-A +A

Sociale huur jaarlijkse vaststelling huurprijs

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
vri, 09/12/2016
A.R.: 
C.16.0064.N

De aanpassing van de reële huurprijs bij toepassing van artikel 48, tweede lid, 2°, Kaderbesluit Sociale Huur, dat bepaalt dat de reële huurprijs aangepast wordt als het inkomen van de huurder van een woning gedurende drie opeenvolgende maanden met minstens 20 pct. gedaald is ten opzichte van het inkomen in het referentiejaar, vormt geen beletsel voor de jaarlijkse vaststelling van de huurprijs zoals bepaald in het artikel 48, eerste lid, dat bepaalt dat de reële huurprijs jaarlijks op 1 januari aangepast wordt aan het inkomen in het referentiejaar en het aantal personen ten laste van de huurder.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2017-2018
Pagina: 
1387
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

AR nr. C.16.0064.N

CVBA De M. t/ K.V. en M.S.

I. Rechtspleging voor het Hof

Het cassatieberoep is gericht tegen een vonnis in hoger beroep van de Rechtbank van Eerste Aanleg West-Vlaanderen, afdeling Kortrijk, van 5 juni 2014.

...

III. Beslissing van het Hof

Beoordeling

Eerste onderdeel

Eerste subonderdeel

1. Krachtens art. 48, eerste lid, Besluit van de Vlaamse Regering van 12 oktober 2007 «tot reglementering van het sociale huurstelsel ter uitvoering van titel VII van de Vlaamse Wooncode» (hierna: «Kaderbesluit Sociale Huur») wordt de reële huurprijs jaarlijks op 1 januari aangepast aan het inkomen in het referentiejaar en het aantal personen ten laste van de huurder.

Volgens het tweede lid van die bepaling, zoals van toepassing vóór de wijziging ervan bij Besluit van de Vlaamse Regering van 4 oktober 2013 «tot wijziging van diverse bepalingen betreffende het woonbeleid», wordt de reële huurprijs bovendien aangepast in de volgende gevallen: 2o als het inkomen van de huurder van een woning gedurende drie opeenvolgende maanden met minstens 20% gedaald is ten opzichte van het inkomen in het referentiejaar.

Art. 48, vierde lid, Kaderbesluit Sociale Huur bepaalt dat als het tweede lid, 2o, van toepassing is, de reële huurprijs uiterlijk vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de huurder de nodige stavingsstukken ter kennis van de verhuurder heeft gebracht, wordt aangepast, rekening houdend met het inkomen van de huurder van de drie opeenvolgende maanden. Ten vroegste drie maanden na de aanpassing van de reële huurprijs kan de verhuurder aan de huurder vragen om het voortduren van deze toestand opnieuw te bewijzen. Als dat bewijs niet wordt geleverd, wordt de huurprijs onmiddellijk weer aangepast overeenkomstig het eerste lid.

2. Hieruit volgt dat de aanpassing van de reële huurprijs met toepassing van art. 48, tweede lid, 2o, Kaderbesluit Sociale Huur geen beletsel vormt voor de jaarlijkse vaststelling van de huurprijs zoals bepaald in het art. 48, eerste lid.

De jaarlijkse vaststelling van de huurprijs vereist niet dat de verhuurder de huurder die eerder genoten heeft van een huurprijsaanpassing met toepassing van art. 48, tweede lid, 2o, vraagt om het voortduren van zijn toestand te bewijzen. Het volstaat dat hij de huurder verzoekt de elementen mee te delen die nodig zijn voor de jaarlijkse vaststelling van de huurprijs.

3. De appelrechters stellen vast dat:

– de reële huurprijs voor het jaar 2011 aanvankelijk bepaald werd op basis van het inkomen in het referentiejaar 2008;

– met toepassing van art. 48, tweede lid, 2o, Kaderbesluit Sociale Huur er een herberekening werd uitgevoerd op basis van het geactualiseerde inkomen in 2011 dat met minstens 20% gedaald was ten opzichte van het inkomen in het referentiejaar.

4. De appelrechters die oordelen dat de eiseres de huurprijs op 1 januari niet rechtsgeldig kon aanpassen aan het inkomen in het referentiejaar omdat zij niet aantoont dat zij aan de verweerders heeft gevraagd om te bewijzen dat hun toestand voortduurde, verantwoorden hun beslissing niet naar recht.

Het subonderdeel is gegrond.

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 23/04/2018 - 15:55
Laatst aangepast op: do, 10/05/2018 - 23:33

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.