-A +A

aanslag van ambtswege ten onrechte toepast termijn te bereken op grond gelijkheidsbeginsel

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van beroep
Plaats van uitspraak: Antwerpen
Datum van de uitspraak: 
din, 14/02/2017
A.R.: 
2015/AR/1375

Voor belastingplichtigen die zelf hun aangifte op papier indienen, voor belastingplichtigen die zelf hun aangifte via tax-on-web indienen en voor belastingplichtigen die hun aangifte door tussenkomst van een mandataris via tax-on-web laten indienen, geldt telkens een andere aangiftetermijn zoals bepaald door de administratie.

Voor aanslagjaar 2011 konden de mandatarissen die via tax-on-web een elektronische aangifte indienden dit doen tot 31 oktober 2011, nadien nog verlengd tot 30 november 2011, terwijl de termijn om een papieren aangifte in te dienen verstreek op 30 juni 2011.

Eiser in hoger beroep stelt dat hierdoor het gelijkheidsbeginsel is geschonden.

De Belgische Staat wijst er op dat eiser in hoger beroep de vrije keuze had omtrent de wijze van indiening en de daarvoor voorziene termijnen en dat hij dezelfde keuze had als elke belastingplichtige, zodat er geen sprake is van enige schending van het gelijkheidsbeginsel.

Het hof oordeelt dat er hoe dan ook een verschil bestaat wat de aangiftetermijn betreft tussen een “papieren” versie waarvan de indiening kon gebeuren tot 30 juni 2011 en de mandatarissen die via tax-on-web een “elektronische aangifte” konden indienen tot 30 november 2011, zonder dat hiervoor een wettelijke grondslag bestaat.

In die omstandigheden is de door eiser in hoger beroep ingediende aangifte, die op 25 juli 2011 bij de administratie zou zijn toegekomen, als tijdig te beschouwen. De administratie heeft dan ook ten onrechte de procedure van aanslag van ambtswege toegepast en de aanslag is alleen reeds om die reden nietig.

Publicatie
tijdschrift: 
RABG
Uitgever: 
Larcier
Jaargang: 
2017/19
Pagina: 
1532
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

(H. / De Belgische Staat - Rolnr.: 2015/AR/1375)

4. Beoordeling
4.1. De administratie heeft de betwiste aanslag in toepassing van artikel 351 WIB 1992 van ambtswege gevestigd en heeft voor de bepaling van de belastbare grondslag toepassing gemaakt van artikel 342, § 3 WIB 1992.

Krachtens artikel 351 WIB 1992 kan de administratie de aanslag ambtshalve vestigen op het bedrag van de belastbare inkomsten die zij kan vermoeden op grond van de gegevens waarover zij beschikt onder meer wanneer de belastingplichtige nagelaten heeft zijn aangifte in te dienen binnen de wettelijke termijn.

Artikel 342 WIB 1992, ingevoerd bij artikel 41 van de programmawet van 11 juli 2005 en van toepassing vanaf aanslagjaar 2005, bepaalt:

“§ 1. Bij gebreke aan bewijskrachtige gegevens, geleverd door de belanghebbenden, hetzij door de administratie, worden de in artikel 23, § 1, 1° en 2° vermelde winst of baten voor elke belastingplichtige bepaald naar de normale winst of baten van ten minste drie soortgelijke belastingplichtigen en met inachtneming, volgens het geval, van het aangewende kapitaal, van de omzet, van het aantal werklieden, van de benuttigde drijfkracht, van de huurwaarde van in bedrijf genomen gronden, alsmede van alle andere nuttige inlichtingen.

(...)

§ 2. De Koning bepaalt, met inachtneming van de in § 1, eerste lid vermelde gegevens, het minimum van de winst dat belastbaar is ten name van de vreemde firma's die in België werkzaam zijn.

§ 3. Bij niet-aangifte of bij laattijdige overlegging van de aangifte, zijn de belastbare minima die door de Koning in uitvoering van § 2 zijn vastgesteld, eveneens van toepassing op elke onderneming en beoefenaar van een vrij beroep.”

Voor de toepassing van artikel 351 WIB 1992 en van artikel 342, § 3 WIB 1992 is vereist dat de belastingplichtige geen of een laattijdige aangifte heeft ingediend.

4.2. Artikel 308, § 1 WIB 1992 bepaalt dat de belastingplichtigen voor wie op 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd, de gronden van belastbaarheid inzake personenbelasting aanwezig zijn, hun aangifte aan de betrokken dienst doen toekomen binnen de op het formulier aangegeven termijn, die niet korter mag zijn dan één maand te rekenen vanaf de verzending ervan.

Het wordt niet betwist dat eiser in hoger beroep een aangifte heeft ingediend.

Volgens de vermeldingen op het aangifteformulier moest de aangifte ingediend zijn uiterlijk op 30 juni 2011. De aangifte vermeldt als datum 28 juni 2011, doch volgens de administratie is de aangifte op de betrokken dienst slechts toegekomen op 25 juli 2011.

Het hof stelt vast dat de aangifte blijkbaar werd ingescand op 25 juli 2011, zoals blijkt uit de stukken 31 en 85 van het administratief dossier.

Eiser in hoger beroep wijst er op dat voor belastingplichtigen die zelf hun aangifte op papier indienen, voor belastingplichtigen die zelf hun aangifte via tax-on-web indienen en voor belastingplichtigen die hun aangifte door tussenkomst van een mandataris via tax-on-web laten indienen, telkens een andere aangiftetermijn geldt, zoals bepaald door de administratie.

Voor aanslagjaar 2011 konden de mandatarissen die via tax-on-web een elektronische aangifte indienden dit doen tot 31 oktober 2011, nadien nog verlengd tot 30 november 2011, terwijl de termijn om een papieren aangifte in te dienen verstreek op 30 juni 2011.

Eiser in hoger beroep stelt dat hierdoor het gelijkheidsbeginsel is geschonden.

De Belgische Staat wijst er op dat eiser in hoger beroep de vrije keuze had omtrent de wijze van indiening en de daarvoor voorziene termijnen en dat hij dezelfde keuze had als elke belastingplichtige, zodat er geen sprake is van enige schending van het gelijkheidsbeginsel.

Het hof oordeelt dat er hoe dan ook een verschil bestaat wat de aangiftetermijn betreft tussen een “papieren” versie waarvan de indiening kon gebeuren tot 30 juni 2011 en de mandatarissen die via tax-on-web een “elektronische aangifte” konden indienen tot 30 november 2011, zonder dat hiervoor een wettelijke grondslag bestaat.

In die omstandigheden is de door eiser in hoger beroep ingediende aangifte, die op 25 juli 2011 bij de administratie zou zijn toegekomen, als tijdig te beschouwen. De administratie heeft dan ook ten onrechte de procedure van aanslag van ambtswege toegepast en de aanslag is alleen reeds om die reden nietig.

4.3. Het hof verwijst ten overvloede naar de circulaire Ci.RH.81/574.077 (AOIF 45/2005) van 25 november 2005 waarin er op gewezen wordt dat artikel 342, § 3 WIB 1992 dient toegepast te worden wanneer blijkt dat de aangifte niet of met een behoorlijke vertraging werd ingediend, zonder uitstel te hebben gevraagd en zonder de goede trouw te kunnen bewijzen.

Voor zover de aangifte van eiser in hoger beroep zou ingediend zijn op 25 juli 2011, kan niet gesteld worden dat er sprake is van een “behoorlijke” vertraging. Er wordt ook niet voorgehouden dat eiser in hoger beroep niet te goeder trouw zou geweest zijn.

De administratie kon dan ook geen toepassing maken van artikel 342, § 3 WIB 1992.

4.4. Subsidiaire aanslag.

Artikel 356 WIB 1992 werd vervangen door artikel 2 van de wet van 22 december 2009

Overeenkomstig artikel 3 van de wet van 22 december 2009 is deze nieuwe bepaling onmiddellijk van toepassing ongeacht het aanslagjaar.

Het hof beveelt dan ook de heropening der debatten teneinde de Belgische Staat de mogelijkheid te bieden om, binnen de zes maanden te rekenen vanaf onderhavige uitspraak, in voorkomend geval een subsidiaire aanslag ter beoordeling aan het hof voor te leggen.

De beslissing over de kosten dient in afwachting te worden aangehouden.

(…)

Noot: 

Symoens, H., « Artikel 356 WIB 1992: geen schorsing van de rechtsmiddelen, wel van de termijnen », R.A.B.G., 2017/19, p. 1530-1531

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 25/12/2017 - 13:07
Laatst aangepast op: ma, 25/12/2017 - 13:07

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.