-A +A

Slachtoffer is zelfs als burgerlijke partijstelling geen partij bij de strafuitvoering

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
woe, 11/03/2015
A.R.: 
P.15.0236.F

Het subjectieve belang om de vernietiging van een beslissing te verkrijgen, kan niet volstaan om de ontvankelijkheid te rechtvaardigen van het cassatieberoep dat buiten de door de wet toegestane gevallen ingesteld wordt.

Zelfs na burgerlijke partijstelling is het slachtoffer niet wettelijk betrokken bij het bepalen van de aard en de maat van de straf, noch bij de tenuitvoerlegging ervan; hoewel het slachtoffer het recht heeft om bepaalde informatie met betrekking tot de rechtspleging te verkrijgen, en gehoord wordt op de zitting van de strafuitvoeringsrechtbank, is het slachtoffer geen partij voor dat rechtscollege (1). (1) Cass. 28 augustus 2012, AR P.12.1454.F, AC 2012, nr. 439.

Publicatie
tijdschrift: 
juridat
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Nr. P.15.0236.F
1. C. T.,
2. B. T.,
tegen
R. L.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank te Brussel van 27 januari 2015.

II. BESLISSING VAN HET HOF
De eisers voeren aan dat zij, in de hoedanigheid van slachtoffer, een belang heb-ben om cassatieberoep in te stellen tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank.

Het subjectieve belang om de vernietiging van een beslissing te verkrijgen, kan niet volstaan om de ontvankelijkheid te rechtvaardigen van het cassatieberoep dat buiten de door de wet toegestane gevallen ingesteld wordt.

Zelfs na burgerlijkepartijstelling is het slachtoffer niet wettelijk betrokken bij het bepalen van de aard en de maat van de straf, noch bij de tenuitvoerlegging ervan.

Het recht om het ene of het andere te vorderen alsook het recht om eventuele be-roepen bij de rechterlijke macht in te stellen tegen de daarop betrekking hebbende beslissingen, maken immers geen deel uit van het instelllen van de burgerlijke rechtsvordering maar behoren tot de bevoegdheden van het openbaar ministerie. Als vertegenwoordiger van alle belangen van de maatschappij heeft het openbaar ministerie opdracht om onder meer over de bescherming van de slachtoffers te waken.

Hoewel het slachtoffer het recht heeft om bepaalde informatie met betrekking tot de rechtspleging te verkrijgen en gehoord wordt op de zitting van de strafuitvoeringsrechtbank, is het slachtoffer geen partij voor dat rechtscollege. Artikel 96 Wet Strafuitvoering staat het slachtoffer dus niet toe om cassatieberoep in te stellen tegen de vonnissen van die rechtbank.

De cassatieberoepen zijn niet ontvankelijk.

De memorie van de eisers die voor het overige geen verband houdt met de ont-vankelijkheid van hun cassatieberoep, behoeft geen verder onderzoek.

Dictum
Het Hof,
Verwerpt de cassatieberoepen.
Veroordeelt de eisers tot de kosten van hun cassatieberoep.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, en in openbare terechtzitting van 11 maart 2015 

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 03/09/2017 - 12:00
Laatst aangepast op: zo, 03/09/2017 - 12:00

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.