-A +A

Beroepsgeheim

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Block F
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2013
ISBN nummer: 
9789400004597
Samenvatting

Over het beroepsgeheim werden hele bibliotheken volgeschreven en bestaat er een overvloedige rechtspraak.

Toch blijkt dat de grondbeginselen van deze figuur niet altijd goed worden begrepen en dat de toepassingen die ervan worden gemaakt, niet altijd optimaal aansluiten bij de bestaansreden ervan.

Voor het eerst in de Belgische rechtsleer tracht dit boek systematisch het ‘onkruid te wieden’ om het beroepsgeheim te ontdoen van alle mystiek en (status)symboliek waarmee het gaandeweg werd beladen, om de essentie van de regel te achterhalen.

Met de praktische bruikbaarheid van dit boek in het achterhoofd werd de omvang ervan zo hanteerbaar mogelijk gehouden.

Net zoals de wettekst zelf vertrekt dit werk van het medisch beroepsgeheim, om dan een algemene theorie van het beroepsgeheim te ontwikkelen. Niet alleen advocaten en magistraten die achteraf moeten aftoetsen of het beroepsgeheim al dan niet terecht werd ingeroepen, ook de ‘noodzakelijke vertrouwenspersonen’ die zelf het beroepsgeheim in hun dagelijkse praktijk moeten toepassen (zoals artsen en advocaten en hun tuchtoverheden, maar ook paramedici, beheerders en ombudspersonen in zorginstellingen, netwerken palliatieve zorg ...) zullen dit werk nuttig kunnen raadplegen om inzicht te krijgen in hoe bewust met het beroepsgeheim om te gaan in functie van het doel achter de regel.

De auteur is magistraat en navorser aan de Universiteit Antwerpen. Dit boek is de weerslag van het doctoraatsproefschrift dat hij in juni 2013 aan deze instelling heeft verdedigd.

Inhoudstafel tekst: 

Woord vooraf vii
Voor-, tevens dankwoord ix
Gebruikte afkortingen xxiii
Inleiding .
DEEL 1. SITUERING
Hoofdstuk 1.
Maatschappelijke functie van de geheimhoudingsplicht .9
Afdeling 1. De belangen van de geheimgerechtigde 9
§ 1. Situering . 9
§ 2. Wie wordt door het beroepsgeheim beschermd?.11
§ 3. Ratio legis of 'Existenzberechtigung'? .12
§ 4. Handhavingsmechanismen 16
A. Bewijsuitsluiting .16
B. Bestraffing . 18
Afdeling 2. De belangen van de samenleving 20
Afdeling 3. De belangen van de geheimplichtige 22
Afdeling 4. Besluit 27
Hoofdstuk Il.
Rechtstheoretische en rechtsethische analyse van de geheimhoudingsplicht 29
Afdeling 1. De geheimhouding als subjectief recht 29
§ 1. Geheimhouding en privacy.29
§ 2. De 'juristic conception analysis' van W.N. HUHFELD 30
Afdeling 2. Toepassing op medische informatie.33
Afdeling 3. Rechtsethische achtergrond 34
DEEL II. DE GEHEIMHOUDINGSVERPLICHTING VAN DE ARTS
Hoofdstuk 1.
Het gepositiveerde beroepsgeheim . 39
Afdeling 1. Vooraf 39
Afdeling 2. Eerste fase: de Napoleontische codificatie 41
§ 1. Artikel 378 Code Pénal (1810) 41
§ 2. Het eerste arrest 43
§ 3. Het arrest-Cressent 44
§ 4. Het arrest-Saint-Pair 44
Afdeling 3. Tweede fase: het Belgische Strafwetboek 45
§ 1. Artikel 458 Sw. (1867) 45
§ 2. Het onderscheid tussen de Belgische en de Franse wetteksten 46
§ 3. Het arrest-Watelet 47
§ 4. Het cassatiearrest van 20 februari 1905 48
§ 5. Het cassatiearrest van 23 juni 1958 en het arrest a quo (Brussel 16 december 1957) inz. Dr Biller en Dr Leriche 49
§ 6. Het cassatiearrest van 14 juni 1965 50
§ 7. Het cassatiearrest van 30 oktober 1978 inz. prof Van der Ghinst t. Lopez-Coto 51
§ 8. Het cassatiearrest van 5 februari 1985 inz. Dr Amy .53 § 9. Het cassatiearrest van 13 mei 1987 inz. Stiennon, Tozon en Delaire t. Dr Verlaine 54
§ 10. Het cassatiearrest van 9 februari 1988 inz. Brantegem .55
§ ll. Het cassatiearrest van 16 december 1992 inz. Van Aerschot 56
§ 12. Het cassatiearrest van 19 december 1994 56
§ 13. De cassatiearresten van 19 januari 2001 en 7 maart 2002 57
Afdeling 4. Het misdrijf van artikel 458 Sw 57
§ 1. Algemene strafrechtelijke aspecten 57
§ 2. Het personele toepassingsgebied - algemeen .60
A. Situering .60
B. Het criterium van de noodzakelijke vertrouwenspersoon.62
C. Gevolgen van dit criterium .66 § 3. Het personele toepassingsgebied - draagwijdte.70
§ 4. Het personele toepassingsgebied - toepassing 74
A. Artsen 74
B. Andere beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg .78
C. Niet-medisch personeel 79
D. Rechtspersonen .83
E. 'Staat' 87
1. Terminologie 87
2. Burgerlijke staat? 88
F. Andere, niet-medische beroepen 91
§ 5. De theorie van het gedeelde beroepsgeheim 92
A. Situering .92
B. Criterium .94
1. Situering.94
2. Eénzelfde geheimgerechtigde 96
3. Meerdere geheimplichtigen 96
4. Het belang van de patiënt 97
5. De toestemming .99
6. De noodzaak . 100
C. Een 'gezamenlijk' beroepsgeheim? 102
D. Conclusie 103
§ 6. Het materieel toepassingsgebied 104
A. Algemeen - gegevens die de geheimplichtige 'toevertrouwd' werden 104
1. Principe 104
2. Beperking: persoonsgebonden informatie 106
3. Toepassingen 107
B. De toepassing in de tijd: het beroepsgeheim na het overlijden van de patiënt .110
C. 'Bekendmaking' 111
D. 'Geheim' 112
1. Situering 112
2. Het probleem van reeds bekende informatie 117
3. De combinatie van identiteit en aandoening . 120
4. Omvang van de vertrouwelijke gegevens . 122
§ 7. Het intentioneel element van het misdrijf. 128
§ 8. De afwezigheid van rechtvaardigingsgronden 129
A. Algemeen . 129
B. Bevel van de wet . 130
C. Getuigenis in rechte 133
D. De patiënt als slachtoffer .135
E. De noodtoestand 137
F. Recht van verdediging 137
1. De verdediging in rechte 137
2. De verdediging van een reputatie 141
G. Het belang van een goede rechtsbedeling 146
§ 9. De strafmaat. 148
A. De strafmaat van artikel 458 Sw 148
B. De concrete straftoemeting 148
C. Kritiek 148
D. Het beroepsverbod als sanctie? 149
Afdeling 5. Rechtsaard .153
§ 1. Situering van de problematiek . 153
§ 2. De openbare orde .153
§ 3. 'Absoluut' dan wel 'functioneel' of 'relatief' karakter? .156
A. Inzet van het debat .156
1. Situering 156
2. Het 'absoluut' beroepsgeheim 157
3. Het 'functioneel' ofrelatief" beroepsgeheim 166
4. Evaluatie van de redeneringen . 167
B. Belang: invloed van de toestemming van de patiënt. 169
1. Probleemstelling. 169
2. De traditionele visie 170
3. Evolutie 173
4. Toepassing 178
5. Toch een klachtmisdrijf?.179
C. De toestemming van een derde .182
§ 4. Recht vs plicht .184
Afdeling 6. Poging tot systematisatie .186
Hoofdstuk II.
Figuur op zoek naar een rechtsgrond . 189
Afdeling 1. Situering . 189
Afdeling 2. De bescherming van de private levenssfeer? 190
§ 1. Algemeen . 190
§ 2. De bescherming van de 'privacy' in het common law 191
A. In het Verenigd Koninkrijk 191
B. In de Verenigde Staten 193
C. In Australië, Canada en Nieuw-Zeeland 201
D. Besluit 202
§ 3. De persoonlijke levenssfeer van de patiënt 202
A. Artikel 8 E.V.R.M 202
B. Het Europees Handvest van de Grondrechten 206
C. Artikel 22 Gw. 207
D. De Wet Verwerking Persoonsgegevens en de Wet Patiëntenrechten 207
§ 4. Besluit 210
Afdeling 3. De geheimhoudingsverplichting als subjectiefrecht.211
§ 1. Subjectieve rechten - algemeen 211
§ 2. De strafwet.213
A. Artikel 458 Sw.213
B. Artikel 151 Sw 213
§ 3. Artikel 23 Gw 214
A. Situering 214
B. De juridische bruikbaarheid van artikel 23 Gw 215
1. Rechtstreekse werking 215
2. Artikel 23 Gw. als afweerrecht . 216
3. De interpretatieve werking van artikel 23 Gw 217
4. De standstill-verplichting die volgt uit artikel 23 Gw.
en oriënterende werking ervan 218
5. Slotsom 219
§ 4. Bindende kracht en tegenstelbaarheid van de deontologie 220
§ 5. Besluit 223
Afdeling 4. Onderscheid met andere beroepsgeheimen . 224
§ 1. Algemeen . 224
§ 2. Het beroepsgeheim van de advocaat 226
A. De omvang van het beroepsgeheim van de advocaat .226
1. Principe 226
2. Afbakening 228
3. Illustraties .230
B. Kan het beroepsgeheim van de advocaat worden tegengesteld aan de cliënt? 236
§ 3. Het beroepsgeheim in levensbeschouwelijke context 240
A. Oorsprong en evolutie 240
B. Omvang .246
§ 4. De rechter en zijn ambivalente positie 249
A. Het beroepsgeheim van de magistraat. 249
B. Het geheim van het beraad . 250
1. Situering.250
2. De relatie tussen beroepsgeheim en geheim van het beraad . 252
3. Het geheim van het beraad van de alleenzetelende rechter. 254
4. 'Separate opinions'? 254
§ 5. Het ambtsgeheim 255
§ 6. Besluit 256
Hoofdstuk 111.
Synthese: het medisch beroepsgeheim in het Belgische recht 257
DEEL III. HET RECHT VAN DE PATIËNT OP INFORMATIE
Hoofdstuk 1.
Inleiding 261
Hoofdstuk Il.
Informatieverstrekking door de arts.263
Afdeling 1. Grondslag 263
§ 1. De informatieverplichting van de arts 263
§ 2. Privacy van de patiënt 265
§ 3. Het eigendomsrecht op de medische gegevens 265
§ 4. Bijzonder geval: psychiatrische patiënten 271
Afdeling 2. Uitzonderingen 271
§ 1. Situering .271
§ 2. De therapeutische exceptie 272
A. Algemeen 272
B. De 'psychologische exceptie' .273
C. Toepassing 276
§ 3. Het recht-om-niet-te-weten 277
§ 4. Derden en hun privacy 278
§ 5. De arts-houder en zijn privacy 278
Afdeling 3. De wilsonbekwame patiënt 279
§ 1. Uitoefening door de patiënt zelf 279
§ 2. Uitzondering: uitoefening door de ouder(s) c.q. de voogd 280
A. Algemeen . 280
B. Minderjarige patiënt met oordeelsvermogen 280
C. Minderjarige patiënt zonder oordeelsvermogen, of verlengd minderjarige 281
D. Patiënt is gerechtelijk onbekwaamverklaard 282
Afdeling 4. Aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door informatie-verkrijging 282
§ 1. Informatie op verzoek van de patiënt . 283
§ 2. Mededeling niet bedoeld door de arts 284
Hoofdstuk III.
Uitoefening door de patiënt zelf: het inzagerecht in het medisch dossier.285
Afdeling 1. Inleiding 285
Afdeling 2. Situatieschets 286
§ 1. Modaliteit van de inzage 286
§ 2. Positie van de patiënt 287
A. Het verkrijgen van informatie 288
B. De uitoefening van rechten t.a.v. derden, en de medische expertise 288
C. De inzage in een conflictsituatie en de afdwingbaarheid ervan.289
Afdeling 3. Het medisch dossier: omschrijving 289
§ 1. Terminologie 289
§ 2. Het Elektronisch Medisch Dossier 289
§ 3. Normatief kader 291
A. De Wet Uitoefening Gezondheidsberoepen 291
B. De Ziekenhuiswet en uitvoeringsbesluiten 291
C. De K.B.'s van 1999 292
1. Het K.B. van 29 april 1999 293
2. Het K.B. van 3 mei 1999 (het 'A.M.D.-K.B.') 293
3. Het K.B. van 3 mei 1999 (het 'minimumvoorwaarden-K.B.') 294
D. De Wet Patiëntenrechten 294
E. Code van Geneeskundige Plichtenleer 295
§ 4. Doctrinale definitie 296
A. Omschrijving van het begrip 'medisch dossier' 296
B. Indeling volgens aard van de gegevens .297
1. Objectieve gegevens 298
2. Eigen notities van de arts 298
3. Kritiek 301
Afdeling 4. Het recht op inzage krachtens de Wet Patiëntenrechten 303
Hoofdstuk IV.
Uitoefening van rechten ten aanzien van derden: het afleveren van medische getuigschriften aan de patiënt . 307
Hoofdstuk V.
Aspecten van burgerrechtelijke aansprakelijkheid . 309
Afdeling 1. Zorgvuldigheidsnorm . 309
Afdeling 2. Rechtsmisbruik 310
Hoofdstuk VI.
Besluit 313
DEEL IV. HET RECHT VAN DERDEN OP INFORMATIE
Hoofdstuk I.
Algemeen . 317
Hoofdstuk II.
Mededeling aan derden, in het belang van de patiënt 319
Afdeling 1. Door de patiënt 319
Afdeling 2. Door de arts 324
§ 1. Naastbestaanden 324
A. Toegang tot informatie over de patiënt 324
B. Toegang tot het medisch dossier van de patiënt.325
§ 2. Nabestaanden 327
§ 3. Een andere arts .330
A. De (andere) behandelende geneesheer 330
B. De vertrouwensarts 331
§ 4. De advocaat van de patiënt 331
§ 5. De ombudsfunctie binnen het ziekenhuis. 335
§ 6. Medische controle.335
Hoofdstuk III.
Mededeling aan de overheid.337
Afdeling 1. Afdwingbaarheid in rechte .337
§ 1. Getuigenis in rechte en verplichte overlegging van stukken.337
A. Situering.337
B. De eigenlijke getuigenis . 338
C. De schriftelijke verklaring.340
D. Overlegging van stukken 341
E. Beoordelingscriteria . 345
1. De houding van de geheimhouder. 345
2. Beoordeling en toetsing door de rechter van de beslissing om al dan niet getuigenis af te leggen . 34 7
3. Beoordeling door de rechter van de informatie vrijgekomen door de getuigenis 356
F. Het 'verschoningsrecht' 357
§ 2. Huiszoeking en inbeslagname 358
A. De geheimhouder wordt van een misdrijf verdacht . 358
B. De geheimhouder die geen verdachte is .360
C. Omvang van de inbeslagname 361
§ 3. Vordering voor de voorzitter van de rechtbank 364
Afdeling 2. Het belang van derden: de noodtoestand 366
§ 1. Situering .366
§ 2. Toepassingsvoorwaarden 368
§ 3. Artikel 458bis Sw 372
§ 4. Medische noodzaak 378
§ 5. Cautieplicht 379
§ 6. Besluit: wat te doen in de praktijk?. 382
Afdeling 3. Tuchtrechtelijke gevolgen voor de geheimhouder die 'spreekt' . 384
Hoofdstuk IV.
De invloed van het medisch beroepsgeheim op de vervolging van andere misdrijven 387
Afdeling 1. Inleiding 387
Afdeling 2. In de fase van het strafrechtelijk onderzoek: de wijze waarop de strafvervolging wordt ingesteld en bewijs van strafbare feiten 389
§ 1. De actieve aangifte van misdrijven door artsen 389
§ 2. Het verstrekken van informatie door artsen op verzoek van de politie, het openbaar ministerie of de onderzoeksrechter 392
§ 3. Besluit 395
Afdeling 3. In de fase van de strafuitvoering 396
§ 1. De gedetineerde als patiënt 396
§ 2. Alternatieve maatregelen 399
A. Probatie.399
B. Bemiddeling in strafzaken 399
C. De werkstraf. 400
§ 3. Het recht van het slachtoffer op informatie over de gezondheidstoestand van de dader 401
Hoofdstuk V.
Bewijs in rechte aan de hand van medische gegevens .403
Afdeling 1. Inleiding . 403 Afdeling 2. Het medisch attest.403
§ 1. Definitie en bewijswaarde 403
§ 2. Attesten 'post mortem' 405
§ 3. Het medisch attest in de psychiatrie 415
A. Situering 415
B. Onbekwaamverklaring 415
C. Voorlopig bewind 415
D. Dwangopname 416
E. Internering 417
F. Jeugdbescherming 417
Afdeling 3. De medische expertise 418
§ 1. Situering 418
§ 2. Typologie 421
A. De minnelijke expertise 421
B. Gerechtelijke expertise 421
C. Strafrechtelijke expertise 421
Afdeling 4. De arts als instrument van controle 422
§ 1. In sociale zaken .422
A. Arbeidsgeneeskunde. 422
1. De preventieve geneeskunde.422
2. De controlearts 423
B. Sociale zekerheid 424
1. In het ziekenfonds: de adviserend geneesheer 425
2. De inspecteurs bij het R.I.Z.I.V. 426
§ 2. In het verzekeringsrecht. 427
Afdeling 5. Slotsom: het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs 436
§ 1. Situering .436
§ 2. Al wie daar zegt, de reus die komt 438
§ 3. Conclusie: het gebruik van bewijselementen verkregen door een schending van het beroepsgeheim 443
Hoofdstuk Vl.
Mededeling aan de pers en aan het publiek 445
Afdeling 1. Algemeen 445
Afdeling 2. Informatie omtrent de gezondheidstoestand van (verkozen) politici 446
§ 1. Inleiding 446
§ 2. Remediëring? 450
Afdeling 3. Wetenschappelijk onderzoek en historische kritiek 451
DEEL V. VOORSTEL TOT HERVORMING
Hoofdstuk 1.
Methodologie 457
Hoofdstuk II.
Evaluatie van de huidige redactie van artikel 458 Sw.459
Hoofdstuk III.
Het medisch beroepsgeheim in vreemde strafwetboeken.465
Afdeling 1. Omschrijving van het toepassingsgebied ratione personae 465
Afdeling 2. Het toepassingsgebied ratione materiae: wat is 'geheim'? 466
Afdeling 3. Wettelijk bepaalde uitzonderingen 467
Afdeling 4. Voorwaarden 469
Afdeling 5. De strafmaat 470
Hoofdstuk IV.
Aanpassingen 471
Afdeling 1. Wenselijkheid 471
Afdeling 2. Een nieuwe wetsbepaling? 471
Algemeen besluit. 475
Het medisch beroepsgeheim in vreemde wetgeving 483
Bibliografie 485
Trefwoordenregister 501

 

 


Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: di, 01/07/2014 - 15:57
Laatst aangepast op: za, 05/07/2014 - 11:18

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.