-A +A

Administratieve overheid – Begrip

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
don, 13/06/2013
A.R.: 
C.12.0458.F

Een rechtspersoon van privaatrechtelijke aard, ook al is hij opgericht of erkend door een administratieve overheid en onderworpen aan de controle van de overheid, verkrijgt de hoedanigheid van een administratieve overheid enkel in de mate waarin hij beslissingen kan nemen die derden kunnen binden. Het feit dat hem een taak van algemeen belang is toevertrouwd, doet niet ter zake.

Daaruit volgt dat een handeling van die rechtspersoon slechts vatbaar is voor een beroep tot nietigverklaring, en bijgevolg, voor een beroep tot schorsing van de uitvoering ervan voor de Raad van State, voor zover zij onder de macht valt waarmee ze is bekleed.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2014-2015
Pagina: 
388
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

NV B.S.C.A. t/ NV A.H. en NV T.U.

I. Rechtspleging voor het Hof

Het cassatieberoep is gericht tegen een arrest van de Raad van State, afdeling bestuursrechtspraak, van 6 juli 2012.

...

III. Beslissing van het Hof

Tweede onderdeel

Luidens art. 17, § 1, eerste lid RvS-Wet is, wanneer een akte of een reglement van een administratieve overheid vatbaar is voor vernietiging krachtens art. 14, §§ 1 en 3, de Raad van State de enige die de schorsing van de tenuitvoerlegging ervan kan bevelen.

Art. 14, § 1, eerste lid RvS-Wet bepaalt dat de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak doet bij wijze van arresten over de beroepen tot nietigverklaring wegens overtreding van hetzij substantiële, hetzij op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen, overschrijding of afwending van macht, ingesteld tegen de akten en reglementen van de onderscheiden administratieve overheden.

Een rechtspersoon van privaatrechtelijke aard, ook al is hij opgericht of erkend door een administratieve overheid en onderworpen aan de controle van de overheid, verkrijgt de hoedanigheid van een administratieve overheid enkel in de mate waarin hij beslissingen kan nemen die derden kunnen binden. Het feit dat hem een taak van algemeen belang is toevertrouwd, doet niet ter zake.

Daaruit volgt dat een handeling van die rechtspersoon slechts vatbaar is voor een beroep tot nietigverklaring, en bijgevolg, voor een beroep tot schorsing van de uitvoering ervan voor de Raad van State, voor zover zij onder de macht valt waarmee ze is bekleed.

Het arrest stelt vast dat de verweersters een beroep hebben ingesteld tot schorsing van de beslissing van de eiseres “om hun kandidatuur af te wijzen in de fase van kwalitatieve selectie voor een openbare aanbesteding van diensten, genaamd “exploitatie, de installatie en het onderhoud van het systeem voor bagagesortering en de speciale technieken voor het gebouw van de luchthaven Brussels South Charleroi Airport””.

Het arrest dat niet uitsluit dat de eiseres, een naamloze vennootschap, “moet worden beschouwd als een privé-entiteit”, oordeelt “dat zij onder controle staat van het Waalse Gewest, dat zij noch onder de wetgevende noch onder de rechterlijke macht valt, dat zij een openbare dienst uitoefent en dat zij bindende beslissingen ten aanzien van derden kan nemen”.

Dienaangaande baseert het zijn beslissing hierop “dat zij eenzijdig het bedrag van de luchthavengelden kan bepalen en innen op grond van art. 5bis van het decreet van 23 juni 1994 betreffende de oprichting en de uitbating van de onder het Waalse Gewest ressorterende luchthavens en vliegvelden en van art. 2 en 3 van het Besluit van de Waalse Regering van 8 september 2011 houdende uitvoering van art. 5bis van voornoemd decreet van 23 juni 1994”.

Het arrest dat op die gronden de exceptie van onbevoegdheid afwijst die de eiseres heeft opgeworpen, terwijl de bestreden handeling, volgens de vermeldingen ervan, niet valt onder de haar toegekende bevoegdheid om ten aanzien van derden bindende beslissingen te nemen, schendt art. 14, § 1, eerste lid, en art. 17, § 1, eerste lid RvS-Wet.

Het onderdeel is gegrond.

Noot: 

• Cass. 14 februari 1997, RW 1997-98, 1435, conclusie advocaat-generaal G. Dubrulle;

• RvS, nr. 104.067, 28 februari 2002, RW 2003-04, 185;

 RvS 20 november 2007, RW 2007-08, 1174, noot.

Gerelateerd
Aangemaakt op: di, 04/11/2014 - 20:12
Laatst aangepast op: di, 04/11/2014 - 20:12

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.