-A +A

Verbeurdverklaring van vogelklemmen

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van beroep
Plaats van uitspraak: Gent
Datum van de uitspraak: 
don, 18/04/1996

Volgens artikel 9, § 2, van het koninklijk besluit van 9 september 1981 is het verboden onder meer vogelklemmen, bestaande uit beugels die kunnen bewegen door de kracht van spiraalveren, zijnde tuigen of middelen die geschikt zijn voor het vangen of verdelgen van vogels, te verkopen, te koop aan te bieden, te kopen, onder zich te hebben en te vervoeren.

Het verkopen, te koop aanbieden, kopen, onder zich hebben en vervoeren van de voorzegde vogelklemmen zijn strafbaar, ongeacht het feit dat met die tuigen eventueel ook andere, zelfs schadelijke dieren, gevangen of verdelgd zouden kunnen worden.

De gevraagde gunst van de opschorting van de uitspraak van de veroordeling kan aan de beklaagde niet worden verleend, gelet op de ernst van de feiten (de te koop aangeboden vogelklemmen konden immers grote schade berokkenen aan de vogelpopulatie). Bovendien is de uit te spreken geldboete niet van dien aard dat ze de reclassering van de beklaagde bemoeilijkt of belet.

...

De eerste rechter heeft terecht, op grond van artikel 31 tweede lid, van de Jachtwet de verbeurdverklaring uitgesproken van de tuigen, die neergelegd zijn ter griffie onder overtuigingsstuk nummer 925752 1°, 2° en 3. De artikelen 42 en 43 van het Strafwetboek zijn niet van toepassing op de verbeurdverklaring.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
1996-1997
Pagina: 
853
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

V.Z.W. B. e.a. t/ De B.

Volgens artikel 9, § 2, van het koninklijk besluit van 9 september 1981 is het verboden onder meer vogelklemmen, bestaande uit beugels die kunnen bewegen door de kracht van spiraalveren, zijnde tuigen of middelen die geschikt zijn voor het vangen of verdelgen van vogels, te verkopen, te koop aan te bieden, te kopen, onder zich te hebben en te vervoeren.

De door het Hof, bij tussenarrest van 14 september 1995, aangestelde deskundige W. Roggeman, komt tot het besluit «dat de klemmen sub 925752 1°, 2° en 3° van de inventaris van de overtuigingsstukken eenduidig te beschouwen zijn als klemmen, die gebruikt worden om vogels te vangen, en aldus volledig en onbetwistbaar onder artikel 9, § 2, van het koninklijk besluit van 9 september 1981 vallen als vogelklemmen, bestaande uit beugels die kunnen bewegen door de kracht van spiraalveren».

Het verkopen, te koop aanbieden, kopen, onder zich hebben en vervoeren van de voorzegde vogelklemmen zijn strafbaar, ongeacht het feit dat met die tuigen eventueel ook andere, zelfs schadelijke dieren, gevangen of verdelgd zouden kunnen worden.

Het is dus niet juist dat enkel het «specifiek gebruik» van die klemmen de aanwijzing zal zijn om te bepalen of de handelingen, bedoeld bij artikel 9, § 2, van het koninklijk besluit van 9 september 1981, een overtreding uitmaken. De verwijzing naar artikel 19 van het Jachtdecreet van 24 juli 1991 (m.b.t. het gebruik, het vervoer en het bij zich houden van verboden middelen om jaagbaar wild te vangen, te doden of om vangen of doden van dat wild te vergemakkelijken) is te dezen niet relevant, want niet van toepassing (zie artikel 1 van het Jachtdecreet).

De beklaagde heeft, als professioneel verkoper, de onvoorzichtigheid begaan de vogelklemmen te koop aan te bieden zonder zich vooraf te vergewissen of zulks wel mocht.

De gevraagde gunst van de opschorting van de uitspraak van de veroordeling kan aan de beklaagde niet worden verleend, gelet op de ernst van de feiten (de te koop aangeboden vogelklemmen konden immers grote schade berokkenen aan de vogelpopulatie). Bovendien is de uit te spreken geldboete niet van dien aard dat ze de reclassering van de beklaagde bemoeilijkt of belet.

...

De eerste rechter heeft terecht, op grond van artikel 31 tweede lid, van de Jachtwet de verbeurdverklaring uitgesproken van de tuigen, die neergelegd zijn ter griffie onder overtuigingsstuk nummer 925752 1°, 2° en 3. De artikelen 42 en 43 van het Strafwetboek zijn niet van toepassing op de verbeurdverklaring.

Noot: 

• A. Vandeplas, De verbeurdverklaring van vogelklemmen,

• P. Arnou, «Verbeurdverklaring bij jacht en vogelvangst», nr. 2, Comm. Strafr.

 

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 29/10/2017 - 12:40
Laatst aangepast op: zo, 29/10/2017 - 12:40

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.