-A +A

Moord verschoning-rechtvaardiging-uitlokking

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
woe, 07/09/2005
A.R.: 
P050291F

In de regel, dienen de zware gewelddaden die ter verschoning van een moord in aanmerking komen door het slachtoffer van de doodslag te zijn aangewend; toch moet de verschoning eveneens worden aangenomen wanneer de dader van de doodslag de aanstoker van die gewelddaden die bij het plegen ervan getuige was, heeft gedood (1). (1) NYPELS en SERVAIS, 'Le Code pénal belge interprété principalement au point de vue de la pratique', Brussel, dl. III, 1898, p. 58-61, nr 13; CONSTANT J, Précis de Droit pénal, 1975, p.

Publicatie
tijdschrift: 
juridat

Nr. P.05.0291.F.-
I. 1. S. E.,
2. L. P.,

II. D. V.,
de drie cassatieberoepen tegen
1. P. A.,
mr. Fernande Motte-de Raedt, advocaat bij de balie te Brussel,
2. D. L.,
3. L. T.,
4. L'H. I.,

I. Bestreden beslissing
De cassatieberoepen zijn gericht tegen een arrest, op 26 januari 2005 gewezen door het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling.

II. Rechtspleging voor het Hof

III. Cassatiemiddelen

De eisers E. S. en P. L. voeren een middel aan in een memorie, waarvan een voor eensluidend verklaard afschrift aan dit arrest is gehecht.
Eiser V. D. B. voert eveneens een middel aan in een memorie, waarvan een voor eensluidend verklaard afschrift aan dit arrest is gehecht.

IV. Beslissing van het Hof

A. Over de cassatieberoepen van E. S. en P. L. :

Over het middel :

Eerste onderdeel :

Overwegende dat de eisers het bestreden arrest verwijten de verschoningsgrond van uitlokking aan te nemen voor de moord die de eerste verweerder wordt ten laste gelegd, zonder vast te stellen dat het slachtoffer zelf op de één of andere wijze aan de bij artikel 411 van het Strafwetboek vereiste zware gewelddaden heeft deelgenomen ;

Dat het middel dus de kwestie van de toelaatbaarheid van de verschoningsgrond van uitlokking opwerpt, wanneer de moordenaar die baseert op gewelddaden begaan door een andere persoon dan degene die is gedood ;

Overwegende dat in de regel, de zware gewelddaden die ter verschoning van een moord in aanmerking komen door het slachtoffer van de doodslag dienen aangewend te zijn ; dat er immers geen verschoning kan bestaan voor degene die, uitgelokt door zware gewelddaden, zijn woede ontlaadt op iemand die nergens deel heeft aan de uitlokking ;

Overwegende, echter, dat de verschoning eveneens moet worden aangenomen wanneer de dader van de doodslag de aanstoker van de gewelddaden die bij het plegen ervan getuige was, heeft gedood ;

Maar overwegende dat het arrest niet vaststelt dat J. L. de fysieke dader was van de gewelddaden die door de inverdenkinggestelde zijn aangevoerd, noch dat hij de aanstoker ervan was ;

Dat de appelrechters aldus hun beslissing op de strafvordering wegens telastlegging A niet naar recht verantwoorden ;

Dat het onderdeel gegrond is ;

OM DIE REDENEN,
HET HOF,
Vernietigt het bestreden arrest ;
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest ;
Laat de kosten ten laste van de Staat ;
Verwijst de zaak naar het Hof van Beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, anders samengesteld.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, en in openbare terechtzitting van zeven september tweeduizend en vijf uitgesproken

Noot: 

N.C. Joëlle ROZIE; Naar een verruiming van de toepassingsvoorwaarden van de uitlokking. 2007, 281-283, T.Strafr. X; Noot. 2007, 34-35

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 30/12/2017 - 13:58
Laatst aangepast op: za, 30/12/2017 - 13:58

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.