-A +A

Taal van bevoegdheidsbeding

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Koophandel
Plaats van uitspraak: Turnhout
Datum van de uitspraak: 
vri, 25/10/2013

Wanneer een Belgische onderneming bij de onderhandelingen en voorafgaande briefwisseling met een buitenlandse partner voert in de taal van de buitenlandse partner, is het bevoegdheidsbeding opgesteld in een andere taal dan deze van de besprekingen en briefwisseling niet tegenstelbaar aan de wederpartij.

Bevoegdheidsbedingen dienen opgesteld in de taal van de onderhandelingen en de voorafgaande briefwisseling. Algemene voorwaarden in een andere taal dan deze van de onderhandelingen zijn niet tegenstelbaar, aan de partij die deze taal niet beheerst.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2013 - 2014
Pagina: 
1264
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

NV B.T. t/ Vennootschap naar Duits recht GmbH E.N.

...

NV B.T. baseert de internationale rechtsmacht, alsook de bevoegdheid van deze rechtbank op haar algemene voorwaarden en het feit dat GmbH E.N. deze zou hebben aanvaard.

NV B.T. legt ter zitting haar stukkenbundel neer met daarin een afschrift van de facturen met op de achterzijde een vermelding van de algemene verkoopsvoorwaarden in het Nederlands en het Frans.

Krachtens de algemene bepalingen van art. 2 van de EEX-Vo worden zij die woonplaats hebben op het grondgebied van een lidstaat, ongeacht hun nationaliteit, opgeroepen voor het gerecht van die lidstaat. Zij kunnen slechts voor de rechtbanken van een andere lidstaat worden opgeroepen op één van de gronden vermeld in art. 5 tot 24 EEX-Vo (art. 3.1 EEX-Vo).

NV B.T. roept art. 23 van EEX-Vo in, meer bepaald het bevoegdheidsaanwijzend beding voorkomend in haar algemene handelsvoorwaarden zoals vermeld op de achterzijde van de factuur.

Deze overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegd gerecht moet worden gesloten hetzij bij schriftelijke overeenkomst of bij een schriftelijk bevestigde mondelinge overeenkomst, hetzij in een vorm die wordt toegelaten door de handelwijzen die tussen partijen gebruikelijk zijn geworden, hetzij, in de internationale handel, in een vorm die overeenstemt met een gewoonte waarvan de partijen op de hoogte zijn of hadden behoren te zijn en die in de internationale handel algemeen bekend is en door partijen bij dergelijke overeenkomsten in de betrokken handelsbranche doorgaans in acht wordt genomen.

In dit geschil is van belang dat deze overeenkomst kan worden gesloten in een vorm die wordt toegelaten door de handelwijzen die tussen de partijen gebruikelijk zijn geworden. Dit betekent dat partijen onderworpen zijn aan forumbedingen die voorkomen in hun algemene voorwaarden, waaraan ook hun vroegere transacties waren onderworpen. Indien partijen geregeld worden geconfronteerd met dezelfde voorwaarden, worden zij vermoed om kennis te hebben gekregen van het forumbeding dat in deze voorwaarden is vervat. Indien zij hiertegen nooit hebben geprotesteerd, worden zij verondersteld met het forumbeding te hebben ingestemd.

Dat er tussen partijen een langdurige handelsrelatie bestond, wordt niet betwist. GmbH E.N. wijst er evenwel op dat tussen partijen het Duits steeds als voertaal werd gehanteerd. De voorliggende facturen, alsook het voorliggend e-mailverkeer, is inderdaad in de Duitse taal.

Een bevoegdheidsbeding in factuurvoorwaarden op de achterzijde van facturen die enkel in de Nederlandse taal zijn opgesteld, is niet van toepassing als uit de overige stukken blijkt dat de onderhandelingen en briefwisseling tussen partijen altijd in de Duitse taal werden gevoerd en niet blijkt dat de opsteller van de facturen aan de (Duitse) geadresseerde een Duitse tekst meedeelde. Factuurvoorwaarden die zijn opgesteld in een taal die de geadresseerde niet beheerst, zijn immers niet tegenstelbaar (Gent 9 april 2008, RABG 2008, 959; Kh. Hasselt 8 mei 2007, RABG 2008, 954, RW 2007-08, 1047).

De rechtbank is evenmin bevoegd op grond van art. 5.1 EEX-Vo. De goederen werden immers steeds geleverd in Duitsland.

De rechtbank beschikt bijgevolg niet over de vereiste rechtsmacht om kennis te nemen van huidig geschil.
 

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 26/05/2014 - 07:39
Laatst aangepast op: vr, 06/06/2014 - 13:16

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.