelt dat de verzekerde niet aansprakelijk is, het betaalde enkel terugvorderen indien niet blijkt dat de partijen door die betaling hun rechten definitief hebben willen regelen, maar de verzekeraar enkel een precair voorschot heeft betaald.

Zulks is in casu geenszins het geval, aangezien uit stuk 9 van verweerster blijkt dat eiseres door middel van diverse kwitanties zonder enig voorbehoud en met de bedoeling om de zaak definitief te regelen de door eerste verweerster schade heeft betaald, hoewel mag worden aangenomen dat eiseres en in het bijzonder haar juridische dienst – dienst ongevallen perfect op de hoogte was van de feiten en omstandigheden van het ongeval.

Uit de brief van 27 december 2005, door het openbaar ministerie gericht aan de h. L., werd immers gevraagd niet alleen om die brief te bezorgen aan eiseres (hetgeen ongetwijfeld zal gebeurd zijn) maar ook dat indien geoordeeld zou worden dat de aansprakelijkheid van de h. L. diende te worden betwist, verzocht werd om zulks te laten weten aan het openbaar ministerie. Tevens werd in deze brief uitdrukkelijk vermeld dat zowel aan L. als aan zijn verzekeraar, zijn werkgever, evenals aan zijn raadslieden toelating werd verleend niet alleen tot inzage, maar ook tot afschrift van het strafdossier.

In casu hebben partijen door het sluiten van een schaderegelingsovereenkomst, waarvan de kwijtschriften het bewijs vormen, hun rechten definitief willen regelen en precies daarin is de rechtsgrond van de betaling gelegen (zie o.a. Pol. Brugge 27 april 2000, RW 2000-01, 1249, noot; C. Van Schoubroeck e.a., “Overzicht van rechtspraak verzekering motorrijtuigen”, TPR 1998, 278 met de aldaar vermelde rechtspraak en rechtsleer).

Eiseres nam door de definitieve betaling en door tweede verweerster afstand te laten ondertekenen van elk verder verhaal tegen haar ook de onvoorzienbare gevolgen van het ongeval op zich, zodat de tussengekomen betalingen (bewezen door de kwijtschriften) wel degelijk een oorzaak hadden en er bijgevolg geen sprake kan zijn van een onverschuldigde betaling (zie o.a. Antwerpen 27 juni 1988, RW 1989-90, 130).

De appreciatie van huidige eiseres vormde de oorzaak van de schaderegelingsovereenkomst, die met kennis van de omstandigheden van het ongeval werd aangegaan (zie ook: Antwerpen 18 november 1994, De Verz. 1995, 445, noot V. Busschaert).

Bij herhaling werd aangenomen dat de verzekeraar (in casu huidige eiseres als eigen verzekeraar) die volledig op de hoogte was van de feiten en omstandigheden van het ongeval en de benadeelde door middel van kwitanties zonder enig voorbehoud vergoedde (zie de subrogatiekwijtschriften ondertekend door tweede verweerster), met de bedoeling om de zaak definitief te regelen, de betaalde bedragen niet kan terugvorderen, aangezien deze een zekere oorzaak hadden en aldus niet onverschuldigd waren, zelfs indien de verzekerde (van huidige eiseres) later werd vrijgesproken (zie o.a. C. Van Schoubroeck e.a., o.c., TPR 1998, 278).

De brieven die eiseres eventueel aan tweede verweerster zou hebben gericht, zijn totaal irrelevant, omdat huidige eerste verweerster hiervan nooit kennis heeft gekregen, en ze doen trouwens geen afbreuk aan het bovenstaande.

De vordering van eiseres, in zoverre gericht tegen eerste verweerster, dient naar het oordeel van de rechtbank dan ook ontvankelijk te worden verklaard, maar als ongegrond te worden afgewezen.

...
 

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 11/12/2011 - 13:17
Laatst aangepast op: zo, 11/12/2011 - 13:21

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.