-A +A

Erkenning van schuld is geen afstand van verjaring

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
maa, 22/06/2015
A.R.: 
S.14.0014.F

Noch uit art. 2248 BW, dat bepaalt dat de verjaring wordt gestuit door de erkenning door de schuldenaar van het recht van hem tegen wie de verjaring loopt, noch uit de artikelen 2220, 2221 en 2224 BW kan worden afgeleid dat de loutere erkenning door de schuldenaar van het recht van hem tegen wie de verjaring loopt, aangeeft dat hij wil afzien van de verkregen verjaring.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
951
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Belgische Staat, minister van Defensie t/ A.V.R. en Dienst voor overzeese sociale zekerheid

I. Rechtspleging voor het Hof

Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest van het Arbeidshof te Brussel van 21 november 2013.

III. Beslissing van het Hof

Eerste middel

Voor het overige biedt art. 2220 BW de mogelijkheid afstand te doen van de verkregen verjaring.

Luidens art. 2221 BW geschiedt afstand van verjaring uitdrukkelijk of stilzwijgend; de stilzwijgende afstand wordt afgeleid uit een daad die doet veronderstellen dat men van zijn verkregen recht afziet.

Art. 2224 BW bepaalt dat men zich op verjaring kan beroepen in elke stand van het geding, zelfs voor het hof van beroep, tenzij de omstandigheden doen vermoeden dat de partij die zich niet heeft beroepen op het middel van verjaring, daarvan afstand heeft gedaan.

Het staat aan de feitenrechter feitelijk te beoordelen, met naleving van het voornoemde algemene rechtsbeginsel, of de omstandigheden aantonen dat de schuldenaar van de verkregen verjaring afstand wil doen.

Volgens art. 2248 BW wordt de verjaring gestuit door de erkenning door de schuldenaar van het recht van hem tegen wie de verjaring loopt.

In tegenstelling tot wat het middel betoogt, kan noch uit die laatste bepaling, noch uit de voornoemde bepalingen worden afgeleid dat de loutere erkenning door de schuldenaar van het recht van hem tegen wie de verjaring loopt, aangeeft dat hij wil afzien van de verkregen verjaring.

Voor zover het ontvankelijk is, faalt het middel naar recht.

 

Noot: 

Art. 2244 B.W. bepaalt dat een dagvaarding voor het gerecht, een bevel tot betaling of een beslag, betekend aan hem die men wil beletten de verjaring te verkrijgen, burgerlijke stuiting vormen. Buiten de zich te dezen niet voordoende gevallen van hoofdelijkheid en ondeelbaarheid en tenzij de wet anders bepaalt, heeft de stuiting van de verjaring die het gevolg is van één van deze daden, enkel gevolgen voor de personen die daarbij partij zijn geweest en komt de door één van de schuldeisers verkregen verjaring derhalve de andere schuldeisers niet ten goede.

Indien de betaling niet op vrijwillige basis gebeurt, maar het gevolg is van een gedwongen uitvoering, is er geen sprake van een stuitende schulderkenning. (Arbh. Brussel 28 juni 2012, JTT 2012) Een vrijwillige betaling onder de loutere dreiging van uitvoeringsmaatregelen volstaat daarentegen niet om het vrijwillig en dus stuitend karakter van de betalingen weg te nemen. (Gent 16 oktober 2012, P&B 2013, 83) Centraal staat bijgevolg telkens de vraag in welke omstandigheden de betaling is gebeurd, en een schuldenaar die wil vermijden dat een (gedeeltelijke) betaling als een stuitende schulderkenning zal gelden, dient een dergelijke betaling steeds te laten vergezellen van zijn ondubbelzinnig voorbehoud om het verschuldigde karakter ervan te betwisten. (M. DE Ruysscher, Burgerlijke stuiting van de bevrijdende verjaring, een stand van zaken, RW 2013-2014, 843).

Het cassatiearrest van 22/06/2017, gaat een stap verder en stelt dat de loutere erkenning van de schuld, geen afstand van verjaring inhoudt.


Cassatie 18/02/2016 AR C.15.0215.N, juridat

samenvatting

De bepalingen van de artikelen 2220, 2221 en 2224 Burgerlijk Wetboek laten in zaken van privaat belang toe afstand te doen niet alleen van een verkregen verjaring, maar ook van de reeds verlopen tijd van een nog steeds lopende verjaring, afstand van de reeds verkregen verjaring of van de reeds verlopen tijd van een nog steeds lopende verjaring wordt niet vermoed en kan alleen worden afgeleid uit feiten die voor geen andere uitleg vatbaar zijn; het behoort aan de rechter hieromtrent in feite te oordelen

Tekst arrest

Nr. C.15.0215.N
ALGEMENE BOUWONDERNEMING VLASSAK-VERHULST nv, met zetel te 2970 Schilde, Moerstraat 53,
eiseres,

tegen
MEELBERGHS nv, met zetel te 3583 Paal (Beringen), Zwanenbergstraat 39,
verweerster.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 13 november 2014.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Krachtens artikel 2220 Burgerlijk Wetboek kan men vooraf geen afstand doen van de verjaring, maar kan wel afstand worden gedaan van een verkregen verjaring.

Krachtens artikel 2221 Burgerlijk Wetboek geschiedt afstand van verjaring uit-drukkelijk of stilzwijgend en wordt de stilzwijgende afstand afgeleid uit een daad die doet veronderstellen dat men zijn verkregen recht heeft laten varen.

Krachtens artikel 2224 Burgerlijk Wetboek kan men zich op verjaring beroepen in elke stand van het geding, zelfs voor het hof van beroep, tenzij de omstandighe-den doen vermoeden dat de partij die zich op het middel van verjaring niet heeft beroepen, daarvan afstand heeft gedaan.

2. Deze bepalingen laten in zaken van privaat belang toe afstand te doen niet alleen van een verkregen verjaring, maar ook van de reeds verlopen tijd van een nog steeds lopende verjaring.

Afstand van de reeds verkregen verjaring of van de reeds verlopen tijd van een nog steeds lopende verjaring wordt niet vermoed en kan alleen worden afgeleid uit feiten die voor geen andere uitleg vatbaar zijn. Het behoort aan de rechter hier-omtrent in feite te oordelen.

3. De appelrechters stellen vast dat de eiseres op 16 juni 2003 de verweerster in kort geding heeft gedagvaard voor de voorzitter van de rechtbank van koophandel te Antwerpen, dat bij beschikking van 20 juni 2003 E. Germijns als ge-rechtsdeskundige werd aangesteld en dat deze deskundige zijn eindverslag heeft neergelegd op 11 maart 2005.

Zij oordelen dat waar de eiseres zich zelf beriep op de bevindingen van deskundi-ge Germijns, haar houding tijdens het deskundigenonderzoek met betrekking tot het openstaand saldo niet anders kan geïnterpreteerd worden dan als een afstand van recht om de verjaring nog in te roepen. Aldus geven de appelrechters ook te kennen dat de eiseres afstand heeft gedaan van de op 11 maart 2005 reeds verlo-pen tijd van de lopende verjaring.

4. Aangezien uit de redenen van het arrest volgt dat de eiseres op 11 maart 2005 afstand heeft gedaan van de reeds verstreken termijn van de lopende verja-ring met betrekking tot de factuurschuld van 5 maart 2003, konden de appelrech-ters wettig oordelen dat de vordering van de verweerster die werd ingesteld bij op 13 maart 2013 neergelegde conclusie, niet is verjaard.

Het middel kan niet worden aangenomen.

Dictum

Het Hof,
Verwerpt het cassatieberoep.
Veroordeelt de eiseres tot de kosten.
Bepaalt de kosten voor de eiseres op 653,85 euro.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer

Noot:

• Cass. 3 februari 1950, AC 1950, 357;

• Cass. 23 oktober 1986, AR nr. 7608, AC 1986-87, nr. 119;

• A. VAN OEVELEN, Het afstand doen van het reeds verstreken gedeelte van een lopende verjaring, TBBR 1988, 209;

• S. STIJNS, I. SAMOY en A. LENAERTS, De rol van de wil en het gedrag van partijen bij de bevrijdende verjaring, RW 2010-2011, 1544.

• Cass. 23 september 1988, AR nr. 6013, AC 1988-89, nr. 48;

• Cass. 16 december 2013, AR S.10.0111.N, AC 2013, nr. 684.

Gerelateerd
Aangemaakt op: vr, 10/03/2017 - 12:32
Laatst aangepast op: do, 25/05/2017 - 12:01

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.