-A +A

Een nieuw wetgevend kader voor de kwaliteitsrekening

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Vincent Sagaert
Auteur: 
Dorothy Gruyaert
Tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2014-2015
Pagina: 
522
Samenvatting

Deze bijdrage bespreekt de wetten van 22 november 2013 (voor notarissen), 21 december 2013 (voor advocaten) en 7 januari 2014 (voor gerechtsdeurwaarders), die de derdenrekening van notarissen, gerechtsdeurwaarders en advocaten beschermen in het belang van hun cliënten, in die zin dat de regeling voorzien in de wet er voor garant staat dat deze gelden van de cliënten steeds beschermd blijven en nooit tot het vermogen van de notarissen, gerechtsdeurwaarders en advocaten behoren.

De Hypotheekwet stelt in artikel 8 het principe van de eenheid en ondeelbaarheid van het vermogen in. Elke natuurlijke persoon of rechtspersoon heeft volgens dit principe slechts één vermogen dat garant staat voor alle schuldeisers (onverminderd de voorrechten en hypotheken) en aldus vatbaar is voor beslag.

Het Hof van Cassatie oordeelde in haar ophefmakend arrest van 27 januari 2011, op basis van dit principe dat de derdenrekeningen, ook wel kwaliteitsrekeningen vatbaar waren tot beslag voor de persoonlijke schulden van advocaten, gerechtsdeurwaarders en notarissen.

Gezien deze derdenrekeningen steeds de bedoeling hadden om bescherming te bieden aan de cliënten bleek er een lacune in de wetgeving. De wet van 22 november 2013 voorziet in deze bescherming en dicht de lacune door een art. 8/1 in de hypotheekwet toe te voegen die een belangrijke uitzondering vormt op het aloude principe van de eenheid en ondeelbaarheid van het vermogen, waardoor deze derdenrekeningen volledig worden afgescheiden van de vermogens van advocaten, gerechtsdeurwaarders en notarissen en aldus volledig ten voordele van de cliënten beschermd worden .

De nieuwe wetsbepaling voorziet ook in een uniforme regelgeving met betrekking tot deze derdenrekeningen.

Inhoudstafel tekst: 

I. Summiere schets van de achtergrond

II. Vermogensrechtelijke uitgangspunten van de nieuwe regeling

A. Zakenrechtelijke afscheiding van de gelden op de rekening

1° Positie van privéschuldeisers van de rekeninghouder

2° Positie van de schuldeisers van de (potentiële) bestemmeling

B. Andere zakenrechtelijke beschermingstechnieken voor de begunstigde van de bankrekening

1° Gevolgen bij onrechtmatige debitering

3° Gevolgen bij vermenging van eigen geld en derdengeld

C. Verbintenisrechtelijke gevolgen

III. Sectoriale bespreking van de kwaliteitsrekening

A. Advocaten

B. Notarissen

C. Gerechtsdeurwaarders

IV. «Numerus clausus» op de vermogensafscheiding?

V. Besluit

Bronverwijzingen:

• E. Dirix, «Kwaliteitsrekeningen», TPR 1996, (71), p. 76, nr. 5;

• E. Dirix en V. Sagaert, «De kwaliteitsrekening herbezocht», TPR 2004, 263-282;

• F. Georges, La saisie de la monnaie scripturale, Brussel, Larcier, 2006, p. 418-476, nrs. 304-355;

• V. Sagaert, «De derdenrekening van een advocaat: een algemene kwaliteitsrekening?» (noot onder Brussel 26 maart 2002), TBBR 2003, 318-328;

• M.E. Storme, «De kwaliteitsrekening, zakenrechtelijk bekeken» in E. Dirix en R.D. Vriesendorp (eds.), Inzake kwaliteit, Deventer, Kluwer, 1997, 55-79.

• Gent 21 december 2000, TBH 2002, 338;

• Kh. Antwerpen 18 december 2006, TBH 2007, 605;

• Gent 26 april 1996, RW 1996-97, 680, noot E. Dirix;

• Brussel 18 december 1991, JT 1992, 601, noot M. Grégoire.

• Cass.fr. 19 februari 1985, Bull.civ., I, nr. 68 en D. 1986, inf.rap., 316, noot M. Vasseur.

• Cass. 27 januari 2011, Arr.Cass. 2011, nr. 79, RW 2010-11, 1775, noot V. Sagaert, JT 2011, 162, conclusie advocaat-generaal A. Henkes, noot G. De Leval en F. Georges, RABG 2011, 455, noot P. Vanlersberghe en TBH 2011, 561, noot R. Houben.

• D. Gruyaert, «De derdenrekening: stand van zaken na het cassatiearrest van 27 januari 2011», TBBR 2012, 470-488.

• V. Sagaert, «Beslag op een derdenrekening van een advocaat. De teloorgang van het vermogensbegrip» (noot onder Cass. 27 januari 2011), RW 2010-11, (1776) 1777.

• E. Dirix en R. De Corte, Zekerheidsrechten in Beginselen van Belgisch Privaatrecht, XII, Mechelen, Kluwer, 2006, 9.

• M.E. Storme, «Van trust gespeend? Trusts en fiduciaire figuren in het Belgisch Privaatrecht», TPR 1998, (703) 778.

• Contra: P.-A. Foriers, «Aspects de la représentation en matière contractuelle» in Les obligations contractuelles, Brussel, Jeune Barreau de Bruxelles, 2000, 226.

• I Samoy, Middellijke vertegenwoordiging, Antwerpen, Intersentia, 2005, nrs. 770-801.

• V. Van Herreweghe, «Derdenbeslag op een derdenrekening van een advocaat» (noot onder Gent 13 november 2007), TGR 2008, 127.

• A.-M. Stranart, O. Clevenbergh en G. Block, «La saisie-arrêt bancaire» in RPDB, VIII, Brussel, Bruylant, 1995, p. 828, nr. 68.

• Gent 13 november 2007, TGR 2008, 124, noot V. Van Herreweghe.

• M.E. Storme, «Minnelijk kantonneren: een perfect geldige delegatie», TPR 2003, 1299-1308.

• Cass. 9 november 1990, Arr.Cass. 1990-91, 288, RW 1991-92, 535, noot E. Dirix.

• V. Sagaert, «Het Hof van Cassatie geeft groen licht voor het minnelijk kantonnement» (noot onder Cass. 2 februari 2007), RW 2006-07, 1681.

• Cass. 2 februari 2007, RW 2006-07, 1679, noot V. Sagaert.

• Antwerpen 16 oktober 2001, P&B 2002, 59;

• Bergen 5 april 1995, Act.Dr. 1996, 110, P&B 1996, 100;

• Gent 26 april 1996, RW 1996-97, 680, noot E. Dirix;

• Beslagr. Charleroi 14 december 1999, RRD 2000, 208.

• Luik 6 februari 1996, JLMB 1996, 1038; Brussel 16 december 1997, TBBR 1999, 472, noot G. Van Mellaert;

• V. Sagaert, Zakelijke subrogatie, Antwerpen, Intersentia, 2004, 793 p.

• V. Sagaert, Goederenrecht in Beginselen van Belgisch Privaatrecht, Mechelen, Kluwer, 2014, nr. 231).

• Bergen 11 september 2013, JLMB 2014, 933; Gent 19 mei 2011, NjW 2011, 735, noot A. Vanderhaegen.

• Antwerpen 5 maart 2001, RW 2002-03, 824;

• Corr. Luik 30 juni 1964, Rev.prat.not.b. 1965, 351, noot P.W.

• Cass.fr. 10 februari 1998, Bull.civ., IV, nr. 64;

• Cass.fr. 14 mei 1991, D. 1992, Jur., 13, noot D. Martin en Rev.trim.dr.com. 1991, 621, noot M. Cabrillac.

• Brussel 26 maart 2002, NjW 2003, 346, TBBR 2003, 312, noot V. Sagaert.

• V. Sagaert, Goederenrecht, nrs. 85-86.

• M.E. Storme, «Overdracht van roerende goederen» in Zakenrecht: absoluut niet een rustig bezit, XVIIIe Postuniversitaire cyclus Willy Delva 1991-92, Antwerpen, Kluwer, 1992, p. 506, nr. 85.

• E. Dirix en K. Broeckx, Beslag APR, nr. 714.

• S.C.J.J. Kortmann en N.E.D. Faber, «De kwaliteitsrekening en art. 22 van het ontwerp van de wet op het notarisambt», WPNR 1998, nr. 6303, p. 141.

• Cass.fr. 10 februari 1998, Rev.trim.dr.com. 1998, 392.

• S.C.J.J. Kortmann, «Notariële kwaliteitsrekening en verrekening», WPNR 2002, nr. 6511, p. 789-791.

• C. Engels, «Carparekening versus rubriekrekening» (noot onder Cass. 27 januari 2011), T.Not. 2011, (311) 315;

• F. Georges en G. de Leval, «Le statut du compte de tiers de l’avocat: dura lex...» (noot onder Cass. 27 januari 2011), JT 2011, (164) 166;

• A. Michielsens, «Cassatie zet voortbestaan derdenrekening op de helling», De Juristenkrant 9 februari 2011, (6) 7.

• Cass. 12 maart 2014, Rev.dr.pén. 2014, 794, conclusie advocaat-generaal D. Vandermeersch;

• Cass. 11 oktober 2002, Arr.Cass. 2002, 2148; Gent 21 december 2000, TBH 2002, 338; Kh. Antwerpen 18 december 2006, TBH 2007, 605.

• Brussel 13 november 2001, AJT 2001-02, 876.

• Beslagr. Antwerpen 15 maart 1993, RW 1995-96, 966.

• Cass.fr. 13 november 2001, JCP 2002, ed. E, 666, nr. 641.

• Cass. 2 februari 2007, Arr.Cass. 2007, 263, RW 2006-07, 1679, noot V. Sagaert, TBH 2007, 341, noot I. Peeters en A. Zenner;

• Cass. 9 november 1990, Arr.Cass. 1990-91, nr. 135, RW 1991-92, 535, noot E. Dirix.

• C. Dehouck, «Kan escrow een alternatief voor documentair krediet bieden?», DAOR 2004, afl. 69, 10-39;

• M. Delierneux en P. Vrielynck, «Les escrow accounts, évolutions et perspectives» in Liber amicorum Achilles Cuypers, Brussel, Larcier, 2009, 35-55.

• Bergen 20 februari 2003, JLMB 2004, 22, noot.

• J. Ronse, Delegatieovereenkomst in APR, Gent, Story-Scientia, 1954, 103 p.;

• R. Jansen, «Delegatie» in Comm.Bijz.Ov., Mechelen, Kluwer, 2009, 45 p.; M. Billiau, La délégation de créances, Parijs, LGDJ, 1989, 456 p.

• Gent 3 november 2010, TBBR 2011, 478, noot T. Bastiaensen.

• Cass.fr. 14 februari 2006, Bull.civ., IV, nr. 37, D. 2006, 650, noot X. Delpech;

• Cass.fr. 4 oktober 2005, D. 2005, 2591, noot A. Liénard, JCP 2006, éd. E., 2006, 414, noot Albrieux.

• «Delegatie» in Comm.Bijz.Ov., nr. 51.

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: di, 02/12/2014 - 12:28
Laatst aangepast op: di, 02/12/2014 - 12:28

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.