-A +A

Handelsnaam-domeinnaam-verwarring-eerste gebruiker-banale naam

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Koophandel
Plaats van uitspraak: Antwerpen
Datum van de uitspraak: 
vri, 27/05/2016
A.R.: 
A/16/00871

De bescherming van de handelsnaam bestaat erin dat de eerste gebruiker, louter op grond van het eerdere gebruik, een later gebruik van de naam, dat mogelijk verwarring kan stichten, kan laten verbieden in het geografische gebied waar de oudere handelsnaam gebruikt wordt (P. Maeyaert, De bescherming van de handelsnaam en de vennootschapsnaam in België, Brussel, Larcier, 2006, 23, nr. 45).

Het eventuele banale karakter van een handelsnaam kan geen invloed hebben op de toekenning van bescherming. Maar hoe banaler de bewoordingen, hoe beperkter de omvang van de bescherming.

Publicatie
tijdschrift: 
RABG
Uitgever: 
Larcier
Jaargang: 
2016/20
Pagina: 
1500
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
(SUC6 BVBA / V.E. - Rolnr.: A/16/00871)

(…)

Gelet op het verzoekschrift neergelegd op 25 maart 2016, aan mevrouw V.E. betekend middels oproeping van 25 maart 2016;

Gelet op de besluiten door mevrouw V.E. neergelegd;

Gelet op de stukken door partijen neergelegd;

Gelet op de behandeling van de zaak op de zitting van 29 april 2016.

DE VOORGAANDEN
1. SUC6 is een evenementenbureau dat in 1997 werd opgericht en dat aan haar klanten totaalconcepten aanbiedt voor allerhande feesten, beurzen, recepties, etc.

Vanaf 2005-2006 is SUC6 zich ook gaan toeleggen op de organisatie van trouwfeesten. Daartoe bedacht zij een nieuw concept “Great Weddings”.

Voor de uitwerking van dit nieuwe concept en de organisatie van de trouwfeesten deed SUC6 beroep op de diensten van mevrouw V.E. Initieel werd zij via een interimkantoor bij SUC6 tewerkgesteld. Nadien zou mevrouw V.E. deze activiteit op zelfstandige wijze uitvoeren en voor iedere trouwpartij een commissie aan SUC6 aanrekenen.

2. In de loop van 2015 is er betwisting tussen partijen ontstaan. Volgens SUC6 diende zij toen vast te stellen dat mevrouw V.E. in eigen naam trouwfeesten organiseerde waarvan SUC6 geen weet had, maar waarvoor mevrouw V.E. wel het concept “Great Weddings” gebruikte.

SUC6 heeft daaropvolgend beslist om de samenwerking met mevrouw V.E. te beëindigen en haar contactgegevens van de website “www.greatweddings.be” te verwijderen. Ook werd haar telefoonnummer buitenwerking gesteld alsook haar e-mail­adres “esther@greatweddings.be”.

Daaropvolgend ontspon zich tussen partijen en hun raadslieden een discussie waarbij mevrouw V.E. het standpunt innam dat zijzelf de auteursrechthebbende zou zijn op het concept “Great Weddings” nu het hele concept door haar werd bedacht en ontwikkeld en zij het logo en de website heeft laten ontwerpen. Zij is sinds 2006 onafgebroken onder de naam “Great Weddings” naar buiten getreden. De afgelopen jaren zou zij enkel een paar maal op een ad hoc-basis met SUC6 hebben samengewerkt.

Mevrouw V.E. maande SUC6 aan om iedere inbreuk op haar handelsnaamrechten te staken en domeinnaam “greatweddings.be” aan haar over te dragen.

SUC6 diende op haar beurt vast te stellen dat mevrouw V.E. een aanvraag van depot had gedaan voor de domeinnaam “greatweddings.vlaanderen.be”. SUC6 verzette zich hier tegen met klem omdat dit tot een onaanvaardbare verwarring zou aanleiding geven.

3. Bij tegensprekelijk verzoekschrift neergelegd op 25 maart 2016 heeft SUC6 de betwisting aanhangig gemaakt bij de rechtbank. Zij is van oordeel dat mevrouw V.E. door de schending van haar rechten op de handelsnaam “Great Weddings” haar beroepsbelangen schaadt en een inbreuk begaat op artikel VI.104 Wetboek van economisch recht (WER). Zij verzoekt daarom mevr. V.E. het verbod op te leggen zich (i) verder te bedienen van de handelsnaam “Great Weddings” en (ii) om nog parasitair gebruik te maken van de goede reputatie van SUC6.

SUC6 is tevens van oordeel dat mevrouw V.E. door de registratie van de domeinnaam www.greatweddings.vlaanderen.be een inbreuk pleegt op artikel XII.22 WER en zij vraagt mevrouw V.E. te bevelen de registratie van de onrechtmatig geregistreerde domeinnaam www.greatweddings.vlaanderen door te halen.

Mevrouw V.E. besluit tot de ongegrondheid van de vordering van SUC6. Vermits mevrouw V.E. het concept “Great Weddings” reeds in 2005 zelf uitwerkte en partijen sindsdien slechts af en toe samenwerkten, is er geen sprake van een schending van de beroepsbelangen van SUC6. Evenmin zou er een schending zijn van artikel XII.22 WER vermits het teken “Great Weddings” ieder onderscheidend vermogen ontbeert en dienvolgens door eenieder in het handelsverkeer is aan te wenden. Er kan dan ook geen sprake zijn van een onrechtmatige registratie van een domeinnaam. Zij verzoekt om dienaangaande een declaratief vonnis uit te spreken.

Tevens vraagt zij van SUC6 de terugbetaling van de kostprijs van 43,35 EUR die mevrouw V.E. diende te betalen voor een afschrift van de door SUC6 ter griffie neergelegde stukken, dit omdat SUC6 manifest weigerde afschrift van haar stukken mee te delen aan mevrouw V.E.

BEOORDELING
4. De rechtbank is van oordeel dat SUC6 als eerste gebruiker van de handelsnaam “Great Weddings” bescherming kan claimen ten aanzien van concurrenten, waaronder mevrouw V.E.

Uit de voorgelegde stukken blijkt onomstotelijk dat het concept “Great Weddings” aanvang 2006 tot stand is gekomen in de schoot van SUC6. Dit blijkt met zoveel woorden uit de mailing die SUC6 naar haar cliënteel heeft verzonden en uit de visitekaartjes die zij toen heeft verspreid (“Great Weddings is een concept van SUC6 Events […]”). Alle kosten voor de ontwikkeling van de website en voor de jaarlijkse webhosting heeft SUC6 betaald.

Het is duidelijk dat SUC6 aanvang 2006 als eerste bezit heeft genomen van deze handelsnaam.

Het is correct dat mevrouw V.E. van in den beginne betrokken was bij de uitbouw van het concept “Great Weddings” en dat zij door SUC6 ook werd geprofileerd als “de” weddingplanner. In feite leidde mevrouw V.E. de afdeling trouwfeesten en huwelijksverjaardagen binnen SUC6. Er werd haar een grote vrijheid gelaten en het is mogelijk dat mevrouw V.E. naar de buitenwereld toe in feite werd vereenzelfdigd met “Great Weddings”.

Maar voor zover de rechtbank dit kan beoordelen gebeurde de facturatie van de trouwfeesten wel steeds door SUC6. Mevrouw V.E. brengt geen eigen facturatie bij van trouwfeesten die dateren van vóór 2015. Mevrouw V.E. factureerde aan SUC6 enkel een vooraf bepaalde commissie als vergoeding voor het door haar geleverde eventmanagment.

Aldus komt de rechtbank tot het besluit dat SUC6 de bescherming van de handelsnaam “Great Weddings” kan inroepen en kan opkomen tegen verwarringstichtend gebruik door concurrenten omdat (i) SUC6 alle kosten voor het ontwerp en de hosting van de website heeft gedragen, (ii) zij de domeinnaam op haar naam heeft geregistreerd, (iii) de handelsnaam op de markt werd gezet als een concept/afdeling binnen SUC6 en (iv) de facturatie van de “Great Weddings”-trouwfeesten steeds gebeurde door SUC6 en mevrouw V.E. voor haar medewerking aanspraak maakte op een vooraf bepaalde vergoeding.

5. Het feit dat mevrouw V.E. de laatste jaren zich de handelsnaam de facto meer en meer toe-eigende en Great Weddings zelfs voorstelde als een concept van Grand Events, doet geen afbreuk aan het feit dat wel degelijk SUC6 als eerste gebruik heeft gemaakt van de handelsnaam en dat zij daar sindsdien voortdurend publiek gebruik van heeft gemaakt.

Uit de voorgelegde stukken blijkt dat mevr. V.E. op de eerste plaats onder de naam “Grand Events” handel drijft en deel neemt aan het handelsverkeer.

Uit niets blijkt dat SUC6 de afgelopen jaren zou hebben ingestemd met het feit dat mevrouw V.E. “Great Weddings” als een concept van Grand Events promootte. Er heeft nooit een overdracht van de handelsnaam plaatsgevonden.

6. De bescherming van de handelsnaam bestaat erin dat de eerste gebruiker, louter op grond van het eerdere gebruik, een later gebruik van de naam, dat mogelijk verwarring kan stichten, kan laten verbieden in het geografische gebied waar de oudere handelsnaam gebruikt wordt (P. Maeyaert, De bescherming van de handelsnaam en de vennootschapsnaam in België, Brussel, Larcier, 2006, 23, nr. 45).

Het eventuele banale karakter van een handelsnaam kan geen invloed hebben op de toekenning van bescherming. Maar hoe banaler de bewoordingen, hoe beperkter de omvang van de bescherming.

In casu bestaat de handelsnaam uit een beschrijvend woord gekoppeld aan een soortnaam, hetgeen eerder banaal voorkomt. Evenwel gaat het hier om woorden uit de Engelse taal, waardoor volgens de rechtbank het banale karakter minstens ten dele wordt tenietgedaan.

De bescherming waarover de handelsnaam van SUC6 beschikt, maakt dat SUC6 zich kan verzetten tegen het gebruik van dezelfde handelsnaam door een rechtstreekse concurrent, minstens in het territorium van de provincie Limburg. Er is immers verwarring tussen de beide ondernemingen te verwachten. De rechtsgrond daartoe is artikel 8 van het Unieverdrag van Parijs van 20 maart 1883 evenals artikel VI.104 WER.

Het eerste onderdeel van de vordering van SUC6 is dienvolgens gegrond in de mate dat aan mevrouw V.E. het verbod wordt opgelegd om nog verder gebruik te maken van de handelsnaam “Great Weddings”. SUC6 vraagt niet de toekenning van een dwangsom.

7. De vordering van SUC6 om mevrouw V.E. verbod te horen opeggen “parasitair gebruik te maken van de goede reputatie van SUC6” is veel te vaag en te weinig geconcretiseerd zodat het voor mevrouw V.E. onmogelijk is te weten wat van haar juist wordt verwacht. Dat onderdeel van de vordering is ongegrond.

Wat het verzoek tot doorhaling van de domeinnaam “greatweddings.vlaanderen” betreft
8. De vraag tot doorhaling van de domeinnaam dient beoordeeld te worden op basis van de toepassingsvoorwaarden vervat in artikel XII.22 WER.

De drie bestanddelen van de wederrechtelijke inschrijving van een domeinnaam zijn: (i) de registratie van een domeinnaam die gelijk is aan het onderscheidingsteken van een derde of er zodanig mee overeenstemt dat er verwarring kan ontstaan; (ii) zonder dat de domeinnaamhouder een recht of een legitiem belang heeft jegens de domeinnaam; (iii) met het doel om een derde te schaden of om ongerechtvaardigd voordeel te halen uit de domeinnaam.

Volgens de rechtbank is in casu weldegelijk aan de drie voorwaarden voldaan.

Vooreerst betwist mevrouw V.E. niet langer dat zij deze domeinnaam ook effectief heeft geregistreerd.

De domeinnaam die mevrouw V.E. heeft laten registreren is voor het grootste deel identiek aan de handelsnaam van SUC6. Verwarring is dus wel degelijk mogelijk.

De toevoeging “Vlaanderen” kan dit verwarringsgevaar niet opheffen, wel in tegendeel. Bezoekers van de website kunnen denken dat partijen verbonden ondernemingen zijn, of dat mevrouw V.E. een onderdeel van SUC6 is, partijen een territoriumafbakening hebben gedaan en enkel mevrouw V.E. nog actief is op de Vlaamse markt.

Verder betwist mevrouw V.E. de vervulling van de twee andere toepassingsvoorwaarden niet. Vaststaat dat mevrouw V.E. geen recht kan claimen op de door haar geregistreerde domeinnaam en dat door de keuze van de domeinnaam schade wordt berokkend aan SUC6 wegens het manifeste gevaar op verwarring dat bestaat tussen de handelszaken van partijen ten gevolge van de keuze van de domeinnaam.

Dat mevrouw V.E. zich bewust is van de betwistbaarheid van de keuze voor deze domeinnaam blijkt volgens de rechtbank ook uit het feit dat zij op heden nog steeds geen website beschikbaar heeft gesteld onder de geregistreerde domeinnaam.

Dit onderdeel van de vordering van SUC6 is dienvolgens gegrond.

9. Nu mevrouw V.E. in deze zaak de in het ongelijkgestelde partij is, dient zij de gedingkosten te betalen.

Wel dient SUC6 aan mevrouw V.E. de prijs terug te betalen van de kosten van afschrift ten belope van 43,35 EUR, kosten die enkel en alleen gemaakt werden omdat SUC6 om niet nader gekende redenen weigerde om haar stukken in mededeling over te maken aan de raadsman van mevrouw V.E.

BESLISSING
(…)

Verklaart de vordering van SUC6 ontvankelijk en deels gegrond,

Stelt vast dat mevrouw V.E. door het hanteren van de handelsnaam “Great Weddings” of “Great Weddings Vlaanderen” een inbreuk pleegt op artikel VI.104 WER;

Veroordeelt mevrouw V.E. dienvolgens tot de staking van het gebruik van deze benamingen.

Stelt vast dat mevrouw V.E. een inbreuk pleegt op artikel XlI.22 WER en zij beveelt mevrouw V.E. om de registratie van de domeinnaam greatweddings.vlaanderen te laten doorhalen.

Veroordeelt SUC6 tot betaling aan mevrouw V.E. van de som van de kosten van afschrift van 43,35 EUR;

Veroordeelt mevrouw V.E. tot betaling van de gedingkosten, deze in hoofde van SUC6 begroot op 100 EUR rolrecht en op 1.320 EUR rechtsplegingsvergoeding.

Verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, niettegenstaande ieder rechtsmiddel en zonder borgstelling.

(…)
 

 

Noot: 

Noesen, D., « De verwarringstichtende handelsnaam: nood aan evolutie rekening houdend met het belang van het Internet », R.A.B.G., 2016/20, p. 1500-1503

Rechtsleer:

• P. Maeyaert, De bescherming van de handelsnaam en de vennootschapsnaam in België, Brussel, Larcier, 2006, p. 26 en 33
• J. Stuyck, Handelspraktijken. Beginselen van Belgisch Privaatrecht, E.Story- Scientia, 2004, p. 129.
•] H. De Wulf, B. Keirsbilck en E. Terryn, “Overzicht van rechtspraak. Handelsrecht en handelspraktijken (2003-2010)”, TPR 2011, afl. 3, 1200.
 

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 16/07/2017 - 11:20
Laatst aangepast op: zo, 16/07/2017 - 11:20

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.