-A +A

Middels lastgeving kan een eiser een formele procespartij aanduiden gemandateerd om de procedure te voeren

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
vri, 09/09/2016
A.R.: 
C.16.0100.N

Geen enkele wetsbepaling staat eraan in de weg dat middels lastgeving zoals beschreven in 1984 B.W. ook vertegenwoordigingsbevoegdheid wordt verleend voor het instellen van een rechtsvordering in welk geval de vertegenwoordiger, de formele procespartij, een rechtsvordering instelt in naam en voor rekening van de vertegenwoordigde, de materiële proces-partij, ter verdediging van de rechten en de belangen van laatstgenoemde.

Een dergelijke vertegenwoordiging onderstelt, benevens het bewijs van de vertegenwoordigingsbevoegheid, dat uit de gedinginleidende akte blijkt dat de formele procespartij optreedt in haar hoedanigheid van vertegenwoordiger en deze akte de identiteit van zowel de vertegenwoordiger als de vertegenwoordigde vermeldt.

Publicatie
tijdschrift: 
juridat
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

 Nr. C.16.0100.N
1. L. N.,
2. CLAIM-IT bvba, met zetel te 1050 Brussel, Louizalaan 524,
eiseressen,
tegen
TUI AIRLINES BELGIUM nv, met zetel te 1930 Zaventem, Luchthaven Brus-sel Nationaal 40 P bus 1,
verweerster.
I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in laatste aanleg van de vrederechter van het kanton Overijse-Zaventem, zetel Zaventem, van 22 september 2015.

II. CASSATIEMIDDEL
De eiseressen voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een mid-del aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Luidens artikel 1984 Burgerlijk Wetboek is de lastgeving of volmacht een handeling waarbij een persoon aan een ander de macht geeft om iets voor de last-gever en in zijn naam te doen.

2. Geen enkele wetsbepaling staat eraan in de weg dat die vertegenwoordigingsbevoegdheid ook wordt verleend voor het instellen van een rechtsvordering in welk geval de vertegenwoordiger, de formele procespartij, een rechtsvordering instelt in naam en voor rekening van de vertegenwoordigde, de materiële proces-partij, ter verdediging van de rechten en de belangen van laatstgenoemde.

Een dergelijke vertegenwoordiging onderstelt, benevens het bewijs van de verte-genwoordigingsbevoegheid, dat uit de gedinginleidende akte blijkt dat de forme-le procespartij optreedt in haar hoedanigheid van vertegenwoordiger en deze akte de identiteit van zowel de vertegenwoordiger als de vertegenwoordigde vermeldt.

3. Uit de gedinginleidende akte blijkt dat de rechtsvordering werd ingesteld door de eerste eiseres die vertegenwoordigd wordt "door haar contractuele last-hebber, CLAIM-IT bvba, RPR Brussel, BTW BE 0508.808.550, met vennoot-schapszetel te B-1050 Brussel, Louizalaan 500, hebbende als raadsman meester Van den Brande Bart, advocaat...".

4. Door de vordering van de eerste eiseres niet-ontvankelijk te verklaren louter om de redenen dat "wanneer rechtsonderhorigen niet zelf verschijnen, kunnen zij vertegenwoordigd worden door een advocaat, krachtens artikel 440 Ger.W. [...]. De verschijning van [de eerste eiseres] door toedoen van de bvba CLAIM-IT is aldus in strijd met de bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek inzake de verte-genwoordiging in rechte", is het vonnis niet naar recht verantwoord.

Het middel is gegrond.

Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden vonnis.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis.
Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter.
Verwijst de zaak naar het vredegerecht van het eerste kanton Leuven.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer


VOORZIENING IN CASSATIE
VOOR : 1. Mevrouw L. A. M. N.,
2. De besloten vennootschap met beperkte aansprake-lijkheid CLAIM-IT, met ondernemingsnummer 0508.808.550 en zetel te 1050 Brussel, Louizalaan 500,
Eiseressen tot cassatie, 

TEGEN : De naamloze vennootschap TUI AIRLINES BELGIUM, met on¬dernemingsnummer 0861.741.466 en zetel te 1930 Zaventem, Luchthaven Brussel Nationaal 40P bus 1,
Verweerster in cassatie.

Aan de Heren Eerste Voorzitter en Voorzitter, de Dames en Heren Raadsheren, leden van het Hof van Cassatie,
Hooggeachte Dames en Heren,
Eiseressen hebben de eer het vonnis, gewezen door de Vrederechter van het kanton Overijse-Zaventem, zetel Zaventem, op 22 september 2015 (Vonnisnummer/Griffienummer 14A579 - Reper-toriumnummer 1456/2015), aan het toezicht van Uw Hof te onderwerpen.

FEITEN EN PROCEDUREVOORGAANDEN

Eiseres N. boekte bij verweerster een vlucht van Cancun naar Brussel op 31 januari 2014.

Deze vlucht nr. JAF502 diende om 5u20 op bestemming aan te komen, doch kwam in werkelijkheid met meer dan 48 uur vertraging toe.

Eiseres N. maakte derhalve aanspraak op schadever-goeding op grond van de Verordening EG 261/2004.

Overeenkomstig deze verordening kunnen passagiers van een geannuleerde niet intracommunautaire vlucht van meer dan 3500 km aan¬spraak maken op een schadevergoeding van 600 EUR indien zij vertrekken vanaf een luchthaven die gelegen is binnen de Europese Unie of vertrekken in een derde land en aankomen in een luchthaven die gelegen is binnen de Eu¬ropese Unie en zij met een Europese luchtvaartmaatschappij reizen.

Krachtens vaste Europese en nationale rechtspraak wordt de ver¬traging van de vlucht met drie uur of meer gelijkgesteld met een annulatie, tenzij de vertraging gevolg was van buitengewone omstandigheden die on¬danks het treffen van alle redelijke maat-regelen niet voorkomen konden wor¬den, hetgeen in casu niet het geval was.

Verweerster weigerde het door de Verordening voorziene bedrag van 600 EUR aan eiseres N. te betalen. Zij betaalde slechts, uit commerci¬ele overwegingen, een vergoeding van 125 EUR uit.

Op 19 september 2014 dagvaardde eiseres N. ver-weerster voor de Vrederechter van het kanton Overijse-Zaventem, zetel Zaventem, ten¬einde haar te horen veroordelen tot betaling van 475 EUR, meer de nalatig¬heidsintresten aan de wettelijke intrestvoet vanaf de datum van het eerste be¬talingsverzoek en met de ge-rechtelijke intresten vanaf de dagvaarding tot op het ogenblik van de integrale betaling van het verschuldigde bedrag, en de kosten van het geding.

De dagvaarding van 19 september 2014 werd aan ver-weerster betekend op verzoek van
"mevrouw N. L. A. M.,
Te dezen vertegenwoordigd door haar contractuele lasthebber, CLAIM-IT B. V.B.A., RPR BRUSSEL BTW BE 0508.808.550, met vennootschapszetel te B-1050 BRUSSEL, Louizalaan 500.
Hebbende als raadsman Meester Van den Brande Bart advocaat kantoorhou¬dende te 1930 ZAVENTEM, Excelsiorlaan 13".

De Vrederechter verklaarde deze vordering onontvankelijk bij vonnis van 22 september 2015 en veroordeelde de bvba Claim-It tot betaling van een rechtsplegingsvergoeding van 220 EUR aan verweerster.

Tegen dit vonnis menen eiseressen volgend middel tot cassatie te kunnen aanvoeren.

ENIG MIDDEL TOT CASSATIE
Geschonden wetsbepalingen
- artikelen 43, 440, 702, 728 en 1017 van het Gerechtelijk Wetboek,
- artikelen 1984 tot en met 1989 en 1998 van het Burgerlijk Wetboek.

Aangevochten beslissing

De Vrederechter van het kanton Overijse-Zaventem, zetel Zaven¬tem, verklaart in het vonnis van 22 september 2015 de vordering van eiseres N., zoals ingeleid bij exploot dd. 19 september 2014, en die ertoe strekte verweerster te veroordelen tot betaling van 475 EUR, meer intresten, onont¬vankelijk.

De vrederechter veroordeelt bovendien de bvba Claim It tot beta¬ling van een rechtsplegingsvergoeding van 220 EUR aan verweerster.

De vrederechter stoelt deze beslissing op volgende mo-tieven: "Ge¬let op de dagvaarding van 19 september 2014 (...);
(...)
Gelet op de door de advocaten van partijen in hun pleidooien toege-lichte mid¬delen ter terechtzitting van 10 september 2015, waarna de debatten voor ge¬sloten werden verklaard, de zaak in beraad werd gehouden en de uitspraak werd gesteld op heden;

(...)

Bij exploot dd. 19 september 2014 wordt verwerende partij gedag-vaard met het oog op haar veroordeling de som te betalen van 475,00 EURO, meer de nalatigheidsintresten, de gerechtelijke en de kosten van het geding, met inbe¬grip van de maximale rechtsple-gingsvergoeding ten bedrage van 1.100, 00 EURO, dit alles bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

(...)
Uit de dagvaarding blijkt dat eisende partij vertegenwoordigd wordt door haar contractuele lasthebber, namelijk Claim-it bvba, met maat-schappelijke zetel te 1050 Brussel, Louizalaan 500 en deze onder-neming op haar beurt wordt ver¬tegenwoordigd door haar raadsman.

Door verwerende partij wordt ondermeer in synthesebesluiten aan-gevoerd dat in casu Claim-it bvba inderdaad optreedt als contractuele lasthebber van ei¬sende partij en zij het mandaat van deze ven-nootschap tot vertegenwoordiging in rechte betwist.

Wanneer rechtsonderhorigen niet zelf verschijnen, kunnen zij verte-genwoor¬digd worden door een advocaat, krachtens artikel 440 Ger. W.. Zij kunnen zich tevens laten vertegenwoordigen door hun echt-genoot, bloed- of aanverwant voor zover deze familieleden beschikken over een schriftelijke volmacht.

De verschijning van eisende partij door toedoen van de bvba Claim-it is aldus in strijd met de bepalingen van het Ger. W. inzake verte-genwoordiging in rech¬te.

De vordering geformuleerd bij exploot dd. 19 september 2015 dient derhalve onontvankelijk te worden verklaard.

Gezien eisende partij niet rechtmatig inzake werd gesteld, dient ge-noemde bvba Claim-it te worden veroordeeld tot de kosten, met in-begrip van de rechtsplegingsvergoeding" (vonnis, pp. 3-4).

Grieven

1. Luidens artikel 1984 van het Burgerlijk Wetboek is een lastge¬ving of volmacht een handeling, waarbij een persoon aan een ander de macht geeft om iets voor de lastgever en in zijn naam te doen.

De bevoegdheid om in rechte op te treden kan aan een lastheb¬ber worden toevertrouwd. Een rechtsvordering kan door een lasthebber wor¬den ingesteld.

Krachtens de artikelen 1984 tot 1989 en 1998 van het Burgerlijk Wetboek worden de handelingen die door een lasthebber, binnen de grenzen. van zijn lastgeving, zijn gericht, geacht door de lastgever zelf te zijn verricht.

2. Indien een rechtsvordering door een lasthebber wordt inge¬steld, bestaat er een onderscheid tussen

- de materiële procespartij, zijnde de partij die beweert titularis te zijn van het subjectieve recht dat wordt ingeroepen, m.a.w. de persoon over wiens rechten en/of aanspraken het in het proces gaat, en

- de formele procespartij, zijnde de partij die voor rekening van de ti-tularis van het subjectieve recht in rechte optreedt ter verdediging van de rechten en be¬langen van de materiële procespartij, die zij vertegenwoordigt.

De rechtsvordering wordt rechtsgeldig door een lasthebber inge-steld indien

- de formele procespartij aantoont dat zij over een lastgeving be-schikt. Is dit niet het geval, dan zal de vordering als onontvankelijk worden afgewezen,

- in de processtukken en -handelingen niet alleen de identiteit van de formele procespartij (de vertegenwoordiger) wordt vermeld, doch ook de identiteit van de materiële procespartij (de vertegenwoordigde) en melding wordt gemaakt van het feit dat de formele procespartij optreedt in haar hoedanigheid van vertegenwoordiger. De niet-eerbiediging van deze regel wordt desgevallend op grond van de artikelen 43 en 702 van het Gerechtelijk Wetboek gesanctio¬neerd door een exceptie van relatieve nietigheid die, overeenkomstig de arti¬kelen 861 en 864 van dit Wetboek, zoals van kracht vóór wijziging bij wet van 19 oktober 2015, in limine litis dient te worden opgeworpen en enkel tot de nie¬tigheid kan leiden indien belangenschade wordt aangetoond.

3. Artikel 440 van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat voor alle gerechten, behoudens de uitzonderingen bij de wet bepaald, alleen de advocaten het recht hebben om te pleiten en dat de advocaat verschijnt als gevolmachtigde van de partij, zonder dat hij van enige volmacht moet doen blijken, behalve indien de wet een bijzondere lastgeving eist.

Krachtens artikel 728, §1 van het Gerechtelijk Wetboek dienen de partijen op het ogenblik van de rechtsingang in persoon of bij advocaten te verschijnen. Voor de vrederechter mogen partijen, overeenkomstig artikel 728, §2 van het Gerechtelijk Wetboek, ook vertegenwoordigd worden door hun echtgenoot, hun wettelijk samenwonende of een bloed- of aanverwant houder van een schrif-telijke volmacht en speciaal door de rechter toegelaten. Zaakwaarnemers mogen, overeenkomstig artikel 728, §2 van het Gerechtelijk Wetboek, niet als gevolmachtigde optreden.

De vertegenwoordiging in rechte dient te worden onderscheiden van het mandaat ad litem van de optredende advocaat of gevolmachtigde.

De vertegenwoordiging in rechte heeft tot voorwerp de uitoefening van de rechtsvordering zelf voor rekening van de houder ervan, die om een of andere reden de vordering niet zelf kan/wil uit-oefenen. Het mandaat ad litem omvat daarentegen het vervullen van proceshandelingen die noodzakelijk zijn voor de voortzetting en de afhandeling van het geding, zonder dat de advocaat of de gevol-machtigde die deze verricht, zelf formele procespartij wordt.

Het mandaat ad litem betreft dus niet het instellen van de rechts¬vordering, maar louter het verschijnen in rechte en het louter formeel vervullen van proceshandelingen.

Derhalve sluit het feit dat de rechtsonderhorige die niet in persoon voor de vrederechter verschijnt, uitsluitend door een advocaat (of een in artikel 728, §2 van het Gerechtelijk Wetboek vermelde personen die over een schrif¬telijke volmacht beschikken) kan worden vertegenwoordigd, geenszins uit dat de rechtsvordering door een contractuele lasthebber van de rechtsonderhorige kan worden ingesteld.

4. Luidens het exploot van 19 september 2014 werd verweerster voor de vrederechter gedagvaard op verzoek van
"mevrouw N. L. A. M.,

Te dezen vertegenwoordigd door haar contractuele lasthebber, CLAIM-IT B.V.B.A., RPR BRUSSEL BTW BE 0508.808.550, met vennootschapszetel te B-1050 BRUSSEL, Louizalaan 500.
Hebbende als raadsman Meester Van den Brande Bart advocaat kantoorhou¬dende te 1930 ZAVENTEM, Excelsiorlaan 13".

De vrederechter stelt in het bestreden vonnis vast dat verweerster aanvoerde dat de bvba Claim It optreedt als contractuele lasthebber van de eisende partij en zij het mandaat van deze ven-nootschap tot vertegenwoordi¬ging in rechte betwist (vonnis, p. 3, voorlaatste alinea).

De vrederechter verklaart vervolgens de vordering van eiseres N. onontvankelijk om reden dat de verschijning van eisende partij door toe¬doen van de bvba Claim It in strijd is met de bepalingen van het Gerechtelijk Wet¬boek inzake vertegenwoordiging in rechte. Wanneer rechtsonderhorigen niet zelf verschijnen, kunnen zij, aldus de vrederechter, immers vertegenwoor¬digd worden door een advocaat, krachtens artikel 440 van het Gerechtelijk Wet¬boek, en kunnen zij zich tevens laten vertegenwoordigen door hun echt¬genoot, bloed- of aanverwant voor zover deze familieleden over een schriftelij¬ke vol-macht beschikken (vonnis, pp. 3-4).

De vrederechter, die vaststelt dat

- uit de dagvaarding van 19 september 2014 blijkt dat eiseres N. vertegen¬woordigd wordt door haar contractuele lasthebber, de bvba Claim It, die wordt vertegenwoordigd door haar raadsman (vonnis, p. 3, al. 10),

- de advocaten van partijen hun middelen in pleidooien toelichtten ter zitting van 10 september 2015 (vonnis, p. 3, al. 6),

- verweerster het mandaat van de bvba Claim It tot vertegenwoor-diging in rechte betwist (vonnis, p. 3, voorlaatste alinea)
doch niet vaststelt dat de bvba Claim It niet over een lastgeving tot vertegenwoordiging in rechte (tot het inleiden van de vordering) beschikte of de grenzen van deze lastgeving zou hebben overschreden, kon niet wettig beslissen dat eiseres N. niet rechtmatig inzake werd gesteld en de vorde¬ring van eiseres N. als onontvankelijk afwijzen (schending van de in de aanhef van het middel aangehaalde wetsbepalingen, uitgezonderd artikel 1017 van het Gerechtelijk Wetboek).

De vrederechter kon evenmin wettig beslissen dat gezien eiseres N. niet rechtmatig inzake werd gesteld, eiseres bvba Claim It dient te wor¬den veroordeeld tot de kosten en kon niet wettig eiseres bvba Claim It veroor¬delen tot betaling van een rechtsple-gingsvergoeding van 220 EUR aan ver¬weerster. Eiseres bvba Claim It was immers geen partij inzake, a fortiori geen in het ongelijk gestelde partij in de zin van artikel 1017 van het Gerechtelijk Wetboek (schending van de in de aanhef van het middel aangehaalde wets-bepalingen).
Toelichting

Eiseressen zijn zo vrij te verwijzen naar de publicatie van K. Broeckx, "Nul ne plaide par procureur in het civiele procesrecht" (Rechtskroniek voor de vrede- en politierechters 2011, Brugge, Die Keure, 209 e.v.) en naar de arresten van Uw Hof van 26 maart 2002 (Arr. Casa 2002, nr. 205, RW 2002-03, 379, noot F. Swennen, "Burgerlijke partijstelling door een lastheb¬ber") en 21 oktober 2010 (Arr. Cass. 2010, nr. 625, Pas. 2010, nr. 625, met conclusie van Advocaat-generaal Henkes).
Onderhavige voorziening wordt, hoewel zij geen partij was in de procedure voor de vrederechter, mede ingesteld door de bvba Claim It daar zij in het bestreden vonnis (ten onrechte) wordt veroordeeld tot betaling van een rechtsplegingsvergoeding aan verweerster.

BIJ DEZE BESCHOUWINGEN,

Besluit voor eiseressen, ondergetekende advocaat bij het Hof van Cassatie, dat het U behage, Hooggeachte Dames en Heren, het bestreden vonnis te vernietigen en de zaak en de partijen te verwijzen naar een ander Vredegerecht, kosten als naar recht.

Brussel, 2 maart 2016.

Noot: Incassokanren mogen procederen in naam van vliegtuigpasagiers, M. Verhoeven, Juristenkrant 9 november 2016 pagina 2

Noot: 

Dit arrest werd gepubliceerd in het RW 2016-2017,950

Overige rechtspraak:

• Cass. 26 maart 2002, RW 2002-03, 379, noot F. Swennen;

• Cass. 21 oktober 2010, Pas. 2010, nr. 625, conclusie advocaat-generaal A. Henkes;

Rechtsleer:

K. Broeckx, “Nul ne plaide par procureur in het civiele procesrecht” in P. Lecocq en M. Dambre (eds.), Rechtskroniek voor de vrede- en politierechters 2011, Brugge, die Keure, 2011, 209-229.

Gerelateerd
Aangemaakt op: do, 10/11/2016 - 18:15
Laatst aangepast op: ma, 25/09/2017 - 15:57

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.