-A +A

Onmogelijkheid tot voldoening van een verplichting van bij de uitspraak van de dwangsom laat dwangsomrechter toe de dwangsom op te heffen

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
maa, 21/03/2011
A.R.: 
C.10.0631.N

Wanneer na de uitspraak van de dwangsomrechter komt vast te staan dat de voldoening van de hoofdveroordeling reeds voordien onmogelijk was, dan verliest de dwangsom iedere zin als prikkel om de nakoming van de hoofdveroordeling te verzekeren en strekt zij enkel tot bestraffing van de schuldenaar.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2011-2012
Pagina: 
1129
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Nr. C.10.0631.N
G. M.,
eiseres,

tegen
G. L.,
verweerder,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 28 juni 2010.
De zaak is bij beschikking van de eerste voorzitter van 24 februari 2011 verwezen naar de derde kamer.
Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Ria Mortier heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL
De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling
1. Krachtens artikel 1385quinquies, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek kan de rechter die een dwangsom heeft opgelegd, op vordering van de veroordeelde, de dwangsom opheffen, verminderen of de looptijd ervan verminderen in geval van blijvende of tijdelijke, gehele of gedeeltelijke onmogelijkheid voor de veroordeelde om aan de hoofdveroordeling te voldoen.

2. Wanneer na de uitspraak van de dwangsomrechter komt vast te staan dat de voldoening van de hoofdveroordeling reeds voordien onmogelijk was, dan verliest de dwangsom iedere zin als prikkel om de nakoming van de hoofdveroordeling te verzekeren en strekt zij enkel tot bestraffing van de schuldenaar.

3. Het arrest dat voor de toepassing van artikel 1385quinquies, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek weigert rekening te houden met de onmogelijkheid om aan de hoofdveroordeling te voldoen om reden dat deze onmogelijkheid reeds bestond vóór de hoofdveroordeling is niet naar recht verantwoord.

4. Deze uitlegging van artikel 1385quinquies, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek dat overeenkomt met artikel 4 Eenvormige Wet is voor de handliggend zodat geen prejudiciële vraag dient te worden gesteld.
Het middel is gegrond.

Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden arrest.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest.
Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.
Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, derde kamer

Noot: 

Nic CLIJMANS, De beoordeling in de tijd van de onmogelijkheid om aan de veroordeling onder dwangsom te voldoen, RABG 2009, afl. 5, 371-374
Deze noot werd ook gepubliceerd via deze link op op de website www.clijmansadvocaten.be

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 12/02/2012 - 14:59
Laatst aangepast op: za, 08/11/2014 - 00:49

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.