-A +A

Aansprakelijkheid architect en aannemer - Tienjarige aansprakelijkheid - Verjaringstermijn - Afwijking gemeenrechtelijke verjaringsregel - Gelijkheidsbeginsel

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Grondwettelijk hof (arbitragehof)
Datum van de uitspraak: 
woe, 19/07/2017
A.R.: 
98/2017

Art. 1792 BW bepaalt dat indien een gebouw dat tegen vaste prijs is opgericht, geheel of gedeeltelijk tenietgaat door een gebrek in de bouw, zelfs door de ongeschiktheid van de grond, de architect en de aannemer daarvoor gedurende tien jaar aansprakelijk zijn.

De tienjarige aansprakelijkheid van de architect die uit deze wetsbepaling volgt, is van openbare orde.

De artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek schenden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2017-2018
Pagina: 
900
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Arrest nr. 98/2017

Onderwerp van de prejudiciële vraag

Bij arrest van 28 juni 2016 (...) heeft het Hof van Beroep te Brussel de volgende prejudiciële vraag gesteld:

«Schenden de artt. 1792 en 2270 BW de artt. 10 en 11 Gw., in die zin geïnterpreteerd dat deze bepalingen voorzien in een vervaltermijn van tien jaar die afwijkt van de gemeenrechtelijke verjaringsregel voor persoonlijke rechtsvorderingen (destijds art. 2262 BW en thans art. 2262bis, § 1 BW), zodat de rechtsvordering van een opdrachtgever die te maken heeft met een ernstig gebrek dat de stevigheid van het gebouw in gevaar brengt, minder gunstig wordt behandeld dan de rechtsvordering van de opdrachtgever die bij de voorlopige oplevering-aanvaarding een opmerking heeft gemaakt over een zichtbaar gebrek dat de stevigheid van het gebouw niet in gevaar brengt of van de opdrachtgever die zich beklaagt over een verborgen gebrek dat de stevigheid van het gebouw niet in gevaar brengt?»

...

In rechte

...

B.1. Het Hof wordt ondervraagd over de verenigbaarheid met de artt. 10 en 11 Gw. van de artt. 1792 en 2270 BW, in de interpretatie dat die bepalingen voorzien in een vervaltermijn van tien jaar die afwijkt van de gemeenrechtelijke verjaringstermijn voor persoonlijke rechtsvorderingen (destijds art. 2262, thans art. 2262bis, § 1 BW), zodat de rechtsvordering van de opdrachtgever van bouwwerken die te maken heeft met een ernstig gebrek dat de stevigheid van het gebouw in gevaar brengt, minder gunstig wordt behandeld dan de rechtsvordering van de opdrachtgever die bij de voorlopige oplevering-aanvaarding een opmerking heeft gemaakt over een zichtbaar gebrek dat de stevigheid van het gebouw niet in gevaar brengt of dan de rechtsvordering van de opdrachtgever die zich beklaagt over een verborgen gebrek dat de stevigheid van het gebouw niet in gevaar brengt.

...

B.4.1. In de interpretatie van de verwijzende rechter voorzien de artt. 1792 en 2270 BW in een van het gemene recht afwijkende, tienjarige vervaltermijn voor de rechtsvordering van de opdrachtgever van bouwwerken die geconfronteerd wordt met een ernstig gebrek dat de stevigheid van het gebouw in gevaar brengt.

B.4.2. Het staat in de regel aan de verwijzende rechter om de bepalingen die hij van toepassing acht te interpreteren, onder voorbehoud van een kennelijk verkeerde lezing van de in het geding zijnde bepaling, wat te dezen niet het geval is. Het Hof van Cassatie is eveneens van oordeel dat de in de artt. 1792 en 2270 BW bedoelde termijn een «fatale termijn» is die niet geschorst noch gestuit kan worden (Cass. 22 december 2006, Arr.Cass. 2006, nr. 670).

Het Hof onderzoekt het verschil in behandeling dan ook in de interpretatie van de verwijzende rechter.

B.5.1. Het verschil in behandeling tussen bepaalde categorieën van personen dat voortvloeit uit de toepassing van verschillende procedureregels in verschillende omstandigheden, houdt op zich geen discriminatie in. Van discriminatie zou slechts sprake zijn indien het verschil in behandeling dat voortvloeit uit de toepassing van die procedureregels een onevenredige beperking van de rechten van de daarbij betrokken personen met zich zou meebrengen.

B.5.2. In tegenstelling tot de vordering van de opdrachtgever van bouwwerken die geconfronteerd wordt met een gebrek dat de stevigheid van het gebouw niet in gevaar brengt, zij het een zichtbaar gebrek waarvoor bij de oplevering voorbehoud werd gemaakt, dan wel een verborgen gebrek, waarop de verjaringstermijn van tien jaar, bepaald in art. 2262bis, § 1 BW, van toepassing is, welke termijn kan worden gestuit of geschorst, is op de vordering van de opdrachtgever die geconfronteerd wordt met een ernstig gebrek dat de stevigheid van het gebouw in gevaar brengt, de vervaltermijn van tien jaar, bepaald in de artt. 1792 en 2270 BW, van toepassing, welke termijn niet kan worden gestuit of geschorst. Het Hof dient na te gaan of dat verschil in behandeling geen onevenredige beperking met zich meebrengt van de rechten van de opdrachtgever die geconfronteerd wordt met een ernstig gebrek dat de stevigheid van het gebouw in gevaar brengt.

B.5.3. De in het geding zijnde artt. 1792 en 2270 BW streven het algemeen belang en meer bepaald de bescherming van de openbare veiligheid na. Door de contractuele aansprakelijkheid voor architecten en aannemers te verlengen na afloop van het contract wanneer de stevigheid van het opgerichte gebouw in gevaar wordt gebracht, heeft de wetgever de belangen van de opdrachtgever willen beschermen, maar ook de openbare veiligheid willen waarborgen die door gebrekkige constructies in gevaar wordt gebracht, en de rechtszekerheid willen verzekeren. Het Hof van Cassatie heeft trouwens geoordeeld dat de tienjarige aansprakelijkheid van de architect die uit art. 1792 BW voortvloeit, «van openbare orde [is] en [...] mitsdien contractueel niet [kan] worden uitgesloten of beperkt» (Cass. 5 september 2014, Arr.Cass. 2014, nr. 495).

Terwijl de aannemings- of architectuurovereenkomst normaliter wordt beëindigd door de aanvaarding van het werk, blijft de architect of de aannemer contractueel aansprakelijk tijdens een bijkomende periode van tien jaar voor ernstige gebreken. De wetgever heeft de tienjarige aansprakelijkheid bijgevolg beperkt in de tijd via een vervaltermijn die buiten de in de artt. 2242 e.v. BW bedoelde schorsings- en stuitingsgronden valt. Het niet-activeren van de aansprakelijkheid binnen een termijn van tien jaar brengt het verval ervan met zich mee. De vordering dient daarentegen niet te worden ingesteld binnen een nuttige termijn vanaf de ontdekking van het gebrek (Cass. 4 april 2003, Arr.Cass. 2003, nr. 227; Cass. 2 februari 2006, Arr.Cass. 2006, nr. 69).

B.5.4. De in art. 2262bis BW bedoelde gemeenrechtelijke verjaring heeft betrekking op de gemeenrechtelijke aansprakelijkheid van de architecten of aannemers die, op grond van art. 1147 BW, na de oplevering aangevoerd kan worden wegens lichte gebreken, namelijk tekortkomingen die de stevigheid van de gebouwen niet in gevaar brengen. Zij is niet van openbare orde en kan het voorwerp uitmaken van ontheffings- of beperkende clausules, binnen de perken van het gemene recht, aangezien zij de bescherming van de opdrachtgever en niet de openbare veiligheid beoogt. Die aansprakelijkheidsvordering dient bovendien tijdig te worden ingesteld door de opdrachtgever na de ontdekking van het gebrek (Cass. 8 april 1988, Arr.Cass. 1988, I, 921; Cass. 15 september 1994, Arr.Cass. 1994, nr. 382).

B.5.5. De termijn van tien jaar volstaat daarenboven om het bestaan van de door art. 1792 BW gedekte ernstige risico’s te beoordelen. Bijgevolg is het in het geding zijnde verschil in behandeling niet zonder redelijke verantwoording.

B.6. De prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. 10

Noot: 

K. Uytterhoeven, «Tien jaar de tienjarige aansprakelijkheid. Een kritische reflectie over de stevigheid van de artikelen 1792 en 2270 BW», TBO 2012, 225-232.

Gerelateerd
Aangemaakt op: do, 08/02/2018 - 15:52
Laatst aangepast op: vr, 30/03/2018 - 17:59

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.