-A +A

Origineel afzonderlijk exemplaar van een overeenkomst komt niet tot stand middels een doordrukformulier

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Vredegerecht
Plaats van uitspraak: Gent 7
Datum van de uitspraak: 
maa, 01/07/1996

Wanneer blijkt dat lening en de akte van loonoverdracht oorspronkelijk met een lijmrand aan elkaar waren gehecht (en na ondertekening losgescheurd), en dat alle variabele gegevens van de akten, door middel van een carbon, in eenmaal werden ingevuld, is niet voldaan aan het wettelijke vereiste dat de akte van loonoverdracht onderscheiden moet zijn van de akte die de hoofdverbintenis bevat.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
1996-1997
Pagina: 
826
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

N.V. C. t/ R.

De vordering aanhangig gemaakt per aangetekende brief van 19 maart 1996 toegezonden door gerechtsdeurwaarder, beoogt de bekrachtiging van een loonoverdracht voor een bedrag van 585.493 fr., te vermeerderen met contractuele interest tegen 11,5 promille op 523.152 fr. vanaf 1 maart 1996, en te vermeerderen met de gedingskosten.

Geldigheid van de loonoverdracht

Artikel 27 van de Loonbeschermingswet van 12 april 1965 bepaalt dat, op straffe van nietigheid, de akte van loonoverdracht moet worden opgemaakt in zoveel exemplaren als er partijen zijn met onderscheiden belangen: als er al belangen verschillen, zijn het wel die van de overnemer en die van de overdrager van loon.

In tegenstelling tot wat de verweerder stelt, moet worden vastgesteld dat de overeenkomst terdege in twee exemplaren werd opgemaakt: daarbij hoeft het niet en is het onrealistisch te stellen dat elk exemplaar in origineel zou moeten worden gedrukt, getikt, geschreven of ingevuld.

Wel is het noodzakelijk dat iedere partij «een exemplaar» (zijnde een identieke weergave van de andere exemplaren) ontvangt, en dat de wederzijdse verbintenis blijkt uit de reële, originele handtekening van de contracterende partijen.

Essentieel is daarbij dat iedere partij in het bezit is van een exemplaar ondertekend door de andere partij, ten bewijze van diens verbintenis.

Te dezen bevat het exemplaar van de verweerder (weliswaar over de aanvankelijk met carbon geschreven handtekening heen) de originele handtekening van de bankbediende.

Het mag als overbodig worden beschouwd dat op het ontvangen exemplaar ook de eigen handtekening in origineel zou staan.

2. Uit de door de verweerder overgelegde stavingsstukken blijkt evenwel dat de leningsovereenkomst en de akte van de loonafstand, die met elkaar verbonden zijn door een lijmrand (liasse), blijkbaar in eenmaal middels carbon werden ingevuld wat de variabele gegevens betreft (onder meer: dossiernummer, zogenaamde elektronische handtekening, identificatiegegevens van het bankfiliaal, alle cijfer- en datumgegevens met betrekking tot de lening zelf).

De handtekeningen van zowel de bankbediende als van de klant dienen eveneens in een overeenkomstig, doorschrijfbaar, vak te worden geplaatst.

De eiseres legt geen originele stukken over met betrekking tot de gesloten overeenkomsten: de fotokopie is misleidend (zie tweede streep onder de handtekening van de verweerder) en overenigbaar met het origineel van de voor de verweerder bestemde exemplaren die erop wijzen dat die formulieren op elkaar lagen bij het ondertekenen.

Zie in dit verband trouwens de vaststelling dat de bankbediende op het exemplaar bestemd voor de verweerder over die doordruk heen tekende met een pen.

Indien de akte loonafstand te dezen al op een afzonderlijk blad werd gesteld, dan toch moet zonder twijfel worden vastgesteld dat aan de uitdrukkelijke bedoeling van de wetgever, die met het vereiste van de afgescheiden overeenkomsten beoogde dat de lener zich terdege bewust zou zijn van het feit dat hij ook een loonoverdracht ondertekende, werd voorbijgegaan.

3. Hoe dan ook is het conforme uitzicht van enerzijds de leningsovereenkomst en anderzijds de akte van loonoverdracht, zij het op een afzonderlijk blad maar dan toch ogenschijnlijk één geheel uitmakend, misleidend voor de consument die niet vertrouwd is met de gang van zaken (wat precies de reden is van het strenge formalisme van de Loonbeschermignswet).

Vanwege het aan elkaar gehecht zijn van de beide overeenkomsten is het overigens weinig waarschijnlijk dat de verweerder, zelfs indien de bladen werden opgelicht ter ondertekening, het opschrift «loonafstand en afstand van schuldvorderingen» heeft opgemerkt.

4. Om het vorenstaande is, vanwege de schending van de bepaling van art. 27 van de wet van 12 april 1965, de overeenkomst nietig.

Noot: 

Cass., 28 juni 1982, A.C., 1981-82, nr. 649, inzake de toepassingsvoorwaarden van artikel 1325 B.W.Een handtekening verkregen d.m.v. een doordruk met carbonpapier is geen originele handtekening, waardoor, op grond van artikel 27, tweede lid, van de wet van 12 april 1965, de overeenkomst tot loonoverdracht nietig is.

zie ook

• Vred. Gent, 28 februari 1996,

• Vred. Torhout, 12 september 1995, D.C.C.R., 1995, 465-473, met noot Hendrickx, F.

Rechtsleer: Frank Mortier, Is inzake overeenkomsten tot loonoverdracht «een exemplaar» van de overeenkomst gelijk te stellen met «een origineel» van de overeenkomst?

Gerelateerd
Aangemaakt op: do, 19/10/2017 - 17:57
Laatst aangepast op: zo, 29/10/2017 - 10:51

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.