-A +A

Buurtwegen die erkend en gehandhaafd blijven dienen tot openbaar gebruik zijn onverjaarbaar

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Plaats van uitspraak: Zottegem
Datum van de uitspraak: 
vri, 17/10/2014
A.R.: 
C.13.0384.N

Een goed behoort tot het openbaar domein doordat het, hetzij door een uitdrukkelijke hetzij door een impliciete beslissing van de overheid wordt bestemd tot het gebruik van allen, zonder onderscheid van de persoon; de omstandigheid dat de overheid nog niet daadwerkelijk aan deze bestemming uitvoering heeft gegeven, doet hieraan geen afbreuk, zolang niet blijkt dat de overheid van de publieke bestemming heeft afgezien.

De rechter oordeelt onaantastbaar in feite of de verwerving door de overheid van een goed geschiedt om reden van algemeen nut op voorwaarde dat hij het wettelijk begrip publieke bestemming niet miskent.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2015-2016
Pagina: 
1065
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Nr. C.13.0384.N
1. A. T.,
2. C. H.,
3. C. C.,
4. M. K.,
eisers,
tegen
GEMEENTE OVERIJSE, vertegenwoordigd door haar college van burgemees-ter en schepenen, met kantoor te 3090 Overijse, "De Vuurmolen", Begijnhof 17,
verweerster,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de rechtbank van eerste aanleg te Brussel van 24 januari 2013.

II. CASSATIEMIDDEL
De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste onderdeel

1. Een goed behoort tot het openbare domein doordat het, hetzij door een uitdrukkelijke hetzij door een impliciete beslissing van de overheid wordt bestemd tot het gebruik van allen, zonder onderscheid van de persoon.

De omstandigheid dat de overheid nog niet daadwerkelijk aan deze bestemming uitvoering heeft gegeven, doet hieraan gaan afbreuk, zolang niet blijkt dat de overheid van de publieke bestemming heeft afgezien.

2. De rechter oordeelt onaantastbaar in feite of de verwerving door de overheid van een goed geschiedt om reden van algemeen nut op voorwaarde dat hij het wettelijk begrip publieke bestemming niet miskent.

3. De appelrechters stellen vast dat:
- de verkavelaar de verbindingsweg bij akte van 20 maart 1978 aan de gemeente Overijse, de verweerster, heeft overgedragen om reden van openbaar nut;
- de bewoordingen van de overdrachtsakte er uitdrukkelijk en onmiskenbaar op wijzen dat de verweerder de verbindingsweg heeft bestemd voor het openbaar nut;
- de gemeenteraad van Overijse de overdrachtsakte heeft goedgekeurd onder verwijzing naar "de noodzakelijkheid over te gaan tot het innemen van de gronden bestemd tot nut van het algemeen in de verkaveling";
- nooit werd beslist van de bestemming als voetweg af te zien.

4. Op grond van deze vaststellingen konden de appelrechters oordelen dat de verbindingsweg tot het openbaar domein behoort en beslissen dat deze niet vat-baar is voor verjaring, zodat de bezitsvordering van de eisers ontoelaatbaar is.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

Tweede onderdeel

5. Krachtens artikel 12 Wet van 10 april 1841 op de buurtwegen kunnen de buurtwegen, zoals zij worden erkend en gehandhaafd ingevolge de algemene rooi- en afpalingsplannen, door geen verjaring verkregen worden zolang zij dienen tot het openbaar gebruik, behoudens de vóór onderhavige wet verkregen rechten.
De toepassing van deze bepaling veronderstelt het bestaan van een buurtweg. Buurtwegen vormen de kleine wegen die de plattelandsgemeenten verbinden of die in het verkeer binnen die gemeenten voorzien en die in de Atlas der Buurtwe-gen werden opgenomen of die werden aangelegd of erkend overeenkomstig de Wet van 10 april 1841 op de buurtwegen.

6. De appelrechters oordelen dat de verbindingsweg in concreto niet werd aangelegd als voetweg, dat hij als dusdanig ook nooit werd opgenomen in de At-las der Buurtwegen, dat de weg nooit als voetweg kon worden gebruikt en dus in geen geval vatbaar kon zijn voor verjaring door onbruik.

7. Met deze overwegingen oordelen de appelrechters dat de verbindingsweg geen buurtweg is in de zin van artikel 12 Wet van 10 april 1841 op de buurtwegen. De beslissing dat deze bepaling niet van toepassing is op de verbindingsweg, is aldus naar recht verantwoord.
Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

Dictum
Het Hof,
Verwerpt het cassatieberoep.
Veroordeelt de eisers tot de kosten.
Bepaalt de kosten voor de eisers op 645,56 euro en voor de verweerster op 209,71 euro.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer

Noot: 

UItstekenende noot met tal vanverwijzingen: Nicolas Van Damme, Het openbaar domein: volstaat een louter intentionele affectatie? Over de verdere labyrintisering van het Belgische domeingoederenrecht, gepubliceerd onder voormeld arrest in het RW.

Definitie buurtweg

Een buurtweg is een weg die wettelijk is erkend tot nut en gebruik van de algemeenheid van de inwoners van één of meer (delen van) gemeenten en die als buurtweg erkend is (zie parlementaire voorbereidingsstukken van art. 1 van het ontwerp van wet van 10 april 1841, Pasin. 1841, 130, geciteerd door H. Vuye, “Fundamentele regels omtrent buurtwegen. Het arrest van het Hof van Cassatie van 13 januari 1994”, R.Cass. 1994, 93; zie ook: V. Sagaert, Goederenrecht in Beginselen van Belgisch Privaatrecht, Mechelen, Kluwer, 2014, 537).

Atlas der buurtwegen

De enkele inschrijving van de weg in de Atlas der Buurtwegen volstaat niet om aan de voetweg het zakenrechtelijk statuut van buurtweg te geven (Cass. 20 juni 2002, Pas. 2003, I, 1249).

Naast de bestuurlijke handeling van erkenning van de buurtweg is bovendien een gebruik door het publiek vereist. Art. 10 van de wet van 10 april 1841 bepaalt dat “Het besluit van de provinciale deputatie waarbij het plan (in casu: een buurtweg) definitief vastgesteld wordt, doet geenszins afbreuk aan de eigendomsvorderingen noch aan de rechten die daaruit voortspruiten”.

Bijkomend aan de bestuurlijke handeling van erkenning is bijgevolg vereist dat er verkrijgende verjaring ten voordele van het “publiek” is ingetreden. Wil er sprake zijn van een verkrijgende verjaring, dan moet er een effectieve inbezitname van de weg gebeuren. Zonder bezit kan er geen sprake zijn van verjaring. Dit betekent dat de gemeente nooit eigenaar kan worden van een (zakelijk recht op een) buurtweg die weliswaar werd ingeschreven in de Atlas, maar nooit voor het publiek werd opengesteld (H. Vuye, o.c., R.Cass. 1994, 96).

De inschrijving in de Atlas der Buurtwegen verleent een wettige titel, zodat de verkorte verjaringstermijnen van tien respectievelijk twintig jaar van toepassing zijn (art. 10, tweede lid van de wet van 10 april 1841 juncto art. 2265 BW) (zie ook: V. Sagaert, o.c., 538).

Hieruit vloeit voort dat een weg, die is opgenomen in de Atlas van Buurtwegen, slechts het zakenrechtelijk karakter van een buurtweg verkrijgt (waarop de gemeente een publiekrechtelijke erfdienstbaarheid verkrijgt) indien (i) er gebruik van wordt gemaakt door het publiek en (ii) er, al naar gelang het geval, binnen tien of twintig jaar geen eigendoms- of bezitsvorderingen werden ingesteld of de verjaring niet anderszins werd gestuit.

Geen buurtweg zonder inbezitname

Er is vereist dat de gemeente effectief tot inbezitname is overgegaan, m.a.w. dat de weg door het publiek wordt gebruikt. Het gebruik van de weg door het publiek moet te kwalificeren zijn als een deugdelijk en ondubbelzinnig bezit. Het gebruik door het publiek dient regelmatig en gewoonlijk te zijn en dient te geschieden met de bedoeling om de weg als zodanig te gebruiken. Het gebruik mag niet berusten op een louter gedogen door de eigenaar van het goed waarop de overgang wordt uitgeoefend (Cass. 29 november 1996, Arr.Cass. 1996, 1116). Het gebruik door het publiek mag evenmin berusten op een bezit dat, gelet op de omstandigheden van de zaak, het voorwerp van verschillende eveneens geloofwaardige interpretaties kan uitmaken.

Bewijslast bezitname buurtweg

Dat aan deze voorwaarde van inbezitname is voldaan, moet worden bewezen door de partij die de openstelling van de buurtweg vordert (Gent 25 november 2010, T.Agr.R. 2011, 10). Voetweg 53 kan zakenrechtelijk enkel als een buurtweg worden gekwalificeerd indien de gemeente Temse bewijst, enerzijds, dat zij effectief tot inbezitname van voetweg 53 is overgegaan, m.a.w. dat er gebruik van werd gemaakt door het publiek, en, anderzijds, dat dit gebruik door het publiek gedurende tien jaar deugdelijk, ondubbelzinnig en ongestoord was.


Taken van de gemeente en de provincie inzake buurtwegen:

Het provinciaal reglement op de buurtwegen bepaalt de verantwoordelijkheid, opdrachten rechten en verplichtingen van zowel de lokale gemeentebesturen, de provincie en de aangelanden inzake de buurtwegen.

Hierbij wordt bepaald dat de lokale gemeentebesturen verantwoordelijk zijn voor zowel de buurtwegen als de voetnetwerken. Hiermee wordt bedoeld dat zij dienen in te staan voor het openen, openhouden en onderhouden van deze wegen. Het gemeentebestuur is ook de bewaarder van de atlasder der buurtwegen van hun grondgebied.

Wanneer een burger oordeelt dat een bepaalde voetweg of buurtweg niet onderhouden is, verdwenen is, belemmerd wordt, ingenomen werd, kan de burger zich dus werden tot het gemeentebestuur teneinde de buurtweg te herstellen, de belemmering te laten opheffen om het onderhoud van de buurtweg te doen uitvoeren.

De taken van de provincie inzake buurtwegen en voetwegen kan samengevat worden als:
• adviserend en ondersteunend orgaan waarop de gemeenten kunnen beroep doen.
• waken dat buurt en voetwegen niet verdwijnen
• beslissingen nemen over ingediende wijzigingsdossier van de lokale besturen
• adviserend orgaan met betrekking tot onderhandelingen inzake opening en wijziging van buurtwegen en voetwegen met de aangeland de eigenaars evenals advies inzake onderhoud en onderhoudsplannen van buurtwegen en voetwegen
• ondersteuning bij het opstellen van dossiers voor rooiplanlijnen, met bijhorende opening, wijziging, verlegging en zelfs eventuele afschaffing van een buurtweg
• hulp bij het klaarmaken en voorleggen aan de deputatie van een wijzigingsdossier
• juridisch advies inzake buurtwegen en voetwegen

De provincie is evenwel niet bevoegd om individuele klachten van burgers te behandelen. Hiertoe is enkel de desbetreffende gemeente bevoegd.


De atlas der buurtwegen werd in 1841 van kracht. De wetgever van 1841 wou met de wet op de buurtwegen vastleggen welke kleine wegen een openbaar karakter hebben, zonder onderscheid ten aanzien van de eigenaar van de grond waarop buurtwegen en kleine wegen liggen. De wegen werden in kaartvorm opgenomen.

De atlas der buurtwegen onderscheidt buurtwegen van voetwegen (in het Frans sentiers). De breedte van een buurtweg wordt vastgelegd in de atlas buurtwegen.

Voetwegen zijn smaller dan buurtwegen en kunnen zelfs minder dan 1 m breed zijn. Voetwegen en buurtwegen kunnen lopen over de eigendom van de aangelanden en belette niet dat de eigenaar eigenaar blijft van de voetweg, weze het wel dat de eigenaar de voetweg of buurtweg dient te gedogen over zijn eigendom.

De opgegeven wettelijke breedte in de atlas der buurtwegen dient gelezen als de totale breedte van de buurtweg, dus met inbegrip van eventuele grachten, graskanten, bermen, taluds, hagen en alle andere “aanhorigheden”. Evenwel is het mogelijk dat de atlas der buurtwegen aanhorigheden bepaalt die buiten de breedte van de toegankelijkheid van de buurtweg liggen. Een en ander is vaak het geval bij bermen en grachten van holle wegen.

De aanhorigheden van de buurtweg kunnen evenwel steeds vrijgemaakt worden op bevel van de gemeente indien deze aanhorigheden de wettelijke breedte belemmeren.

Aldus kan en mag de gemeente beslissen om de toegankelijkheid van een buurtweg uit te breiden tot de aanhorigheden en kan dus beslissen om bermen, beplantingen, hagen en dergelijke de laten verwijderen, kappen of snoeien over de volledige breedte van de buurtweg.

De gemeente kan ook beslissen om een deel van de buurtweg te laten innemen door aanhorigheden die er zich op het ogenblik van de beslissing (nog) niet bevinden. Zo kan de gemeente op de buurtweg beplantingen laten aanbrengen, hagen laten planten evenwel zonder dat deze aanhorigheden de toegang en de rijbaan van de buurtweg mogen verhinderen.

In heel veel gevallen bedraagt de breedte van een buurtweg 3 of 4 m.
 

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 27/02/2016 - 13:37
Laatst aangepast op: wo, 22/02/2017 - 11:59

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.