-A +A

Eenmaal? Andermaal? Cumul van administratieve sancties in de werkloosheid met strafsancties (of met administratieve sancties): de opflakkering van een oud zeer

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Titel van het boek: 
Rede uitgesproken door de advocaat-generaal op de plechtige openingszitting van het Arbeidshof te Gent op 4 september 2012
Publicatie
Auteur: 
Jean-Pierre DIEPENDAELE
Tijdschrift: 
Rechtskundig weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2012-2013
Pagina: 
882
Samenvatting

• recente commotie over de cumulatie van administratieve sancties met strafsancties, na de ommezwaai in de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens met betrekking tot het non bis in idem-beginsel zoals verwoord in art. 4, 1° van het Protocol nr. 7 bij het EVRM.

• rechtspraak zoals door het Hof van Cassatie bij arrest van 25 mei 2011 niet gevolgd.

• Door de ratificatie van het Protocol nr. 7 bij het EVRM.door België op 1 juli 2012, wordt verwacht dat het Hof van Cassatie deze Europese rechtspraak in de toekomst niet meer zal kunnen negeren.

• Zijn twee vormen van sancties wel echt nodig? Zo ja, hoe kan een tweede bestraffing vermeden worden?

• Fiscale materie: initiatief  wetgever via het instellen van een «una via»-principe bij de wet van 20 september 2012 (BS 22 oktober 2012).

• Vraag of deze oplossing transponeerbaar is naar de sancties in de sociale zekerheid, en in het bijzonder naar de sancties in het Werkloosheidsbesluit?

 

Inhoudstafel tekst: 

1. Dat iemand geen twee keer gestraft mag worden voor eenzelfde feit, is een oud en billijk principe, maar het is in de geest van de mens toch geen gemeengoed....

2. De laatste jaren is het namelijk duidelijk geworden dat administratieve sancties ook een strafrechtelijk karakter kunnen hebben waardoor kan worden aangevoerd dat de algemene strafrechtsbeginselen, zoals het non bis in idem-beginsel, ook toepassing moeten vinden op dergelijke administratieve sancties.

De rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: EHRM) hanteert als criteria de aard van de inbreuk evenals de aard en de ernst van de sanctie

Het Hof van Cassatie hanteert in essentie dezelfde criteria en formuleerde dit in 2002 als volgt: «Overwegende dat een administratieve sanctie een strafsanctie kan zijn in de zin van artikel 15 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten van 19 december 1966; dat, om uit te maken of een administratieve sanctie een dergelijk karakter heeft, moet nagegaan worden of ze,

1. niet slechts een bepaalde groep met een particulier statuut betreft;

2. een bepaald gedrag voorschrijft en op de niet-naleving ervan een sanctie stelt;

3. niet alleen maar een vergoeding van schade betreft, maar essentieel ertoe strekt te straffen om herhaling van gelijkaardige handelingen te voorkomen;

4. stoelt op een norm met een algemeen karakter, waarvan het oogmerk tezelfdertijd preventief en repressief is;

5. zeer zwaar is gelet op het bedrag ervan;

(Cass. 15 februari 1995, RW 1995-96, 600, JTT 1995, 249, Soc.Kron. 1996, 47, noot P. Van Den Bon en P. Palsterman; Cass. 3 mei 1999, JTT 1999, 416 en 483, noot P. Gosseries, RW 1999-2000, 1399, Soc.Kron 2000, 615, noot M. Palumbo en P. Kallaï; Cass. 18 februari 2002, Arr.Cass. 2002, 528, RW 2002-03, 659, noot, Soc.Kron. 2002, 378, NJW 2002, 94, JTT 2002, 445, noot. )

3. Er bestaan in ons land tal van soorten administratieve sancties, en hun aantal stijgt jaar na jaar. Denk maar aan de GAS (gemeentelijke administratieve sancties, art. 119bis Nieuwe Gemeentewet)...

4. de sancties in het sociaal recht...

5. de tweede soort sancties, die in het Werkloosheidsbesluit uitdrukkelijk als administratieve sancties worden betiteld. De artikelen 153, 154 en 155 bepalen dat de werkloze van de uitkeringen kan worden uitgesloten gedurende een aantal weken waarvan het minimum en maximum verschilt naargelang de inbreuk.

6. De werkloze die dergelijke inbreuken op de werkloosheidsreglementering heeft begaan kan, echter ook voor deze feiten strafrechtelijk vervolgd

7. De mogelijkheid van een cumulatie van administratieve sancties met strafsancties is door de Belgische rechtspraak in het verleden al herhaalde keren getoetst aan het non bis in idem-beginsel. Twee arresten van het Hof van Cassatie van 5 februari 1999 11 zijn hierbij richtinggevend geweest...

8. Met de behandeling van het burgerlijke geschil gewacht moet worden zolang niet definitief is beslist over de strafvordering inzake inbreuken op het Werkloosheidsbesluit die tevens de grondslag zijn van de bestreden beslissing van de RVA.

9. Met de invoering van het Sociaal Strafwetboek kan er, nadat het openbaar ministerie de strafzaak heeft geseponeerd, toch nog gestraft worden, namelijk via een administratieve geldboete....

10. Het standpunt van de rechtspraak met betrekking tot de mogelijkheid van een cumulatie van strafsancties met administratieve sancties botste enkel in de doctrine, maar zelden in de praktijk op weerstand; dit heeft allicht te maken met het feit dat het standpunt compatibel was met de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens sinds 1998 en alleszins sinds 1999...

Met betrekking tot het begrip «idem» was dit Hof met een arrest van 30 juli 1998 16 immers afgestapt van zijn vroegere standpunt 17 dat er een schending was van het non bis in idem-beginsel als de beide vervolgingen dezelfde materiële gedraging tot voorwerp hebben, waarbij de wettelijke kwalificatie dus geen rol speelde.

11. Het EHRM heeft immers in 2009 gezorgd voor een radicale ommezwaai in zijn rechtspraak aangaande de non bis in idem-regel, in de intussen vermaarde zaak van Zolotoukhine tegen Rusland. ...

12. Door het materiële feit als criterium voorop te stellen in plaats van een juridisch criterium (de kwalificatie van de inbreuken) komt onvermijdelijk de cumulatie van strafsancties met administratieve sancties die een penaal karakter hebben in het gedrang....

13. De RVA leek zich dus neer te leggen bij de voor de hand liggende consequenties van het arrest-Zolotoukhine; dit was echter niet het geval voor de procureur-generaal te Brussel die cassatieberoep heeft aangetekend tegen het zo-even vermelde arrest van het Hof van Beroep te Brussel van 17 november 2010.

In het daaropvolgende arrest 32 heeft het Hof van Cassatie het bestreden arrest vernietigd in zoverre het de strafvordering wegens de werkloosheidsovertreding niet ontvankelijk heeft verklaard, in overeenstemming met de memorie en de gelijkluidende conclusie van het openbaar ministerie. Er werd geoordeeld dat het algemeen rechtsbeginsel non bis in idem niet wordt geschonden wanneer de bestanddelen («les faits constitutifs») van de twee misdrijven in wezen niet dezelfde zijn. Dit is het geval wanneer, zoals te dezen, het strafbaar gestelde moreel bestanddeel van beide misdrijven verschillend is. Het feit waarop de strafvervolging slaat, kan volgens het Hof van Cassatie niet worden teruggebracht tot het feit waarop de administratieve sanctie van uitsluiting is gesteld. ...

14. In een enkele publicatie wordt uit deze toevoeging afgeleid dat de arbeidsrechter, die vaststelt dat de RVA bij het bepalen van een administratieve sanctie rekening heeft gehouden met de frauduleuze bedoelingen van de werkloze, die sanctie zal moeten vernietigen omdat de RVA-directeur zijn boekje is te buiten gegaan...

15. door uitdrukkelijk te verwijzen naar de bestanddelen van de misdrijven lijkt het Hof van Cassatie in te gaan tegen de recente rechtspraak van het EHRM...

16. Het lijdt geen twijfel, temeer omdat het Protocol nr. 7 nu geratificeerd is, dat het standpunt van het Hof van Cassatie ook voor de rechtbanken en hoven gecontesteerd zal worden...

17. De roep om rechtszekerheid en een betere rechtsbescherming klinkt luid in de commentaren. De procureur-generaal en het auditoraat-generaal te Luik pleitten een jaar geleden al voor een dringend en intens overleg tussen de instellingen van sociale zekerheid en het openbaar ministerie om redelijke en evenwichtige oplossingen te vinden. ....

Enkele geciteerde bronnen

• Wet van 6 maart 2007 houdende instemming met het Protocol nr. 7 bij het Verdrag ter Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden, gedaan te Straatsburg op 22 november 1984, BS 22 juni 2012.

• EHRM 8 juni 1976, Engel e.a. t/ Nederland;

• J. Put, «Administratieve sancties in de sociale zekerheid en artikel 6 E.V.R.M.» in W. van Eeckhoutte

• M. Rigaux (eds.) Sociaal Recht: niets dan uitdagingen, Gent, Mys & Breesch, 1996, 705-717

• A. Alen, «Administratieve geldboeten: hun internationaal- en internrechtelijke kwalificatie» in Liber Amicorum Prof. dr. G. Baeteman, Deurne, Kluwer, 1997, 382-390.

• Cass. 6 mei 2002, Arr.Cass. 2002, 1216, met conclusie van advocaat-generaal Th. Werquin.

• Cass. 15 februari 1995, RW 1995-96, 600, JTT 1995, 249, Soc.Kron. 1996, 47, noot P. Van Den Bon en P. Palsterman;

• Cass. 3 mei 1999, JTT 1999, 416 en 483, noot P. Gosseries, RW 1999-2000, 1399, Soc.Kron 2000, 615, noot M. Palumbo en P. Kallaï;

• Cass. 18 februari 2002, Arr.Cass. 2002, 528, RW 2002-03, 659, noot, Soc.Kron. 2002, 378, NJW 2002, 94, JTT 2002, 445, noot.

• J. Put, «De afbakening van het sanctieconcept. Uitsluiting wegens vrijwillige werkloosheid: maatregel, sanctie of straf?», NJW 2002, 80.

• Cass. 14 maart 2005, JTT 2005, 224, Soc.Kron. 2005, 520.

• Cass. 5 februari 1999, Arr.Cass. 1999, 142, met conclusie van advocaat-generaal Goeminne, RW 1999-2000, 640, noot; Cass. 5 februari 1999, Arr.Cass. 1999, 155, met conclusie van advocaat-generaal Goeminne, RW 1998-99, 1352;

• A. Alen, «Naar een betere rechtsbescherming inzake administratieve geldboeten na de koerswijziging van het Hof van Cassatie in zijn arresten van 5 februari 1999», RW 1999-2000, 630.

• Arbh. Antwerpen 17 september 2002, Soc.Kron. 2003, 386;

• Arbh. Luik 11 december 2008, 15e kamer, AR nr. 35.371/08, www.juridat.be.

• Corr. Hasselt 30 juni 2000, RW 2001-02, 955.

• Antwerpen 27 september 2001, RW 2001-02, 954.

• Gent 24 november 2011, 3e kamer, nr. C/1775/11, onuitg.

• EHRM 30 juli 1998, Oliveira t/ Zwitserland.

• EHRM 23 oktober 1995, Gradinger t/ Oostenrijk.

• Arbitragehof 26 april 2007, nr. 67/2007; GwH 18 juni 2008, nr. 91/2008.

• EHRM 14 september 1999, Ponsetti en Chesnel t/ Frankrijk.

• EHRM 10 februari 2009, Zolotoukhine t/ Rusland, RABG 2009, 871, noot P. Hoet, JT 2009, 150 (uittreksel).

• 24 EHRM 16 juni 2009, Ruotsalainen t/ Finland.

• Arbh. Brussel 11 augustus 2010, JTT 2011, 27.

• Brussel 17 november 2010, 11e kamer, onuitg., maar vermeld in de memorie en in de conclusie bij Cass. 25 mei 2011, Soc.Kron. 2011, 261 en 264.

27 Corr. Nijvel 22 juli 2009, onuitg., maar eveneens vermeld in de memorie bij Cass. 25 mei 2011, Soc.Kron. 2011, 261.

• C. Visart De Bocarmé, M.A. Franquinet, G. Ligot en C. Lescart, «L’application du principe «non bis in idem» dans le droit pénal social», Soc.Kron. 2011, (266) 273;

• J.-F. Neven en H. Mormont, «Cumul des sanctions administrative et pénale en matière de chômage: la Cour de cassation ignore-t-elle la jurisprudence de Strasbourg sur l’identité d’infraction?», JT 2011, (651) 653.

• Cass. 25 mei 2011, RDP 2011, 1186, met conclusie van advocaat-generaal J.-M. Genicot, JT 2011, 651, noot J.-F. Neven en H. Mormont, T.Strafr. 2011, 355, noot F. Schuermans, NJW 2011, 772, noot Ch. Conings, Soc.Kron. 2011, 278 (met memorie F. De Formanoir, p. 261 en conclusie van advocaat-generaal J.-M. Genicot. p. 264), JTT 2012, 50, met conclusie van advocaat-generaal J.-M. Genicot en noot G.-F. Raneri, JLMB 2012, 112, Dr.pén.entr. 2011, 303, RW 2011-12, 1673, noot L. Vermeulen.

• L. Vermeulen, «Over het «non bis in idem»-principe» (noot onder Cass. 25 mei 2011), RW 2011-12, 1673.

• G.-F. Raneri, «Non bis in idem – La Cour de cassation rejette-t-elle la jurisprudence Zolotoukhine?» (noot onder Cass. 25 mei 2011), JTT 2012, 52.

• W. Verrijdt, bespreking van EHRM 10 februari 2009, Zolotoukhine t/ Rusland in «Europese rechtspraak «Rechten van de mens» in kort bestek», RW 2011-12, 500-502.

• R. Malagnini, «L’application du principe non bis in idem: le cas de l’assurance-chômage» (noot onder Corr. Verviers 18 mei 2009), JLMB 2009, (1562) 1571.

• Arbitragehof 26 april 2007, nr. 67/2007,

• GwH 29 juli 2010, nr. 91/2010, overweging B.4.5.

• Ch. Conings Ne bis in idem. Tijd voor hetzelfde «idem»», NJW 2012, (274), p. 279, nr. 15.

• Luik 15 juni 2011, JLMB 2012, 468.

• M.-A. Beernaert, «Le cumul de sanctions disciplinaires et pénales à l’aune du principe ne bis in idem» (noot onder Corr. Verviers 7 december 2008), JLMB 2010, (475) 477 e.v.,

• J. Put, «Bis, sed non in idem. Een denkoefening over de toepassing van het non bis in idem-beginsel op de cumulatie van administratieve en strafsancties», RW 2001-02, 937.

• W. Langeraert, «Sancties in de werkloosheidsverzekering. Wijzigingen en rechtspraak», documentatie specifieke opleiding van leden van de rechterlijke orde – sociaal recht, 26 maart en 16 april 2002, p. 39.

• A. De Nauw, «Cumulatie van straffen en administratieve sancties met een strafrechtelijk karakter na de arresten Zolotoukhin en Ruotsalainen» in F. De Ruyck (ed.), Strafrecht meer … dan ooit, Brugge, die Keure, 2011, p. 16, nr. 9 en voetnoot 36.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: vr, 25/01/2013 - 23:12
Laatst aangepast op: za, 26/01/2013 - 00:58

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.