-A +A

deskundigenonderzoek verbod tot delegatie van de expertise

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Politierechtbank
Plaats van uitspraak: Sint-Niklaas
Datum van de uitspraak: 
woe, 16/12/2009
Publicatie
tijdschrift: 
Tijdschrift van de Politierechters
Uitgever: 
die Keure
Jaargang: 
2010
Pagina: 
110
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Abstract van het vonnis:

De deskundige is een vertrouwensman van de rechter of van de heer procureur des Konings op technisch vlak en hij moet daarom zijn opdracht zelf uitvoeren en kan zeker deze opdracht niet zonder meer delegeren: wanneer de deskundige dit niettemin volledig doet dan wordt zijn verslag nietig en kunnen zijn bevindingen niet als bewijs in aanmerking worden genomen (B. De Smet, APR, “Deskundigenonderzoek in strafzaken”, 142, nr. 241 e.v.).

Integrale tekst van het vonnis:

[...]
De beklaagde werd op 4 april 2006 bij vonnis van de politierechtbank van Dendermonde veroordeeld voor het besturen van een motorvoertuig met een alcoholconcentratie van ten minste de lichamelijke geschiktheid terwijl in het verslag van dokter D. sprake is van een psychotische aandoening.
De opdracht is m.a.w. ruimer geïnterpreteerd en uitgevoerd dan geformuleerd in de aanstelling door het Openbaar Ministerie.
De deskundige is een vertrouwensman van de rechter of van de heer procureur des Konings op technisch vlak en hij moet daarom zijn opdracht zelf uitvoeren en kan zeker deze opdracht niet zonder meer delegeren: wanneer de deskundige dit niettemin volledig doet dan wordt zijn verslag nietig en kunnen zijn bevindingen niet als bewijs in aanmerking worden genomen (B. De Smet, APR, “Deskundigenonderzoek in strafzaken”, 142, nr. 241 e.v.).
De betrouwbaarheid van het bewijs is aangetast zodat, in toepassing van het Antigoonarrest van het Hof van Cassatie d.d. 14 oktober 2003, de rechter bij het vormen van zijn overtuiging dit bewijs noch rechtstreeks noch onrechtstreeks in aanmerking mag nemen. [...] 0,35 m/l UAL en dit vonnis is in kracht van gewijsde getreden op 3 mei 2006 zodat er staat van herhaling is m.b.t. de feiten A en B.
Gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheid dat de beklaagde ook nog een minnelijke schikking kreeg voor sturen onder invloed van alcohol is de hiernavolgende strafmaat aangewezen. De beklaagde is in persoon verschenen op onze terechtzitting van 30 november 2009 en zij verklaarde alsdan dat zij nog immer opgenomen is in de psychiatrische kliniek ... te Sint-Niklaas.
Het Openbaar Ministerie vordert ook nog de toepassing van artikel 42 WVW en de verdediging betwist zulks. Hierin moeten wij de beklaagde bijtreden. Het Openbaar Ministerie heeft in het vooronderzoek dokter M. De L. aangesteld om een onderzoek te doen naar de lichamelijke geschiktheid van de beklaagde voor het besturen van motorvoertuigen.
Deze deskundige heeft nadat hij vernam dat de beklaagde in een psychiatrische kliniek verbleef op eigen initiatief een neuropsychiater, dokter R.D., aangesteld. Deze laatste heeft de beklaagde onderzocht en een verslag opgesteld waarin hij besluit dat de beklaagde niet in staat is een motorvoertuig te besturen ter wille van “een recidiverende psychotische aandoening, verwikkeld en ook mede uitgelokt door cannabisgebruik, dat een ernstige kans op recidief vertoont”.
De door het Openbaar Ministerie aangestelde expert dokter M. De L. heeft dit verslag van dokter R.D. zonder meer overgenomen en aan zijn eigen verslag gehecht. Dokter De L. heeft de beklaagde zelf niet onderzocht doch zijn opdracht zonder meer overgedragen; bovendien was zijn opdracht beperkt tot een onderzoek naar de lichamelijke geschiktheid terwijl in het verslag van dokter D. sprake is van een psychotische aandoening.
De opdracht is m.a.w. ruimer geïnterpreteerd en uitgevoerd dan geformuleerd in de aanstelling door het Openbaar Ministerie.
De deskundige is een vertrouwensman van de rechter of van de heer procureur des Konings op technisch vlak en hij moet daarom zijn opdracht zelf uitvoeren en kan zeker deze opdracht niet zonder meer delegeren: wanneer de deskundige dit niettemin volledig doet dan wordt zijn verslag nietig en kunnen zijn bevindingen niet als bewijs in aanmerking worden genomen (B. De Smet, APR, “Deskundigenonderzoek in strafzaken”, 142, nr. 241 e.v.).
De betrouwbaarheid van het bewijs is aangetast zodat, in toepassing van het Antigoonarrest van het Hof van Cassatie d.d. 14 oktober 2003, de rechter bij het vormen van zijn overtuiging dit bewijs noch rechtstreeks noch onrechtstreeks in aanmerking mag nemen.
[...]
 

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 20/09/2010 - 16:46
Laatst aangepast op: ma, 20/09/2010 - 16:46

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.