-A +A

Betere regelgeving: vijf uitdagingen voor juristen

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Popelier Patricia
Tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2011-2012
Pagina: 
28
Samenvatting

Uitdaging 1. De ontwikkeling van juridische criteria om de kwaliteit van wetgeving te meten

Uitdaging 2. De uitbouw van een wetgevingsbeleid dat gebaseerd is op legitieme en rationele wetgeving

Uitdaging 3. De ontwikkeling van juridische criteria die een behoorlijk gebruik van instrumenten van wetgevingsbeleid waarborgen

Uitdaging 4. Het onder juridisch toezicht brengen van vormen van zelf- en co-regulering om de democratische en rechtsstatelijke kwaliteit ervan te waarborgen

Doorwerking in de rechtspraak. Kan de rechter de democratische en rechtsstatelijke kwaliteit van zelfregulering waarborgen?

Uitdaging 5. Legitimiteit en rechtsstatelijkheid van wetgeving in een context van gelaagd bestuur

Conclusie. Juridische uitdagingen omtrent de kwaliteit van wetgeving

 

Inhoudstafel tekst: 

Rechtsleer:

• Moriau en R. Boone, “Meneer de minister, vergeet de wetgeving niet!”, De Juristenkrant, 24 juni 2009, p. 2-3.

• M. Van Damme, Elementen van legisprudentie. Bedenkingen bij het moderne wetgevingsbedrijf, Brussel, Larcier, 2010, 1-2,

• D. Voorhoof, “Enkele beschouwingen bij de actuele en de virtuele ontwikkelingen inzake het wetgevingsbeleid in België” in M. Adams en P. Popelier (red.), Wie waakt over de kwaliteit van de wet? Het wetgevingsbeleid in België, Antwerpen, Intersentia, 2000, 67

• V. Verlinden, De hoeders van de wet, Brugge, die Keure, 2010, 748 p.).

• Europese Governance. Een witboek, COM(2001) 428 def, 18).

• Over wetgeving, Den Haag, Sdu Uitgevers, 2007, 155-163, die een onderscheid maakt tussen politieke, juridische en wetenschappelijke rationaliteit.

•  P. Popelier, Rechtszekerheid als beginsel voor behoorlijke regelgeving, Antwerpen, Intersentia, 1997, 256-349.

• W. Van Gerven en S. Lierman, Beginselen van Belgisch Privaatrecht. I. Algemeen Deel. Veertig jaar later. Privaat- en publiekrecht in een meergelaagd kader van regelgeving, rechtsvorming en regeltoepassing, Mechelen, Kluwer, 2010, 178-183.

•  “kenmerken van goede regelgeving, beslissing van de Vlaamse Regering van 7 november 2003”, VR/2003/24.10/DOC.1039 en VR/2003/07.11/DOC.1039Bis.

• M. Dierickx-Visschers, “De reguleringsimpactanalyse (RIA) als instrument ter verbetering van de kwaliteit van wetgeving”, TVW 2007, 219-238; P. Van Humbeeck, Regulatory Impact Analysis in Flanders and Belgium. An Update on the Experiences and Challenges, Working Paper ICW, 2009,

• P. Popelier, “Behoorlijke regelgeving in de rechtspraak” in F. Judo (red.), Behoorlijke regelgeving. Ons aller zorg, Brussel, Larcier, 2005, 38.

• P. Popelier, De wet juridisch bekeken, Brugge, die Keure, 39-68; V. Verlinden, o.c., 69-84.

• Popelier, “Het evenredigheidsbeginsel in de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof: tussen grondrechtenbescherming en scheiding der machten” in Liège, Strasbourg, Bruxelles: parcours des droits de l’homme. Liber Amicorum Michel Melchior, Limal, Anthemis, 2010, 195-196.

• E. Bohne, “The Politics of the Ex Ante Evaluation” in J. Verschueren (red.), The Impact of Legislation. A Critical Analysis of Ex Ante Evaluation, Leiden-Boston, Martinus Nijhoff Publishers, 2009, 66.

• P. Popelier, Democratisch wetgeven, Antwerpen, Intersentia, 2001, 255-306.

• Duhamel, Les démocraties. Régimes, histoire, exigencies, Parijs, Eds. du Seuil, 1993, p. 331.

• J. Cohen, “Deliberation and Democratic Legitimacy” in A. Hamlin en P. Petit (red.), The Good Polity, Oxford, B. Blackwell, 1989, 21; J.S. Dryzek, Deliberative Democracy and Beyond, New York, Oxford University Press, 2000, 1 en 85.

• J.D. Fearon, “Deliberation as Discussion”, in J. Elster (red.), Deliberative Democracy, Cambridge, Cambridge University Press, 1998, 45-62; R. Gargarella, “Full Representation, Deliberation and Impartiality”, in ibid., 261, 262, 273.

• S. Smismans, Law, Legitimacy, and European Governance, Oxford, Oxford University Press, 2004, 73. A. Meuwese, Impact Assessment in EU Lawmaking, Alphen aan den Rijn, Kluwer Law International, 2008, 22

• P. Popelier en V. Verlinden, “The Context of the Rise of Ex Ante Evaluation” in J. Verschueren (red.) The Impact of Legislation, Leiden/Boston, Martinus Nijhoff Publishers, 2009, 13-37; P. Popelier, o.c., in Liège, Strasbourg, Bruxelles: parcours des droits de l’homme. Liber Amicorum Michel Melchior, 179-180, 192-194.

• S. Van Drooghenbroeck, La proportionnalité dans le droit de la convention européenne des droits de l’homme, Brussel, Bruylant, 2001, 313.

• D. Keyaerts, ““Ex ante-evaluatie” en de toetsing door het Hof van Justitie”, SEW 2010, 64.

•  R. O’Connell, “Towards a Stronger Concept of Democracy in the Strasbourg Convention”, EHRLRev. 2006, 291.

• P. Martens, “La Cour d’arbitrage et la loi” in L.J. Wintgens (red.), Het wetsbegrip, Brugge, die Keure, 2003, 151-153; P. Popelier, Procederen voor het Grondwettelijk Hof, Antwerpen, Intersentia, 2008, 73-74.

•  P. Verbruggen, “Does Co-Regulation Strengthen EU Legitimacy?”, Eu.L.J 2009, 431.

• SERV, Wetgevingsprocedures, -structuren en -instrumenten in Vlaanderen: een evaluatie van 10 jaar wetgevingsbeleid in Vlaanderen, 2009, 46.

•  P. Popelier, R. Van Gestel, K. Van Aeken, V. Verlinden en P. Van Humbeeck, Consultaties in de wetgevingspraktijk. Een zoektocht naar internationale best practices, Brussel, Politeia, 2008, 77-79.

•  A. Allemano, “The Better Regulation Initiative at the Judicial Gate: A Trojan Horse within the Commission’s Walls or the Way Forward?”, Eu.L.J. 2009, 382-401;

• D. Keyaerts, “Ex Ante Evaluation of EU Legislation Intertwined with Judicial Review?”, Eu.L.Rev. 2010, 870-885;

J. Scott en S. Sturm, “Courts as Catalysts: Rethinking the Judicial Role in New Governance”, Colum.J.Eur.L. 2007, 567-594.

• P. Popelier, “De juridische implicaties van het EU-beleid inzake Betere Regelgeving: over legitimiteit en rechterlijk toezicht”, SEW 2011, 55-56.

• B.R. Dorbeck-Jung, “Wettelijk geconditioneerde zelfregulering: symbolisch concept of instrument met gevolgen?”, in Ph. Eijlander, P.C. Gilhuisen, J.A.F. Peters (red.), Overheid en zelfregulering, Zwolle, Tjeenk Willink, 1993, 148;

• P. Popelier, Democratisch wetgeven, Antwerpen, Intersentia, 2001, 290.

•  Zie hierover: R. Van Gestel, “Zelfregulering en democratie: koningskoppel of gevecht om de troon?” in M. Adams en P. Popelier (red.), Recht en democratie, Antwerpen, Intersentia, 2004, 495-527.

• P. Popelier, “Het geslacht der engelen. Een dynamisch perspectief voor de vergelijking van staatsvormen”, CDPK 2008, 416-434.

• L.F.M. Besselink, A Composite European Constitution, Groningen, Europa Law Publishing, 2007, 9-12; W. Van Gerven en S. Lierman, o.c., 169-172).

•  R. Moerenhout, “Bijz.W. 6 januari 1989, artikel 124bis” in Publiek procesrecht, Antwerpen, Kluwer, losbladig, 1997, 6

Rechtspraak

• EHRM, Mativiejczuc, 2 december 2003; EHRM, Gorzelik, 17 februari 2004; EHRM (Grote Kamer), Leyla Sahin, 10 november 2005; EHRM, Pessino, 10 oktober 2006; EHRM, Kazakov, 18 december 2008; EHRM, Flinkkilä, 6 april 2010.

• EHRM, Sunday Times, 26 april 1979, Publ.Eur.Court. H.R., Serie A, nr. 30.

• EHRM, Refah Partisi, 13 februari 2003; EHRM, Gorzelik, 17 februari 2004; EHRM, K.A. en A.D., 17 februari 2005; EHRM (Grote Kamer), Leyla Sahin, 10 november 2005.

• EHRM, Amihalachioaie, 20 april 2004; EHRM, K.A. en A.D., 17 februari 2005.

•  EHRM, Chauvy, 29 juni 2004; EHRM, Tourancheau en July, 24 november 2005; EHRM, Pessino, 10 oktober 2006; EHRM, Leempoel & s.a. Ed. Cine Revue, 9 november 2006. 10.

•  EHRM (Grote Kamer), Hatton, 8 juli 2003; EHRM, S.H., 1 april 2010; EHRM, A. and Others, 19 februari 2009; EHRM (Grote Kamer), Zdanoka, 16 maart 2006.

• Grondwettelijk Hof nr. 186/2009, 26 november 2009, RW 2009-10, 1431, noot W. Vandenbruwaene.

• Grondwettelijk Hof, nr. 129/2007, 17 oktober 2007: n.

• EHRM, Hatton 2 oktober 2001 en EHRM (Grote Kamer), Hatton, 8 juli 2003.

• EHRM, Fadeyeva, 9 juni 2005; EHRM, Sukhovetskyy, 28 maart 2006; EHRM, Evans, 7 maart 2006; EHRM (Grote Kamer), Evans, 10 april 2007;

• EHRM, Lecarpentier, 14 februari 2006; EHRM, Budayeva, 20 maart 2008; EHRM, Tãtar, 27 januari 2009; EHRM, Zehentner, 16 juli 2009.

•  EHRM, Le Carpentier, 14 februari 2006.

• Arbitragehof, nr. 66/88, 30 juni 1988; Arbitragehof, 45/92, 18 juni 1992;

• Arbitragehof, nr. 1/93, 7 januari 1993;

• Arbitragehof, nr. 103/2000, 11 oktober 2000;

• Arbitragehof, nr. 51/2003, 30 april 2003;

• Arbitragehof, nr. 123/2006, 18 juli 2006;

• Grondwettelijk Hof, nr. 64/2009, 2 april 2009).

• Grondwettelijk Hof, nr. 110/2008, 31 juli 2008).

• Arbitragehof nr. 134/98, 16 december 1998;

• Grondwettelijk Hof, nr. 23/2009, 18 februari 2009;

• Grondwettelijk Hof, nr. 53/2009, 19 maart 2009.

• Grondwettelijk Hof, nr. 143/2007, 22 november 2007;

• Grondwettelijk Hof, nr. 53/2009, 19 maart 2009.

• Arbitragehof, nr. 1/93, 7 januari 1993;

• Arbitragehof, nr. 51/2003, 30 april 2003;

• Arbitragehof, nr. 9/2007, 11 januari 2007.

• Grondwettelijk Hof, nr. 121/2008, 1 september 2008.

• Grondwettelijk Hof, nr. 182/2008, 18 december 2008.

•  RvS, asbl Institut Médical Edith Cavell, nr. 81.485, 30 juni 1999.

• RvS, Apers en Van Buel, nr. 93.767, 7 maart 2001.

• (RvS, Philips en Gillijns, nr. 175.369, 4 oktober 2007).

• Grondwettelijk Hof, nr. 105/2008, 17 juli 2008.

• Gerecht van Eerste Aanleg, T-135/96, UEAPME t/ Raad, 17 juni 1998, Jur. 1998, II-2335).

• EHRM, Evaldsson, 13 februari 2007.

• EHRM, Aizpurua Ortiz, 2 februari 2010.

•  Arbitragehof, nr. 34/2000, 29 maart 2000.

• Raad van State, Beginselen van de Wetgevingstechniek, Brussel, 2008, aanwijzing 94.1).

• Arbitragehof, nrs. 4 tot 10/95, 2 februari 1995.

• Arbitragehof, nr. 132/2004, 14 juli 2004;

• Arbitragehof, nr. 128/2005, 13 juli 2005;

• Arbitragehof, nr. 163/2006; Grondwettelijk Hof, nr. 33/2011, 2 maart 2011.

• Arbitragehof, nr. 2/92, 15 januari 1992, BS 28 februari 1992;

• Grondwettelijk Hof, nr. 193/2006, Grondwettelijk Hof, nr. 84/2010, 8 juli 2010.

• Arbitragehof, nr. 193/2006, 5 december 2006.

• HvJ 7 februari 1973, zaak 39/72, Commissie t/ Italië, Jur. 1973, 101;

• HvJ 2 februari 1977, zaak 50/76, Amsterdam Bulb, Jur. 1977, 137.

• Arbitragehof, nr. 5/90, 17 januari 1990.

•  HvJ 24 maart 1988, zaak 104/86, Commissie t/ Italië, Jur. 1988, 1799.

Wetgeving:

• Art. 30bis Bijz.W. Grondwettelijk Hof.

 

 

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: zo, 04/09/2011 - 18:19
Laatst aangepast op: zo, 04/09/2011 - 18:19

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.