-A +A

Lasthebber ad hoc kan handelen namens vereffende vennootschap

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Koophandel
Plaats van uitspraak: Antwerpen
Datum van de uitspraak: 
din, 04/10/2016
A.R.: 
A/16/06089

Door de vereffening verlisest een vennootschap haar rechtspersoonlijkheid. De rechtbank kan dan de vereffenaar aanstellen als lasthebber ad hoc om alsnog namens de vereffende vennootschap handelingen, te dezen formaliteiten, te vervullen.

Publicatie
tijdschrift: 
RABG
Uitgever: 
Larcier
Jaargang: 
2018/4
Pagina: 
284-287
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

(S.B. / F.V.R. - Rolnr.: A/16/06089)

I. Procedure en vordering
Met een gezamenlijk verzoekschrift van 28 juli 2016 vorderen (…) in hoofdorde te horen zeggen voor recht dat het onroerend goed als gevolg van de afsluiting van de vereffening van de vennootschap, zoals uit de titel van overdracht volgt, aan de enige aandeelhouder van de vennootschap, met name naar Belgisch recht werd overgedragen.

Ondergeschikt vorderen zij de aanstelling van een lasthebber ad hoc met als opdracht de nodige voorwaarden naar Nederlands recht te vervullen, met inbegrip, maar niet beperkt tot het namens de vennootschap verschijnen voor een Nederlandse notaris om, als persoon die bevoegd is over het onroerend goed te beschikken, de leveringshandeling overeenkomstig artikel 3:84, eerste lid jo. artikel 3:89, eerste lid van het Nederlandse Burgerlijk Wetboek en in lijn met de inhoud van de titel van overdracht te verrichten, opdat de overdracht van het onroerend goed aan de (…) naar Nederlands recht wordt erkend.

De zaak werd vastgesteld en in beraad genomen op de openbare zitting van 6 september 2016 nadat de partijen werden gehoord.

II. Feitelijke elementen
(…) was de enige aandeelhouder van de (…) (hierna: “de vennootschap”). Bij besluit van de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van 30 maart 2012 werd de vennootschap ontbonden en in vereffening gesteld. De heer (…) werd door diezelfde algemene vergadering als vereffenaar aangesteld. Bij beschikking van 26 juni 2012 bekrachtigde deze rechtbank de aanstelling van deze vereffenaar. Vervolgens werd het door de vereffenaar opgestelde verdelingsplan door deze rechtbank goedgekeurd op 12 februari 2013 waarna de bijzondere algemene vergadering van de vennootschap op 21 februari 2013 besloot de vereffening af te sluiten. Deze afsluiting werd op 12 april 2013 in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt.

De vennootschap was eigenaar van een derde onverdeeld aandeel in een kantoorgebouw aan de (…) Nederland (hierna: “het onroerend goed”). In het door deze rechtbank goedgekeurde verdelingsplan waarin door de vereffenaar was voorgesteld om alle actief- en passief-bestanddelen van de vennootschap aan de enige aandeelhouder (…) toe te kennen wordt het onroerend goed uitdrukkelijk als een actiefbestanddeel vernoemd. Bijgevolg ging ook het onroerend goed over in het vermogen van (…).

De probleemstelling waarom deze rechtbank wordt gevat bestaat er in dat dit onroerend goed nooit op naam van (…) werd ingeschreven zodat het Nederlandse kadaster de overdracht van het onroerend goed weigert te erkennen. Daar het onroerend goed in Nederland is gelegen, wordt de overdracht en de tegenwerpelijkheid van de overdracht aan derden van het onroerend goed door het Nederlands recht beheerst. Het Nederlands recht vereist een geldige titel van overdracht van het onroerend goed en een leveringshandeling door hem die bevoegd is om over het goed te beschikken.

Blijkbaar werd er nagelaten om, vooraleer de vereffening van de vennootschap werd afgesloten, de nodige formaliteiten naar Nederlands recht die nodig zijn om de overdracht van het onroerend goed tegenwerpelijk te maken, te vervullen. Het onroerend goed staat nog steeds op naam van de vennootschap in het Nederlandse kadaster geregistreerd. Dit is niet in overeenstemming met de beslissing van de algemene vergadering van de vennootschap die het onroerend goed heeft overgedragen aan de enige aandeelhouder.

Ingevolge de afsluiting van de vereffening heeft de vennootschap op 21 februari 2013 haar actieve rechtspersoonlijkheid verloren, waardoor zij niet meer actief kan deelnemen aan het rechtsverkeer.

(…) stelt dat zij een vordering instelt tegen de vereffenaar qualitate qua, in zijn hoedanigheid van wettelijke vertegenwoordiger van de vereffende vennootschap, zodat de vordering tegen de vennootschap zelf wordt ingesteld.

III. Beoordeling
De in hoofdorde ingestelde vordering blijft een (rechts)handeling veronderstellen, met name het laten inschrijven van het onroerend goed in het Nederlandse kadaster ten einde de overdracht die volgt uit het goedgekeurde verdelingsplan tegenwerpelijk aan derden te maken.

De beslissing om de vereffening te sluiten stelt een einde aan elk mandaat om de vennootschap in rechte te vertegenwoordigen (art. 2003 BW), tenzij wat de formaliteiten betreft die een uitvloeisel zijn van de sluiting van de vereffening. Aan het mandaat van de heer (…)om de vennootschap in rechte te vertegenwoordigen ten einde deze handelingen te stellen is dan ook een einde gekomen met de sluiting van de vereffening.

Eens de vereffening gesloten, wordt de vereffenaar onbevoegd om nog enige rechtshandeling te stellen in naam van de vennootschap, behoudens de in artikel 198, § 1 W.Venn. (voorheen art. 194, derde streep Venn.W.) verleende macht om in rechte te verschijnen op vordering van de schuldeisers, ingesteld binnen de 5 jaar na de vereffening. Doordat de vereffening van de vennootschap werd afgesloten, kan de vereffenaar niet meer actief optreden als orgaan van de ontbonden en vereffende vennootschap. De vereffenaar bevindt zich dan ook niet in de mogelijkheid om na het afsluiten van de vereffening van de vennootschap de nodige bijkomende formaliteiten voor de overdracht van het onroerend goed naar Nederlands recht te vervullen.

De in hoofdorde gestelde vordering kan bijgevolg niet gegrond worden verklaard nu deze geen nut kan sorteren om het achterliggende doel van de vordering te bereiken, met name het laten inschrijven van het onroerend goed in het kadaster te Nederland.

De in ondergeschikte vordering, tot aanstelling van een vereffenaar ad hoc, ten einde de bijkomende formaliteiten naar Nederlands recht te vervullen om de overdracht van het onroerend goed bij het Nederlandse kadaster te laten registreren, is gegrond.

De heer (…) verklaart zich bereid om op te treden als lasthebber ad hoc om de nodige voorwaarden naar Nederlands recht te vervullen, met inbegrip maar niet beperkt tot het namens de vennootschap verschijnen voor een Nederlands notaris om als persoon die bevoegd is over het onroerend goed te beschikken, de leveringshandeling overeenkomstig artikel 3:84, eerste lid jo. artikel 3:89, eerste lid van het NBW en in lijn met de inhoud van de titel van overdracht, te verrichten, opdat overdracht van het onroerend goed aan (…) naar Nederlands recht wordt erkend.

IV. Beslissing
Om alle redenen die hierboven werden weergegeven,

Met naleving van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, Rechtdoende op tegenspraak,

Na erover te hebben beraadslaagd komt de rechtbank tot volgende beslissing:

- zij verklaart de hoofdvordering toelaatbaar en als volgt gegrond;

- zij stelt de heer (…) wonende te (…) aan als lasthebber ad hoc met opdracht de nodige voorwaarden naar Nederlands recht te vervullen, met inbegrip, maar niet beperkt tot het namens de vennootschap verschijnen voor een Nederlandse notaris om, als persoon die bevoegd is over het onroerend goed te beschikken, de leveringshandeling overeenkomstig artikel 3:84, eerste lid jo. artikel 3:89, eerste lid van het Nederlandse Burgerlijk Wetboek en in lijn met de inhoud van de titel van overdracht te verrichten en het onroerend goed te laten inschrijven in het Nederlandse kadaster, opdat de overdracht van het onroerend goed aan de (…) naar Nederlands recht wordt erkend;

- zij verwerpt alle andere en strijdige middelen als niet ter zake dienend;

- zij verklaart dit vonnis voorlopig uitvoerbaar;

- zij verwijst de (…) in de kosten van het geding, die door de rechtbank worden vereffend op de rolrechten van 100 EUR en compenseert de rechtsplegingsvergoedingen.

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 12/03/2018 - 19:34
Laatst aangepast op: do, 29/03/2018 - 19:27

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.