-A +A

Vergoedend- en strafrechtelijk karakter van de aanslag geheime commissielonen de 309% in vraag

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van beroep
Plaats van uitspraak: Gent
Datum van de uitspraak: 
din, 18/09/2012

200% van het aandeel in de aanslag geheime commissielonenvan de 309% heeft een vergoedende functie en voor 100% een sanctie met een repressief karakter.

Voor dit deel dat een strafsanctie uitmaakt en rekening houdend met dezelfde beoordelingscriteria kan de rechter de straf geheel of deels kwijtschelden

Deze aanpak door het hof van beroep kan niet als vast criterium gelden, nu in de rechtspraak het verminderbaar gedeelte, dus het strafrechtelijk gedeelte, soms op 200% wordt bepaald en er meerdere uitspraken zijn die tot volledige kwijtschelding hebben geleid. Zie de uitstekende noot met tal van verwijzingen onder dit arrest

Publicatie
tijdschrift: 
RABG
Uitgever: 
Larcier
Jaargang: 
2013/11
Pagina: 
690
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

 

Gent 18 september 2012

BVBA S.C./BELGISCHE STAAT)

(".)

c.

Het is de administratie mogelijk om bedragen die zij terugvindt op financiële rekeningen maar niet in de aangegeven omzetcijfers bij gebrek aan gegevens in andere zin, te beschouwen als inkomsten. Te dezen heeft de administratie het bewijs geleverd van verdoken meerwinsten die het patrimonium van de appellante hebben verlaten, wat gedetailleerd wordt weergegeven in de respectieve berichten van wijziging.

Het feit dat de administratie gepoogd heeft om met de appellante tot een minnelijke regeling te komen onder meer door de appellante toe te laten haar boekhouding aan te passen en deze poging is mislukt, houdt niet in dat de administratie in het kader van dergelijke minnelijke regeling van oordeel was dat niet aan de voorwaarden voor belasting als geheime commissielonen voldaan was. Dat de administratie thans haar minnelijk voorstel, dat door de appellante niet werd aanvaard, niet meer handhaaft is niet strijdig met de beginselen van behoorlijk bestuur.

De aanslagen geheime commissielonen werden gevestigd met een aanslagvoet van 300%, conform het artikel 219 WIB 1992 in zijn te dezen toepasselijke versie.

Oorspronkelijk was het de bedoeling van de bijzondere aanslag om het verlies van de belasting die niet van de verkrijgers kon worden gevorderd te compenseren (wet van 25 juni 1973). Later heeft de wetgever de bijzondere aanslag op 200% gebracht om naast de belasting ook de patronale en socialezekerheidsbijdragen die niet worden geheven bij de toekenning van de geheime commissielonen, te recupereren (wet van 7 december 1988). Nog later werd de bijzondere aanslag van 200% op 300% gebracht met als doel de fraude te ontraden (art. 15 van de wet van 30 maart 1994 tot uitvoering van het globaal plan op het stuk van de fiscaliteit) (zie omtrent dit alles Arbitragehof nr. 312007 d.d. 11 januari 2007, cijfer B.2., www.const-court.be; zie ook de parlementaire voorbereiding van de wet van 30 maart 1994: Parl.Besch. Kamer 1993-94, nr. 129016, p. 45-46 en p. 86).

Hieruit dient te worden afgeleid dat de aanslag geheime commissielonen ad 300% voor een deel, nl. 200% op de 300%, een vergoedende functie heeft en voor het overige deel, nl. 100% op de 300%, te beschouwen is als een strafsanctie. Het is immers de bedoeling van dit laatste deel van het tarief van de geheime commissielonen om ontradend te werken, het wordt opgelegd zonder onderscheid aan eenieder die belastingplichtige is, en strekt ertoe zowel de belastingplichtige aan te zetten zijn verplichtingen na te komen om de toepassing van de bijzondere aanslag te vermijden, als het niet nakomen van zijn verplichtingen te bestraffen om herhaling van de inbreuken te voorkomen.

De rechter aan wie gevraagd wordt een administratieve sanctie te toetsen die een repressief karakter heeft in de zin van artikel 6 EVRM, mag de wettigheid van die sanctie onderzoeken en mag in het bijzonder nagaan of die sanctie verzoenbaar is met de dwingende eisen van de internationale verdragen en van het intern recht, met inbegrip van de algemene rechtsbeginselen. Dit toetsingsrecht moet in het bijzonder aan de rechter toelaten na te gaan of de straf niet onevenredig is met de inbreuk, zodat de rechter mag onderzoeken of het bestuur naar redelijkheid kon overgaan tot het opleggen van een administratieve geldboete van zodanige omvang. De rechter mag hierbij in het bijzonder acht slaan op de zwaarte van de inbreuk, de hoogte van reeds opgelegde sancties en de wijze waarop in gelijkaardige zaken werd geoordeeld, maar moet hierbij in acht nemen in welke mate het bestuur zelf gebonden was in verband met de sanctie. Dit toetsingsrecht houdt niet in dat de rechter op grond van een subjectieve appreciatie van wat hij redelijk acht, om loutere redenen van opportuniteit en tegen wettelijke regels in, boeten kan kwijtschelden of verminderen (vgl. met Cass. 15 maart 2012, rolnr. F110012N, vindplaats http ://jure.juridat.just.fgov.be).

De toepassing van de aanslag geheime commissielonen, ook voor het sanctionerend deel, wordt door de wet niet afhankelijk gemaakt van het bewijs van fraude of kwade trouw. Uit hetgeen hoger werd uiteengezet is af te leiden dat de appellante bijzonder nalatig is geweest in haar boekhouding, en toch voor niet onbelangrijke bedragen die de administratie als verdoken meerwinsten mocht beschouwen geen ernstige rechtvaardiging brengt. De toepassing van de aanslag geheime commissielonen is te dezen ongetwijfeld gerechtvaardigd, meer dan redelijk en niet onevenredig met de begane inbreuk.

Er zijn geen gronden voorhanden waarop het hof zou vermogen te steunen om de vordering van de appellante ertoe strekkende de tenuitvoerlegging van de bijzondere aanslagen in de commissielonen uit te stellen, in te willigen.

De middelen van de appellante omtrent de belastingverhoging dienen niet te worden ontmoet nu met de bestreden aanslagen geen daadwerkelijke belastingverhoging werd opgelegd.

OP DEZE GRONDEN HET HOF,

rechtdoende op tegenspraak,

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken;

Ontvangt het hoger beroep en verklaart het in geringe mate gegrond;

Doet het bestreden vonnis teniet, behalve in zoverre dit de beide hoger vermelde zaken samenvoegt en de oorspronkelijke vorderingen van de appellante ontvankelijk verklaart;

Opnieuw wijzende,

Verklaart de oorspronkelijke vordering van de appellante in geringe mate gegrond; Beveelt de herberekening van de bestreden aanslagen, rekening houdend met wat hoger werd uiteengezet;

Beveelt de teruggave van het eventueel te veel geïnde, meer de moratoriuminteresten;

(".)

Waar aanwezig waren: A. De Meue, kamervoorzitter als voorzitter; G. Tillekaerts en D. Vandeputte, raadsheren.

Noot onder deze publicatie in het RABG, P.SMEYERS

De fiscale rechter als waarborg voor een genuanceerde toepassing van de aanslag geheime commissielonen?

Bronvermeldingen

Rechtspraak

• Brussel 20 september 2007, RGCF, 200813, 231;

• Gent 3 februari 2009, Fisc.Act. 2009, afl. 17, 11;

• Gent 17 februari 2009, Fisc.Act. 2009, afl. 17, 11;

• Antwerpen 24 maart 2009, F]F, No. 2011/165;

• Antwerpen 21april2009, Fisc.Act. 2009, afl. 17, 11;

• Antwerpen 15 september 2009, Fisc.Act. 2009, afl. 37, 15;

• Antwerpen 23 november 2010, www.monKEY.be;

• Antwerpen 14 februari 2012, TFR 2012, afl. 425, 684.

• Rb. Namen 7 februari 2007, RGCF 2008, afl. 3, 233 met noot van M. MARLIERE en C. SCHOTTE;

• Rb. Namen 24 februari 2010, Fisc.Act. 2010, afl. 10, 7.

•. Cass. 10 september 2010, www.cass.be, TFR, 201113 met noot van B. COOPMAN en A. CLARA.

•. EHRM 16 september 2009, Ruotsalainen /Finland, www.echr.coe.int.

•. Brussel 19 januari 2011, RGCF 2011, afl. 2, 144 met noot van H. LOUVEAUX (volledige kwijtschelding);

• Brussel 24 november 2011, rolnr. 2008/AR/2838, www.fiscalnet.be (matiging tot 120%);

• Gent 4 oktober 2011, TFR 2012, afl. 418, 301 met noot van B. COOPMAN en K. BOLLEN;

• Antwerpen 23 oktober 2012, rolnr. 2011/AR/1797, TFR 2013, afl. 435, 137 met noot van P. SMEYERS (matiging tot 100%);

• Rb. Luik 24 mei 2012, RGCF 2012, afl. 4, 294 (matiging tot 100%).

•. Luik 30 mei 2012, rolnr. 2006/RG/1675, www.fiscalnet.be.

• Antwerpen 23 oktober 2012, rolnr. 2011/AR/1797, TFR 2013, afl. 435, 137 met noot van P. SMEYERS.

 

• Antwerpen 23 oktober 2012, 2011/AR/2192, onuitgeg.

 

• Cass. 11 maart 2010, C090096N., www.cass.be; Cass. 13 februari 2009, C070507N., www.cass.be.

• GwH nr. 8/2007, 11januari2007, BS 9 maart 2007; GwH nr. 138/2006, 14 september 2006, BS 26 oktober 2006.

• GwH nr. 79/2008, 15 mei 2008, www.grondwettelijkhof.be, B.6.1.; GwH nr. 22/99, 24 februari 1999, www.grondwettelijkhof.be, B.13.; GwH nr. 32/99, 17 maart 1999, www.grondwettelijkhof.be, B.10.

 

• Cass. 5 februari 1999, www.cass.be.

• EHRM 4 maart 2004, Siluester's Horeca Service/ België, www.echr.coe.int; zie eveneens: J. VAN DYCK, "BTW-boeten: wat de minister kan, moet ook de rechter kunnen", Fiscoloog 2008, afl. 1117, 8.

• Cass. 13 februari 2009, C070507N, www.cass.be; Cass. 11 maart 2010, C090096N, www.cass.be.

 

• Rb. Brussel 21januari2009, Fisc.Koer. 2009, 363; Rb. Namen 16 maart 2005, FJF 2005, afl. 10, 960; Rb.

• Namen 25 oktober 2006, RGCF 2007, afl. 2, 121; Rb. Leuven 6 maart 2009, Fiscoloog 2009, nr. 1177, 13.

• Brussel 10 februari 2010, Act.Fisc. 2010, afl. 18, 5.

• Rb. Namen 24 februari 2010, FJF, No. 2008/13;

•. GwH nr. 8/2007, 11 januari 2007, BS 9 maart 2007;

• GwH nr. 138/2006, 14 september 2006, BS 26 oktober 2006.

• GwH nr. 128/99, 7 december 1999, www.grondwettelijkhof.be; GwH nr. 86/2007, 20 juni 2007, www.grondwettelijkhof.be.

• GwH nr. 13/2013, 21 februari 2013, www.grondwettelijkhof.be;

• GwH nr. 157/2008, 6 november 2008, www.grondwettelijkhof.be;

•. Cass. 14 oktober 2008, P081329N, www.cass.be; Cass. 2 september 2008, P081317N, www.cass.be.

•. Antwerpen 7 september 2010, TFR, 201114 met noot van M. MAUS. 40. Gent 15 maart 2011, rolnr. 2010/AR/371, www.fiscalnet.be.

•. Gent 4 oktober 2011, rolnr. 2010/AR/900, www.monKEY.be.

•. GwH nr. 13/2013, 21februari2013, www.grondwettelijkhof.be.

Rechtsleer

• D. GARABEDIAN, "Le pouvoir d'appréciation du juge à l'égard des amendes administratives fiscales et de la cotisation spéciale sur 'commissions secrètes"' in Liber Amicorum Jacques Malherbe, Brussel, Bruylant, 2006, 499;

• X. , "BTW-boeten: wat de minister kan, moet ook de rechter kunnen", Fiscoloog 2008, afl. 1117, 8.

• F. KONING, "Le pouvoir d'appréciation et d'individualisation du juge fiscal sur les amendes administratives'', RGCF 2010, afl. 2, 127;

• F. CRABEELS, "Cotisation spéciale sur commissions secrètes: ceci ri'est pas une sanction pénale?" in Enquête de fiscalité, et autres propos ... , Mélanges offerts à Jean-Pierre Bours, 450;

• L. VANDENBERGHE, "De rechterlijke bevoegdheid inzake administratieve fiscale boeten: een stand van zaken'', Fisc.Act. 2010, Afl. 12, 2;

• L. VANDENBERGHE, "De rechterlijke bevoegdheid betreffende de kwijtschelding of vermindering van BTW-boeten" in Fiscaal Praktijkboek 2010-2011. Indirecte belastingen, Mechelen, Kluwer, 2011, 185

• F. CRABEELS, "Cotisation spéciale sur commissions secrètes: ceci ri'est pas une sanction pénale?" in Enquête de fiscalité, et autres propos ... , Mélanges off erts à Jean-Pierre Bours, 448.

• F. KONING, "Le pouvoir d'appréciation et d'individualisation du juge fiscal sur les amendes administratives'', RGCF 2010, afl. 2, 127.

• L. VANDENBERGHE, "BTW-boeten: rechter kan wel uitstel verlenen, maar niet de uitspraak opschorten", Fisc.Act. 2013, afl. 9, 3;

• F. KONING, "Le pouvoir d'appréciation et d'individualisation du juge fiscal sur les amendes administratives'', RGCF 2010, afl. 2, 123;

• M. MAUS, "De rechter en de fiscaaladministratieve sancties" in J. RozIE, A. VAN ÜEVELEN en S. RUTTEN, Toetsing van sancties door de rechter, Antwerpen, Intersentia, 2011, 90.

• J. KIRKPATRICK en D. GARABEDIAN, Le régime fiscal des sociétés en Belgique, 3d' ed., Brussel, Bruylant, 2003, 209;

• K. SPAGNOLI, "De aanslag geheime commissielonen is niet vergoedend. Zelfs niet deels", TFR 2011, afl. 412, 939;

• F. CRABEELS, "Cotisation spéciale sur commissions secrètes: ceci ri'est pas une sanction pénale?" in En quête de fiscalité, et au tres propos ... , Mélanges off erts à Jean-Pierre Bours, 4 73.

• M. MAUS, "Is de aanslag geheime commissielonen strafsanctie?'', Fisc.Act. 2010, afl. 10, 7;

• Rb. Namen 7 februari 2007, FJF, No. 2008/13; J. ROSELETH en L. De BROECK, "Rechter kan aanslag geheime commissielonen herleiden'', Fisc.Act. 2007, afl. 17, 1.

• D. GARABEDIAN, "Le pouvoir d'appréciation du juge à l'égard des amendes administratives fiscales et de la cotisation spéciale sur commissions secrètes"' in Liber Amicorum Jacques Malherbe, Brussel, Bruylant, 2006, 508;

• L. VANDENBERGHE, "De rechterlijke bevoegdheid inzake administratieve fiscale boeten: een stand van zaken'', Fisc.Act. 2010, afl. 12, 2 en de talrijke rechtsleer zoals aangehaald door advocaat-generaal Thijs;

• J. VAN DYCK

• F. CRABEELS, "Cotisation spéciale sur commissions secrètes: ceci ri'est pas une sanction pénale?" in Enquête de fiscalité, et autres propos ... , Mélanges off erts à Jean-Pierre Bours, 473.

• M. MAUS, "Het uitstel van de tenuitvoerlegging van een administratieve sanctie. Een nieuwe troef voor de fiscale rechtsbescherming?'', TFR 2011, afl. 393, 26.

Wetgevend werk

 

• Addendum d.d. 20 juli 2012 aan circulaire nr. Ci.RH.421/605.074 (AAFisc Nr. 71/2010) d.d. 1 december 2010 en het addendum d.d. 23 december 2011, zelfde nummer.

 

• Mond. Vr. nr. 6590 en nr. 6767, D. Clarinval en V. Wouters, 9 november 2011, Kamercommissie Financiën en Begroting, Criv. 53, Com. 333.

Gerelateerd
Aangemaakt op: vr, 16/08/2013 - 12:08
Laatst aangepast op: vr, 16/08/2013 - 12:08

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.