-A +A

Het journalistiek bronnengeheim onthuld

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Voorhoof D
Uitgever: 
die Keure
Jaargang: 
2008
ISBN nummer: 
9789086617333
Samenvatting

Dit boek houdt de wet van 7 april 2005 tot bescherming van de journalistieke bronnen tegen het licht.

De standpunten over de kwaliteit van de wet lopen nogal uiteen en er bestaat twijfel of de wet het juiste evenwicht garandeert tussen de belangen van justitie en de bescherming van de persvrijheid.

Het boek ontrafelt de wet en is een leidraad voor al wie met het journalistieke bronnengeheim te maken krijgt. De bijdragen zijn van Koen Lemmens, Pol Deltour, Gerard Schuijt en Dirk Voorhoof. Als bijlage zijn, naast de wettekst, ook het advies van de Hoge Raad voor de Justitie, een bibliografie en een praktische handleiding bij de wet opgenomen.

Het recht van een journalist om zijn bronnen niet prijs te geven is volgens de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EVRM) een van de hoekstenen van de persvrijheid.

Hof Mensenrechten, arrest Goodwin t. Verenigd Koninkrijk van 27 maart 1996; arrest Roemen en Schmit t. Luxemburg van 25 februari 2003; arrest Ernst e.a. t. België van 15 juli 2003; arrest Stângu en Scutelnicu t. Roemenië van 31 januari 2006, § 52; arrest Voskuil t. Nederland van 22 november 2007; arrest Tillack t. België van 27 november 2007; arrest Financial Times Ltd. e.a. t. Verenigd Koninkrijk van 15 december 2009; arrest (Gr.K.) Sanoma Uitgevers
B.V. t. Nederland van 14 september 2010; arrest Martin e.a. t. Frankrijk van 12 april 2012; arrest Ressiot e.a. t. Frankrijk van 28 juni 2012; arrest Telegraaf Media Nederland Landelijke Media N.V. e.a. t. Nederland van 22 november 2012; arrest Saint-Paul Luxembourg S.A. t. Luxemburg van 18 april 2013; arrest Nagla t. Letland van 16 juli 2013. 

Enkel wegens een zwaarwegende eis van algemeen belang zou de rechter een journalist kunnen bevelen zijn bronnen bekend te maken, voorzover er geen 
er geen alternatieven zijn om de identiteit van de bron van de jornalist te achterhalen, voorzover deze schending van de persvrijheid, de proportionaliteitstoets doortstaat op grond van de extreme noodzakelijkheid ter bescherming van de maatschappij die bij gebreke aan de bekendmaking in extreem gevaar zou komen.

Het Europees Hof hekent de vaak gebruikte techniedk van de huiszoeking bij de journalist of op de nieuwsdienst om aldus (via een omweg de bronnen van de journalist te kennen). Deze techniek is, volgens het EVRM, niet te aanzien als een noodzakelijk maatregel in een democratische rechtstaat.
samenleving.

Zie Hof Mensenrechten, arrest Roemen en Schmit t. Luxemburg van 25 februari 2003; arrest Ernst e.a. t. België van 15 juli 2003; arrest Tillack t. België van 27 november 2007; arrest Saint-Paul Luxembourg S.A. t. Luxemburg van 18 april 2013; arrest Nagla t. Letland van 16 juli 2013.

 

Inhoudstafel tekst: 

De Belgische Bronnenwet (dubbel) gecheckt. Voorwoord
door D. Voorhoof

“Wovon man nicht reden kann, darüber muss man schweigen”. Het journalistieke zwijgrecht wettelijk beschermd
door K. Lemmens

Uitstekende Bronnenwet botst op taaie gerechtelijke gewoonten en nieuwe uitdagingen
door P. Deltour

Journalistieke bronbescherming met of zonder wet?
door G. Schuijt

Bijlagen
1. Wet van 7 april 2005 tot bescherming van de journalistieke bronnen (Bronnenwet)
2. De lange lijdensweg van de Belgische Bronnenwet
3. Praktische handleiding bij de Bronnenwet voor journalisten
4. Hoge Raad voor de Justitie, Advies over de wetsvoorstellen tot toekenning aan de journalisten van het recht om hun informatiebronnen te verzwijgen, 4 februari 2004
5. Grondwettelijk Hof nr. 91/2006, 7 juni 2006
6. Voorz. Rb. Brussel (derdenverzet) 7 juni 2002, D. De Coninck en M. Vandermeir t. V. Bourlard, Euro Liège T.G.V. en N.M.B.S.
7. Rb. Brussel 29 juni 2007, A. De Graaf en NV Uitgeverij De Morgen t. De Belgische Staat
8. EHRM 22 november 2007, Voskuil t. Nederland
9. EHRM 27 november 2007, Tillack t. België
10. Bibliografie

Het bronnengeheim wordt wettelijk geregeld door de wet van 7 april 2005 tot bescherming van de journalistieke bronnen. 

Aldus heeft de journalist evenals elke redactiemedewerker het recht hun informatiebronnen geheim te houden en mag de rechter hen enkel dwingen die bronnen vrij te geven ter voorkoming van bepaalde misdrijven tegen de fysieke integriteit van personen.

Opsporings- en onderzoeksmaatregelen mogen niet slaan op gegevens die betrekking hebben op die bronnen, tenzij die gegevens kunnen voorkomen dat
de bedoelde misdrijven worden gepleegd.

Overige rechtsleer:

• D. VOORHOOF (ed.), Het journalistiek bronnengeheim onthuld, Brugge, die Keure, 2008, 172 p.;

• D. VOORHOOF, “’Telefoontap’ bij journaliste De Morgen ultiem bewijs van noodzaak wet bescherming journalistieke bronnen”, Juristenkrant 2005/103, 4;

• D. VOORHOOF, “Hof van Cassatie (te) zuinig met journalistieke rechten”, Juristenkrant 2005/102, 12;

• Q. VAN ENIS, “Développements récents relatifs à la protection des sources journalistiques en Belgique. Pierre angulaire ou pierre d’achoppement”, JT 2010, 261-269;

• C. BAEKELAND, “Het EHRM en het journalistiek bronnengeheim: een contrarevolutie in de maak?” (noot onder Hof Mensenrechten, arrest (Gr.K.) Sanoma Uitgevers B.V. t. Nederland van 14 september 2010), CDPK 2011, 244-253.

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 05/07/2014 - 12:30
Laatst aangepast op: za, 20/01/2018 - 16:59

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.