-A +A

Aankoop elektrische fiets voor woon-werkverkeer is consumentenkoop

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Eerste Aanleg
Plaats van uitspraak: Turnhout
Datum van de uitspraak: 
maa, 28/11/2016

De koper van een elektrische fiets die problemen meedeelt  binnen zes maanden na levering bewijst de niet conformiteit door correspondentie tussen de partijen waaruit blijkt dat de verkoper beloofde vóór de aankoop, dat de fiets ondersteuning zou geven tot 45 km/u, terwijl nadien blijkt dat dit niet meer het geval is. De fiets voldoet aldus niet aan de vereisten van art. 1649ter, § 1, 1° en 4° BW en is daardoor niet conform.

De regeling inzake consumentenkoop geeft voorrang aan kosteloze herstelling of vervanging vóór ontbinding (art. 1649quinquies BW). De rechtbank volgt eiser evenwel in zoverre hij vraagt dat hij in deze concrete zaak ontbinding kan vorderen op grond van art. 1649quinquies, § 3 BW:

– de fiets werd reeds verschillende malen binnengebracht bij verweerster, zonder oplossing;

– verweerster weigerde op 19 november 2015 medewerking aan een minnelijke expertise;

– verweerster ontkent ten onrechte dat het vastgestelde probleem inzake mindere ondersteuning een gebrek aan conformiteit vormt.

Aangezien volgens verweerster de batterij van de fiets geen gebrek vertoont, kan zelfs gevreesd worden dat de vastgestelde niet-conformiteit niet voor herstelling vatbaar is.

Bijgevolg is eiser gerechtigd op terugbetaling van de koopprijs.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2017-2018
Pagina: 
1396
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen
Afdeling Turnhout

Kamer TB5 – 28 november 2016

W.P. t/ BVBA V.

I. Feiten

Op 27 juni 2014 kocht eiser bij verweerster een elektrische fiets, tegen de prijs van 3.999 euro. Het betreft een zogenaamde «speed pedelec», zoals thans omschreven in art. 2.17, 3) van het Wegverkeersreglement.

Voor de aankoop communiceerden partijen reeds per e-mail. Eiser vroeg of een fiets beschikbaar was «die ondersteuning geeft tot 45 km/h». Verweerster antwoordde dat dat kon met het gekochte model. Eiser vroeg informatie over de actieradius. Verweerster antwoordde dat dit zeer moeilijk in te schatten was, afhankelijk van het terrein. Zij omschreef de batterij van 722 wh als «zeer groot» en de «straatversie» gaf volgens haar een actieradius van 100 km.

Na aankoop meldde eiser op 1 augustus 2014 zijn zeer grote tevredenheid: «de fiets is een zaligheid om mee te rijden».

Vanaf 25 augustus 2014 begon eiser echter klachten te uiten over de werking van de fiets. Partijen voerden een uitvoerige correspondentie per e-mail en eiser bracht de fiets verschillende malen binnen bij verweerster. De grootste, praktische en aanhoudende klacht is dat de fiets geen ondersteuning geeft tot 45 km/u, maar slechts tot ongeveer 38 km/u.

De verzekeraars van beide partijen gelastten elk een expert met het oog op minnelijke expertise op 19 november 2015.

J.F., aangesteld door de verzekeraar van eiser, stelde op 3 maart 2016 een verslag op over deze expertise en zijn latere tussenkomsten. Hij noteerde dat ter plaatse, op de zetel van verweerster, verweerster «plots alle medewerking» weigerde op aansturen van de expert van haar verzekeraar. De instellingen mochten niet uitgelezen worden en de fiets mocht niet op de rollen worden geplaatst.

De deskundige van de verzekeraar van verweerster schreef op 21 november 2015 dat ter plaatse geen bewijs was aangevoerd van een mogelijk slecht functioneren van de fiets en dat de fiets voldeed aan de opgegeven specificaties.

Op uitdrukkelijke vraag van de rechtbank ter zitting heeft verweersters advocaat het feitelijke verloop van de bijeenkomst van 19 november 2015, zoals weergegeven in het verslag van F., niet tegengesproken.

II. Vorderingen

...

Volgens laatste conclusies vraagt eiser, (...), de overeenkomst van 27 juni 2014 tussen partijen aangaande de elektrische fiets (...), te ontbinden ten laste van verweerster;

...

Verweerster vraagt de vordering ontvankelijk maar ongegrond te verklaren.

III. De rechte

A. Toepasselijke wetgeving

Eiser baseert zijn vordering (...) op de regelgeving inzake consumentenkoop (artt. 1649bis e.v. BW). Verweerster acht deze regeling niet van toepassing omdat eiser de fiets kocht voor (hoofdzakelijk) beroepsdoeleinden.

Eiser licht toe dat hij de fiets kocht voor woon-werkverplaatsingen, ten tijde van de aankoop tussen Geel en Antwerpen.

Het loutere gebruik voor woon-werkverplaatsing is geen beroepsmatig gebruik in die zin dat eiser daardoor niet meer beschouwd zou kunnen worden als consument in de zin van art. 1649bis, § 2, 1o BW.

Bijgevolg is de overeenkomst tussen partijen te kwalificeren als een consumentenkoop.

B. Niet-conformiteit van de fiets

1. Verweerster betwist dat de fiets enig gebrek zou vertonen of niet zou overeenstemmen met de specificaties. Het is volgens haar «uiteraard perfect normaal dat de ondersteuning van de elektrische fiets minder wordt na x aantal kilometers omdat de spanning van de batterij zakt, wat te vergelijken is met een zaklamp, waarbij deze met een nieuwe batterij ook meer licht geeft dan na enkele uren branden». Zij wijst er bovendien op dat eiser moet meetrappen en niet mag verwachten dat de fiets alle inspanningen levert.

Eiser is van oordeel dat de fiets niet voldoet aan de criteria van art. 1649ter, § 1 BW. Hij verwijst naar het vermoeden van art. 1649quater, § 4 BW, volgens welke bepaling het gebrek geacht wordt te hebben bestaan ten tijde van de levering.

Eiser meldde inderdaad de problemen onbetwist binnen zes maanden na levering. Dit neemt evenwel niet weg dat hij, gezien de betwisting door verweerster, moet bewijzen dat er sprake is van niet-conformiteit.

2. Op basis van de correspondentie tussen partijen acht de rechtbank de niet-conformiteit bewezen. Verweerster beloofde vóór de aankoop, op verzoek van eiser, dat de fiets ondersteuning zou geven tot 45 km/u. Thans blijkt dit niet meer het geval te zijn.

Verweerster spreekt dit op zich ook niet tegen, maar wijt dit aan de batterij. Zij liet de batterij onderzoeken door de fabrikant, die daarbij geen problemen vaststelde.

Eiser klaagde reeds vanaf 25 augustus 2014, minder dan twee maanden na de levering, over problemen met de ondersteuning. De rechtbank aanvaardt niet dat een batterij zo snel reeds degenereert voor een nieuwe elektrische fiets in deze prijsklasse. Verweersters vergelijking van een batterij in een zaklamp gaat niet op. De verkochte fiets beschikte over een herlaadbare batterij, wat niet het geval is in een zaklamp.

Verweerster beloofde vóór aankoop ondersteuning tot 45 km/u en een actieradius van 100 km. Zij maakte daarbij geen melding van het aspect dat tijdens de rit geleidelijk aan de ondersteuning zou verminderen. De afstand tussen Geel en Antwerpen beloopt overigens lang geen 100 km. De fiets voldoet aldus niet aan de vereisten van art. 1649ter, § 1, 1o en 4o BW en is daardoor niet conform.

De rechtbank merkt overigens op dat verweerster zich op 19 november 2015 zonder ernstige reden heeft verzet tegen een onderzoek op tegenspraak. Mede daarom en tevens gelet op de kost ervan en het uitdrukkelijk verzet van verweerster acht de rechtbank het niet opportuun thans geen deskundigenonderzoek te bevelen.

C. Sanctie

De regeling inzake consumentenkoop geeft voorrang aan kosteloze herstelling of vervanging vóór ontbinding (art. 1649quinquies BW). De rechtbank volgt eiser evenwel in zoverre hij vraagt dat hij in deze concrete zaak ontbinding kan vorderen op grond van art. 1649quinquies, § 3 BW:

– de fiets werd reeds verschillende malen binnengebracht bij verweerster, zonder oplossing;

– verweerster weigerde op 19 november 2015 medewerking aan een minnelijke expertise;

– verweerster ontkent ten onrechte dat het vastgestelde probleem inzake mindere ondersteuning een gebrek aan conformiteit vormt.

Aangezien volgens verweerster de batterij van de fiets geen gebrek vertoont, kan zelfs gevreesd worden dat de vastgestelde niet-conformiteit niet voor herstelling vatbaar is.

Bijgevolg is eiser gerechtigd op terugbetaling van de koopprijs.

...

Noot: 

Rechtsleer

• Cécile DELFORGE, Garantie des biens de consommation: primauté de l'exécution en nature par le vendeur

• M. H1GNY, "La notion de consommateur et l'usage mixte en matière de vente de biens de consommation", note sous Comm. Hasselt, 21 novembre 2007, D.C.C.R., 2009 / 83, p. 158.

• R. STEENNOT, Handboek consumentenbescherming en handelspraktijken, Antwerpen, Intersentia, 2007, p. 522;

• Y. VAN COUTER, E. KAIRIS, B. VANBRABANT, S. DE BOECK, S. K1NART et H. DHONDT, "La vente aux consommateurs après la loi du 1 er septembre 2004", Rev. Fac. Dr. Liège, 2005, pp. 341-342, n'" 37 et 38 en Cahiers Antwerpen Brussel Gent, 2005/3.

Gerelateerd
Aangemaakt op: di, 24/04/2018 - 00:54
Laatst aangepast op: do, 10/05/2018 - 23:22

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.