-A +A

Eendaadse samenloop en opeenvolgende andere feiten die voortgezette uitvoering zijn

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
woe, 05/11/2014
A.R.: 
P.14.1046.F

Hoewel het voordeel van de in artikel 65, tweede lid, van het Strafwetboek vermelde aanpassing ten gunste van de dader van het collectief misdrijf niet afhangt van de voorwaarde dat er tussen de nog uit te spreken straf en die waarmee de rechter rekening houdt, eenheid van voorwerp, aard, karakter of soort moet bestaan (1) , verbiedt artikel 7, derde lid, van het Strafwetboek (2) hem om samen met een werkstraf een gevangenisstraf op te leggen (3). (1) Zie Cass. 31 mei 2006, AR P.06.0403.F, AC 2006, nr. 300, met concl. adv.-gen. Vandermeersch in Pas. (2) Zie Cass. 13 februari 2013, AR P.12.1634.F, AC 2013, nr. 106. (3) Zie Cass. 12 oktober 2010, AR P.10.1168.N, AC 2010, nr. 590.

Publicatie
tijdschrift: 
juridat
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Nr. P.14.1046.F
DE PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE BERGEN,
tegen
O. T.,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Bergen, correctionele kamer, van 15 mei 2014.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Het hof van beroep dat vaststelt dat de feiten waarvan het kennisneemt, de uitvoering zijn van een zelfde misdadig opzet met feiten die al eerder tot de veroordeling van de eiser tot een hoofdgevangenisstraf hebben geleid, heeft de eiser met toepassing van artikel 65, tweede lid, Strafwetboek een bijkomende werkstraf opgelegd.
Hoewel het voordeel van de in de voormelde bepaling vermelde aanpassing ten gunste van de pleger van het collectief misdrijf niet afhangt van de voorwaarde dat er eenheid van voorwerp, aard, karakter en soort moet bestaan tussen de uit te spreken straf en deze waarmee hij rekening houdt, verbiedt artikel 7, derde lid, Strafwetboek, dat volgens het middel is geschonden, de rechter om samen met een werkstraf een gevangenisstraf op te leggen.

Het middel is gegrond.

De onwettigheid leidt tot de vernietiging van de gehele beslissing over de straf maar houdt geen verband met de schuldigverklaring van de verweerder.
Voor het overige zijn de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht genomen en is de beslissing overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden arrest, in zoverre het de verweerder tot een bijkomende werkstraf en tot een vervangende straf veroordeelt.
Verwerpt het cassatieberoep voor het overige.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeel-telijk vernietigde arrest.
Laat de kosten ten laste van de Staat.
Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Luik.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel

Noot: 

• Revue de droit pénal et de criminologie [Rev.dr.pén.crim.] BASTYNS, Olivier; Note 'L'article 65, alinéa 2, du Code pénal et l'article 7 du Code pénal: une jurisprudence peu convaincante' 2015, n° 4, p. 381-389.

• Strafwetboek / 1867-06-07 / Artt. 7, derde lid, en 65, tweede lid / / 01 

• Cass. 12 oktober 2010, T.Strafr. 2011, 67, noot B. Meganck.

• Cass. 31 mei 2006, 1027, conclusie advocaat-generaal D. Vandermeersch en noot;

• Cass. 13 februari 2013, RW 2013-14, 860; S. Vandromme, “Werkstraf” in Comm.Straf., Mechelen, Kluwer, p. 17, nr. 38.

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 17/04/2016 - 09:40
Laatst aangepast op: zo, 17/04/2016 - 09:40

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.