-A +A

Vennootschap kan geen vordering instellen wanneer neit kan uitgemaakt wie de organen zijn

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Vredegerecht
Plaats van uitspraak: Westerlo
Datum van de uitspraak: 
woe, 07/03/2018

Uittreksel uit het gerechtelijk wetboek:

"Art. 703. Rechtspersonen treden in rechte op door tussenkomst van hun bevoegde organen.



Om van hun identiteit te doen blijken in de dagvaarding en in elke akte van rechtspleging is het voldoende hun benaming, hun rechtskarakter en hun maatschappelijke zetel op te geven.

De partij tegen wie zodanige akte van rechtspleging wordt ingeroepen, heeft evenwel het recht om in elke stand van het geding te eisen dat de rechtspersoon haar de identiteit meedeelt van de natuurlijke personen die zijn organen zijn.

Het vonnis over de zaak kan worden uitgesteld zolang aan deze vordering niet is voldaan."

Samenvatting van het arrest

De rechtspersonen treden in rechte op door tussenkomst van hun bevoegde organen of door een advocaat die wettelijk verondersteld wordt daartoe door hen te zijn gemachtigd.

Wanneer een advocaat aldus een rechtspersoon vertegenwoordigt, kent artikel 703, derde lid, Gerechtelijk Wetboek de verwerende partij het recht toe te eisen dat die rechtspersoon haar de identiteit meedeelt van de natuurlijke personen die haar organen zijn.

Die informatie poogt te voldoen aan het rechtmatig belang van de verwerende par-tij. Ze is geen voorwaarde voor de ontvankelijkheid van de rechtsvordering. Ze is noch substantieel noch op straffe van nietigheid voorgeschreven.

Het derde lid van voormeld artikel 703 bepaalt dat het vonnis over de zaak "kan" worden uitgesteld zolang aan die vordering niet is voldaan. Daaruit volgt dat het uitstel geen recht is maar aan de beoordeling van de rechter wordt overgelaten.

Het arrest beslist dat er geen grond is om de uitspraak aan te houden door te oordelen, met overneming van de redenen van de eerste rechter, dat de verweersters door een advocaat zijn vertegenwoordigd, dat het vennootschappen betreft "die te goeder naam en faam bekendstaan" en dat onduidelijk is welk belang de eiser kan hebben om de identiteit te kennen van de natuurlijke personen die hun organen zijn.

Publicatie
tijdschrift: 
juridat
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

NV B.-W. t/ BVBA A. DE L.

I. Preliminaria

Overwegende dat de vordering van eisende partij er in hoofdzaak toe strekt om verwerende partij te horen veroordelen om haar onroerend goed gelegen te (...) te verlaten. NV B.-W. is een patrimoniumvennootschap die in 1989 werd opgericht door de echtgenoten A.G. en M.W. Hun huwelijk is door echtscheiding ontbonden in 2001. De h. A.G. is overleden op 17 mei 2008.

Overwegende dat sedert het voormelde overlijden van de h. A.G. er over de eigendomsrechten van de aandelen van de NV B.-W. een juridische strijd is losgebarsten tussen de kinderen van wijlen de h. A.G. en mevr. M.W., namelijk tussen de kinderen Ronny G., Gabriëlla G., Nelly G., Lizzy G. en Glenn G., deze laatste zijnde de zoon van de in 2010 overleden Willy G. Sedert een kapitaalsverhoging doorgevoerd in 1993 bedraagt het maatschappelijk kapitaal van de NV B.-W. 1.172.536,37 euro, verdeeld in 4.730 aandelen (Antwerpen 3 november 2016, rolnr. 2016/RK/29).

Overwegende dat verwerende partij een vennootschap is met zetel te (...) in 1965 opgericht/overgenomen (?) door wijlen de h. A.G. en zijn toenmalige echtgenote mevrouw M.W. Deze laatste is thans zaakvoerster van de BVBA A. DE L. De aandelen zijn als volgt verdeeld:

– Gabriëlla G.: 375 aandelen.

– Ronny G.: 370 aandelen.

– Glenn G.: 5 aandelen.

Overwegende dat de nalatenschap van wijlen de h. Andreas G. werd verworpen door Willy G. en zijn zoon Glenn G. en diens rechtsopvolgers, en door mevrouw Nelly G. en haar twee kinderen.

Overwegende dat het voormelde arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen van 3 november 2016 verder het volgende vermeldt:

«Op 22 mei 2013 ondertekenden alle voornoemde (klein)kinderen evenals de ex-echtgenote een overeenkomst van dading waarin onder meer de verdeling van de aandelen van NV B.-W. tussen de vier kinderen en Glenn G. als volgt werd vastgesteld:

– Nelly G.: 1077 aandelen

– de erfgenamen van Willy G.: 1077 aandelen

– Gabriëlla G.: 1076 aandelen

– Lizzy G.: 650 aandelen

– Ronny G.: 850 aandelen

...

«Deze overeenkomst van dading maakt thans het voorwerp uit enerzijds van een vordering ten verzoeke van Gabriëlla G. tot uitvoering ervan (hangende op de rol onder nr. 15/984/A), anderzijds van een eis tot nietigverklaring minstens ontbinding ervan ingesteld door Maria W., Ronny en Gabriëlla G., met als voorziene pleitdatum 15 mei 2017 (rolnr. 16/9591/A). Deze vorderingen zijn hangende voor de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen, afdeling Turnhout. Tijdens de jaarlijkse algemene vergadering van NV B.-W. van 25 mei 2016 is beslist tot de afzetting van Maria W. als gedelegeerd bestuurder en van Ronny G. als bestuurder, en werd Lizzy G. als gedelegeerd bestuurder aangesteld en Glenn en Laurent De V. (zoon van Nelly G.) als bestuurders ...»

Overwegende dat de overeenkomst van dading van 22 mei 2013 niet aan Ons Ambt is voorgelegd, evenmin als ons de uitslag is meegedeeld van de bovenvermelde procedures met rolnummers 15/984/A en 16/9591/A.

Overwegende dat op 2 en 3 juni 2016 Maria W., Ronny G. en Gabriëlla G. overgingen tot dagvaardiging van NV B.-W., Nelly G., Lizzy G. en Glenn G. om te verschijnen voor de Voorzitter van de Rechtbank van Koophandel te Antwerpen, afdeling Antwerpen, rechtsprekend in kort geding, met het oog op de aanstelling van een voorlopige bewindvoerder over de NV B.-W. Bij tegeneis vorderen Nelly G., Lizzy G. en Glenn G. de veroordeling van de eisende partijen tot afgifte van alle stukken, post en boekhouding m.b.t. NV B.-W. Met beschikking in kort geding van 5 juli 2016 werd advocaat R. Van G. aangesteld als voorlopige bewindvoerder over NV B.-W. Over de tegeneis werd geen uitspraak gedaan. De voormelde beschikking van 5 juli 2016 wordt eens te meer niet aan Ons Ambt voorgelegd, maar uit het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen van 3 november 2016 blijkt dat de opdracht van mr. R. Van G. de volgende was: «alle daden van bestuur te stellen die nodig zijn om het patrimonium van de vennootschap te vrijwaren, alsook een lange-termijnoplossing trachten te bewerkstellingen voor de huidige impasse tussen de aandeelhouders, en dit voor een periode – behoudens verlenging – eindigend op 31.10.2016».

Overwegende dat de h. Glenn G. op 20 juli 2016 hoger beroep instelde tegen voormelde beschikking van 5 juli 2016, waarna het Hof van Beroep te Antwerpen met het voormelde arrest van 3 november 2016:

– de aanstelling van mr. R. Van G. als voorlopige bewindvoerder over NV B.-W. bevestigde en verlengde vanaf 31 oktober 2016;

– de opdracht van mr. R. Van G. inperkte namelijk als volgt:

«– Erop toe te zien dat het patrimonium van de vennootschap zowel roerend als onroerend behouden blijft.

«– Het vetorecht uit te oefenen ten aanzien van de beslissingen van de raad van bestuur met het oog op een vervreemding van het patrimonium van de vennootschap.

«– In de mate er reeds roerende of onroerende goederen zouden zijn vervreemd, de koopsom te beheren en te plaatsen op een rentedragende rekening.

«– Zo snel als mogelijk over te gaan tot de samenroeping van een algemene vergadering die onder zijn voorzitterschap gehouden zal worden en waar zal worden getracht tot een oplossing te komen over alle punten opgenomen in de nota van de voorlopige bewindvoerder voorgelegd aan het hof op 6 oktober 2016, en hiervan de notulen op te stellen.

«– Bij gebrek aan akkoord, in de plaats van het bestuur een beslissing te nemen over (i) de verwijdering van de zakken asbest (randnr. 2 nota) en (ii) de al dan niet uitbesteding aan een derde van de onderhouds-, herstellings- en renovatiewerken aan de panden van de vennootschap en de prijs die voor de werken kan worden betaald (randnr. 6 nota).»

– Ronny G. en Maria W. veroordeelde «tot afgifte aan de voorlopige bewindvoerder van alle post, boekhoudkundige en administratieve stukken betreffende NV B.-W. die zij nog onder zich houden zoals verslagen van algemene vergaderingen, verslagen van raden van bestuur, originele facturen, originele overeenkomsten, rekeninguittreksels en authentieke akten van de onroerende goederen aangekocht en verkocht door de vennootschap, en dit binnen 14 dagen na betekening van het arrest».

Overwegende dat dient te worden opgemerkt dat de voorlopige bewindvoerder niet in het onderhavige geding tussenkomt. Eisende partij NV B.-W. is van oordeel dat uit de voormelde ingeperkte opdracht op geen enkele manier blijkt dat er tussenkomst vereist is van de voorlopige bewindvoerder voor wat de hier voorliggende vordering betreft. Nochtans kan de vraag worden gesteld of onderhavige procedure niet ressorteert onder het vetorecht van de voorlopige bewindvoerder ten aanzien van beslissingen van de raad van bestuur van de NV B.-W. met het oog op een vervreemding van het patrimonium van de vennootschap, waartoe het met huidige procedure beoogde «bezettingsvrij» maken van het pand te (...) (eigendom van NV B.-W.) als een eerste stap zou kunnen worden gekwalificeerd.

Overwegende dat mr. R. Van G. in uitvoering van de voormelde opdracht is overgegaan tot het bijeenroepen van een algemene vergadering van de aandeelhouders van NV B.-W., op 22 december 2016. Op deze algemene vergaderingen was Glenn G. (1.077 aandelen) niet aanwezig en wordt zowel naast de 1.076 aandelen van Gabriëlla G. als naast de 850 aandelen van Ronny G. vermeld: «aandelen onder voorbehoud». Om te argumenteren dat de voorlopige bewindvoerder geenszins zijn toestemming diende te geven voor de huidige hier voorliggende procedure, verwijst eisende partij naar de notulen van voormelde algemene vergadering, meer bepaald sub 4.1 luidende als volgt: «De vergadering besluit dat de dossiers inzake de huurpanden kunnen worden opgevolgd door de gedelegeerd bestuurder en advocaat V., dit onder toezicht en opvolging van de voorlopig bewindvoerder. De voorlopig bewindvoerder stelt voor om alle aandeelhouders die hierom verzoeken via e-mail op de hoogte te houden van de praktische gang van zaken. De aanwezige of vertegenwoordigde aandeelhouders stemmen hiermee in.»

Dit argument kan evenwel niet worden aangenomen, aangezien het hier duidelijk gaat over de vrijwaring en het behoud van het patrimonium van de vennootschap, meer bepaald door de opvolging van de hopende huurovereenkomsten met derden m.b.t. de panden die verhuurd zijn. Het gaat hier over interne betwistingen met en tussen de aandeelhouders van NV B.-W.

Overwegende dat er ten slotte nog moet worden op gewezen dat ook het besluit van de voormelde algemene vergadering van NV B.-W. van 25 mei 2016 het voorwerp heeft uitgemaakt van een vordering tot nietigverklaring (ten verzoeke van Gabriëlle G. en Ronny G.), ingeleid voor de Rechtbank van Koophandel te Antwerpen, afdeling Turnhout, die bij vonnis van 17 maart 2017 (rolnummer A/16/02031) heeft beslist dat het besluit van de Algemene Vergadering van NV B.-W. van 25 mei 2016 nietig is en een navolgende Algemene Vergadering tot regularisatie niet kan worden gehouden. Eens te meer wordt dit vonnis van de Rechtbank van Koophandel te Antwerpen, afdeling Turnhout van 17 maart 2017, dat uitvoerbaar bij voorraad zou zijn verklaard, niet aan Ons Ambt voorgelegd. Wel is bekend dat op 11 mei 2017 tegen dit vonnis door NV B.-W. hoger beroep werd aangetekend en de zaak zou inmiddels voor behandeling zijn vastgesteld op de zitting van de 5e Kamer Burgerlijke Zaken van het Hof van Beroep te Antwerpen, van 28 juni 2018 (rolnummer 2017/AR/921).

II. Beoordeling

Overwegende dat het arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen van 3 november 2016 (p. 8) reeds heeft aangestipt dat er gerechtelijke procedures hangende zijn zowel over de regelmatigheid van het ontslag van het oude bestuur en de aanstelling van het nieuwe bestuur, als over het aandeelhouderschap binnen de NV B.-W. en de daaruit voortvloeiende vragen naar de meerderheden versus de minderheden en de eventuele aandeelhoudersrechten van Maria W. Dit blijkt ook uit wat hiervoor werd vermeld onder de «Preliminaria». Het hof heeft er voorts ook op gewezen:

– dat het bestuur van de vennootschap thans in handen is van de familieleden die zich op basis van de overeenkomst van dading als meerderheidsaandeelhouders beschouwen, maar die – met uitzondering van Lizzy G. – de nalatenschap van wijlen Andreas G. hebben verworpen;

– dat de NV B.-W. een familiale vennootschap is en tussen de familieleden kennelijk zeer diepgaande onenigheid bestaat over de aandelenverhouding en over de wijze van bestuur van de vennootschap;

– dat gezien de hangende procedures, prima facie de hypothese niet kan worden uitgesloten dat de beslissing van de algemene vergadering van 25 mei 2016 zou worden vernietigd, en/of dat de overeenkomst van 22 mei 2013 zou worden nietig verklaard dan wel ontbonden;

– dat er geen vaste duidelijkheid is over wie de meerderheid dan wel de minderheid binnen de vennootschap uitmaakt, waardoor de aanstelling van elk nieuw bestuur betwistbaar is.

Overwegende dat het hof van beroep ook heeft gewezen op de bestaande vrees dat de nieuwe bestuurders van de NV B.-W. tot doel hebben de onroerende goederen van de vennootschap te verkopen en zoveel mogelijk gelden naar zich toe te trekken en dat het hof begrip heeft voor de vrees van Ronny G., Gabriëlla G. en Maria W. dat de nieuwe raad van bestuur onherroepelijke beslissingen neemt die na eventuele uitspraken in de hangende gerechtelijke procedures (zoals onderhavige voor Ons Ambt er één is), niet meer terug te draaien zullen zijn.

Overwegende dat al het bovenstaande heeft geleid tot de benoeming door de rechter in kort geding van een voorlopige bewindvoerder in de zin van artt. 208 en 660 W.Venn., kennelijk omdat de vennootschapsorganen niet langer functioneren en omdat de NV B.-W. kennelijk een «vennootschap in moeilijkheden» is. Nogmaals wordt beklemtoond dat de beschikking van 5 juli 2016 niet aan Ons Ambt werd voorgelegd.

Overwegende dat die vennootschap in moeilijkheden waarvan de vennootschapsorganen niet langer functioneren hic et nunc de hier voorliggende vordering instelt teneinde verwerende partij te horen veroordelen om haar onroerend goed gelegen te (...) te verlaten. Het instellen van een rechtsvordering is een rechtshandeling die een wil vereist tot het bereiken van rechtsgevolgen. Dit houdt in dat diegene die niet over een duidelijke, vrije en zelfstandige wil beschikt – voorwaarde voor het geldig bestaan van elke rechts- en proceshandeling – geen rechtsgeldige rechtsvordering kan instellen (Cass. 5 februari 1998, Arr.Cass. 1998, 170, Pas. 1998, I, 180, RW 1998-99, 40, noot De Swaef). Omdat hic et nunc, gezien de voormelde hangende procedures niet decisief kan worden uitgemaakt welke hic et nunc de bevoegde organen van de NV B.-W. zijn, kan hic et nunc ook niet decisief worden uitgemaakt welke hun wil is, zodat dient te worden geconcludeerd dat eisende partij niet bewijst dat zij op de datum van het instellen van huidige rechtsvordering de door art. 17 Ger.W. vereiste hoedanigheid had om deze rechtsvordering in te stellen. Het begrip «hoedanigheid» wordt hier begrepen als de band tussen de procespartij NV B.-W. en het subjectieve recht waaromtrent NV B.-W. in casu in rechte treedt.

Overwegende dat huidige rechtsvordering niet kan worden toegelaten omdat eisende partij niet bewijst over de vereiste hoedanigheid te beschikken om deze rechtsvordering in te stellen (toepassing art. 17 Ger.W.).

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 26/05/2018 - 21:54
Laatst aangepast op: vr, 15/06/2018 - 23:36

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.