-A +A

Schadevergoeding arbeidsongeval berekening referteperiode en basisloon bij onvolledige referteperiode en seizoenarbeid

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
vri, 19/04/2013
A.R.: 
S.11.0094.N
Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2013-2014
Pagina: 
1345
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

...

III. Beslissing van het Hof

Beoordeling

Eerste onderdeel

1. Krachtens art. 34, eerste lid Arbeidsongevallenwet wordt onder basisloon verstaan het loon waarop de werknemer, in de functie waarin hij is tewerkgesteld in de onderneming op het ogenblik van het ongeval, recht heeft voor de periode van het jaar dat het ongeval voorafgaat.

Volgens de hier toepasselijke versie van het tweede lid van dit artikel is de referteperiode maar volledig wanneer de werknemer gedurende het hele jaar arbeid heeft verricht overeenkomstig de arbeidstijdregeling die krachtens wet of gebruik in de onderneming geldt als voltijdse arbeidstijdregeling.

De hier toepasselijke versie van art. 36, § 1, eerste lid Arbeidsongevallenwet bepaalt dat wanneer de referteperiode zoals bepaald bij art. 34, tweede lid van deze wet onvolledig is of wanneer het loon van de werknemer wegens toevallige omstandigheden lager is dan het loon dat hij normaal verdient, het loon waarop de werknemer recht heeft wordt aangevuld met een hypothetisch loon voor de dagen, buiten de rusttijden, waarop de werknemer geen loon ontving.

Krachtens de hier toepasselijke versie van art. 36, § 2 Arbeidsongevallenwet wordt, wanneer de werknemer op het ogenblik van het ongeval sedert minder dan één jaar arbeidt in de onderneming of in de functie waarin hij is tewerkgesteld, voor de periode die voorafgaat het hypothetisch loon berekend op het gemiddeld dagelijks loon van de werknemers met dezelfde beroepskwalificatie.

2. Art. 37, eerste lid Arbeidsongevallenwet bepaalt: “Wanneer de getroffene krachtens een sociaal zekerheids- of sociaal voorzorgsstelsel uitkeringen geniet die slechts toegekend worden op voorwaarde dat de wettelijk vastgestelde perken van toegelaten arbeid voor gepensioneerden niet worden overschreden, wordt het basisloon vastgesteld uitsluitend met inachtneming van het loon dat verschuldigd is ingevolge het verrichten van toegelaten arbeid”.

3. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat deze bepaling ertoe strekt het basisloon van personen die een rust- of overlevingspensioen of een gelijksoortige uitkering genieten te beperken tot de in de pensioenreglementering bepaalde inkomensgrenzen voor toegelaten arbeid, maar dit niet belet dat binnen die grenzen het basisloon voor een volledig jaar moet worden vastgesteld.

Art. 37, eerste lid Arbeidsongevallenwet beperkt aldus de toepassing van de regels die in art. 34, 35 en 36 van deze wet voor de berekening van het basisloon zijn bepaald, maar sluit de toepassing van die bepalingen in het erin genoemde geval niet uit.

4. Het onderdeel dat er geheel van uitgaat dat de toepassing van art. 37 Arbeidsongevallenwet de toepassing van de in art. 34, tweede lid en art. 36, § 2 bepaalde regelen voor het berekenen van het basisloon volledig uitsluit, berust op een onjuiste rechtsopvatting.

Het onderdeel faalt naar recht.

Tweede onderdeel

5. Het arrest stelt vast dat de verweerder die een rustpensioen geniet en toegelaten arbeid verrichtte als seizoenarbeider in de fruitpluk, op 4 september 2000 in dienst trad en heeft gewerkt op 4 en 5 september 2000, dag waarop het arbeidsongeval plaatsvond.

6. Op grond van de vaststelling dat het arbeidsongeval zich voordeed op de tweede arbeidsdag, oordeelt het naar recht dat de referteperiode onvolledig is en het basisloon overeenkomstig art. 36, § 2 Arbeidsongevallenwet moet worden aangevuld met een voor de periode die voorafgaat berekend hypothetisch loon, in voorkomend geval te beperken tot het grensbedrag voor de toegelaten arbeid voor gepensioneerden.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

 

Noot: 

• Cass. 17 oktober 1994, RW 1994-95, 1436.

Gerelateerd
Aangemaakt op: wo, 30/04/2014 - 11:15
Laatst aangepast op: za, 13/05/2017 - 09:54

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.