-A +A

Burenhinder veroorzaakt door niet toegestande werken uitgevoerd door een derde

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Eerste Aanleg Burgerlijke rechtbank
Plaats van uitspraak: Turnhout
Datum van de uitspraak: 
maa, 29/09/2014

Iemand kan slechts gehouden zijn tot vergoeding van schade ingevolge een abnormale burenhinder, indien die burenhinder is veroorzaakt door een daad, een verzuim of een gedraging die hem kan worden toegerekend. Het loutere feit dat men eigenaar en bewaarder is van het naastgelegen perceel, volstaat niet om tot de vergoedingsplicht te besluiten.

Wanneer een derde werken uitvoert op het naburige perceel, kan niet tot aansprakelijkheid van de buur worden besloten als de abnormale burenhinder is veroorzaakt door de positieve daad of de persoonlijke gedraging van die derde, die niet behoorde tot de door de buur toegestane werkzaamheden

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
590
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

M.I. K/G.J.L., H.L.M., BVBA C.S. en G.D.

I. Feiten

Eisers en eerste verweerders zijn buren.

Eerste verweerders gaven in het voorjaar van 2014 opdracht aan BVBA C., met als zaakvoerder G.D., om hun dak te ontmossen en proper te maken. Daarbij kwamen volgens eisers op 5 februari 2014 duizenden partikels asbeststof terecht op hun planten en constructies.

Eisers deden aangifte bij hun verzekeraar. De verzekeraar van BVBA C. weigerde dekking.

Blijkbaar klaagden eisers ook bij de gemeente Meerhout. Deze stelde BVBA C. bij brief van 3 maart 2014 in gebreke wegens overtreding van art. 6.4.0.1, § 5 Vlarem II (“Het gebruik van mechanische werktuigen met grote snelheid (schuurschijven, slijpmachines, boormachines, e.d.), hogewaterdrukreinigers en luchtcompressoren, voor het bewerken, snijden of schoonmaken van objecten of ondergronden in asbesthoudend materiaal of voor het verwijderen van asbest is verboden”).

II. Vorderingen

Eisers vragen veroordeling van verweerders, hoofdelijk, in solidum, zo niet de ene bij gebreke aan de andere, (...), tot betaling van één euro provisioneel met schatting van de eis op 30.000 euro, vermeerderd met de vergoedende interesten sinds 5 februari 2014 en de gerechtelijke interesten.

Voorts vragen zij met toepassing van art. 19, derde lid, Ger.W., de aanstelling van een gerechtsdeskundige.

Eerste verweerders vragen de vordering tegen hen ontvankelijk maar ongegrond te verklaren.

III. In rechte

A. Aansprakelijkheid

Eisers achten eerste verweerders aansprakelijk op grond van art. 544 BW en tweede verweerders op grond van art. 1382 BW en de bepalingen van de Vlarem-wetgeving, onder meer art. 6.4.0.1, § 5 Vlarem II.

Tweede verweerders voeren geen specifiek verweer. Zij betwisten geenszins dat bij de reiniging gebruik werd gemaakt van een toestel verboden door art. 6.4.0.1, § 5 Vlarem II, zodat de vordering tegen hen principieel gegrond is.

Eerste verweerders menen dat zij niet aansprakelijk zijn, omdat de handelingen van tweede verweerders hen niet toerekenbaar zijn.

Iemand kan slechts gehouden zijn tot vergoeding van schade ingevolge een abnormale burenhinder, indien die burenhinder is veroorzaakt door een daad, een verzuim of een gedraging die hem kan worden toegerekend. Het loutere feit dat men eigenaar en bewaarder is van het naastgelegen perceel, volstaat niet om tot de vergoedingsplicht te besluiten (Cass. 3 april 2009, Arr.Cass. 2009, nr. 239, RABG 2009, 740, TBBR 2009, 469).

Wanneer een derde werken uitvoert op het naburige perceel, kan niet tot aansprakelijkheid van de buur worden besloten als de abnormale burenhinder is veroorzaakt door de positieve daad of de persoonlijke gedraging van die derde, die niet behoorde tot de door de buur toegestane werkzaamheden (Cass. 25 juni 2009, Arr.Cass. 2009, nr. 438, RABG 2009, 742, RW 2010-11, 1645, noot T. De Bie, TBBR 2009, 475).

In deze zaak moet worden vastgesteld dat eerste verweerders opdracht gaven aan tweede verweerders om reinigingswerken uit te voeren, maar tweede verweerders kozen ervoor om daarbij een onwettige (en strafrechtelijk beteugelde) methode aan te wenden waarvan niet blijkt dat eerste verweerders er de opdracht toe gaven.

In deze omstandigheden is de mogelijke burenhinder niet aan eerste verweerders toerekenbaar en is de tegen hen ingestelde vordering ongegrond.

B. Schade van de eisers

Met het oog op begroting van de schade kan, zoals gevraagd, een gerechtsdeskundige worden aangesteld. (...)
 

Noot: 

Thomas De Bie, De gevolgen van het huwelijk op burenhinder. Een toepassing van het toerekenbaarheidsvereiste. T. Vred. 2011, 229

Relevante rechtspraak

• Het schoorsteenarrest: Cass. 6 april 1960, Pas. 1960, I, 915, conclusie Adv. Gen. Mahaux, Arr.Cass. 1960, 722, JT 1960, 339, noot A. De Meulder, RCJB 1960, 257, noot J. Dabin en RGAR 1960, nr. 6.557, noot R.O. dalcq.

Burenhinder veroorzaakt door niet toegestande werken uitgevoerd door een derde

• Rb eerste aanleg Turnhout, 5° kamer, 29 september 2014, RW 2016-2017, 590

Samenvatting

Iemand kan slechts gehouden zijn tot vergoeding van schade ingevolge een abnormale burenhinder, indien die burenhinder is veroorzaakt door een daad, een verzuim of een gedraging die hem kan worden toegerekend. Het loutere feit dat men eigenaar en bewaarder is van het naastgelegen perceel, volstaat niet om tot de vergoedingsplicht te besluiten.

Wanneer een derde werken uitvoert op het naburige perceel, kan niet tot aansprakelijkheid van de buur worden besloten als de abnormale burenhinder is veroorzaakt door de positieve daad of de persoonlijke gedraging van die derde, die niet behoorde tot de door de buur toegestane werkzaamheden

Tekst vonnis

M.I. K/G.J.L., H.L.M., BVBA C.S. en G.D.

I. Feiten

Eisers en eerste verweerders zijn buren.

Eerste verweerders gaven in het voorjaar van 2014 opdracht aan BVBA C., met als zaakvoerder G.D., om hun dak te ontmossen en proper te maken. Daarbij kwamen volgens eisers op 5 februari 2014 duizenden partikels asbeststof terecht op hun planten en constructies.

Eisers deden aangifte bij hun verzekeraar. De verzekeraar van BVBA C. weigerde dekking.

Blijkbaar klaagden eisers ook bij de gemeente Meerhout. Deze stelde BVBA C. bij brief van 3 maart 2014 in gebreke wegens overtreding van art. 6.4.0.1, § 5 Vlarem II (“Het gebruik van mechanische werktuigen met grote snelheid (schuurschijven, slijpmachines, boormachines, e.d.), hogewaterdrukreinigers en luchtcompressoren, voor het bewerken, snijden of schoonmaken van objecten of ondergronden in asbesthoudend materiaal of voor het verwijderen van asbest is verboden”).

II. Vorderingen

Eisers vragen veroordeling van verweerders, hoofdelijk, in solidum, zo niet de ene bij gebreke aan de andere, (...), tot betaling van één euro provisioneel met schatting van de eis op 30.000 euro, vermeerderd met de vergoedende interesten sinds 5 februari 2014 en de gerechtelijke interesten.

Voorts vragen zij met toepassing van art. 19, derde lid, Ger.W., de aanstelling van een gerechtsdeskundige.

Eerste verweerders vragen de vordering tegen hen ontvankelijk maar ongegrond te verklaren.

III. In rechte

A. Aansprakelijkheid

Eisers achten eerste verweerders aansprakelijk op grond van art. 544 BW en tweede verweerders op grond van art. 1382 BW en de bepalingen van de Vlarem-wetgeving, onder meer art. 6.4.0.1, § 5 Vlarem II.

Tweede verweerders voeren geen specifiek verweer. Zij betwisten geenszins dat bij de reiniging gebruik werd gemaakt van een toestel verboden door art. 6.4.0.1, § 5 Vlarem II, zodat de vordering tegen hen principieel gegrond is.

Eerste verweerders menen dat zij niet aansprakelijk zijn, omdat de handelingen van tweede verweerders hen niet toerekenbaar zijn.

Iemand kan slechts gehouden zijn tot vergoeding van schade ingevolge een abnormale burenhinder, indien die burenhinder is veroorzaakt door een daad, een verzuim of een gedraging die hem kan worden toegerekend. Het loutere feit dat men eigenaar en bewaarder is van het naastgelegen perceel, volstaat niet om tot de vergoedingsplicht te besluiten (Cass. 3 april 2009, Arr.Cass. 2009, nr. 239, RABG 2009, 740, TBBR 2009, 469).

Wanneer een derde werken uitvoert op het naburige perceel, kan niet tot aansprakelijkheid van de buur worden besloten als de abnormale burenhinder is veroorzaakt door de positieve daad of de persoonlijke gedraging van die derde, die niet behoorde tot de door de buur toegestane werkzaamheden (Cass. 25 juni 2009, Arr.Cass. 2009, nr. 438, RABG 2009, 742, RW 2010-11, 1645, noot T. De Bie, TBBR 2009, 475).

In deze zaak moet worden vastgesteld dat eerste verweerders opdracht gaven aan tweede verweerders om reinigingswerken uit te voeren, maar tweede verweerders kozen ervoor om daarbij een onwettige (en strafrechtelijk beteugelde) methode aan te wenden waarvan niet blijkt dat eerste verweerders er de opdracht toe gaven.

In deze omstandigheden is de mogelijke burenhinder niet aan eerste verweerders toerekenbaar en is de tegen hen ingestelde vordering ongegrond.

B. Schade van de eisers

Met het oog op begroting van de schade kan, zoals gevraagd, een gerechtsdeskundige worden aangesteld. (...)

• Cass. 28 januari 1965, Pas. 1965, I, 521, conclusie Adv. Gen. Mahaux, RW 1964-65, 2117, noot C.C. en JT 1965, 259, noot M.-A. Flamme.
• Cass. 10 januari 1974, Arr.Cass. 1974, 520 en RCJB 1975, 357, noot C. Renard.
• Concl. F. Dumon bij Cass. 5 maart 1981, Pas. 1981, I, 728 en Arr.Cass. 1980-81, 364.
• Cass. 12 maart 1999, Arr.Cass. 1999, 362 en TBBR 1999, 657.
• Cass. 3 april 1998, Arr.Cass. 1998, 417 en JLMB 1998, 1334, noot P. lecocq.
• Cass. 3 april 2009, TBBR 2009, 469, noot C. Baekeland, TBBR 2009, 477, T.Verz. 2010, 84, noot J. Rogge.
• Cass. 25 juni 2009, TBBR 2009, 475, noot P. Lecocq en S. Boufflette
• Liège 24 april 2002, RGAR 2003, 1378
• Cass., 12 maart 1999, AR C.98.0026.N, A.C., 1999, nr 149

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 04/12/2016 - 11:39
Laatst aangepast op: vr, 27/01/2017 - 15:29

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.