-A +A

GASboete hoger beroep dient ingesteld tegen gemeente en niet tegen de sanctieambtenaar

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Politierechtbank
Plaats van uitspraak: Brugge
Datum van de uitspraak: 
maa, 20/02/2017

Hoger beroep tegen de beslissing waarbij een administratieve geldboete werd opgelegd, dient te worden gericht tegen de gemeente en niet tegen de sanctie-ambtenaar.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2017-2018
Pagina: 
675
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

G. t/ Stad Oostende

...

II. Ten gronde

A. Gegevens en voorwerp van de vordering

De vordering van appellante is gericht tegen de beslissing waarbij haar een gemeentelijke administratieve geldboete werd opgelegd van 55 euro wegens een overtreding van de stedelijke verordening betreffende het parkeren.

B. Beoordeling

1. Voornaamste feitelijke elementen en antecedenten

Blijkens een proces-verbaal stelde een Oostends politieagent op 27 september 2016 om 12 u 55 vast dat de personenwagen Volvo met nummerplaat (...) op het Rachel Lancsweertplein geparkeerd stond, hoewel daar ingevolge een verkeersbord E1 een parkeerverbod van kracht is.

De houder van de nummerplaat was mevr. G., die met brief van 12 oktober 2016 werd uitgenodigd om een administratieve geldboete van 55 euro te betalen. In de brief werd gezegd dat ze dertig dagen de tijd had om desgewenst haar verweermiddelen te laten gelden via het zogenaamde «verweerformulier» dat bij de brief was gevoegd. Bij de brief was ook een kopie gevoegd van het proces-verbaal.

Mevr. G. heeft daarop kennelijk niet gereageerd. Op 5 december 2016 werd haar een «herinnering» toegestuurd, waarna zij op 5 januari 2017 verzoekschrift tot hoger beroep neerlegde.

2. Ontvankelijkheid

Appellante tekent hoger beroep aan «tegen de beslissing van de sanctie-ambtenaar» en zij vraagt in het beschikkend gedeelte om het hoger beroep ontvankelijk en gegrond te verklaren «en de sanctie-ambtenaar te veroordelen tot de kosten van het geding ...».

Er kan dus geen twijfel over bestaan: appellante richt haar beroep niét tegen de stad Oostende, maar wél tegen de sanctie-ambtenaar en ze vraagt dat hij veroordeeld zou worden om de gedingkosten te betalen.

Het hoger beroep moet nochtans worden ingesteld tegen de gemeente en niét tegen de sanctie-ambtenaar (T. Allewaert, «Recente ontwikkelingen inzake gemeentelijke administratieve sancties: de wet van 24 juni 2013» in Themis, Actualia gemeenterecht, Brugge, die Keure 2013, 55). Het hoger beroep is dus niet ontvankelijk.

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 18/12/2017 - 15:39
Laatst aangepast op: ma, 18/12/2017 - 15:39

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.