-A +A

Forumbeding en vereiste van aanduiding kanton vredegerecht

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van beroep
Plaats van uitspraak: Gent
Datum van de uitspraak: 
din, 19/02/2013

In artikel 23 E.E.X”-verordening is opgenomen dat de partijen van wie er tenminste één woonplaats heeft op het grondgebied van een Lid-Staat een overeenkomst kunnen sluiten over het bevoegde gerecht.

Een bevoegdheidsbeding houdt een beperking in van de internationale en nationale rechtsregels inzake bevoegdheid. Derhalve moeten deze regels strikt worden geïnterpreteerd.

Wanneer een bevoegdheidsbeding in de algemene voorwaarden de aanwijzing aanduidt van de arrondissementeel bevoegde rechter zonder toevoeging of aanwijzing van het specifieke kanton indien de zaal voor de vrederechter zou ingesteld worden, .dient de gevatte rechter na te gaan of  het vestigingadres van de eneof de andere partij in haar kanton vermeld wordt in de inleidende dagvaarding dit vestigingsadres nergens en of dit vestigingsadres in haar kanton valt.

Bij gebreke hieraan dient zij zich onbevoegd te verklaren

 

Publicatie
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Vredegerecht van het vierde kanton Gent

VONNIS

INZAKE:
B.V.B.A. K, hebbende als raadsman
eiseres

TEGEN: B.V. H.

verweerster

De rechtspleging

De zaak werd ingeleid bij dagvaardingsexploot betekend op 10 juli 2012. De partijen werden gehoord in hun middelen en conclusies op de openbare terechtzitting van 22 januari 2073, waarna het debat werd gesloten en de zaak in beraad werd genomen.

De wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken werd nageleefd.

Het vonnis wordt op tegenspraak uitgesproken.

De vorderingen

1. De vordering van bvba K strekt ertoe :

– bv H te horen veroordelen tot betaling van € 1.320,00, meer de conventionele intrest aan een intrestvoet van 12% vanaf 1 september 2011 tot de dag van de integrale betaling;
– bv H te horen veroordelen tot betaling van een forfaitaire schadevergoeding van € 132,00, meer de gerechtelijke intrest vanaf 1 juli 2012 tot de dag van de integrale betaling.

2. BV H werpt de internationale onbevoegdheid van de rechtbank op. Daarnaast vordert zii de nietigverklaring van de overeenkomst tussen de partijen, minstens te horen zeggen voor recht dat bvba K haar verbintenissen niet is nagekomen en aldus de vordering af te wijzen als ongegrond.

De beoordeling door de vrderechter

De vordering van bvba K heeft betrekking op haar factuur van 28 augustus 2011 gericht aan bv H en met als voorwerp de vergoeding voor ‘bannering sectie Strafrecht (6 maanden)”.

BV Huisconcepten werpt op dat de wederechter onbevoegd is om kennis te nemen van de vordering van bvba K en dat de Nederlandse rechtbanken hiervoor enkel bevoegd zijn.

De internationale bevoegdheid wordt in de contractuele verhouding tussen bvba K (België) en bv H (Nederland) beheerst door de E.E.X.-verordening van 22 december 2000.

In artikel 23 E.E.X”-verordening is opgenomen dat de partijen van wie er tenminste één woonplaats heeft op het grondgebied van een Lid-Staat een overeenkomst kunnen sluiten over het bevoegde gerecht. BVBA K verwijst voor de bevoegdheid van de vrederechter van het vierde kanton Gent naar haar Algemene Voorwaarden. Deze algemene voorwaarden werden door bv H ondertekend en maken dan ook deel uit van de contractuele verhouding tussen de partijen. In de algemene voorwaarden is volgend bevoegdheidsbeding opgenomen:

“Alle geschillen zullen met uitsluiting van iedere andere rechterlijke instantie worden beslecht door de rechtbanken van Gent.”

Aangezien een bevoegdheidsbeding een beperking inhoudt van de internationale en nationale rechtsregels inzake bevoegdheid, moet het strikt worden geïnterpreteerd. Het bevoegdheidsbeding in de algemene voorwaarden van bvba K bevat de aanwijzing van de arrondissementeel bevoegde rechter. Het bevoegdheidsbeding bevat echter geen aanwijzing van de kantonaal bevoegde vrederechter. De kantonale bevoegdheid op grond van het bevoegdheidsbeding kan ook niet onrechtstreeks worden afgeleid uit het door bvba K in haar conclusie aangehaalde vestigingsadres van de vennootschap in Gent. In eerste instantie vermeldt de inleidende dagvaarding dit vestigingsadres nergens. In tweede instantie stelt de vrederechter vast dat het aangehaalde vestigingsadres (Ajuinlei 1) niet valt in het vierde kanton Gent.

De vrederechter stelt dan ook vast dat de onderhavige vordering buiten het toepassingsgebied van het door bvba K aangehaalde bevoegdheidsbeding valt. De vrederechter kan zich in deze concrete omstandigheden dan ook niet bevoegd verklaren op grond van artikel 23 E.E.X.-verordening.

Volgens artikel 2 E.E.X.-verordening is de rechter van de lidstaat waar de verwerende partij haar woonplaats of zetel heeft, bevoegd om kennis te nemen van een vordering met internationale aspecten. De vrederechter stelt vast dat bvba Keyconcepts zich niet beroept op één van de andere mogelijke bevoegdheidsgronden opgenomen in artikel 5 E.E.X.-verordening.

Gelet op het voorgaande is enkel de Nederlandse rechter bevoegd om kennis te nemen van de vordering van bvba K.

De verwijzingsplicht opgenomen in artikel 660 Gerechtelijk Wetboek strekt zich niet uit tot bevoegdsincidenten waarbij wordt vastgesteld dat een buitenlandse rechter bevoegd is.

De gerechtskosten

Als in het ongelijk gestelde partij is bvba K gehouden de kosten van het geding te dragen.
Deze kosten omvatten onder meer een rechtsplegingsvergoeding voor de in het gelijk gestelde partij die wordt bijgestaan door een advocaar, in deze bv H. De wederechter is van oordeel dat er geen sprake is van een kennelijk onredelijke situatie die aanleiding zou geven tot het verhogen van deze rechtsplegingsvergoeding. De nationaliteit van de in het gelijk gestelde partij zal immers geen invloed hebben op de door haar te dragen kosten voor juridische bijstand.

De beslissing

De vrederechter verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van de vordering van bvba K.

BVBA K, wordt veroordeeld tot de kosten van het geding.

De kosten van het geding worden begroot als volgt :

aan de zijde van bvba K:
dagvaardingskosten: € 215,58
€ 65,00
aan de zijde van bv H:
rechtsplegingsvergoeding : € 440,00

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 03/02/2018 - 17:11
Laatst aangepast op: za, 03/02/2018 - 17:11

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.