-A +A

De nietige dagvaarding tegen de Paus wegens onvoldoende omschrijving van daders en feiten

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Eerste Aanleg Burgerlijke rechtbank
Plaats van uitspraak: Gent
Datum van de uitspraak: 
din, 01/10/2013

 

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2013-2014
Pagina: 
507
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Burgerlijke Rechtbank te Gent, 7e Kamer – 1 oktober 2013

V. e.a. t/ de Heilige Stoel e.a.

...

6.4. Nietigheid van de dagvaarding m.b.t. R.V.

De dagvaarding dient op straffe van nietigheid o.a. de volgende gegevens te bevatten:

– de woonplaats van de eiser (art. 702, 1o Ger.W.);

– het onderwerp en de korte samenvatting van de middelen van de vordering (art. 702, 3o Ger.W.).

Ter zake vermeldt de dagvaarding het adres van R.V. niet. De verweerders bewijzen niet dat hun rechten hierdoor zijn geschaad, zodat deze niet-vermelding niet tot de nietigheid van de dagvaarding kan leiden.

Terecht werpen de verweerders echter op dat hun rechten zijn geschonden doordat de dagvaarding niet de feitelijke gegevens bevat die aan de vordering ten grondslag liggen.

De dagvaarding vermeldt wel het voorwerp van de vordering van R.V. en de rechtsgrond waarop hij zich baseert, maar geen enkel concreet feitelijk gegeven waarop deze vordering is gebaseerd (bv. wie heeft hem misbruikt?, waar en wanneer gebeurde dit?, waren de verweerders hiervan (allen) op de hoogte of dienden zij hiervan (allen) op de hoogte te zijn?, hoe hebben de verweerders hierop gereageerd?, welke (bijkomende) schade lijdt hij door de beweerde beleidsfouten van de verweerders?).

Hierdoor weten de verweerders niet waartegen zij zich dienen te verdedigen. De dagvaarding, in zoverre uitgaande van R.V., dient dan ook nietig te worden verklaard.

Ten onrechte voert R.V. aan dat de sanctie van art. 702 Ger.W. (nietigheid van de dagvaarding) ter zake strijdig is met art. 6 EVRM en derhalve buiten toepassing dient te worden verklaard. Overeenkomstig art. 6 EVRM heeft eenieder recht op een eerlijk proces. Dit betekent o.m. dat de eiser de mogelijkheid moet krijgen zijn vordering op een eerlijke manier door een onpartijdige rechter te laten beoordelen, maar ook dat de verweerder op een eerlijke manier zijn verweer tegen de vordering moet kunnen laten beoordelen door een onpartijdige rechter. Ter zake vermeldt R.V. in de dagvaarding niets over de concrete beleidsfouten die hij de verweerders verwijt en die in oorzakelijk verband staan met zijn schade, zodat de verweerders niet weten welke concrete feiten zijn vordering schragen en waartegen zij zich moeten verdedigen. Nochtans heeft R.V. de effectieve mogelijkheid om deze concrete feiten wel mee te delen.

...

Belngrijke opmerking  Tegen bovenstaand vonnis, het zogenaamd Gentse Pausvonnis ((integrale tekst zie onderstaande gerelateerde rechtspraak) dat onze sympathie niet meedraagt werd hoger beroep aangetekend. Wij wensen de advocaten in graad van beroep en wellicht ook in cassatie alle succes toe.

 

Noot: 

In hun pastorale brief van 19 mei 2010 (nadat gewezen bisschop V. op 23 april 2010 had bekend dat hij zijn neef tijdens diens minderjarigheid jarenlang seksueel had misbruikt), schreven de bisschoppen en de diocesane administrators van België o.a.: “(...) Een veilige leefomgeving voor kinderen en hun bescherming gaan boven alles. Daarover kan geen geschipper bestaan. We moeten bekennen dat kerkelijke verantwoordelijken de ernst van het misbruik van kinderen en de omvang van de gevolgen ervan onvoldoende hebben onderkend. Door te zwijgen werd voorrang gegeven aan de goede naam van het kerkelijk instituut of een kerkelijke persoon boven de waardigheid van het kind als slachtoffer. Daders kregen een nieuwe kans, terwijl slachtoffers door het leven gingen met kwetsuren die niet of nauwelijks konden genezen”.

De vzw U. heeft in haar brief van 2 februari 2011 voormelde tekst geciteerd en “volledig onderschreven”.

Voorts schreven de bisschoppen en diocesane administrators van België in dezelfde pastorale brief van 19 mei 2010 o.a. dat zij vergeving vragen aan de slachtoffers “zowel voor het misbruik zelf als voor de onzorgvuldige behandeling ervan”.

M.a.w. de onderschrijvers van voormelde brieven hebben hiermee hun morele verantwoordelijkheid erkend voor de onzorgvuldige behandeling (zwijgen) van de seksuele misbruiken gepleegd op minderjarigen in de rangen van de Rooms-Katholieke Kerk in België.

Is dit niet voldoende als omschrijving ??

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 01/12/2013 - 21:23
Laatst aangepast op: ma, 02/12/2013 - 01:45

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.