-A +A

Terbeschikkingstelling van onroerende goederen. Grondige analyse van enkele rechtsfiguren

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Vandebeek Natalie
Uitgever: 
Kluwer
Jaargang: 
2011
ISBN nummer: 
9789046536292
Samenvatting

Bespreking van dit werk door de uitgever

Deze tweede herwerkte uitgave (2011) biedt een volledig en vlot toegankelijk naslagwerk om de juridische en fiscale aspecten van de verschillende rechtsfiguren die betrekking hebben op de terbeschikkingstelling van onroerende goederen te kennen.

De publicatie geeft een overzicht van de stand van zaken op het vlak van rechtspraak, rechtsleer, wetgeving en administratieve standpunten.

Dit boek behandelt: het recht van opstal, het recht van erfpacht, recht van gebruik en bewoning, vruchtgebruik, onroerende leasing, huur.

Verder bevat dit boek nieuwe en zeer nuttige modellen:

■Huur
■Onroerende leasing-overeenkomst
■Vestiging erfpachtrecht
■Huurovereenkomst voor kantoor en opslagplaats
■Vestiging erpachtrecht en verkoop tréfonds
■Vestiging vruchtgebruik met regeling van de rechten en plichten tussen vruchtgebruiker en blote eigenaar

Inhoudstafel tekst: 

Hoofdstuk 1. Het recht van opstal 1
1. Begripsomschrijving en basiskenmerken 3
1.1. Een eigendomsrecht op de opstallen 3
1.2. Een zelfstandig onroerend zakelijk recht 4
1.2.1. Een zakelijk (genots-)recht 4
1.2.2. Een zelfstandig recht 5
1.3. Een in de tijd beperkt eigendomsrecht 6
1.3.1. Algemeen 6
1.3.2. Hernieuwingsmogelijkheden van het opstalrecht 7
1.3.3. Geen maximumduur bij een onzelfstandig recht van opstal . 7
1.3.4. Vervroegde beëindiging 7
2. Zowel kosteloos als onder bezwarende titel 8
3. De vestiging van het recht van opstal 8
4. Rechten en verplichtingen van de opstalhouder tijdens de duur van het recht van opstal 10
4.1. Rechten 10
4.1.1. Rechten m.b.t. de gebouwen 10
4.1.2. Rechten m.b.t. het opstalrecht 11
4.2. Verplichtingen van de opstalhouder 12
5. Rechten en verplichtingen van de grondeigenaar tijdens de duur van het recht van opstal 13
6. Einde van het recht van opstal 13
6.1. Faillissement van de opstalhouder 15
6.2. Gevolgen van de beëindiging van het recht van opstal 16
7. Afstand van het recht van natrekking en toekenning van een recht tot
bouwen 17
8. Regularisatie van een stilzwijgende afstand van natrekking 19
9. Wie kan een recht van opstal vestigen? 20
9.1. Vestiging van een recht van opstal door een volle eigenaar 21
9.2. Vestiging van een recht van opstal door een vruchtgebruiker 22
9.3. Vestiging van een recht van opstal door een erfpachter 23
9.4. Vestiging van een recht van opstal door een opstalhouder 24
10. Aspecten van huwelijksvermogensrecht 25
10.1. Recht van opstal tussen echtgenoten gehuwd onder het stelsel van scheiding van goederen 25
10.2. Recht van opstal tussen echtgenoten gehuwd onder het stelsel van gemeenschap 25
10.2.1. Wijziging van het huwelijksvermogensstelsel? 25
10.2.2. Welke procedure dient te worden gevolgd? 27
11. Bekwaamheid 30
12. Fiscaleaspecten 31
12.1. Registratierechten 31
12.1.1. Bij de vestiging van het recht van opstal 31
12.1.2. Bij het einde van het recht van opstal 33
12.1.3. Bijzonder vraagstuk: de vervroegde beëindiging van het recht van opstal 33
12.2. Inkomstenbelastingen 36
12.2.1. Opstalgever treedt prive´ op 36
12.2.2. Opstalgever treedt beroepsmatig op 39
Hoofdstuk 2. Het recht van erfpacht 41
1. Definitie 43
2. Essentie¨le kenmerken 43
3. Vergelijking van het recht van erfpacht met andere rechtsfiguren 46
3.1. Eigendom 46
3.2. Vruchtgebruik 46
3.3. Erfdienstbaarheid 47
3.4. Opstal 47
3.5. Huur 47
3.6. Verkoop 49
4. Vestiging van het erfpachtrecht 51
5. Rechten en verplichtingen van de erfpachter tijdens de duur van de erfpacht 52
5.1. Rechten 52
5.1.1. Rechten m.b.t. het onroerend goed 52
5.1.2. Rechten m.b.t. het erfpachtrecht zelf 54
5.1.2.1. Vervreemden 54
5.1.2.2. Hypothekeren 55
6. Verplichtingen van de erfpachter 55
6.1. De betaling van de canon 55
6.2. Onderhoud en herstelling 57
6.3. Het verbod van waardevermindering 57
6.4. De belastingen 58
6.5. Verbod van in gedrang brengen eigendomsrecht 58
7. Rechten en verplichtingen van de eigenaar tijdens de duur van de erfpacht 58
7.1. Rechten 58
7.2. Verplichtingen 59
8. Einde van het erfpachtrecht 59
8.1. Vermenging 59
8.2. Volledig tenietgaan van het onroerend goed (voorwerp van de erfpacht) 60
8.3. Dertigjarige verjaring 60
8.4. Verstrijken van de termijn 60
8.5. Vervallenverklaring 61
8.6. Ontbindendevoorwaarde 61
8.7. Uitdrukkelijk ontbindend beding 63
8.8. Stilzwijgend ontbindend beding 64
8.9. Gevolgen van de bee¨indiging van het recht van erfpacht 65
8.9.1. Persoonlijke vordering tot schadevergoeding 65
8.9.2. Lot van de door de erfpachter tot stand gebrachte gebouwen 65
8.9.2.1. Vrijwillige opstallen 66
8.9.2.2. Verplichte opstallen 66
9. Wie kan een recht van erfpacht vestigen? 66
9.1. Vestiging van een recht van erfpacht door de volle eigenaar 66
9.2. Vestiging van een recht van erfpacht door de vruchtgebruiker 67
9.2.1. Het vruchtgebruik heeft betrekking op gebouwde onroerende goederen 67
9.2.2. Het vruchtgebruik slaat op ongebouwde onroerende goederen 68
9.3. Vestiging van een recht van erfpacht door een erfpachter 68
9.4. Vestiging van een recht van erfpacht door een opstalhouder 69
Hoofdstuk 3. Recht van gebruik en bewoning 71
1. Definitie 73
2. Voorwerp van het recht 73
3. Essentiële kenmerken 73
3.1. Een zakelijk recht 74
3.2. Een tijdelijk recht 74
3.3. Ondeelbaar 74
3.4. Onoverdraagbaar 75
4. Vestiging 75
5. Rechten en verplichtingen van de partijen 76
5.1. Einde van het recht van gebruik en bewoning 77
Hoofdstuk 4. Vruchtgebruik 79
1. Begrip 81
2. Kenmerken 81
2.1. Zakelijk recht 81
2.2. Tijdelijk recht 83
2.3. Niet van openbare orde 84
3. De wijzen van vestiging van het vruchtgebruik 84
3.1. Vestiging door de wet 84
3.2. Vestiging door verkrijgende verjaring 85
3.3. Vestiging door de mens 85
3.3.1. Testament 85
3.3.2. Overeenkomst 86
3.4. Titularissen van het recht van vruchtgebruik 86
4. De rechten en verplichtingen van de vruchtgebruiker bij het ontstaan van het vruchtgebruik 88
4.1. Vordering tot afgifte 88
4.2. Verplichting tot het opmaken van een boedelbeschrijving of staat 88
4.2.1. Algemeen – Draagwijdte 88
4.2.2. Inhoud en vorm 89
4.2.3. Vrijstelling van het opstellen van een staat 90
4.2.4. Sanctie 90
4.3. Verplichting tot borgstelling 90
5. Rechten en verplichten van de vruchtgebruiker tijdens de duur van het vruchtgebruik 91
5.1. Rechten 91
5.1.1. Het recht van genot en gebruik van de zaak 91
5.1.2. Overdracht van het recht van vruchtgebruik 94
5.1.3. Instellen van rechtsvorderingen 95
6. Verplichtingen van de vruchtgebruiker 95
6.1. Instandhouding van de zaak 95
6.2. Onderhoud van de zaak 96
6.3. Verplichting tot bijdrage in de lasten van het vruchtgebruik 99
6.4. Verplichting tot bijdrage in de schulden van het vruchtgebruik 100
7. Einde van het vruchtgebruik1 101
7.1. De oorzaken van bee¨indiging 101
7.1.1. Overlijden van de vruchtgebruiker 101
7.1.2. Het verstrijken van de duur van het vruchtgebruik 102
7.1.3. Vermenging 102
7.1.4. Het onbruik gedurende dertig jaar 103
7.1.5. Het tenietgaan van het in vruchtgebruik gegeven goed 103
7.1.6. De ontbinding van de vestigingstitel van het vruchtgebruik . 105
7.1.7. De ontbinding of de nietigverklaring van de eigendomstitel . 105
7.1.8. De afstand van recht 105
7.1.9. De vervallenverklaring van het vruchtgebruik 107
7.2. De gevolgen van de bee¨ı¨ndiging van het vruchtgebruik voor de vruchtgebruiker en de blote eigenaar 109
7.2.1. Verplichting tot teruggave van het goed door de vruchtgebruiker 109
7.2.2. De vergoeding voor de door de vruchtgebruiker uitgevoerde werken 109
7.2.2.1. De door de vruchtgebruiker uitgevoerde grove herstellingen 109
7.2.2.2. De uitgevoerde verbeteringen 110
7.2.2.3. De bebouwingen en beplantingen 111
8. Wie kan een recht van vruchtgebruik vestigen? 112
8.1. Vestiging van een recht van vruchtgebruik door een volle eigenaar 112
8.2. Vestiging van een recht van vruchtgebruik door een vruchtgebruiker 112
8.3. Vestiging van een recht van vruchtgebruik door een erfpachter 113
8.4. Vestiging van een recht van vruchtgebruik door een opstalhouder 114
9. Bijzondere fiscale aspecten van vruchtgebruikconstructies: herkwalificatie 114
1. Rb. Antwerpen, 19 juni 2002 – Herkwalificatie niet aanvaard: verrichting beantwoordt aan rechtmatige financiële en economische motieven 114
2. Rb. Antwerpen 6 januari 2003 — Herkwalificatie aanvaard: de herkwalificatie dient louter fiscaal te worden bekeken – Tegenbewijs niet aanvaard 117
3. Gent 13 september 2005 – Herkwalificatie niet aanvaard – Vruchtgebruik en huur hebben verschillende rechtsgevolgen 118
4. Hof van Cassatie 22 november 2007 – Bevestiging van Gent, 13 september 2005 120
1. Art. 617-625 B.W.
Hoofdstuk 5. Onroerende leasing 121
1. Bronnen 123
2. Definitie 123
2.1. Operationele leasing versus financie¨le leasing 124
2.1.1. Operationele leasing 124
2.1.2. Financie¨le leasing 125
2.2. Onderscheid met huur 125
3. Totstandkoming van de onroerende leasing 126
3.1. De aankoop van de grond en de oprichting van het gebouw 126
4. Boekhoudwetgeving 127
4.1. Situatie tot 31 december 1993 128
4.2. Situatie vanaf 1 januari 1994 128
4.3. Boekhoudkundige verwerking bij de leasingnemer 132
4.3.1. Boeking bij de leasinggever 134
4.3.2. Contracten die niet voldoen aan de boekhoudkundige omschrijving 135
5. Overdracht van het gebruiksrecht 135
6. Onroerende leasing en B.T.W . 136
6.1.Inleiding 136
6.2. Voorwaarden met betrekking tot de aard van de goederen 137
6.2.1. Gebouwde onroerende goederen 137
6.2.2. Verkrijging of oprichting van het gebouw met toepassing van de B.T.W . 137
6.2.2.1. Oprichting van het gebouw 138
6.2.2.2. Verkrijging van een gebouw 139
6.2.3. Oprichting of verkrijging overeenkomstig de gespecificeerde aanwijzingen van de leasingnemer 140
6.2.4. Gebruik in het kader van de activiteit als belastingplichtige . 142
7. Voorwaarden met betrekking tot het contract 143
7.1. Niet eigendomsoverdragende overeenkomst 143
7.2. Een niet opzegbare overeenkomst 144
7.3. Koopoptie 145
7.3.1. Zakelijke rechten als zodanig 147
7.3.2. Bij het einde van het contract 148
7.3.3. Overdracht van de aankoopoptie 148
7.4. Wedersamenstelling van het geinvesteerde kapitaal 149
7.4.1. Oud criterium inzake wedersamenstellingsvoorwaarde 150
7.4.2. Nieuw criterium inzake wedersamenstellingsvoorwaarde 151
8. Voorwaarde m.b.t. de leasinggever 154
9. Bijzonderheden 155
9.1. Plaats van de dienst 155
9.2. Tijdstip van de dienst en opeisbaarheid 155
9.3. Maatstaf van heffing 155
9.4. B.T.W.-tarief 156
10. Recht op aftrek in hoofde van de leasinggever 156
11. Aftrek in hoofde van de leasingnemer 161
12. , uitbreiden, inrichten of herstellen van een gebouw dat het voorwerp is van een overeenkomst van onroerende leasing 162
12.1. De werken monden uit in een ‘nieuwe constructie ’ 162
12.2. De werken monden niet uit in een ‘nieuwe constructie’ 162
13. Vervreemding van het gebouw voÂoÂr het verstrijken van de contractuele termijn 163
14. Onroerende leasing en registratierechten 165
15. 14.1. Bij de aankoop van het onroerend goed door de leasinggever .... 165
14.1.1. Aankoop van gebouw met grond 165
14.1.2. Aankoop van de grond 166
14.2. Bij het afsluiten van het huur- of erfpachtcontract 168
14.3. Bij de overdracht van de overeenkomst 168
14.4. Bij het lichten van de koopoptie 169
Hoofdstuk 6. Huur 171
1. Inleiding 173
2. Toepassingsgebied 173
3. Definitie van ‘huur ’ 174
4. Kenmerken van de huur 174
4.1. Een consensuele overeenkomst 174
4.2. Wederkerig 176
4.3. Onder bezwarende titel 176
4.4. Een tijdelijke overeenkomst 177
4.4.1. Algemeen 177
4.4.2. Duur van de gemene huur 177
4.4.3. Duur van de handelshuur 178
4.5. Niet intuitu personae 181
5. Rechten en verplichtingen van de verhuurder 182
5.1. Verplichtingen van de verhuurder 182
5.1.1. Levering 182
5.1.2. Onderhoud en herstelling 183
5.1.3. Vrijwaring 185
5.1.3.1. Eigen daden 185
5.1.3.2. Daden van derden 186
5.1.3.3. Gebreken 187
5.2. Rechten van de verhuurder 188
6. Rechten en verplichtingen van de huurder 188
6.1. Verplichtingen 188
6.1.1. Stofferen 188
6.1.2. Huurprijs betalen 189
6.1.3. Gebruik als een goed huisvader 191
6.1.4. Uitvoeren van verbouwingswerken 193
6.1.5. Teruggave 195
6.1.6. Aansprakelijkheid voor brand 195
7. Onderhuur en overdracht van huur 196
7.1. De gevolgen van de onderhuur 196
7.2. De gevolgen van huuroverdracht 197
8. Verkoop van het verhuurde goed 197
8.1. Vaste datum: begrip 198
8.2. Huurovereenkomst met vaste datum 198
8.3. Huurovereenkomst zonder vaste datum 199
9. Einde van dehuur 200
Hoofdstuk 7. Modellen 201
7.1. Model huur 203
7.2. Model onroerende leasing-overeenkomst 218
7.3. Model vestiging erfpachtrecht 228
7.4. Model huurovereenkomst voor kantoor en opslagplaats 249
7.5. Model vestiging erfpachtrecht en verkoop tréfonds 260
7.6. Modelakte vestiging vruchtgebruik met regeling van de rechten en plichten tussen vruchtgebruiker en blote eigenaar 271
 

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: vr, 16/09/2011 - 12:01
Laatst aangepast op: vr, 16/09/2011 - 12:01

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.