-A +A

Deeltijdse arbeid:deeltijdse zekerheden

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Ann Vanderschaeghe
Tijdschrift: 
Advocatenpraktijk
Boek: 
Reeks 'AdvocatenPraktijk - Sociaal Recht', nr. 11. Kluwer, Mechelen, 2005.
Uitgever: 
Kluwer
Jaargang: 
2005
Samenvatting
Begrip 
De deeltijdse werknemer wordt omschreven als een werknemer wiens normale arbeidsduur minder is dan die van een voltijdse werknemer in een vergelijkbare situatie. 
 
Werkroosters 
De deeltijdse arbeid onderscheidt zich door specifieke regels

Vormvereisten 
Vereiste van een geschrift
De arbeidsovereenkomst voor deeltijdse arbeid vereist een geschrift voor elke individuele werknemer. Dit geschrift moet bestaan uiterlijk op het tijdstip waarop de deeltijdse werknemer de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst aanvangt.

Vermeldingen van het geschrift
Het geschrift moet twee vermeldingen bevatten :
Sancties
Bij ontstentenis van een geschrift dat in overeenstemming is met deze vereisten, kan de deeltijdse werknemer de deeltijdse arbeidsregeling en het werkrooster kiezen die hem het meest gunstig zijn onder die welke bepaald zijn in het arbeidsreglement of, bij ontstentenis van het arbeidsreglement, onder die welke uit de aan de werkgever opgelegde sociale documenten voortvloeien. 
De afwezigheid van een geschrift dat in overeenstemming is, betekent niet dat de deeltijdse werknemer aanspraak kan maken op het statuut van voltijdse werknemer.

Bewaring van een kopie bij het arbeidsreglement
Een kopie van de arbeidsovereenkomst voor deeltijdse arbeid moet worden bewaard in bijlage van het arbeidsreglement van de onderneming.  
 
Arbeidsduur  
De werkgever van de deeltijdse werknemer moet bepaalde regels inzake arbeidsduur naleven.  

Loon 
Het loon van de deeltijdse werknemer is onderworpen aan specifieke regels. 

Tijdens de arbeidsovereenkomst voor deeltijdse arbeid 
Thematische verloven
Voor bepaalde thematische verloven (palliatief verlof en bijstand aan een zwaar ziek gezinslid, kan de deeltijdse werknemer de uitvoering van zijn overeenkomst enkel volledig schorsen of, indien hij minder dan ¾ tijds werkt, zijn prestaties verminderen tot halftijds. Hij mag daarentegen zijn arbeidstijd van 1/5de niet verminderen.
Voor het ouderschapsverlof (link : Verloven > Ouderschapsverlof), kan de deeltijdse werknemer zijn prestaties enkel volledig schorsen.

Feestdagen
Het recht op feestdagen hangt af van het type van arbeidsregeling en van het type van werkrooster van de deeltijdse werknemer. 

Beëindiging van de overeenkomst
In beginsel zijn alle regels inzake de beëindiging van de overeenkomst van toepassing op de deeltijdse werknemer.
Om de duur van de opzeg te bepalen voor de werknemers in dienst vóór 1 januari 2014, is het noodzakelijk om hun jaarlijks brutoloon op 31 december 2013 te kennen.
Voor deze berekening zal men rekening houden met een jaarlijks « fictief » loon dat overeenstemt met een voltijds door toepassing van een proportionaliteitsregel.

Voorbeeld : een deeltijdse werknemer presteert 20 uren per week in een onderneming waar de voltijdse regeling 38 uren per week bedraagt.
 

Om zijn jaarlijks « fictief » brutoloon te berekenen zal men zijn reëel loon vermenigvuldigen met 38/20.
 
Om daarentegen de compensatoire opzeggingsvergoeding vast te stellen waarop een deeltijdse werknemer recht zou hebben, zal men in beginsel rekening houden met het loon dat reëel werd verkregen bij het einde van de overeenkomst.
De deeltijdse werknemer heeft recht op verlof om een nieuwe betrekking te zoeken (sollicitatieverlof) in verhouding tot zijn prestaties. 

Voorrang voor het verkrijgen van een andere betrekking  
De deeltijdse werknemer kan bij zijn werkgever een aanvraag indienen om een (voltijdse of deeltijdse) betrekking te krijgen die hem, alleen of samen met de betrekking die hij bekleedt, een arbeidsregeling met meer arbeidsuren bezorgt.
Vanaf dat ogenblik is de werkgever verplicht hem kennis te geven van iedere vacante betrekking die met zijn huidige betrekking overeenstemt of waarvoor hij de vereiste bekwaamheden bezit. 
De deeltijdse werknemer die de aanvraag heeft ingediend, moet die betrekkingen bij voorrang toegewezen krijgen.
De werkgever dient het werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening te verwittigen wanneer een deeltijdse werknemer die werkloosheidsuitkeringen ontvangt voor de uren dat hij niet gewerkt heeft, een betrekking weigert waarvan hem werd medegedeeld dat zij vacant was. 

Algemeen beginsel van non-discriminatie 
Op Europees vlak werd een reglementering betreffende de non-discriminatie in geval van deeltijdse arbeid uitgevaardigd. Deze reglementering werd omgezet in de Belgische rechtsorde door de wet van 5 maart 2002 betreffende het beginsel van non-discriminatie ten gunste van deeltijdswerkers.

Wettelijke basis 
Wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, artikel 11bis 
Collectieve arbeidsovereenkomst nr.35, gesloten op 27 februari 1981 in de Nationale Arbeidsraad, inzake sommige bepalingen van het arbeidsrecht ten aanzien van de deeltijdse arbeid, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 21 september 1981 
Programmawet van 22 december 1989, de artikelen 152 tot 187 
Wet van 5 maart 2002 betreffende het beginsel van non-discriminatie ten gunste van deeltijdswerkers 
Inhoudstafel tekst: 

Voorwoord

Hoofdstuk één definiëring en vormen
afdeling één definiëring
§1 in het arbeidsrecht I de cao nummer 35 II de wet van 5 maart 2002
§2 in het sociaalzekerheidsrecht
§3 in de werkloosheidsreglementering
afdeling twee vormen

Hoofdstuk twee de deeltijdse arbeid arbeidsrechtelijke benaderd
afdeling één de deeltijdse arbeidsovereenkomst
§ een vormvoorwaarden
§t wee sancties
§ drie facultatieve bedingen
afdeling twee de arbeids en het werkrooster
§ een arbeidsregeling
§twee werkrooster
I een vaste arbeids en vast werkrooster
II een vaste arbeids en een variabel werkrooster
III een variabele arbeidsregeling en een vast werkrooster
IV een variabele arbeidsregeling en een variabel werkrooster (flexibele arbeidsregeling
§3 bekendmaking werkroosters
I in de arbeidsovereenkomst
II in het arbeidsreglement
§4 bekendmakingvariabelen werkrooster
§5 sancties
afdeling drie minimale werkelijke arbeidsduur

Een algemene principes
§2 uitzonderingen op de minimum 1/3
§3 afwijkingen bij cao
§4 sanctie
afdeling vier minimumduur van iedere prestatie
algemene regel en uitzonderingen
afdeling vijf:
afdeling zes minder uren
afdeling zeven bijkomende uren
afdeling acht loongrenzen
afdeling negen maaltijdcheques
afdeling dien ziekte
afdeling 11 indicatief verlof
afdeling 12 feestdagen
afdeling 13 kleine verluidt
afdeling 14 tijdskrediet
afdeling 15 sollicitatieverlof
afdeling zestienverlof om dwingende redenen
afdeling 17 thematische verloven
afdeling 18 tussenkomst in de vervoerskosten
afdeling 19 toezicht op de prestaties van de deeltijdse werknemers
afdeling 12 vaderschapsverlof
afdeling 21 voorrang bij de vacante betrekkingen
afdeling 22 einde van de deeltijdse arbeidsovereenkomst
afdeling 23 progressieve tewerkstelling
afdeling 24 inlichtingen aan deeltijdsen met een variabel uurrooster, per betaalperiode
hoofdstuk drie deeltijdse arbeid en de sociale zekerheidaspecten
afdeling één deeltijdse arbeid een arbeidsongevallen/beroeps
afdeling twee deeltijdse arbeid en brugpensioen
§een recht op werkloosheidsuitkeringen
§2 loopbaanvereiste
§3 het brugpensioenbedrag
afdeling drie deeltijdse arbeid een jaarlijkse vakantie
afdeling vier deeltijdse arbeid een kinderbijslag
afdeling vijf deeltijdse arbeid en pensioen
afdeling zes deeltijdse arbeid en ziekte en invaliditeit
afdeling zeven deeltijdse arbeid en werkloosheid
 

Het algemeen beginsel is dat de deeltijdse werknemers dezelfde rechten hebben als de voltijdse, maar dan in verhouding tot de duur van hun arbeidsprestaties.

De arbeidswetgeving kan zowel op de deeltijdse als op de voltijdse werknemers worden toegepast.

Er bestaat geen speciaal statuut voor de deeltijdse arbeid, maar er zijn bepaalde nieuwe modaliteiten bijgekomen die daarop van toepassing zijn.

De arbeidsovereenkomst die voor deeltijdse arbeid gesloten wordt, moet voor iedere werknemer afzonderlijk schriftelijk worden vastgesteld, uiterlijk wanneer de werknemer met de uitvoering van zijn overeenkomst begint.

Dit geschrift moet vermelden welke deeltijdse arbeidsregeling en welk werkrooster overeengekomen zijn. Dat werkrooster kan veranderlijk zijn.

Een afschrift van de overeenkomst moet als bijlage van het arbeidsreglement van de onderneming bewaard worden.

Zo er geen schriftelijk gestelde arbeidsovereenkomst is, wordt de werknemer beschouwd als zijnde voltijds in dienst genomen.

Voor deeltijdse werknemers werd een minimumduur vastgelegd voor iedere arbeidsprestatie (3 uur), en een minimale wekelijkse arbeidsduur (1/3 van arbeidsduur van voltijdse werknemers). In bepaalde gevallen zijn er afwijkingen voorzien op deze grenzen.

Wie deeltijds werkt, kan nu ook deeltijds sporen. De houders van een Railflex kunnen aanspraak maken op een bijdrage van de werkgever in de kosten van hun kaart, waarvan de toekenningsvoorwaarden dezelfde zijn dan die van de andere treinkaarten.

De deeltijdse werknemer die tewerkgesteld is volgens een vast uurrooster, kan aanspraak maken op een loon voor de feestdagen waarop hij normaal zou gewerkt hebben overeenkomstig zijn arbeidsregeling, of voor de vervangingsdagen. De deeltijdse werknemer die tewerkgesteld wordt volgens een veranderlijk uurrooster heeft voor een feestdag die niet samenvalt met een activiteitsdag recht op de betaling van een loon dat volgens bijzondere regels berekend wordt.

Voor het vaststellen van de rechten op werkloosheidsuitkeringen is het van belang te weten of men, voor de toepassing van de werkloosheidsreglementering, beschouwd wordt als voltijdse werknemer of deeltijdse werknemer. In het laatste geval dient ook uitgemaakt te worden tot welke categorie van deeltijdse werknemers men behoort: deeltijdse werknemers met behoud van rechten, of vrijwillig deeltijdse werknemers.

De werknemer van wie de normale contractuele arbeidsduur overeenstemt met de maximale arbeidsduur die in de onderneming geldt krachtens wet, wordt voor de werkloosheidsreglementering geacht een voltijdse werknemer te zijn. De voorwaarde is dat zijn loon overeenstemt met dat verschuldigd voor een volledige werkweek in het bedrijf.

Alle andere werknemers worden voor de werkloosheidsreglementering als deeltijdse werknemers beschouwd, waarbij een onderscheid gemaakt wordt tussen:

de deeltijdse werknemers gelijkgesteld met een voltijdse werknemer;
de deeltijdse werknemers met behoud van rechten;
de vrijwillige deeltijdse werknemers (alle deeltijdse werknemers die niet beantwoorden aan de voorgaande).
Enkel de deeltijdse arbeiders met behoud van rechten kunnen, onder bepaalde voorwaarden, bovenop hun loon een inkomensgarantie-uitkering krijgen van de RVA.

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: di, 16/02/2016 - 16:41
Laatst aangepast op: di, 16/02/2016 - 16:51

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.