-A +A

Rookverbod - op een binnenkoer

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van beroep
Plaats van uitspraak: Antwerpen
Datum van de uitspraak: 
woe, 08/06/2016

Rekening houdend met de vaststelling dat derhalve de binnenkoer langs de bovenzijde nooit volledig wordt afgesloten van de buitenlucht (en er derhalve geen sprake is van een “plafond” of “zoldering” in de zin van art. 2 van de wet van 22 december 2009) en rekening houdend met de grote open toegangspoort tot deze binnenkoer die een opening over verschillende meters van één zijde van de binnenkoer betreft, is het hof van oordeel dat de betreffende binnenruimte niet kan worden beschouwd als een “gesloten ruimte” in de zin van art. 3, § 1 van de wet van 22 december 2009.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
1351
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Openbaar ministerie t/ BVBA P.

...

Na een nieuw onderzoek ter terechtzitting door het hof en door de stukken van het dossier is de schuld van de beklaagde BVBA P. aan de haar ten laste gelegde feiten (...) niet bewezen.

Beklaagde wordt vervolgd voor een overtreding van de bepalingen van art. 3, § 1 van de wet van 22 december 2009 betreffende een algemene regeling voor rookvrije gesloten plaatsen toegankelijk voor het publiek en ter bescherming van werknemers tegen tabaksrook door de aanwezigheid van rokers toegelaten te hebben op het overdekte terras van de brasserie (...).

...

Op basis van de inhoud van het proces-verbaal van overtreding van 14 november 2013 wordt de betreffende plaats omschreven als “een groot terras dat volledig afgesloten is door wanden (twee muren en één glazen inkompoort met deur) en een plafond bestaande uit een (plastieken) zeil”. Tijdens de controle werden er een viertal rokers in deze plaats vastgesteld.

Uit de bijgevoegde foto’s (...) blijkt dat de binnenkoer afhankelijk van het seizoen wordt overdekt door een soort tentzeil dat gespannen wordt tot een twintigtal centimeter van de gevels (koude periode) dan wel door enkele grote parasols (warme periode).

Rekening houdend met de vaststelling dat derhalve de binnenkoer langs de bovenzijde nooit volledig wordt afgesloten van de buitenlucht (en er derhalve geen sprake is van een “plafond” of “zoldering” in de zin van art. 2 van de wet van 22 december 2009) en rekening houdend met de grote open toegangspoort tot deze binnenkoer die een opening over verschillende meters van één zijde van de binnenkoer betreft, is het hof van oordeel dat de betreffende binnenruimte niet kan worden beschouwd als een “gesloten ruimte” in de zin van art. 3, § 1 van de wet van 22 december 2009.

Bijgevolg wordt beklaagde vrijgesproken van de haar ten laste gelegde feiten en wordt het bestreden vonnis in die zin hervormd.

...

Gerelateerd
Aangemaakt op: di, 09/05/2017 - 14:07
Laatst aangepast op: wo, 10/05/2017 - 09:54

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.