-A +A

Terugvordering onverschuldigd loon tijdens arbeidsovereenkomst en verjaring

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
maa, 10/10/2016
A.R.: 
S.14.0061.N

Een op de artikelen 1235, 1236 en 1376 tot en met 1381 Burgerlijk Wetboek gegronde rechtsvordering strekkende tot terugbetaling door de werknemer van hetgeen onverschuldigd werd betaald door de werkgever, is geen rechtsvordering die uit de arbeidsovereenkomst is ontstaan; die vordering is onderworpen aan de algemene verjaringstermijn.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
1477
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Nr. S.14.0061.N
R.D.,
eiser,
tegen
M.V.M.,
verweerster.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het arbeidshof te Brussel van 16 maart 2009.

II. CASSATIEMIDDEL
De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF
Beoordeling
1. Krachtens artikel 15, eerste lid, Arbeidsovereenkomstenwet, verjaren de rechtsvorderingen die uit de overeenkomst ontstaan, één jaar na het eindigen van deze overeenkomst of vijf jaar na het feit waaruit de vordering is ontstaan, zonder dat deze termijn één jaar na het eindigen van deze overeenkomst mag overschrij-den.

2. Een op de artikelen 1235, 1236 en 1376 tot en met 1381 Burgerlijk Wetboek gegronde rechtsvordering strekkende tot terugbetaling door de werknemer van hetgeen onverschuldigd werd betaald door de werkgever, is geen rechtsvordering die uit de arbeidsovereenkomst is ontstaan. Die vordering is onderworpen aan de algemene verjaringstermijn.

3. De appelrechters die te kennen geven dat de vordering van de eiser er toe strekt van de verweerster terugbetaling te bekomen van onverschuldigd verrichte betalingen, vermochten niet wettig te oordelen dat deze vordering verjaard is krachtens artikel 15 Arbeidsovereenkomstenwet.

Het middel is gegrond.

Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het oordeelt dat de vordering in vrijwa-ring van de eiser tegen de verweerster verjaard is en het oordeelt over de kosten.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeel-telijk vernietigde arrest.
Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.
Verwijst de aldus beperkte zaak naar het arbeidshof te Antwerpen.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer,


S.14.0061.N
Conclusie van advocaat-generaal Vanderlinden:

1. Eiseres tot cassatie komt op tegen een arrest van de 9° kamer van het Arbeidshof te Brussel gewezen op 16 maart 2009. Door eiser wordt er een middel aangevoerd.

2. Wat betreft het middel.
In het middel wordt de schending aangevoerd van:
- artikel 15 van de Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten van 3 juli 1978 (Arbeidsovereenkomstenwet);
- de artikelen 1235, 1376, 1377, 1378 en 2262bis, §1, van het Burgerlijk Wetboek.

a. Probleemstelling.
De problematiek die aan de orde is in huidig geschil betreft welke de toepasselijke verjaringstermijn is indien de werkgever, tijdens de arbeidsovereenkomst, aan zijn werknemer ten onrechte sommen uitbetaalde en wenst over te gaan tot terugvordering.

b. Bespreking.

De Arbeidsovereenkomstenwet voorziet in een specifieke verjaringstermijn die geregeld is in artikel 15 van deze wet.
Ingevolge het eerste lid van deze bepaling, verjaren de rechtsvorderingen die uit de arbeidsovereenkomst ontstaan, één jaar na het eindigen van deze overeenkomst of vijf jaar na het feit waaruit de vordering is ontstaan, zonder dat deze termijn één jaar na het eindigen van deze overeenkomst mag overschrijden.

Of deze rechtsvordering ontstaat tijdens of na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst is niet relevant. Dit blijkt uit de rechtspraak van uw Hof. Voor de vorderingen die ontstaan of opeisbaar worden na het beëindigen van de arbeidsovereenkomst kan ik, onder andere, verwijzen naar Uw arresten van 11 december 2006(1) en 13 november 2006(2). Eigen aan de vorderingen die op dat ogenblik gesteld worden is dat het aanvangspunt van de verjaring zich op een latere datum zal situeren.

Essentieel, voor de toepassing van het voormelde artikel 15, eerste lid, is dat de rechtsvordering ontstaan is uit de arbeidsovereenkomst. Het is echter niet vereist dat de vordering gebaseerd is op een wettelijke bepaling van de Arbeidsovereenkomstenwet, een andere wettelijke grondslag van de vordering is tevens mogelijk doch de toepassing van deze wettelijke bepaling moet haar oorsprong vinden in de arbeidsovereenkomst(3). Een typisch voorbeeld van een vordering die onderworpen is aan de verjaringstermijn van artikel 15, eerste lid, betreft de vordering van de werknemer voor de lonen die door de werkgever verschuldigd zijn in het kader van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst.

De betaling van de verschuldigde lonen vindt inderdaad haar oorsprong in de arbeidsovereenkomst.

Wat echter indien de werkgever lonen ten onrechte uitbetaalt en deze wenst terug te vorderen?

In Uw arrest van 18 december 2006(4) sneed U dit onderwerp aan. In casu ging het om lonen die de werkgever onrechtmatig aan de werknemer had betaald na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Uw Hof oordeelde dat de rechtsvordering tot terugbetaling van de onrechtmatig verkregen lonen geen rechtsvordering is die in de zin van het voormelde artikel 15, eerste lid, uit de arbeidsovereenkomst ontstaat.

Het gaat hier dan inderdaad om een onverschuldigde betaling. Aan de toepassingsvoorwaarden is voldaan. De relevante bepalingen zijn het artikel 1235 en de artikelen 1376 tot 1381 Burgerlijk Wetboek. Deze rechtsfiguur is onderworpen aan een dubbele voorwaarde. De eerste is dat er een betaling heeft plaatsgehad.

Waarbij er op moet gewezen worden dat de betaling als oogmerk moet hebben om een schuld te doen uitdoven(5). De tweede is dat de betaling onverschuldigd moet zijn geweest.

Het is deze tweede voorwaarde waar ik verder op zal ingaan.

Uw Hof oordeelde dat er sprake is van een onverschuldigde betaling indien zij zonder oorzaak heeft plaatsgehad(6). Het ontbreken van een oorzaak kan er onder andere in bestaan dat er een schuld betaald werd die niet (meer) bestaat(7). Door een deel van de rechtsleer wordt dit omschreven als een objectief onverschuldigde betaling(8). Dus indien een schuldenaar aan zijn schuldeiser meer betaalt dan hij effectief verschuldigd was(9), of indien de schuldenaar een niet bestaande schuld betaalt(10) dan is er sprake van een onverschuldigde betaling.

Indien men dit toepast op de problematiek die ons aanbelangt dan betekent dit dat bij een onverschuldigde betaling de arbeidsovereenkomst noch rechtstreeks, noch onrechtstreeks de oorzaak is van de terugvordering van het onverschuldigd betaalde.

Uw Hof heeft reeds aangegeven dat de vordering tot recuperatie van het ten onrechte uitbetaald loon, na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, niet onderworpen is aan de verjaringstermijn van artikel 15 van de Arbeidsovereenkomstenwet.

De vraag in huidige casus is wat de geldende verjaringstermijn is indien de betaling plaats had tijdens de arbeidsovereenkomst.

Ik meen in deze dat de leer van het arrest van Uw Hof van 18 december 2006 tevens van toepassing zal zijn op deze situatie. Immers het tijdstip van het te veel betaalde, te weten tijdens of na het beëindigen van de arbeidsovereenkomst, is mijns inziens irrelevant daar in beiden gevallen de betaling plaats had zonder dat er een oorzaak was. De arbeidsovereenkomst is dan noch rechtstreeks, noch onrechtreeks de oorzaak van de vordering waardoor de verjaringstermijn van de Arbeidsovereenkomstenwet niet van toepassing is(11).

Het betreft hier het spiegelbeeld van het standpunt van Uw Hof inzake de toepassing van artikel 15, eerste lid Arbeidsovereenkomstenwet. Indien de vordering zijn oorzaak vindt in de arbeidsovereenkomst dan is het voor de toepassing van artikel 15 Arbeidsovereenkomstenwet niet relevant of de vordering ontstaat of eisbaar wordt tijdens of na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Dus, omgekeerd, indien de betaling ten onrechte gebeurde, en zodoende zonder oorzaak is, dan is het tevens irrelevant of deze vordering ontstaat tijdens of na de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

De appelrechters die oordelen dat er een onverschuldigde betaling heeft plaatsgehad doch vervolgens dat de vordering van eiser verjaard is op grond van artikel 15 Arbeidsovereenkomstenwet verantwoorden niet naar recht hun beslissing.

Het middel is gegrond.
3. Conclusie: cassatie.
______________________
(1) AR S.05.0083.N, AC 2006, nr. 636.
(2) AR S.05.0111.N, AC 2006, nr. 555.
(3) L. ELIAERTS, Arbeidsovereenkomst, onverschuldigde betaling en verjaring, noot onder Cass 18 december 2006, RW 2008-09, p. 958.
(4) AR S.06.0038.F, AC 2006, nr. 658.
(5) J. LECLERCQ, Réflexions sur un principe général de droit: la répétition de l'indu, JT, 1976, p.107, nr. 11 en J. ROODHOOFT, De quasi-contracten, in BHVR, Kluwer, losbl., randnummer 2207.
(6) Cass 8 januari 1990, AR 8647, AC 1989-90, nr. 276; Cass. 12 december 1985, AR 7373, AC 1985-86, nr. 254 en J. ROODHOOFT, o.c., randnummer 2208.
(7) J. ROODHOOFT, o.c., randnummer 2209.
(8) J. LECLERCQ, o.c., p. 107, nr. 12 en J. ROODHOOFT, o.c., randnummer 2209.
(9) Cass. 20 maart 2009, AR C.07.0442.N en J. LECLERCQ, o.c., p. 107, nr. 14.
(10) J. LECLERCQ, o.c., p. 107, nr. 13.
(11) L. ELIAERTS, o.c., p. 958.
 

Noot: 

• Nieuw Juridisch Weekblad [NJW] SWEERMAN, Midas; Noot 'Gekregen is gekregen geldt niet voor loon' 2017, nr. 355, p. 71-72.

• Cass. 18 december 2006, RW 2008-09, 955 noot L. Eliaerts, “Arbeidsovereenkomst, onverschuldigde betaling en verjaring”

Contra:

T. Van de Calseyde, “Recente evolutie inzake verjaring in het arbeidsrecht”, Or. 2008, p. 40).

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 13/05/2017 - 16:07
Laatst aangepast op: do, 29/06/2017 - 10:33

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.