-A +A

Taalgebruik in gerechtszaken, vermelding van een SMS in een andere taal

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van beroep
Plaats van uitspraak: Antwerpen
Datum van de uitspraak: 
maa, 03/11/2014

Een akte van de rechtspleging wordt geacht in de taal van de rechtspleging te zijn gesteld. Een SMS bericht geciteerd in een beroepsakte in het frans, zonder vertaling naar het nederlands bij een nederlandstalige rechtspleging, maakt de akte van beroep nietig.

Publicatie
tijdschrift: 
NJW
Uitgever: 
Kluwer
Jaargang: 
2015
Pagina: 
645
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

F.S., [ ... ] appellante, [ ... ]
tegen
1. D.D.G., [ ... ]
2. C.L.,[ ... ] geïntimeerden,
[ ... ]

4. Beoordeling

4.1. Ter terechtzitting van 15 septem¬ber 2014 heeft het hof ambtshalve gewezen op de mogelijke strijdigheid van het hierboven bedoelde verzoekschrift tot hoger beroep, met de bepalingen van de artikelen 2, 24 en 40 van de (ter zake toepasselijke oude versie) wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken. Meer bepaald heeft het hof vastgesteld dat in dat verzoekschrift tot hoger beroep, op bladzijde 8 daarvan, een tekst vermeld staat in de Franse taal (van een sms op 30 augustus 2011 door de eerste geïntimeerde aan de tweede geïntimeerde toegestuurd), zonder verta-ling of weergave van de zakelijke inhoud daarvan.
[ ... ]

4.2. Bij artikel 2 van de hierboven bedoelde wet wordt voorgeschreven:
"Voor de burgerlijke rechtbanken en rechtbanken van koophandel van eerste aanleg, en de arbeidsrechtbanken die hun zetel hebben in de provincies Antwerpen, Oost-Vlaanderen, West- Vlaanderen en Limburg en in het arrondissement Leuven, wordt de gehele rechtspleging in betwiste zaken in het Nederlands gevoerd".

Artikel 24 van dezelfde wet luidt:

"Voor al de rechtscolleges in hoger beroep wordt, voor de rechtspleging, de taal ge¬bruikt waarin de bestreden beslissing is geveld".

Artikel 40, al. 1 van steeds dezelfde wet voegt daaraan toe:

"Vorenstaande regels zijn voorgeschreven op straf van nietigheid. Deze wordt van ambtswege door de rechter uitgesproken".

4.3. Uit de hierboven geciteerde wetsbepalingen volgt dat de akte van hoger beroep, zoals bedoeld bij artikel 1057 Ger.W., moet worden opgesteld in de taal van de bestreden beslissing.

Bij artikel 1057 Ger.W. wordt voorgeschreven:

"Met uitzondering van het geval waarin het hoger beroep bij conclusie wordt inge¬steld, vermeldt de akte van hoger beroep, op straffe van nietigheid:

7° de uiteenzetting van de grieven;

Derhalve moet de akte van hoger beroep de uiteenzetting van de grieven in de taal van de rechtspleging vermelden.

4.4. Het staat vast dat de procedure die heeft geleid tot het bestreden vonnis, werd gevoerd voor de rechtbank van eerste aan¬leg te Antwerpen in de Nederlandse taal.

Het verzoekschrift tot hoger beroep, inbegrepen de uiteenzetting van de grieven, moest derhalve in de Nederlandse taal worden opgesteld.

Dat laatste is ter zake niet het geval. De Franstalige tekst waarvan hierboven sprake maakt deel uit van de uiteenzetting van de grieven, zodat het op 14 september 2012 ter griffie neergelegde verzoekschrift tot hoger beroep de voormelde wetsbepa¬lingen miskent en daarom nietig is.

Bijgevolg werd door de appellant niet geldig naar vorm hoger beroep aange¬tekend.

4.5. Bij artikel 1054, tweede lid Ger.W. wordt voorgeschreven:

"Het incidenteel beroep kan echter niet worden toegelaten wanneer het hoofdberoep nietig of laattijdig wordt verklaard".

4.6. Aangezien het hoofdberoep van de appellant nietig is, kunnen de onderscheiden incidentele beroepen van de geïntimeerden, bij toepassing van laatstbedoel¬de wetsbepaling, niet worden toegelaten.
[ ... ]

5. Beslissing
[ ... ]
Het hof:
stelt vast dat het op 14 september 2012 door de appellant ter griffie neergelegde verzoekschrift tot hoger beroep nietig is;

verklaart de onderscheiden inciden tele beroepen van de geïntimeerden niet ontvankelijk;

[ ... ]

Rechtsleer:

• D. LINDEMANS, "De eentalige akte in de Gerechtstaalwet", P&B 2008, (321) 322, nr. 2;
• C. ROBBE, "Vormgebre¬ken, laattijdigheid, niet-verstreken wachttermijnen, nalatigheid, verbo¬den handelingen en gebrek aan loy¬auteit tijdens de procesvoering voor de burgerlijke rechter" in ORDE VAN ADVOCATEN KORTRIJK (ed.), Sancties en nietigheden, Brussel, Larcier, 2003, (391) 415-416)
• D. LINDEMANS, "Eentalige burgerlijke procesvoe¬ring: wat met anderstalige of meer¬talige proceshandelingen en anderstalige of meertalige stukken?" in VLAAMS PLEITGENOOTSCHAP BIJ DE BALIE TE BRUSSEL (ed.), De taal van het proces, Antwerpen, Intersentia, 2011, (27) 28, nr. 2) Cass. 10 april 2013, Pas. 2013, 851;

Rechtspraak

• Cass. 5 januari 2012, Ius&Actores 2012, 77;
• Cass. 17 juni 2010, Pas. 2010, 1917;
• Cass.16 november 2009, TGR-TWVR 2010, 92;
• Cass. 6 juni 2008, Pas. 2008, 1434;
• Cass. 22 april 2008, Pas. 2008, 981
• Cass. 5 januari 2012, Ius&Actores 2012;
• Cass. 29 september 2011, RW 2011-12, 1036, noot W. VAN
• Cass. 19 juni 2009, TBH 2010, 244, noot K. WAGNER;
• Cass. 2 april 2003, Pas. 2003, 720;
• Cass. 27 maart 2003, Pas. 2003, 670;
• Cass. 8 juni 2000, Arr.Cass. 2000, 1066;
• Cass. 14 april 2000, Arr.Cass. 2000, 798).
 

Noot: 

Claudia Van Severen, Taalgebruik in gerechtszaken, NJW 2015,646

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 28/01/2012 - 14:21
Laatst aangepast op: vr, 23/10/2015 - 18:47

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.