-A +A

Rechtsmiddelen tegen een arbitrale uitspraak

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Verbetering arbitale uitspraak

uittreksel uit het gerechtelijk wetboek

Art. 1702bis.  

1. Binnen dertig dagen na kennisgeving van de uitspraak, tenzij de partijen een andere termijn zijn overeengekomen :

a) kan één van de partijen, mits kennisgeving aan de andere, aan het scheidsgerecht vragen in de tekst van de uitspraak elke misstelling, verkeerde berekening, drukfout of soortgelijke fout te verbeteren;

b) kan een partij, wanneer partijen dat zijn overeengekomen, mits kennisgeving aan de andere, aan het scheidsgerecht vragen om een bepaald punt of specifieke passage uit de uitspraak uit te leggen.

Vindt het scheidsgerecht dit vezoek gegrond, dan doet het de verbetering of geeft het de uitlegging binnen dertig dagen na ontvangst van het verzoek. De uitlegging maakt integraal deel uit van de uitspraak.

2. Het scheidsgerecht kan uit eigen beweging elke vergissing bedoeld in het eerste lid, a), verbeteren binnen dertig dagen na de datum van de uitspraak.

3. Het scheidsgerecht kan indien nodig de termijn verlengen waarover het beschikt om de uitspraak te verbeteren of uit te leggen krachtens het eerste lid.

4. De bepalingen van artikel 1701 zijn van toepassing op de verbetering of de uitlegging van de uitspraak.

5. Wanneer dezelfde arbiters niet meer kunnen worden bijeengeroepen, moet het verzoek om uitlegging of verbetering van de uitspraak worden voorgelegd aan de rechtbank van eerste aanleg waarvan de voorzitter bevoegd is om de uitvoerbaarverklaring te beslissen overeenkomstig de bevoegdheidsregels voorzien in de artikelen 1717 en 1719, tweede lid.

Hoger Beroep en Vernietiging

uittreksel uit het gerechtelijk wetboek

Art. 1703.
Wanneer van een (arbitrale uitspraak) aan partijen kennis is gegeven volgens artikel 1702, eerste lid, en zij niet meer voor (arbiters) kan worden bestreden, heeft zij gezag van gewijsde, behoudens ingeval de uitspraak in strijd is met de openbare orde dan wel het geschil niet vatbaar was voor beslechting door arbitrage. 

Tegen een arbitrale uitspraak kan alleen hoger beroep worden ingesteld, indien de partijen daarin hebben voorzien in de overeenkomst tot arbitrage. Tenzij anders is overeengekomen, is de termijn om hoger beroep in te stellen één maand vanaf de betekening van de scheidsrechterlijke uitspraak. 

Aanvechten arbitrage voor de rechtbank

uittreksel uit het gerechtelijk wetboek

Art. 1704.

1. Een arbitrale uitspraak kan slechts worden bestreden voor de rechtbank van eerste aanleg door een vordering tot vernietiging in te stellen, en zij kan slechts worden vernietigd in de in dit artikel genoemde gevallen. 

2. Een (arbitrale uitspraak) kan worden vernietigd: 

a) indien de uitspraak in strijd is met de openbare orde;

b) indien het geschil niet vatbaar was voor beslechting door arbitrage;

c) indien er geen geldige overeenkomst tot arbitrage is;

d) indien het scheidsgerecht zijn rechtsmacht of zijn bevoegdheden heeft overschreden;

e) indien het scheidsgerecht heeft nagelaten over één of meer geschilpunten uitspraak te doen en deze punten niet kunnen worden gescheiden van die waarover wel uitspraak is gedaan;

f) indien uitspraak is gedaan door een op onregelmatige wijze samengesteld scheidsgerecht;

g) indien aan partijen niet de gelegenheid is gegeven om voor hun rechten op te komen en hun middelen voor te dragen of indien er enige andere dwingend voorgeschreven regel van het scheidsrechterlijke geding is miskend, voor zover deze miskenning van invloed is geweest op de (arbitrale uitspraak);

h) indien de in artikel 1701, vierde lid, voorgeschreven formaliteiten niet zijn vervuld;

i) indien de uitspraak niet met redenen is omkleed;

j) indien de uitspraak tegenstrijdige bepalingen bevat.

3. De uitspraak kan ook worden vernietigd:

a) indien zij is verkregen door bedrog;

b) indien zij is gegrond op een bewijsmiddel dat bij een in kracht van gewijsde gegaan rechterlijk vonnis vals is verklaard of dat is erkend vals te zijn;

c) indien, nadat de uitspraak is gedaan, er een stuk of ander bewijs is ontdekt dat van beslissende invloed zou zijn geweest voor de uitspraak en dat door toedoen van de tegenpartij is achtergehouden.

4. De gevallen bedoeld in het tweede lid, onder c, d en f leveren geen grond tot vernietiging meer op, indien de partij die deze aanvoert, tijdens de loop van het geding voor scheidslieden wist dat zich een zodanig geval voordeed, doch zich er toen niet op heeft beroepen.

5. De redenen van wraking en uitsluiting van arbiters, bedoeld in de artikelen 1690 en 1692, leveren geen grond op tot vernietiging in de zin van het tweede lid, onder f, van dit artikel, ook al zouden zij eerst na de uitspraak berekend zijn geworden. 

Art. 1705.

Indien er grond is voor de vernietiging van een deel van de uitspraak, wordt deze alleen voor dat deel vernietigd, indien dit kan worden gescheiden van de andere delen van de uitspraak.

Art. 1706.

1. De gronden tot vernietiging van een arbitrale uitspraak moeten, op straffe van verval, door de belanghebbende partij worden voorgedragen in een en dezelfde procedure; dit geldt evenwel niet in het geval dat een grond tot vernietiging als bedoeld in artikel 1704, derde lid, eerst later bekend is geworden.

2. Een vordering tot vernietiging is slechts ontvankelijk indien de uitspraak niet meer voor arbiters kan worden bestreden. 

Art. 1707.

1. De vordering tot vernietiging welke steunt op een van de in artikel 1704, tweede lid, onder c) tot en met j) bedoelde gronden, moet op straffe van verval worden ingesteld binnen een termijn van drie maanden nadat van de uitspraak aan partijen kennis is gegeven; deze termijn kan evenwel eerst beginnen te lopen op de dag waarop de uitspraak niet meer voor arbiters kan worden bestreden. 

2. De verweerder in een geding tot vernietiging kan in hetzelfde geding de vernietiging van de uitspraak vragen, ook al is de in het eerste lid bedoelde termijn verstreken.

3. De vordering tot vernietiging welke berust op een van de in artikel 1704, derde lid, bedoelde gronden, moet worden ingesteld binnen drie maanden, hetzij na de ontdekking van het bedrog dan wel van het stuk of ander bewijs, hetzij na de dag waarop het bewijsmiddel vals is verklaard of als zodanig erkend. Zij kan echter niet meer worden ingesteld na verloop van een termijn van vijf jaar, te rekenen van de dag waarop volgens artikel 1702, eerste lid, van de uitspraak aan partijen kennis is gegeven.

4. De rechter voor wie een vordering tot vernietiging aanhangig is, onderzoekt ambtshalve of de bestreden uitspraak niet in strijd is met de openbare orde en of het geschil vatbaar was voor beslechting door arbitrage.

Art. 1708.

1. Heeft het scheidsgerecht nagelaten uitspraak te doen over één of meer geschilpunten die kunnen worden gescheiden van die waarover wel uitspraak is gedaan, dan kan het, op vordering van één der partijen, zijn uitspraak aanvullen, ook al zijn de in artikel 1698 bedoelde termijnen verstreken, tenzij de wederpartij betwist dat is nagelaten uitspraak te doen over een geschilpunt of dat de geschilpunten kunnen worden gescheiden van die waarover wel uitspraak is gedaan.

2. In dat geval wordt het geschil door de meest gerede partij aanhangig gemaakt bij de rechtbank van eerste aanleg. Wanneer deze beslist dat de geschilpunten, waarover geen uitspraak is gedaan, gescheiden kunnen worden van die waarover wel uitspraak is gedaan, verwijst zij partijen naar het scheidsgerecht ter aanvulling van de uitspraak.

Rechtspraak:

• Cass. 27/01/2017, AR  C.15.0467.N, juridat

samenvatting

De rechter die een arbitrale uitspraak vernietigt, legt deze op onaantastbare wijze uit tenzij zijn uitleg onverenigbaar is met de bewoordingen ervan

tekst arrest

Nr. C.15.0467.N
NORTH SEA ENTERPRISES bvba, met zetel te 2000 Antwerpen, Zeevaart-straat 2,
eiseres,
tegen
TOUAX RIVER BARGES sas, vennootschap naar Frans recht, met zetel te 92800 Puteaux (Frankrijk), Tour Franklin 100-101, Terrasse Boieldieu,
verweerster,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 12 oktober 2015.

II. CASSATIEMIDDEL
De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF
Beoordeling
Eerste onderdeel

1. De rechter die een arbitrale uitspraak vernietigt, legt deze op onaantastbare wijze uit tenzij zijn uitleg onverenigbaar is met de bewoordingen ervan.

2. De arbiters verklaren over de rechtsmacht te beschikken om kennis te nemen van het geschil tussen partijen, om volgende redenen:

- alle herstelwerkzaamheden worden beheerst door de open overeenkomst van 9 december 2008;
- deze overeenkomst bepaalt dat alle geschillen die tussen de partijen ontstaan naar aanleiding van de uitvoering van dit contract, bij uitsluiting van de ge-wone rechtbanken, onderworpen zijn aan arbitrage in België, en dat het Bel-gisch recht toepasselijk is.

Zij verwijzen, in die context, voor het overige naar "de facturatie", die "niet af-zonderlijk doch in één enkel geheel" gebeurde, naar een "overzicht uitstaande facturen" en naar een overzicht "saldo contract NSE project" ter ondersteuning van hun beslissing dat er tussen partijen slechts één enkele overeenkomst geldt, die van 9 december 2008, en vellen aldus geen oordeel over de individuele facturen, die nadien en op uitdrukkelijk verzoek van de verweerster werden opgesteld waarbij de prestaties werden opgedeeld in "afbouw" en "herstellingen", en die de arbiters verder in hun beslissing nietig en zonder bewijswaarde verklaren omdat zij werden opgesteld in strijd met de toepasselijke taalwetgeving.

3. De appelrechters die vaststellen dat uit bladzijde 19 van de arbitrale uit-spraak blijkt dat de arbiters, wat hun rechtsmacht betreft, verwijzen naar de factu-ratie en dat zij de facturen op bladzijde 21 nietig verklaren, en op grond hiervan oordelen dat de uitspraak tegenstrijdige bepalingen bevat, miskennen de bewijs-kracht van de arbitrale uitspraak door er een uitleg aan te geven die onverenigbaar is met de bewoordingen ervan. Zij verantwoorden mitsdien hun beslissing niet naar recht dat de arbitrale uitspraak van 12 augustus 2013 nietig is.

Het onderdeel is gegrond.

Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden arrest behoudens in zoverre dit het hoger beroep ontvankelijk verklaart.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest.
Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.
Verwijst de aldus beperkte zaak naar te het hof van beroep te Brussel.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, en in openbare rechtszitting van 27 januari 2017 uitgesproken

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: za, 17/03/2012 - 13:58
Laatst aangepast op: za, 09/12/2017 - 11:15

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.