-A +A

Bedrog bij het aangaan van de verzekering in de wet op de landverzekeringsovereenkomst en de principles of European Insurance Contract Law

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Jachim Van Doninck
Tijdschrift: 
RAGB
Uitgever: 
Larcier
Jaargang: 
2010/20
Pagina: 
1348
Samenvatting
Inhoudstafel tekst: 

Bespreking van het arrest van het Hof van Beroep te Gent Gent 19 februari 2009 en Antwerpen 25 maart 2009

 


wettelijke bepalingen: 

• Parl.St.Kamer 1990-91, 1586/1, 17. 

• zie wet op de landverzekering

- Art. 5 en 6 WLVO

Artikel 5, 1ste lid van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst vertaalt die informatieplicht als volgt: “De verzekeringnemer is verplicht bij het slui-ten van de overeenkomst alle hem bekende omstandigheden nauwkeurig mee te delen die hij redelijkerwijs moet beschouwen als gegevens die van invloed kunnen zijn op de beoordeling van het risico door de verzekeraar. Hij moet de verzekeraar echter geen omstandigheden meedelen die deze laatste reeds kende of redelijkerwijs had moeten kennen. Genetische gegevens mogen niet worden meegedeeld.”

Artikel 6 van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst beteugelt de opzettelijke schending van de informatieplicht door de verzekeringnemer. “Wanneer het opzettelijk verzwijgen of het opzettelijk onjuist meedelen van gegevens over het risico de verzekeraar misleidt bij de beoordeling van dat risico, is de verzekeringsovereenkomst nietig.” (art. 6, 1ste lid).

- Art. 3 en 95 WLVO

- Art. 121 WLVO

- Art. 95, 4de lid van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst bepaalt dat mits de verzekeraar aantoont de voorafgaande toestemming van de verzekerde te bezitten, de arts van de verzekerde aan de adviserend arts van de verzekeraar een verklaring afgeeft over de doodsoorzaak.

• Artikel 2:101 van de Principles of European Insurance Contract Law (PEICL)140 omschrijft de ‘duty of disclosure’ die op de verzekeringnemer rust als volgt:

“(1)When concluding the contract, the applicant shall inform the insurer of circum-stances of which he is or ought to be aware, and which are the subject of clear and precise questions put to him by the insurer.

Artikel 2:104 van de Principles of European Insurance Contract Law (PEICL) stelt dat “the insurer shall be entitled to avoid the contract and retain the right to any premium due, if it has been led to conclude the contract by the policy holder’s fraudulent breach of Article 2:101 ”.

Rechtsleer:

• K. TROCH, “Artikel 95 WLVO” in H. COUSY, L. SCHUERMANS en C. VAN SCHOUBROECK (eds.), Commentaar Verzekeringen, Mechelen, Kluwer, losbladig, 50;

• G. SCHAMPS, “Le secret médical et l’assureur: commentaire du nouvel article 95 de la loi du 25 juin 1992 sur le contrat d’assurance terrestre”, T.Gez.2003-04, (131) 145-146, nr. 23).

•.M. VAN GYSEGHEM en J.-C. ANDRE-DUMONT, “Droit médical et assurance vie”, T.Verz.2001, (409) 436-437, nr. 95;

• G. SCHAMPS, “Le secret médical et l’assureur: commentaire du nouvel article 95 de la loi du 25 juin 1992 sur le contrat d’assurance terrestre”, T.Gez.2003-04, (131) 141, voetnoot 84; Brussel 21 november 2007, RGAR 2008, nr. 14.397).

• J. BASEDOW E.A. (eds.), Principles of European Insurance Contract Law (PEICL), München, Sellier, 2009, 77;

• L. SCHUERMANS, Grondslagen van het Belgisch Verzekeringsrecht, Antwerpen, Intersentia, 2008, 30, nr. 37 en 312, nr. 425;

• G. JOCQUÉ, “Excepties, nietigheid en verval van recht in de aansprakelijkheidsverze¬kering” in P. LECOCQ en C. ENGELS (eds.), Rechtskroniek voor de vrede- en politierechters 2006, Brugge, die Keure, 2006, 175, nr. 6.

• L. VAEL, “Opzettelijke schending van de informatieplicht bij het sluiten van een landverzekeringsovereenkomst”, Liber amicorum Michel Mahieu, Brussel, Larcier, 2008, (305) .

• J. BASEDOW E.A. (eds.), Principles of European Insurance Contract Law (PEICL), München, Sellier, 2009, 78, littera C.3, verwijzend naar artikel 2:101 (1) PEICL als de ‘question method’.

• L. VAEL, “Opzettelijke schending van de informatieplicht bij het sluiten van een landverzekeringsovereen-komst”, Liber amicorum Michel Mahieu, Brussel, Larcier, 2008, (305) 310, nr. 7;

• G. JOCQUÉ, “Excepties, nietigheid en verval van recht in de aansprakelijkheidsverzekering” in P. LECOCQ en C. ENGELS (eds.), Rechtskroniek voor de vrede- en politierechters 2006, Brugge, die Keure, 2006, 177, nr. 9;

• M. FONTAINE, Droit des assurances, Brussel, Larcier, 2006, 173, nr. 245.

S. STIJNS, Verbintenissenrecht, boek I, Brugge, die Keure, 2005, 84 e.v. Inzake het bedrieglijk stilzwijgend (opzettelijk niet zeggen wat men weet en behoort te zeggen) (gemeenrechtelijk bedrog)

• P.-A. FORIERS, “Dol par réticence dolosive et erreur inexcusable”, Liber amicorum Michel Coipel, Brussel, Kluwer, 2004, 317. “La réticence dolosive suppose l’omission volontaire de l’existence de faits ou de situations que l’on devait dire.” (Bergen 28 septembre 1989, JLMB 1990, 221).

• L. SCHUERMANS, Grondslagen van het Belgisch Verzekeringsrecht, Antwerpen, Intersentia, 2008, 326;

• L. CORNELIS en R. GEELEN, “Toetsing aan het algemeen (verbintenissen)recht van de gemeenschappelijke bepalingen met betrekking tot de totstandkoming van de landverzekeringsovereenkomsten (art. 4-10 van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst)”, TBH 1994, (380) 395, nr. 23.

• PEICL (J. BASEDOW E.A. (eds.), Principles of European Insurance Contract Law (PEICL), München, Sellier, 2009, 90:

• L. VAEL, “Opzettelijke schending van de informatieplicht bij het sluiten van een landverzekeringsovereen-komst”, Liber amicorum Michel Mahieu, Brussel, Larcier, 2008, 318-319, nr. 16; M. FONTAINE, Droit des assurances, Brussel, Larcier, 2006, 175, nr. 249.

Rechtspraak:

• Cass. 21 mei 2007, Pas.2007, I, p. 955, RW 2009-10, 1432, TBBR 2008, 565, T.Verz.2008, 49: “Welis waar is de verzekeringsovereenkomst nietig, overeenkomstig artikel 24 van de landverzekeringsovereen¬komstenwet, wanneer het risico zich heeft verwezenlijkt voor het sluiten van de overeenkomst, en, krachtens artikel6 van diezelfde wet, wanneer de verzekeringnemer de verzekeraar heeft misleid bij de beoordeling van het risico door het schadegeval dat zich reeds heeft voorgedaan voor het sluiten van het contract te verzwijgen. Deze nietigheid houdt evenwel alleen in dat de verzekeraar de nietigverklaring van de overeenkomst kan vorderen. Zolang deze vernietiging, die ex tunc uitwerking heeft, niet door de rechter is uitgesproken, bestaat de overeenkomst.”

• Cass. 8 juni 1978, Arr.Cass.1978, 1189; 

• Cass. 16 september 1999, Arr.Cass.1999, 1116

 

 

 

Bij het afsluiten van een verzekering worden vaak adviserende artsen ingeschakeld. Vraag is in hoeverre hun beroepsgeheim strekt. Deze bijdrage behandelt deze problematiek.

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
BijlageGrootte
peicl-nl[1].pdf Nederlandstalige vertaling PEICL74.61 KB
Aangemaakt op: vr, 25/03/2011 - 19:47
Laatst aangepast op: za, 16/04/2011 - 11:54

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.