-A +A

Procedure enkelband

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Procedure voorafgaand aan  het vonnis:

De rechter kan aan het justitiehuis de opdracht geven om na te gaan of een straf met een enkelband een haalbare mogelijkheid is voor de betrokkene.

De justitieassistent maakt een verslag (beknopt voorlichtingsrapport of maatschappelijke enquête) op met een antwoord op die vraag en eventueel bijkomende informatie over de levenssituatie (gezin, beroep en gezondheid) en mogelijke aanwezige problemen. De justitieassistent nodigt de betrokkene uit voor een gesprek in het justitiehuis en maakt op basis van dit gesprek een verslag op. Hij/zij vraagt het standpunt van alle meerderjarige huisgenoten waarmee u samenleeft. Op die manier kan de rechter met kennis van zaken een beslissing nemen.

Procedure voor de rechtbank

De rechter kan het ET als hoofdstraf opleggen voor dezelfde duur als de gevangenisstraf die hij anders zou opleggen. Maar met een minimumduur van één maand en een maximumduur van één jaar. De rechter kan een veroordeelde ook aan individuele voorwaarden onderwerpen om het risico op recidive te beperken of wanneer dat nodig is in het belang van het slachtoffer. Hij bepaalt ook een vervangende gevangenisstraf voor wanneer het ET niet wordt uitgevoerd.

De rechter kan de straf onder het ET alleen uitspreken wanneer de beklaagde of zijn vertegenwoordiger aanwezig is op de terechtzitting en nadat de beklaagde (zelf of via zijn raadsman) ermee akkoord is gegaan.

Het OM, de onderzoeksrechter, de onderzoeksgerechten en de vonnisgerechten kunnen vragen om eerst een voorlichtingsrapport of maatschappelijke enquête uit te voeren. Meerderjarige beklaagden die samenwonen met de beklaagden worden in het kader van deze enquête gehoord.

Het ET moet starten binnen de 6 maanden na de dag waarop de rechterlijke beslissing in kracht van gewijsde is gegaan.

Procedure na het vonnis:

Als de rechter een persoon heeft veroordeeld tot elektronisch toezicht als autonome straf zal het Vlaams Centrum Elektronisch Toezicht (VCET) het dossier opnemen. Het VCET neemt telefonisch of per brief contact met de veroordeelde op om de aansluitingsdatum van uw enkelband vast te leggen.

Het justitiehuis zal een justitieassistent aanstellen die de veroordeelde zo’n 14 dagen vóór de aansluitingsdatum van uw enkelband telefonisch zal contacteren. De justitieassistent zal de veroordeelde hierna uitnodigen in het justitiehuis. De veroordeelde krijgt er alle basisinformatie rond het elektronisch toezicht en informatie over de algemene en (eventuele) individuele slachtoffergerichte voorwaarden. De justitieassistent zal ook samen met de veroordeelde de afspraken tijdens en na de plaatsing van de enkelband overlopen. De verdere opvolging van het elektronisch toezicht zal volledig gebeuren door het VCET.

De plaatsing van, de enkelband:

De mobiele eenheid van het VCET komt de enkelband aansluiten en de bewakingsbox plaatsen op een eerder afgesproken datum. De veroordeelde zorgt ervoor dat deze personen binnen kunnen in de volledige woning en dat de veroordeelde in het bezit bent van een geldig identiteitsbewijs. Deze mobiele eenheid kan langskomen vanaf 8u ’s morgens.

Controle en verdere opvolging:

Het VCET bepaalt de concrete invulling van het uurrooster en beslist over uurroosterwijzigingen.
De medewerkers van het VCET volgen ook uurroosterovertredingen of andere schendingen (zoals bv beschadigingen aan het materiaal) op.
Ook de politie kan eventuele niet-naleving van slachtoffergerichte voorwaarden (contact- en/of plaatsverbod) controleren en verder doorgeven aan het VCET. De voorwaarden met betrekking tot de vergoeding van het slachtoffer worden niet actief opgevolgd, maar kunnen een invloed hebben op de aanvraag tot schorsing van het elektronisch toezicht.

Schorsing van de plicht tot het dragen van de enkelband na 1/3 van de straf:

De veroordeelde kan na één derde van de strafduur een verzoekschrift tot schorsing van de straf onder elelektronisch toezicht aanvragen. De veroordeelde krijgt een aanvraagformulier opgestuurd per post, twee weken voor de datum waarop uw schorsing kan ingaan. De aanvraag kan ook rechtsreeks worden ingediend bij het openbaar ministerie.

Het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht geeft hierover binnen de 15 dagen advies aan het OM. Het vermeldt onder meer of de veroordeelde de voorwaarden m.b.t. het ET heeft nageleefd en of hij tijdens het ET nieuwe feiten heeft gepleegd.

Het OM kent de schorsing toe wanneer er geen sprake is van nieuwe feiten en wanneer de veroordeelde zijn voorwaarden heeft nageleegd. De veroordeelde staat dan onder proef voor het deel van de straf onder ET dat hij nog moet ondergaan. De bijzondere voorwaarden die hem werden opgelegd, blijven gelden. Bij niet naleving kan de schorsing worden herroepen.

Er is enkel een verzoek tot schorsing van de enkelband mogelijk indien de straf langer dan drie maanden duurt.

Indien het verzoek tot schorsing wordt goedgekeurd door het Openbaar Ministerie, zal de enkelband en de bewakingsbox verwijderd worden en wordt de veroordeelde langs deze weg niet meer verder opgevolgd. De algemene en individuele voorwaarden die de rechter oplegde, blijven echter wel gelden. Als de veroordeelde deze niet naleeft kan de schorsing van het elektronisch toeziecht of zelfs het elektronisch toezicht als autonome straf (ETAS) herroepen worden.

Einde straf elektronisch toezicht:

Ten minste 48 uur vóór de einddatum van de straf neemt het VCET contact met de veroordeelde op om de einddatum mee te delen. Het VCET komt het materiaal ophalen. Als het materiaal niet in de oorspronkelijke staat kan teruggeven worden (beschadiging, verlies…) staat de veroordeelde zelf in voor de kosten. Als de veroordeelde echter een schorsing van de straf had verkregen, staat deze niet meer onder elektronisch toezicht en zal deze per brief op de hoogte worden gebracht van de administratieve afsluiting van het dossier.

Definitie van het elektronisch toezicht (ET) volgens de wet van 07/02/2014:

Het elektronisch toezicht is een straf die onder bepaalde voorwaarden kan uitgesproken worden door de strafrechter en waarbij de vrijheid van de veroordeelde beperkt wordt door een enkelband of ander controlesysteem, waarbij hij wel verder aan het werk kan maar de overige tijd thuis of in een tehuis zal dienen door te brengen.

Nieuwe wetgeving (wet van 07/02/2014 tot invoering van de het elektronisch toezicht als autonome straf) waardoor thans het elektronisch toezicht een autonome straf is uit te spreken door de strafrechter en geen modaliteit meer is van de strafuitvoering:

Art. 7. In afdeling Vter van het strafwetboek, ingevoegd bij artikel 6, wordt een artikel 37ter ingevoegd, luidende :

“Art. 37ter. § 1. Indien een feit van die aard is om gestraft te worden met een gevangenisstraf van ten hoogste een jaar, kan de rechter als hoofdstraf een straf onder elektronisch toezicht opleggen van dezelfde duur als de gevangenisstraf die hij anders zou opleggen. Binnen de perken van de op het misdrijf gestelde straffen, alsook van de wet op
grond waarvan de zaak voor hem werd gebracht, bepaalt de rechter een gevangenisstraf die van toepassing kan worden ingeval de straf onder elektronisch toezicht niet wordt uitgevoerd. Voor de bepaling van de duur van deze vervangende gevangenisstraf staat een dag van de opgelegde straf onder elektronisch toezicht gelijk aan een dag gevangenisstraf.  

De straf onder elektronisch toezicht mag niet worden uitgesproken voor de feiten die bedoeld zijn in :
— artikel 347bis;
— de artikelen 375 tot 377;
— de artikelen 379 tot 387, indien de feiten zijn gepleegd op of met behulp van minderjarigen;
— de artikelen 393 tot 397;
— artikel 475.


§ 2. De duur van de straf onder elektronisch toezicht bedraagt minstens een maand en ten hoogste een jaar.
De straf onder elektronisch toezicht moet een aanvang nemen binnen zes maanden na de dag waarop de rechterlijke beslissing in kracht van gewijsde is gegaan.


§ 3. Met het oog op het opleggen van de straf onder elektronisch toezicht, kunnen respectievelijk het openbaar ministerie, de onderzoeksrechter, de onderzoeksgerechten of de vonnisgerechten aan de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Justitie van het gerechtelijk arrondissement van de verblijfplaats van de inverdenkinggestelde, de beklaagde of de veroordeelde de opdracht geven een beknopt voorlichtingsrapport en/of een maatschappelijke enquête uit te voeren.

De Koning bepaalt de nadere regels inzake het beknopt voorlichtingsrapport en de maatschappelijke enquête.
Deze rapporten en deze onderzoeken mogen alleen de pertinente elementen bevatten die van aard zijn de overheid die het verzoek tot de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Justitie richtte in te lichten over de opportuniteit van de overwogen maatregel of straf. Iedere meerderjarige waarmee de beklaagde samenwoont wordt in het kader van deze maatschappelijke enquête gehoord in zijn opmerkingen.

Het beknopt voorlichtingsrapport of het verslag van de maatschappelijke enquête wordt binnen de maand na de aanvraag aan het dossier toegevoegd.

§ 4. Indien de straf onder elektronisch toezicht door de rechter wordt overwogen, door het openbaar ministerie wordt gevorderd of door de beklaagde wordt gevraagd, licht de rechter deze laatste vóór de sluiting van de debatten in over de draagwijdte van een dergelijke straf en hoort hem in zijn opmerkingen.

De rechter kan hierbij eveneens rekening houden met de belangen van de eventuele slachtoffers. De rechter kan de straf onder elektronisch toezicht slechts uitspreken als de beklaagde op de terechtzitting aanwezig is of vertegenwoordigd is en nadat hij, hetzij in persoon, hetzij via zijn raadsman, zijn instemming heeft gegeven. Iedere meerderjarige samenwonende van de beklaagde die in het kader van de maatschappelijke enquête niet is gehoord, of in het
geval geen maatschappelijke enquête is verricht, kan door de rechter worden gehoord in zijn opmerkingen.

§ 5. De rechter bepaalt de duur van de straf onder elektronisch toezicht en kan aanwijzingen geven omtrent de concrete invulling ervan. De rechter kan de veroordeelde aan geïndividualiseerde bijzondere voorwaarden onderwerpen indien deze absoluut noodzakelijk zijn om het risico op recidive te beperken of indien deze noodzakelijk zijn
in het belang van het slachtoffer.”
.
Art. 8. In dezelfde afdeling Vter wordt een artikel 37quater ingevoegd,luidende :

“Art. 37quater. § 1. Zodra de veroordeling tot de straf onder elektronisch toezicht in kracht van gewijsde is gegaan, licht het openbaar ministerie de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Justitie daarover in, zodat de straf kan worden uitgevoerd. De dienst neemt daartoe binnen zeven werkdagen nadat hij werd ingelicht, contact op met de veroordeelde en bepaalt, na de veroordeelde gehoord te hebben en rekening houdend met zijn opmerkingen, de concrete invulling van de straf.

§ 2. Onverminderd de toepassing van artikel 20 van de wet van 5 augustus 1992 op het politieambt, is het openbaar ministerie belast met de controle op de veroordeelde. De ambtenaren van de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Justitie controleren de uitvoering van de straf onder elektronisch toezicht en begeleiden de veroordeelde.

§ 3. Indien de straf onder elektronisch toezicht niet of slechts gedeeltelijk in overeenstemming met de bepalingen wordt uitgevoerd, meldt de ambtenaar van de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Justitie dit onverwijld aan het openbaar ministerie. Deze laatste kan dan beslissen na de veroordeelde de kans te hebben geboden, gehoord te worden door het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht, de in de rechterlijke beslissing voorziene gevangenisstraf uit te voeren, waarbij rekening wordt gehouden met het gedeelte van de straf onder elektronisch toezicht dat reeds door de veroordeelde werd uitgevoerd. In dit geval staat een dag van de straf
onder elektronisch toezicht die werd uitgevoerd gelijk aan een dag gevangenisstraf.

§ 4. Van zodra de straf ten uitvoer wordt gelegd, wordt de veroordeelde ingelicht over de mogelijkheid tot het aanvragen van een schorsing van de straf onder elektronisch toezicht na een derde van de strafduur. De veroordeelde kan vanaf het moment dat hij aan de tijdsvoorwaarden voldoet een schriftelijk verzoek tot toekenning van deze schorsing indienen bij het openbaar ministerie. Een kopie van dit schriftelijk verzoek wordt door de veroordeelde gericht aan het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht.

Het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht brengt binnen vijftien dagen een advies uit aan het openbaar ministerie, dat betrekking heeft op de naleving van het programma van de concrete invulling van het elektronisch toezicht en, in voorkomend geval, van de aan de veroordeelde opgelegde geïndividualiseerde bijzondere voorwaarden.
Dit advies vermeld of de veroordeelde tijdens de tenuitvoerlegging vande straf onder elektronisch toezicht nieuwe strafbare feiten heeft gepleegd. Het advies van het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht omvat een met redenen omkleed voorstel tot toekenning of afwijzing van de schorsing en, in voorkomend geval, de bijzondere
voorwaarden die het Centrum nodig acht op te leggen aan de veroordeelde.

Het openbaar ministerie kent de schorsing van de straf van het elektronisch toezicht toe in geval de veroordeelde geen nieuwe strafbare feiten heeft gepleegd, in geval van naleving van het programma van de concrete invulling van het elektronisch toezicht en, in voorkomend geval, van de aan de veroordeelde opgelegde geïndividualiseerde
bijzondere voorwaarden.

Wanneer de schorsing wordt toegekend, ondergaat de veroordeelde een proeftijd voor het gedeelte van de straf onder elektronisch toezicht  dat hij nog moet ondergaan. In dit geval staat een dag van de proeftijd gelijk aan een dag van de straf onder elektronisch toezicht die werd opgelegd. Hij is onderworpen aan de algemene voorwaarde dat hij geen nieuwe strafbare feiten mag plegen alsook, in voorkomend geval, aan de hem opgelegde bijzondere voorwaarden.
Bij niet-naleving van deze algemene voorwaarde en, in voorkomend geval, van de hem opgelegde bijzondere voorwaarden, kan er overgegaan worden tot herroeping van de schorsing.”.

Art. 9. In het eerste boek, hoofdstuk II, van hetzelfdeWetboek wordt “Afdeling Vbis. De werkstraf” vernummerd tot “Afdeling Vter. Dewerkstraf” en worden de artikelen 37ter, 37quater en 37quinquies vernummerd tot de artikelen 37quinquies, 37sexies en 37octies.

Art. 10. Artikel 58 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 17 april 2002, wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Indien een straf onder elektronisch toezicht wordt uitgesproken, kan de duur ervan maximum een jaar bedragen.”.

Art. 11. In artikel 59 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 17 april 2002, worden de woorden “, straffen onder elektronisch toezicht” ingevoegd tussen het woord “werkstraffen” en de woorden “en correctionele”.

Art. 12. In artikel 60 van hetzelfde Wetboek, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 17 april 2002, worden de woorden “, een jaar straf onder elektronisch toezicht” ingevoegd tussen het woord “gevangenisstraf” en de woorden “of driehonderd”.
Art. 13. In artikel 85, eerste lid, van hetzelfdeWetboek, gewijzigd bij de wet van 17 april 2002, worden de woorden “de straffen onder elektronisch toezicht” ingevoegd tussen de woorden “de gevangenisstraffen,” en de woorden “, en de werkstraffen”.

Art. 16. Deze wet treedt in werking op een door de Koning te
bepalen datum.

 

definitie van het oude elektronisch toezicht:

Het elektronisch toezicht is een modaliteit van uitvoering van de vrijheidsstraf die geregeld werd door de ministeriële omzendbrieven van 9 augustus 2002 en van 26 november 2002, en waarbij de veroordeelde, voorzien van een enkelband, zijn vrijheidsbeperking in zijn verblijfplaats ondergaat (Van den Berghe, Y., Uitvoering van vrijheidsstraffen en rechtspositie van gedetineerden, Gent, Larcier, 2006, p. 246).

Uittreksel uit de Wet 17 MEI 2006. B.S. 15/06/06  - Wet betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten  (voor de laatste versie van deze wet na de aanpassingen ingevolge de programmawet van 27/12/2006: zie www.staatsblad.be bij de geconsolideerde wetgeving.

Afdeling II. - Het elektronisch toezicht
Art. 22. Het elektronisch toezicht is een wijze van uitvoering van de vrijheidsstraf waardoor de veroordeelde het geheel of een gedeelte van zijn vrijheidsstraf buiten de gevangenis ondergaat volgens een bepaald uitvoeringsplan, waarvan de naleving onder meer door elektronische middelen wordt gecontroleerd.

Afdeling III. - De tijdsvoorwaarden
Art. 23. § 1. De beperkte detentie en het elektronisch toezicht kunnen worden toegekend aan de veroordeelde die :
1° zich, op zes maanden na, in de tijdsvoorwaarden bevindt voor de toekenning van de voorwaardelijke invrijheidstelling, of
2° veroordeeld is tot één of meer vrijheidsstraffen waarvan het uitvoerbare gedeelte niet meer dan drie jaar bedraagt.
De veroordeelde dient bovendien te voldoen aan de voorwaarden die bepaald zijn bij artikel 28, § 1, of, in voorkomend geval, bij de artikelen 47, § 1, en 48.
§ 2. Vier maanden voordat de veroordeelde die gedetineerd is zich in de bij § 1, 1°, bepaalde tijdsvoorwaarde bevindt, licht de directeur hem schriftelijk in over de mogelijkheid tot het aanvragen van een beperkte detentie of een elektronisch toezicht.
De veroordeelde kan vanaf dat moment een schriftelijk verzoek tot toekenning van een beperkte detentie of een elektronisch toezicht indienen, overeenkomstig de artikelen 29 en 49.

Voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar (dus veroordeelden tot een effectieve gevangenisstraf waarvan het totaal meer dan 3 jaar bedraagt) bedraagt, is de wettelijke basis de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, en haar uitvoeringsbesluiten. De ministeriele omzendbrief 1803 (III) van 25 juni 2008 geeft de richtlijnen nodig voor de uitwerking en de opvolging van het elektronisch toezicht.
Voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder (dus veroordeelden tot een effectieve gevangenisstraf waarvan het totaal 3 jaar of minder bedraagt) bedraagt, is deze voormelde omzendbrief van toepassing.
 

De ministeriële omzendbrief 1803 (III) 25 juli 2008

1. Definitie en organisatie
Het elektronisch toezicht (ET) is een wijze van uitvoering van de vrijheidsstraf waardoor de veroordeelde het geheel of een gedeelte van zijn vrijheidsstraf buiten de gevangenis ondergaat volgens een bepaald uitvoeringsplan, waarvan de naleving onder meer door elektronische middelen wordt gecontroleerd.
Gedurende het elektronisch toezicht draagt de veroordeelde steeds een enkelband. Deze wordt aangebracht in de gevangenis. De enkelband stuurt via een bewakingsbox, die bij de veroordeelde thuis wordt geïnstalleerd, een signaal uit naar een centrale computer. Dit laat het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht toe permanent het naleven van het uurrooster te controleren.

2. Wettelijke bepalingen

Voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar' bedraagt, is de wettelijke basis de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, en haar uitvoeringsbesluiten. Deze omzendbrief geeft de richtlijnen nodig voor de uitwerking en de opvolging van het elektronisch toezicht.
Voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of mindert bedraagt, is deze omzendbrief van toepassing.
 

3. De actoren bij het elektronisch toezicht

Het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht (NCET) is de dienst binnen de Federale Overheidsdienst Justitie die bevoegd is voor de uitwerking en de opvolging van het elektronisch toezicht.

Het NCET speelt een centrale rol en is verantwoordelijk voor:

· Het beheer van de dossiers elektronisch toezicht (niet voor de opsluitingsdossiers);

·  Het inwinnen van de nodige informatie die dient om een beheersinstrument te creëren dat een dagelijks en globaal zicht geeft op de uitvoering van het elektronisch toezicht. Met het oog hierop centraliseert en coordineert het NCET de informatie met betrekking tot het elektronisch toezicht;

· De controle op het naleven van het uurrooster.

Voor wat betreft de uitwerking en de opvolging van het ET, werkt het NCET nauw samen met:

·      Justitiehuis (DG MJH): de arrondissementele afdeling van het DG MJH van de verblijfplaats van de veroordeelde waar de door de directeur van het justitiehuis aangeduide justitieassistent instaat voor de opvolging van het ET.

·      Mobiele equipe (DG EPI): de dienst bevoegd voor het beheer en de plaatsing van het elektronisch toezichtmateriaal (enkelband + bewakingsbox) waarmee het ET wordt gecontroleerd. Tussen het NCET en de mobiele equipe wordt er een akkoord afgesloten om de samenwerkingsafspraken te bepalen.
 

 BASISVEREISTEN

Teneinde een goed verloop van het ET te verzekeren is het van belang dat :

1.          De veroordeelde zich akkoord verklaart met de standaardinstructies (zie bijlagen 1 en 2).

2.          Het akkoord van de meerderjarige huisgenoten die betrokkene zijn bij de dagelijkse uitvoering van het ET is onontbeerlijk, om te verzekeren dat de huisgenoten zich bewust zijn van de impact van het ET. Indien de verblijfplaats van de veroordeelde een instelling betreft, is het akkoord van de verantwoordelijke van de instelling vereist.

DE CATEGORIEËN VAN VEROORDEELDEN EN DE RESPECTIEVELIJKE PROCEDURES

1. De veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt

Er bestaan twee procedures naargelang de beslissing genomen wordt door de gevangenisdirecteur of door de Dienst Individuele Gevallen (DIG).

A Beslissing door de gevangenisdirecteur

De gevangenisdirecteur neemt de beslissing voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt met uitzondering van:

·           de veroordeelden voor feiten van seksueel misbruik (Worden beschouwd als veroordeelden voor feiten van seksueel misbruik: de veroordeelden die een straf ondergaan voorfeiten vermeld in artikel 372 tot 388 van het strafwetboek indien ze gepleegd zijn op minderjarigen of met hun deelneming) .
;

·           de personen die geen recht van verblijf hebben in België.

a.        Van zodra de veroordeelde wordt opgesloten of onmiddellijk nadat zijn vonnis of arrest in kracht van gewijsde is getreden, heeft hij een onderhoud met de directeur, die toelichting geeft met betrekking tot het elektronisch toezicht en de te volgen procedure (zie bijlage 1 ven het MB en zie hierna);

b.        Indien de veroordeelde een elektronisch toezicht wenst, formuleert hij zijn schriftelijk verzoek daarbij gebruik makend van het formulier in bijlage 2 (van voormeld MB en zie hierna);

c.        De gevangenisdirecteur kan hem vervolgens een strafonderbreking toekennen voor de tijd die nodig is om zijn verzoek tot het elektronisch toezicht te onderzoeken, behalve indien:

·   de veroordeelde geen vaste verblijfplaats heeft;

·    de veroordeelde niet in zijn onderhoud kan voorzien;

·    er een ernstig risico bestaat dat de veroordeelde zich aan de strafuitvoering zou onttrekken;

·      er een ernstige tegenaanwijzing bestaat.

— Indien de gevangenisdirecteur de strafonderbreking toekent, worden volgende formaliteiten vervuld:

·   de veroordeelde ondertekent de "vergunning strafonderbreking" (zie bijlage 3);

·     het parket dat de tenuitvoerlegging van de straffen heeft bevolen, wordt door de gevangenisdirecteur geïnformeerd over de strafonderbreking (zie bijlage 4).

Indien de gevangenisdirecteur de strafonderbreking niet toekent,  maakt hij zijn gemotiveerde beslissing tot weigering over aan de veroordeelde met kopie hiervan aan de DIG (zie bijlage 4bis).

d. Onmiddellijk na ontvangst van het schriftelijk verzoek van de veroordeelde tot ET (zie bijlage 2), vraagt de gevangenisdirecteur een maatschappelijke enquête aan het NCET per fax (zie bijlage 5), die dit op haar beurt overmaakt aan de directeur van het bevoegde justitiehuis. Hij maakt daarbij eveneens volgende stukken over:

·   de opsluitingsfiche;

·   het schriftelijk verzoek van de veroordeelde;

·   de documenten met betrekking tot de strafonderbreking;

·   de elementen die tijdens het onderhoud met de veroordeelde verzameld werden.

Zodra de volgende documenten beschikbaar zijn, maakt de gevangenisdirecteur deze onmiddellijk over aan het NCET:

·   de uiteenzetting van de feiten;

·   een kopie van de vonnissen of arresten;

·   een uittreksel van het strafregister;

·   in voorkomend geval, de gegevens met betrekking tot de burgerlijke partijen.

Zodra het NCET deze documenten ontvangt, maakt zij deze onmiddellijk over aan de directeur van het bevoegde justitiehuis om het dossier te vervolledigen.

De maatschappelijke enquête bevat ten minste de volgende elementen die de opdrachtgever in staat moeten stellen om een beter zicht te krijgen op:

·                           de materiële omstandigheden waarin het elektronisch toezicht zal worden uitgevoerd;

·                           het akkoord van de eventuele meerderjarige huisgenoten;

·                           de houding van de veroordeelde ten aanzien van de voorgestelde maatregel;

·                           de mogelijkheid van de veroordeelde om in zijn levensonderhoud te voorzien;

·                           de nuttige dagbesteding. Deze zal bepaald worden in de beslissing van de gevangenisdirecteur en

is gericht op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk); wordt in het kader van deze omzendbrief beschouwd als werk: de tewerkstelling die bewezen kan worden hetzij door een schriftelijke arbeidsovereenkomst hetzij door het bewijs van aansluiting bij de kruispuntbank van Ondernemingen en het bewijs van aansluiting bij een sociaalverzekeringsfonds voor zelfstandigen ingeval de veroordeelde als zelfstandige werkt.

 

—              of is gericht op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman; worden in het kader van deze omzendbrief beschouwd als huisman of huisvrouw: de personen die geen beroepsinkomen of een vervangingsinkomen genieten.

—              of is gerechtvaardigd door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden.
 

       •        de familiale context

·                      de verblijfplaats en de omgeving waar het ET wordt uitgevoerd. Indien de

veroordeelde alleen woont, moet de justitieassistent er zich van vergewissen dat er aan de materiële voorwaarden wordt voldaan die het elektronisch toezicht vereist;

·                           de aard van de gepleegde feiten;

·                           het manifest risico dat de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke integriteit van derden;

·                           het risico van plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten;

·                           het risico dat hij de slachtoffers zou lastigvallen;

·                           de houding van de veroordeelde ten aanzien van de slachtoffers van de misdrijven die tot zijn veroordeling hebben geleid.

In voorkomend geval, doet de justitieassistent voorstellen in functie van de concrete inhoud van het programma van het ET.

Binnen de maand na ontvangst van de aanvraag tot maatschappelijke enquête door het justitiehuis, maakt de justitieassistent een maatschappelijk enquête (of het beknopt voorlichtingsverslag in geval de enquête niet heeft kunnen plaatsvinden) over aan het NCET die dit op haar beurt overmaakt aan de gevangenisdirecteur. In geval de enquête niet heeft kunnen plaatsvinden, seint de gevangenisdirecteur de veroordeelde bij de politie van de verblijfplaats van de veroordeelde om de correcte gegevens te bekomen (zie bijlage 18). Eens de gevangenisdirecteur deze gegevens ontvangt, geeft hij deze door aan het NCET die op haar beurt de informatie overmaakt aan het bevoegde justitiehuis.

Indien het een alleenwonende veroordeelde betreft, zal de maatschappelijke enquête vervangen worden door een verificatie van de materiële voorwaarden binnen dewelke de maatregel zal lopen. Deze verificatie zal, via het NCET, door de politiediensten gebeuren (zie bijlage 5bis).

e. Binnen de 14 werkdagen na de ontvangst van de maatschappelijke enquête neemt de gevangenisdirecteur een gemotiveerde beslissing tot toekenning of weigering van het elektronisch toezicht.

Hij kent het elektronisch toezicht toe wanneer er geen tegenaanwijzingen zijn die niet kunnen worden tegengegaan door het opleggen van bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden. Deze tegenaanwijzingen hebben betrekking op:

·                           het akkoord van de eventuele meerderjarige huisgenoten;

·                           de familiale context;

·                           de verblijfplaats en de omgeving;

·                           de aard van de gepleegde feiten;

·                           het manifest risico dat de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke integriteit van derden;

·                           het risico van het plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten;

·                           het risico dat de veroordeelde zich aan de strafuitvoering zou onttrekken;

·                           de houding van de veroordeelde ten aanzien van zijn slachtoffer(s).

f. Indien de gevangenisdirecteur het elektronisch toezicht TOEKENT

De beslissing tot toekenning (zie bijlage 6) is onderworpen aan volgende algemene voorwaarden:

·    geen strafbare feiten plegen;

· een vaste verblijfplaats hebben in België en bij wijziging ervan de nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent zodat deze in samenspraak met het NCET kan voorzien in de planning van de verhuis van het bewakingsmateriaal verbonden aan het elektronisch toezicht;

·   gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent;

·    de door de gevangenisdirecteur vastgestelde nuttige dagbesteding naleven die:

is gericht op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk);  of is gericht op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman);
of is gerechtvaardigd door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit,
ziekteuitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

·       het naleven van de in overleg met de justitieassistent uitgewerkte concrete invulling van het ET, met betrekking tot het uurrooster en de standaardinstructies zoals vermeld in bijlage 2, waarmee de veroordeelde zich akkoord heeft verklaard.

De directeur kan de veroordeelde aan bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden onderwerpen ( Bv. het afbetalen van de burgerlijke partijen, het verbod zich naar het buitenland te begeven voor langer dan 1 dag, het
volgen van een begeleiding inzake de specifieke problematiek, ...)
 

De gevangenisdirecteur geeft in zijn beslissing duidelijk weer dat de veroordeelde 3 x 36 uur penitentiair verlof per trimester geniet.

De gevangenisdirecteur deelt onmiddellijk zijn beslissing tot toekenning ET mee:

·     aan het NCET dat op zijn beurt de directeur van het bevoegde justitiehuis informeert per fax (zie bijlage 6);

·       aan de veroordeelde per schrijven (zie bijlage 6bis).

g. Indien de gevangenisdirecteur het elektronisch toezicht NIET TOEKENT

De gevangenisdirecteur deelt zijn gemotiveerde beslissing tot niet toekenning ET onmiddellijk per fax, desgevallend telefonisch mee (zie bijlage 7) aan volgende personen:

·                           het parket dat de tenuitvoerlegging van de straf heeft bevolen;

·                           het NCET dat op zijn beurt de directeur van het bevoegde justitiehuis informeert;

•            
 de veroordeelde telefonisch en verzoekt hem zich bij de gevangenis aan te bieden op een bepaalde datum (binnen een termijn van zeven kalenderdagen) met het oog op de kennisgeving van de beslissing tot niet toekenning.

Indien de gevangenisdirecteur er niet in slaagt de veroordeelde te contacteren binnen de 7 kalenderdagen of indien de veroordeelde zich niet heeft aangeboden in de gevangenis op de voorziene datum, seint de gevangenisdirecteur de veroordeelde bij de politie van de verblijfplaats van de veroordeelde. Het parket dat de tenuitvoerlegging van de straf heeft bevolen, wordt hierover geïnformeerd


 

B Beslissing door  de Dienst Individuele Gevallen

De DIG neemt de beslissing tot ET voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstreffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt:

·                       die veroordeeld zijn voor feiten van seksueel misbruik;9

·                       die geen recht van verblijf in België hebben.

a Van zodra de veroordeelde wordt opgesloten of onmiddellijk nadat zijn vonnis of arrest in kracht van gewijsde is getreden, heeft de gevangenisdirecteur zo spoedig mogelijk een onderhoud met de veroordeelde waarbij hij toelichting geeft met betrekking tot het elektronisch toezicht en de te volgen procedure (zie bijlage 1).

b Indien de veroordeelde een elektronisch toezicht wenst, formuleert hij zijn schriftelijk verzoek op het daartoe bestemde formulier (zie bijlage 2).

c Onmiddellijk na ontvangst van het schriftelijk verzoek van de veroordeelde tot ET:

·                           kan de gevangenisdirecteur aan de PSD een verslag vragen over de punten die hij aangeeft;

·                           vraagt de gevangenisdirecteur per fax een maatschappelijke enquête (zie bijlage 5) aan het NCET dat deze overmaakt aan de bevoegde directeur van het justitiehuis. Hij maakt daarbij eveneens volgende stukken over:

·   de opsluitingsfiche;

·   het schriftelijk verzoek van de veroordeelde;

·   de elementen die tijdens het onderhoud met de veroordeelde verzameld zijn.

Zodra de volgende documenten beschikbaar zijn, maakt de gevangenisdirecteur deze onmiddellijk over aan het NCET:

·   de uiteenzetting van de feiten voor dewelke betrokkene veroordeeld werd;

·   een kopie van de vonnissen of arresten;

·   een uittreksel van het strafregister;

·   indien beschikbaar, de verslagen van de psychosociale dienst;

·   in voorkomend geval de gegevens met betrekking tot de burgerlijke partijen;

·   in voorkomend geval, de beslissing van de dienst Vreemdelingenzaken met betrekking tot de verblijfstoestand.

Zodra het NCET deze documenten ontvangt, maakt zij deze onmiddellijk over aan de directeur van het bevoegde justitiehuis om het dossier te vervolledigen.

De maatschappelijke enquête bevat ten minste de volgende elementen die de opdrachtgever in staat stellen om een beter zicht te krijgen op:

·                                                   de materiële omstandigheden waarin het elektronisch toezicht zal worden      uitgevoerd;

·                                                   het akkoord van de eventuele meerderjarige huisgenoten;

·                                                   de houding van de veroordeelde ten aanzien van de voorgestelde maatregel;

·                                                   de mogelijkheid van de veroordeelde om in zijn levensonderhoud te voorzien;

·                                                   de nuttige dagbesteding die:

 is gericht op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (were, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk); of is gericht op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman;  of is gerechtvaardigd door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioen-gerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

·                                            de verblijfplaats en de omgeving waar het ET wordt uitgevoerd. Indien de veroordeelde alleen woont, moet de justitieassistent er zich van vergewissen dat er aan de materiële voorwaarden wordt voldaan die het elektronisch toezicht vereist;

·                                                   de familiale context;

·                                                   de aard van de gepleegde feiten;

·                                                   het manifest risico dat de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke integriteit van derden;

·                                                   het risico van plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten;

·                                                   de houding van de veroordeelde ten aanzien van de slachtoffers van de misdrijven die tot zijn veroordeling hebben geleid;

·                                                   het risico dat hij de slachtoffers zou lastigvallen.

In voorkomend geval doet de justitieassistent voorstellen in functie van de concrete inhoud van het programma van het Er.

Binnen de maand na ontvangst van de aanvraag tot maatschappelijke enquête door het justitiehuis, maakt de justitieassistent een maatschappelijk enquête (of het beknopt voorlichtingsverslag in het geval de enquête niet heeft kunnen plaatsvinden) over aan het NCET die dit op haar beurt overmaakt aan de gevangenisdirecteur.

d Binnen de 14 werkdagen na de ontvangst van de maatschappelijke enquête maakt de gevangenisdirecteur een gemotiveerd advies over aan de DIG op het daartoe voorziene formulier (zie bijlage 8).

Hij geeft een positief advies omtrent het toekennen van het elektronisch toezicht indien er geen tegenaanwijzingen betaan die niet kunnen worden tegengegaan door het opleggen van bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden. Deze tegenaanwijzingen hebben betrekking op:

·                           het akkoord van de eventuele meerderjarige huisgenoten;

·                           de familiale context;

·                           de verblijfplaats en de omgeving;

·                           de aard van de gepleegde feiten;

·                           het manifest risico dat de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke integriteit van derden;

·                           het risico van plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten;

·                           het risico dat de veroordeelde zich aan de strafuitvoering zou onttrekken;

·                           de houding van de veroordeelde ten aanzien van zijn slachtoffer(s).

De directeur geeft eveneens een advies over de nuttige dagbesteding die:

— gericht is op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk2, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk)

—          of gericht is op de familiale situatie ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman of specifiek in geval van invaliditeit, ziekte-uitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

Het advies van de directeur wordt vergezeld van:

·                       het verzoek van de veroordeelde;

·                           een kopie van de vonnissen en arresten;

·                           de uiteenzetting van de feiten waarvoor betrokkene veroordeeld werd;

·                           een uittreksel uit het strafregister;

·                           de maatschappelijke enquête;

·                           in voorkomend geval, de beslissingen van de Dienst Vreemdelingenzaken aangaande; de verblijfssituatie van de veroordeelde.)

De directeur bezorgt een kopie van zijn advies aan de veroordeelde.

Binnen 14 werkdagen na ontvangst van het dossier neemt de DIG een gemotiveerde beslissing tot toekenning of niet toekenning van het elektronisch toezicht. Het elektronisch toezicht wordt toegekend wanneer er geen tegenaanwijzingen zijn die niet kunnen worden tegengegaan door het opleggen van bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden.

e Indien de DIG het elektronisch toezicht TOEKENT

De beslissing tot toekenning (zie bijlage 9) is onderworpen aan volgende algemene voorwaarden:

·                           geen strafbare feiten plegen;

·                           een vaste verblijfplaats hebben in België en bij wijziging ervan de nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent zodat deze in samenspraak met het NCET kan voorzien in de planning van de verhuis van het bewakingsmateriaal verbonden aan het elektronisch toezicht;

·                           gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent;

·                           de door de directeur vastgestelde nuttige dagbesteding naleven die:

—              gericht is op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk", opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk)

—              gericht is op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman)

—              of specifiek in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

·                           het naleven van de in overleg met de justitieassistent uitgewerkte concrete invulling van het ET, namelijk met betrekking tot het uurrooster en de standaardinstructies (meer bepaald de verplichtingen, vermeld in bijlage 2, waarmee de veroordeelde zich akkoord heeft verklaard).

De DIG kan de veroordeelde aan bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden onderwerpen.

De DIG geeft in zijn beslissing duidelijk weer dat de veroordeelde 3 x 36 uur penitentiair verlof per trimester geniet.

De DIG deelt zijn beslissing tot toekenning ET (bijlage 9) onmiddellijk per fax mee aan de gevangenisdirecteur.

De gevangenisdirecteur brengt de beslissing onmiddellijk ter kennis van de veroordeelde, die tekent voor ontvangst, en ter informatie aan het parket dat de tenuitvoerlegging van de straffen heeft bevolen. De gevangenisdirecteur informeert het NCET van deze beslissing en maakt een kopie van het dossier over aan het NCET. Het NCET maakt hiervan op haar beurt een kopie over aan het justitiehuis dat de maatschappelijke enquête uitvoerde.

f Indien de DIG het elektronisch toezicht NIET TOEKENT

De DIG deelt zijn beslissing tot niet toekenning Er (zie bijlage 10) onmiddellijk per fax mee aan de gevangenisdirecteur. De gevangenisdirecteur brengt de beslissing onmiddellijk ter kennis van de veroordeelde, die tekent voor ontvangst.

De gevangenisdirecteur maakt deze beslissing over aan het NCET dat op haar beurt een kopie overmaakt aan het justitiehuis dat de maatschappelijke enquête uitvoerde.

C Heronderzoek van beslissingen

Indien voor een veroordeelde tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt werd beslist tot :

·   hetzij een niet-toekenning van strafonderbreking;

·   hetzij een niet-toekenning van elektronisch toezicht;

·   hetzij een herroeping van elektronisch toezicht;

kan de veroordeelde een nieuw verzoek tot ET indienen van zodra er nieuwe elementen zijn

a.            In de gevallen waarin beslist werd tot een niet-toekenning van strafonderbreking kan de gevangenisdirecteur de veroordeelde alsnog in strafonderbreking stellen als er tegemoet gekomen wordt aan de redenen gemotiveerd in de beslissing tot weigering van de strafonderbreking.

b.          In de gevallen waarin beslist werd tot een niet-toekenning of tot een herroeping

van elektronisch toezicht kan de directeur, of in voorkomend geval de DIG -17, een nieuwe

beslissing nemen op basis van een nieuwe maatschappelijke enquête en een nieuw

volledig onderzoek voorzover er nieuwe elementen zijn die dit rechtvaardigen.

Gedurende de duur van het nieuwe onderzoek van de situatie (volgens de procedures beschreven onder punt A of B) is een strafonderbreking niet mogelijk.

2. Veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt

A Het programma van de concrete invulling

Ingeval de strafuitvoeringsrechtbank elektronisch toezicht toegekend heeft, bepaalt zij in haar vonnis het programma van de concrete invulling van ET.

Het NCET maakt een kopie over van het vonnis tot toekenning van ET aan de directeur van het bevoegde justitiehuis. De gevangenisdirecteur maakt een kopie van het dossier18 van de veroordeelde over aan het NCET dat hiervan een kopie overmaakt aan de directeur van het bevoegde justitiehuis.

B Uitvoerbaarheid van de beslissing

De gevangenisdirecteur deelt de datum van uitvoerbaarheid van het definitief geworden vonnis (in het geval van een beslissing tot toekenning van ET, tot toekenning van een VI volgend op een ET of van een herroeping van een ET) mee aan directeur van het NCET (bijlage 19), die deze informatie meedeelt aan de directeur van het bevoegde justitiehuis.

De directeur van het NCET deelt aan de gevangenisdirecteur de effectieve datum mee van de plaatsing onder elektronisch toezicht, die dit op zijn beurt doorgeeft aan de veroordeelde. Het NCET deelt deze datum ook mee aan de directeur van het bevoegde justitiehuis.

C Penitentiair verlof toegekend door de Strafuitvoeringsrechtbank Het penitentiair verlof wordt geregeld overeenkomstig Hoofdstuk 4 punt 3.B.

UITVOERING VAN DE BESLISSING TOT TOEKENNING ELEKTRONISCH TOEZICHT

1. Opstartfase

A. Aanbrengen van de enkelband bij veroordeelden aan wie een strafonderbreking werd toegekend.

Van zodra de mobiele equipe de nodige maatregelen getroffen heeft met betrekking tot het plaatsen van het toezichtsmateriaal (enkelband + bewakingsbox) stelt het NCET via de mobiele equipe, de gevangenisdirecteur en de directeur van het justitiehuis onmiddellijk per fax in kennis van enerzijds de datum en het uur waarop de veroordeelde zich bij de gevangenis moet aanbieden en anderzijds van de datum en het uur waarop de bewakingsbox op zijn verblijfadres wordt geïnstalleerd. De veroordeelde wordt telefonisch in kennis gesteld door de mobiele equipe.

Indien de mobiele equipe er niet in slaagt de veroordeelde telefonisch te contacteren binnen een termijn van 7 kalenderdagen 19 (zie bijlage 20) om de datum van de plaatsing vast te leggen, zal ze hiervan het NCET op de hoogte brengen. Het NCET seint betrokkene bij de politie van de verblijfplaats van de veroordeelde (zie bijlage 17) en maakt een kopie over aan zowel de gevangenisdirecteur als aan de directeur van het 3ustitiehuis. De veroordeelde blijft na opsluiting in de gevangenis en wordt van daaruit geplaatst onder Et De nieuwe datum wordt via het NCET met de mobiele equipe vastgelegd binnen de 7 kalenderdagen na de opsluiting van de veroordeelde.

B Plaatsing van een enkelband bij gedetineerde veroordeelden.

Van zodra de mobiele equipe de nodige maatregelen getroffen heeft met betrekking tot het plaatsen van het toezichtsmateriaal (enkelband + bewakingsbox) stelt het NCET via de mobiele equipe, de gevangenisdirecteur en de directeur van het justitiehuis onmiddellijk per fax in kennis van enerzijds de datum en het uur van de plaatsing van de enkelband en anderzijds van de datum en het uur waarop de bewakingsbox op zijn verblijfadres wordt geïnstalleerd. De veroordeelde wordt door de gevangenisdirecteur in kennis gesteld:

De dag van de plaatsing:

·                           verklaart de veroordeelde zich akkoord met de opgelegde voorwaarden ( zie bijlage 6 of 9);

·                           wordt de enkelband aangebracht. Het elektronisch toezicht vangt aan op het ogenblik dat de enkelband is geplaatst;

·                           ontvangt de veroordeelde een attest waaruit blijkt dat hij zich rechtsgeldig buiten de gevangenis bevindt onder de maatregel van elektronisch toezicht (zie bijlage 11).

C Plaatsing van de enkelband en van de bewakingsbox

1.           Van zodra de enkelband in de gevangenis werd aangebracht, begeeft de veroordeelde zich onmiddellijk op eigen kracht naar zijn verblijfplaats om er tijdig aanwezig te zijn teneinde de mobiele equipe toe te laten de bewakingsbox te installeren. Om er zeker van te zijn dat de plaatsing van de bewakingsbox door de mobiele equipe onder de beste omstandigheden gebeurt, moet de veroordeelde op de dag van de plaatsing, aanwezig blijven op zijn verblijfplaats. De veroordeelde moet de nodige schikkingen treffen om die dag op zijn werk of op zijn opleiding afwezig te mogen zijn. Enkel in uitzonderlijke omstandigheden kan het NCET afwijken van deze regel bv. om dringende medische redenen.

2.           Indien het plaatsen van de bewakingsbox niet heeft kunnen plaatsvinden op de verblijfplaats waar de veroordeelde zijn elektronisch toezicht zal doorbrengen op de voorziene datum en uur, stelt de mobiele equipe hiervan het NCET in kennis dat op zijn beurt de veroordeelde seint bij de politie van de verblijfplaats van de veroordeelde ( zie bijlage 17). Een kopie hiervan wordt overgemaakt aan de gevangenisdirecteur, aan de directeur van het Justitiehuis en aan het openbaar ministerie bij de strafuitvoeringsrechtbank, indien deze de beslissing tot toekenning nam. De veroordeelde blijft in de gevangenis opgesloten tot er een nieuwe plaatsing is voorzien. (Indien de persoon op de dag van de plaatsing bij hoogdringendheid gehospitaliseerd is, kan de gevangenisdirecteur de persoon opnieuw in strafonderbreking plaatsen in afwachting van een nieuwe plaatsing. Een attest van het hospitaal wordt bezorgd. In geval van ziekte zal de persoon die geen attest kan bezorgen voor het uur van de plaatsing van de enkelband
geseind worden op de dag van de plaatsing van de enkelband en van de box en terug opgesloten worden tot aan de nieuwe datum van plaatsing onder elektronisch toezicht). De nieuwe
datum wordt via het NCET met de mobiele equipe vastgelegd binnen de 7 kalenderdagen na de opsluiting van de veroordeelde. Indien betrokkene niet opgesloten is binnen de 7 kalenderdagen, zal de directeur hem een aangetekend schrijven versturen (zie bijlage 13bis), met de vraag zich binnen 4 werkdagen in de gevangenis aan te bieden. Indien hij zich binnen de 4 werkdagen niet aanbiedt, wordt hij aanzien als ontvlucht.

3. Voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt: indien de veroordeelde niet aanwezig is op de verblijfplaats waar hij het elektronisch toezicht zal doorbrengen op de tweede voorziene datum voor de plaatsing van de bewakingsbox, stelt de mobiele equipe het NCET hiervan in kennis. Het NCET seint de veroordeelde bij de politie van de verblijfplaats van de veroordeelde (zie bijlage 17) en maakt een kopie over aan de gevangenisdirecteur, aan de directeur van het bevoegde Justitiehuis. De gevangenisdirecteur neemt een gemotiveerde beslissing tot herroeping van de maatregel (zie bijlage 13).

Voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt : indien de veroordeelde niet aanwezig is op de verblijfplaats waar hij het elektronisch toezicht zal doorbrengen op de tweede voorziene datum voor de plaatsing van de bewakingsbox, stelt de mobiele equipe het NCET hiervan in kennis. Het NCET verwittigt de procureur des Konings van de verblijfplaats van de veroordeelde, het openbaar ministerie bij de SURB (zie bijlage 17bis). Het NCET wacht de beslissing van de Procureur des Konings tot voorlopige aanhouding door de politiediensten en deze van de SURB betreffende een eventuele herroeping af.


Schema:

2. Onderhoudsuitkering van de gedetineerde onder ET
Het NCET beslist over de toekenning van de uitkering "onderhoud gedetineerde ET" op basis van elementen die door de justitieassistent worden aangereikt (Ministeriële omzendbrief nr. 1790 van 1 januari 2007 betreffende personen onder elektronisch toezicht zonder middelen van bestaan)

3. Opmaak van het uurrooster

A Binnen de 48 uren volgend op de aanvang van het elektronisch toezicht, begeeft de justitieassistent zich naar de verblijfplaats van de veroordeelde om er een eerste onderhoud te hebben met betrekking tot de uitwerking van de concrete invulling van het elektronisch toezicht. Er wordt een uurrooster opgesteld, rekening houdend met de tijd nodig voor de algemene en bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden waaraan het ET onderworpen is. De informatiefiche en het uurrooster worden overgemaakt aan het NCET.

B Het uurrooster

De justitieassistent stelt een uurrooster op in samenspraak met de veroordeelde waarbij deze verplicht dagelijks moet terugkeren naar zijn verblijfplaats, met uitzondering van de periodes van penitentiair verlof en de situaties waarin de opdrachtgever een uitzondering in de bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden bepaalt.

Het uurrooster bestaat uit verschillende tijdsblokken. De tijdsblokken worden als volgt gespecifieerd:

·                          het uurrooster met betrekking tot de verplichte voorwaarden/activiteiten: De dagelijkse bezigheden worden bepaald door de algemene en bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden (afspraak met de justitieassistent, het werk, de opleiding, het vrijwilligerswerk, het zoeken naar werk, de ondersteuning aan huisgenoten indien huisvrouw of huisman, de begeleidingen en de opvolgingen). De concrete invulling wordt uitgewerkt door de justitieassistent en moet steeds geattesteerd worden (medisch attest, werkattest, ...). Daarboven wordt aan het uurrooster de tijd die strikt noodzakelijk is voor de verplaatsing toegevoegd;

·                          vrije uren: naast de uren verbonden aan de verplichte voorwaarden/activiteiten, beschikt de veroordeelde over minimum 8 en maximum 25 vrije uren per week die niet geattesteerd moeten worden.

De vrije uren worden verdeeld volgens onderstaande tabel:

voetnoot 22 en 23 mbt zaterdag en zondag : Of tijdens de week indien de veroordeelde in het weekend werkt

• Penitentiair verlof: De veroordeelde geniet elk trimester van 3 x 36 u penitentiair verlof zonder dat zijn uurrooster wordt gecontroleerd. De cyclus penitentiair verlof start op de dag van plaatsing onder elektronisch toezicht. Een penitentiair verlof vangt aan tussen 06.00 uur en 10.00 uur 's morgens. Het penitentiair verlof kan niet gecumuleerd worden met vrije weekenduren noch met vervangende vrije uren. Voor en na een verlof is een verplichte terugkeer van minstens 30 minuten naar de verblijfplaats verplicht.

Veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder bedraagt, genieten maximum van 3 x 36 uur penitentiair verlof per trimester.

Gelet op het feit dat de veroordeelde onder de bevoegdheid valt van de SURB, is enkel het door haar toegekende penitentiair verlof van toepassing. Als overgangsmaatregel blijven de veroordeelden die voor het inwerking treden van deze omzendbrief nog steeds onder elektronisch toezicht staan en waarvoor de SURB geen penitentiaire verloven heeft toegekend, verder genieten van de penitentiaire verloven toegekend door de BIG.

De strafuitvoeringsrechtbank bepaalt de duur van het penitentiair verlof dat niet minder dan 3 x 36 uur per trimester mag zijn. Het penitentiair verlof is van rechtswege elk trimester hernieuwd.

Na overleg met de veroordeelde zal de justitieassistent het NCET op de hoogte brengen van de verdeling van het voor elk trimester toegekende verlof. Het NCET stelt de gevangenisdirecteur in kennis van de dagen waarop de veroordeelde penitentiair verlof neemt. Zodra deze informatie verschijnt op de opsluitingsfiche van de veroordeelde is het niet meer mogelijk om het penitentiair verlof te annuleren of om het uurrooster ervan te wijzigen.

Aangezien de procureur des Konings drie dagen voor de toekenning van het penitentiair verlof op de hoogte moet worden gebracht door de gevangenisdirecteur, moet het NCET vier werkdagen voor aanvang van het verlof hiervan geïnformeerd worden door de justitieassistent. Enkel om ernstige en uitzonderlijke geattesteerde redenen kan deze termijn worden verkort op gemotiveerd verzoek van de justitieassistent aan het NCET.

Indien de veroordeelde niet terugkeert na een penitentiair verlof seint de directeur van het
NCET de veroordeelde bij de politie van de verblijfplaats van de veroordeelde en informeert
hij hiervan onmiddellijk de gevangenisdirecteur, in voorkomend geval de
strafuitvoeringsrechtbank en het openbaar ministerie verbonden aan de
strafuitvoeringsrechtbank alsook de bevoegde justitieassistent

4. Wijzigingen van het uurrooster

Eens het uurrooster is opgesteld, kan dit niet gewijzigd worden behalve indien deze wijziging verband houdt met de verplichte activiteiten / voorwaarden of omwille van medische of dringende redenen. Elke wijziging van het uurrooster moet worden gestaafd met attesten die overgemaakt worden aan de justitieassistent .
1. Elke wijziging van het uurrooster die verband houdt met de verplichte activiteiten / voorwaarden of omwille van medische of dringende redenen moet door de justitieassistent onmiddellijk meegedeeld worden aan het NCET en dit conform de vorm¬en tijdsvereisten (De directeur van het NCET controleert de door de justitieassistent opgestelde uurroosters naar de vorm — en tijdsregels)
 

Indien de wijziging betrekking heeft op het uurrooster van de dag zelf of de dag erna, deelt de justitieassistent de wijziging telefonisch mee aan het NCET.


2. Buiten de openingsuren van het justitiehuis moet de veroordeelde, die zijn uurrooster niet kan opvolgen omwille van een reden die verband houdt met de verplichte activiteiten / voorwaarden of omwille van medische of dringende redenen, rechtstreeks contact opnemen met het NCET. (mbt het niet nameven van het uurrooster).  Elk verzoek tot wijziging van het uurrooster moet aan de directeur van het NCET worden voorgelegd. Eens de wijziging is toegekend, licht de directeur van het NCET de veroordeelde hiervan telefonisch in en de justitieassistent schriftelijk. Het (medisch of werk-) attest dat de (duur van de) afwezigheid staaft moet door de veroordeelde worden overgemaakt aan de justitieassistent die hiervan een kopie aan het NCET overmaakt.

1.           aan het NCET overmaakt.

OPVOLGING EN CONTROLE VAN HET ELEKTRONISCH TOEZICHT



1. Opvolging en controle

A Voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar en minder bedraagt:

Het NCET maakt binnen de maand na de toekenning van het elektronisch toezicht het verslag van de justitieassistent over aan de gevangenisdirecteur.
Telkens de justitieassistent, of in voorkomend geval de directeur van het NCET26, het nuttig acht of op verzoek van de gevangenisdirecteur, en minstens om de zes maanden zal de justitieassistent, een verslag opstellen. Deze verslagen worden overgemaakt aan het NCET die ze meedeelt aan de gevangenisdirecteur.
Indien aan het ET de voorwaarde is verbonden om een begeleiding of behandeling te volgen, voegt de justitieassistent aan zijn/haar verslag een kopie van de attesten toe die hij/zij ontvangt van de bevoegde dienst of bevoegde persoon.

B Voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt:

Binnen de maand na de toekenning van het ET, maakt het NCET het verslag van de justitieassistent over aan de strafuitvoeringsrechtbank en zendt een afschrift aan het openbaar ministerie bij de strafuitvoeringsrechtbank en aan de gevangenisdirecteur.


Telkens de justitieassistent of in voorkomend geval het NCET27 het nodig acht of op verzoek van de strafuitvoeringsrechtbank, en minstens om de zes maanden zal de justitieassistent of desgevallend het NCET een verslag opstellen. Het NCET ontvangt het verslag van de justitieassistent en maakt het over aan de strafuitvoeringsrechtbank en zendt een afschrift aan het openbaar ministerie bij de strafuitvoeringsrechtbank en aan de gevangenisdirecteur.
In voorkomend geval stelt de justitieassistent of de directeur van het NCET maatregelen voor die hij nuttig acht aan de strafuitvoeringsrechtbank.
Indien aan het ET de voorwaarde is verbonden om een begeleiding of behandeling te volgen, voegt de justitieassistent aan zijn/haar verslag een kopie toe van het verslag dat hij/zij ontvangt van de bevoegde dienst of bevoegde persoon.

C De uitwerking van het elektronisch toezicht door het NCET

De gevangenisdirecteur brengt het NCET op de hoogte van elke wijziging in de wettelijke situatie van de veroordeelde. Het NCET informeert de bevoegde justitieassistent hierover.
2. Niet naleving van de voorwaarden en mogelijke reacties

A Niet-naleving van de voorwaarden

a. Niet-naleving van het uurrooster

Indien het NCET een niet-naleving van het uurrooster vaststelt, herinnert het de veroordeelde aan de verplichting om het uurrooster na te leven en kan het de uren vrije tijd herberekenen.
De directeur van het NCET stelt de bevoegde justitieassistent op de hoogte van de niet- naleving van het uurrooster.
b. Doelbewuste beschadiging van het bewakingsmateriaal of doelbewuste vertraging van meerdere uren op het voorziene uurrooster.

Indien de directeur van het NCET een doelbewuste beschadiging vaststelt van het bewakingsmateriaal (ontdoen van de enkelband, openen, uitschakelen of beschadigen van de bewakingsbox) of indien het NCET een bewuste niet naleving van meerdere uren op het voorziene uurrooster vaststelt:

• voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar en minder bedraagt, seint de directeur van het NCET, indien hij dit nodig acht28, de veroordeelde bij de politie (zie bijlage 17) van de verblijfplaats van de veroordeelde en informeert hij de gevangenisdirecteur door middel van een rapport en maakt een kopie ervan over aan de bevoegde justitieassistent. De gevangenisdirecteur hoort onverwijld de veroordeelde om te beslissen over het al dan niet herroepen van het elektronisch toezicht. De gevangenisdirecteur informeert hiervan de veroordeelde; het NCET per fax, dat op haar beurt de bevoegde justitieassistent in kennis stelt van de beslissing.

• voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidsstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan 3 jaar bedraagt, informeert het NCET de procureur des Konings van de verblijfplaats van de veroordeelde door middel van een rapport en maakt onmiddellijk een afschrift over aan het openbaar ministerie bij de strafuitvoeringsrechtbank, aan de strafuitvoeringsrechtbank en een afschrift aan de bevoegde justitieassistent. De Procureur des Konings van het rechtsgebied waar de veroordeelde zich bevindt, kan zijn voorlopige aanhouding bevelen en onmiddellijk daarvan ter kennis brengen aan het openbaar ministerie van de strafuitvoeringsrechtbank (en in dat geval is het niet het NCET dat de betrokkene aan de politie seint).

Wanneer het materiaal doelbewust beschadigd werd door de veroordeelde of derden of in geval van niet-teruggave van het materiaal, stelt het Nationaal Centrum Elektronisch Toezicht de veroordeelde in gebreke om de kosten voortvloeiend uit deze beschadiging terug te betalen.
 

c. Niet-naleving van voorwaarden omwille van ziekte (Op basis van artikel 5 van het reglement van 28 juli 2003 betreffende de uitvoering van artikel 22 —11° van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994).


Indien de veroordeelde de voorwaarden niet kan naleven omwille van medische redenen, brengt hij hiervan onmiddellijk de justitieassistent op de hoogte, of, buiten de openingsuren van het justitiehuis, de directeur van het NCET.

Indien de veroordeelde met spoed wordt opgenomen in een ziekenhuis, brengt hij hiervan zo snel mogelijk de aangeduide justitieassistent op de hoogte of, buiten de openingsuren van het justitiehuis, de directeur van het NCET. Zodra hij in kennis is van de datum van ontslag uit het ziekenhuis, brengt de veroordeelde de justitieassistent hiervan op de hoogte, of, buiten de openingsuren van het justitiehuis, de directeur van het NCET.

De directeur van het NCET beslist, indien nodig, over het verwijderen en het terug aanbrengen van de enkelband. Indien de hospitalisatie minstens één nacht bevat, zal het NCET de gevangenisdirecteur op de hoogte brengen van de opname- en ontslagdata in het hospitaal
 

B Nadere omschrijving, aanpassing van de voorwaarden / herziening / herroeping

a. Voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar en minder is:

• Nadere omschrijving of aanpassing van de voorwaarden
De gevangenisdirecteur kan, hetzij ambtshalve, hetzij op vraag van de veroordeelde of van de aangeduide justitieassistent één of meer opgelegde voorwaarden, nader omschrijven of aanpassen, zonder dat de opgelegde voorwaarden kunnen worden verscherpt of bijkomende voorwaarden kunnen worden opgelegd.
De gevangenisdirecteur deelt zijn gemotiveerde beslissing tot nadere omschrijving of aanpassing van de voorwaarden per fax mee aan het NCET dat deze overmaakt aan de directeur van het bevoegde justitiehuis

• Herziening

In de gevallen waarin een herroeping mogelijk is, kan de gevangenisdirecteur door middel van een gemotiveerde beslissing de bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden van het elektronisch toezicht verscherpen (zie bijlage 14).
De gevangenisdirecteur deelt zijn gemotiveerde beslissing tot herziening per fax mee aan het NCET dat deze overmaakt aan de directeur van het bevoegde justitiehuis.
De gevangenisdirecteur nodigt de veroordeelde uit om zich aan te bieden bij de gevangenis waar de veroordeelde tekent voor kennisname. Als de veroordeelde niet akkoord is met de voorwaarden wordt verondersteld dat het elektronisch toezicht herroepen zal worden.
• Herroeping

De gevangenisdirecteur kan een gemotiveerde beslissing nemen tot herroeping van het elektronisch toezicht in volgende gevallen ( zie bijlage 13):
— wanneer bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing wordt vastgesteld dat de veroordeelde tijdens het elektronisch toezicht een wanbedrijf of misdaad heeft gepleegd;
— wanneer de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke of pychische integriteit van derden;
— wanneer de veroordeelde de opgelegde algemene of bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden niet naleeft;
— wanneer de veroordeelde geen gevolg geeft aan de oproepingen van de justitieassistent;
— wanneer de veroordeelde zijn adreswijziging niet doorgeeft aan de justitieassistent die met de begeleiding belast is;
— indien de veroordeelde de concrete invulling van het programma van elektronisch toezicht niet naleeft. In dat opzicht zijn de doelbewuste beschadiging van het bewakingsmateriaal (ontdoen van de enkelband, openen, uitschakelen of beschadigen van de bewakingsbox) of doelbewuste vertraging van meerdere uren op het voorziene uurrooster redenen om snel over te gaan tot een herroeping.

In geval van een beslissing tot herroeping:

De gevangenisdirecteur licht het NCET in over de beslissing tot herroeping. Het NCET deelt dit mee aan de justitieassistent en seint de veroordeelde bij de politie (zie bijlage 17) van zijn verblijfplaats. Hij voegt aan de seining eveneens een kopie van de beslissing tot herroeping toe. Indien de veroordeelde binnen de 7 kalenderdagen na seining niet wordt opgepakt door de politie, maakt de gevangenisdirecteur de veroordeelde een aangetekend schrijven over met de beslissing tot herroeping (zie bijlage 13 bis) en de vraag zich binnen 4 werkdagen aan te bieden in de gevangenis. Indien hij zich binnen de 4 werkdagen niet aanbiedt, wordt hij aanzien als ontvlucht.

- Ter informatie wordt het parket dat de tenuitvoerlegging van de straffen heeft bevolen,
door de gevangenisdirecteur geïnformeerd over de herroeping (zie bijlage 15).
- Zodra de veroordeelde opgesloten is in de gevangenis, deelt de gevangenisdirecteur de
beslissing tot herroeping mee aan de veroordeelde, die tekent voor kennisname, en
overhandigt hem een kopie ervan. Hij informeert onmiddellijk het NCET dat op zijn beurt
de justitieassistent informeert, die pas op dat moment een einde stelt aan de begeleiding.
Bij heropsluiting in een andere gevangenis wordt de veroordeelde zo spoedig mogelijk overgebracht naar de gevangenis van waaruit hij in elektronisch toezicht werd geplaatst zodat de gevangenisdirecteur daar de beslissing tot herroeping kan meedelen en laten tekenen voor kennisname en een kopij ervan overhandigt aan de veroordeelde. Hij informeert onmiddellijk het NCET dat op zijn beurt de justitieassistent informeert, die pas op dat moment een einde stelt aan de begeleiding.

b. Voor de veroordeelden tot één of meer vrijheidsstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar is:

Deze materie wordt geregeld door de omzendbrief nr. 1794.

 

BEËINDIGING VAN HET ELEKTRONISCH TOEZICHT BIJ STRAFEINDE OF VOORLOPIGE INVRIJHEIDSTELLING


De gevangenisdirecteur informeert (zie bijlage 16) ten laatste 7 dagen voor de invrijheidstelling het NCET over de datum van invrijheidstelling van de veroordeelde of in voorkomend geval zo snel mogelijk. Het NCET licht de veroordeelde en de bevoegde justitieassistent over de datum in. (dit om de mobiele equipe toe te laten het afhalen van het bewakingsmateriaal te plannen.) (In voorkomend geval en na akkoord van de directeur van het NCET kan worden toegestaan dat de veroordeelde zichzelf begeeft naar de gevangenis met het toezichtsmateriaal.)
Op de dag van zijn invrijheidstelling begeeft de veroordeelde zich naar de gevangenis, zodra de mobiele equipe het toezichtsmateriaal kwam ophalen, waar de nodige formaliteiten voor zijn invrijheidstelling zullen worden vervuld.

 

OPHEFFINGSBEPALINGEN


 

IN WERKING TREDING

Huidige omzendbrief treedt in werking op 3 november 2008.

 

De Minister van Justititie, Jo VANDEURZE


 

Tekstvak:  
Bijlage 1
 Federale overheidsdienst Justitie

Informatie voor de veroordeelde met betrekking tot elektronisch toezicht

Mevrouw, Mijnheer,

-    Indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder' bedraagt, bevindt u zich onmiddellijk in de tijdsvoorwaarden.

-    Indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar2 bedraagt, licht ik u in dat u zich binnen vier maanden in de tijdsvoorwaarden voor elektronisch toezicht bevindt. Wanneer u deze modaliteit wenst, kunt u vanaf nu het bijgaand formulier invullen en bezorgen aan de griffie van de gevangenis. Vergeet op dit formulier niet aan te kruisen dat u penitentiair verlof wenst, indien u hiervan wil genieten tijdens uw elektronisch toezicht.

Alvorens u een beslissing neemt over het aanvragen van elektronisch toezicht, verzoek ik u eerst onderstaande informatie aandachtig te willen lezen.

Voor ontvangst: De veroordeelde

Datum: ............................................

I.         WAT IS ELEKTRONISCH TOEZICHT?

Elektronisch toezicht is een manier waarop (een gedeelte van) uw gevangenisstraf kan worden uitgevoerd.

Het verschil met een gevangenisstraf is dat u bij elektronisch toezicht uw straf in uw eigen woning mag ondergaan en u dus niet wordt opgesloten in een gevangenis.

Gedurende het elektronisch toezicht draagt u steeds een enkelband. Deze wordt aangebracht in de gevangenis. De enkelband stuurt via een box, die bij u thuis wordt geïnstalleerd, een signaal uit naar een centrale computer. Dit laat het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht toe permanent het naleven van het uurrooster te controleren.

II.      WAT ZIJN DE BASISVEREISTEN? Om van het elektronisch toezicht te kunnen genieten, dient u aan de volgende voorwaarden te voldoen:

1.       U moet beschikken over een vaste verblijfplaats in België (een eigen woning of een adres waar u kan verblijven bij familie of vrienden);

2.       De meerderjarige personen waarmee u samenwoont, dienen akkoord te gaan dat u uw straf in hun omgeving uitboet.

Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt. 2 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal meer dan 3 jaar bedraagt.


 

3. Indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder3 bedraagt, moet u een zinvolle dagbesteding uitwerken die:

—     gericht is op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk4, opleiding,

vrijwilligerswerk, zoeken naar werk);

-       gericht is op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of

huisman5);

-       of is gerechtvaardigd door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit,

ziekteuitkering of pensioengerechtigheid en dit geattesteerd kan worden.

III WIE KOMT IN AANMERKING VOOR ELEKTRONISCH TOEZICHT ?

De beslissing betreffende elektronisch toezicht is steeds een individuele beslissing. Het elektronisch toezicht kan slechts worden toegekend indien er geen tegenaanwijzingen zijn waaraan niet tegemoet gekomen kan worden door het opleggen van bijzondere voorwaarden. Deze contra-indicaties hebben betrekking op:

-               het akkoord van de meerderjarige huisgenoten;

-               de familiale context;

-               de verblijfplaats en de omgeving;

de aard van de gepleegde feiten;

-               het manifeste risico dat de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke integriteit van derden;

-               het risico van plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten;

-               de houding van de veroordeelde ten aanzien van zijn slachtoffer(s);

-               het risico dat de veroordeelde zich aan de strafuitvoering zou onttrekken.

IV. HOE WORDT HET ELEKTRONISCH TOEZICHT GEORGANISEERD?

De opvolging van het elektronisch toezicht bestaat uit 2 luiken:

1.       De controle van u gaan en komen gebeurt door de medewerkers van het Nationaal Centrum Elektronisch Toezicht te Brussel die u telefonisch zullen contacteren in het kader van de naleving van uw uurrooster.

2.       De opvolging gebeurt door een justitieassistent, die u op regelmatige basis thuis bezoekt en u eveneens regelmatig telefonisch contacteert.

V. WAT ZIJN UW VERPLICHTINGEN TIJDENS HET ELEKTRONISCH TOEZICHT ?

1. Indien u in strafonderbreking wordt geplaatst, dient u:

a.    bereikbaar te zijn voor de justitieassistent in functie van het afnemen van de maatschappelijke enquête;

b.    dient u zich op de afgesproken dag en tijdstip aan te bieden in de gevangenis om kennis te nemen van de beslissing door de gevangenisdirecteur en in voorkomend geval om de plaatsing van de enkelband te realiseren.

2. Na de plaatsing van de enkelband in de gevangenis:

a.       begeeft u zich onmiddellijk op eigen kracht naar uw verblijfplaats om er tijdig aanwezig te zijn zodat de mobiele equipe de bewakingsbox kan installeren.

b.       Indien u niet aanwezig bent op uw verblijfplaats zal u geseind worden bij de politie en zal u heropgesloten worden.

3. Tijdens de duur van het elektronisch toezicht dient u zorg te dragen voor het toezichtmateriaal dat bij u is geplaatst. Het toezichtmateriaal (enkelband en bewakingsbox) mag niet gemanipuleerd of beschadigd worden. In geval van beschadiging of niet-teruggave zal het bedrag van de herstelling of van de vervanging u aangerekend worden. U dient te allen tijde het toezichtmateriaal te voorzien van elektriciteit (opgelet: facturen tijdig betalen) of indien uw

3 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt. wordt in het kader van deze omzendbrief beschouwd als werk: de tewerkstelling die bewezen kan worden hetzij door een schriftelijke arbeidsovereenkomst hetzij door het bewijs van aansluiting bij de kruispuntbank van Ondernemingen en het bewijs van aansluiting bij een sociaalverzekeringsfonds voor zelfstandigen ingeval de veroordeelde als zelfstandige werkt.

worden in het kader van deze omzendbrief beschouwd als huisman of huisvrouw: de personen die geen beroepsinkomen of een vervangingsinkomen genieten.


 

toezichtmateriaal via een vast telefoontoestel werkt de telefoonlijn niet te onderbreken (opgelet: telefoonrekening tijdig betalen).

4.  Tijdens de duur van het elektronisch toezicht dient u altijd telefonisch bereikbaar te nn voor de

justitieassistent en de monitoring via GSM of via een vast telefoontoestel.

5.    De beslissing tot toekenning is onderworpen aan volgende algemene en bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden:

a.        geen strafbare feiten plegen;

b.        een vast adres hebben en bij wijziging ervan de nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent (en aan het Openbaar Ministerie bij de SURB iindien u veroordeeld bent tot vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt) zodat deze in samenspraak met het NCET kan voorzien in de planning van de verhuis van de bewakingsbox verbonden aan het elektronisch toezicht;

c.        gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent (en van het Openbaar Ministerie iindien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbare gedeelte meer dan drie jaar bedraagt);

d.        het met de justitieassistent overeengekomen uurrooster respecteren en de regels verbonden aan het Elektronisch Toezicht naleven;

e.        het naleven van een nuttige dagbesteding als u veroordeeld bent tot een vrijheidsstraf minder dan 3 jaar;

f.         het naleven van de bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden.

VI. WAT HOUDT EEN UURROOSTER IN?

1. In functie van de algemene en bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden wordt in overleg met de justitieassistent een uurrooster opgesteld voor minstens 1 week en in principe telkens voor 1 maand. Het uurrooster bestaat uit verschillende tijdsblokken. Tussen elk van deze tijdsblokken moet u verplicht terugkeren naar uw verblijfplaats. De tijdsblokken worden als volgt gespecifieerd:

a)    het uurrooster met betrekking tot de verplichte voorwaarden/activiteiten: De dagelijkse bezigheden worden bepaald door de algemene en bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden (afspraak met de justitieassistent, het werk, de opleiding, het vrijwilligerswerk, het zoeken naar werk, de ondersteuning aan huisgenoten indien huisvrouw of huisman, de begeleidingen en de opvolgingen). De concrete invulling wordt uitgewerkt door de justitieassistent en moet steeds geattesteerd worden (medisch attest, werkattest, ...). Daarboven wordt voorzien dat aan het uurrooster de tijd die strikt noodzakelijk is voor de verplaatsing wordt toegevoegd;

b)    vrije uren: naast de uren verbonden aan de verplichte voorwaarden/activiteiten, beschikt u over minimum 8 en maximum 25 vrije uren per week die niet geattesteerd moeten worden, behalve indien er een herberekening plaats vond na het niet respecteren van het uurrooster.

 

 

De vrije uren mogen niet aanvangen voor 06.00 uur en niet eindigen na 22.00 uur.

6 of weekdag indien de veroordeelde werkt tijdens het weekend idem


 

Op wettelijke feestdagen, de vakantieperiode en de perioden van geattesteerde ziekte worden volgende vervangende vrije uren verdeeld volgens onderstaande tabel:

 

c) Penitentiair verlof:

Veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder8 bedraagt, hebben tijdens het elektronisch toezicht recht op 3 penitentiaire verloven per trimester.

Veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt, is het de strafuitvoeringsrechtbank die het aantal penitentiaire verloven bepaalt. Opgelet, u dient deze penitentiaire verloven zelf aan te vragen aan de strafuitvoeringsrechtbank. De eerder toegekende verloven door de Dienst Individuele Gevallen zijn niet meer van toepassing.

U dient uw penitentiair verlof minstens vijf werkdagen voor de gewenste datum aan te vragen bij uw justitieassistent.

2. Eens het uurrooster is opgesteld, kan u dit niet meer wijzigen behalve indien deze wijziging verband houdt met uw verplichte activiteiten / voorwaarden of omwille van medische of dringende redenen. Elke wijziging van het uurrooster moet u vragen aan uw justitieassistent en moet worden gestaafd met attesten.

Buiten de openingsuren van het justitiehuis moet u een wijziging die verband houdt met uw verplichte activiteiten / voorwaarden of omwille van medische of dringende redenen vragen aan het Nationaal Centrum Elektronisch Toezicht en deze wijziging moet worden gestaafd met attesten.

Als u het afgesproken uurrooster niet naleeft kan het Nationeel Centrum Elektronisch Toezicht uw vrije uren herberekenen en dit meedelen aan de justitieassistent en aan de opdrachtgever (gevangenisdirecteur of Strafuitvoeringsrechtbank en het openbaar ministerie bij de strafu itvoeri ngsrechtba n k).

Als u het toezichtsmateriaal doelbewust beschadigt, als u bewust het voorziene uurrooster gedurende meerdere uren niet respecteert of als u niet (tijdig) terugkeert na een penitentiair verlof kan de directeur van het NCET u laten seinen bij de politie in afwachting van een beslissing.

VII. WAT TE DOEN IN GEVAL VAN ZIEKTE?

In geval van ziekte of hospitalisatie moet u hiervan onmiddellijk de justitieassistent, of buiten de openingsuren van het justitiehuis, het NCET op de hoogte brengen. Een medisch attest dient afgeleverd te worden.

8 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.


 

Vin. WANNEER WORDT EINDE GESTELD AAN HET ELEKTRONISCH TOEZICHT

a)    Het elektronisch toezicht kan worden stopgezet in de volgende gevallen:

indien er een nieuwe veroordeling in uitvoering wordt gebracht en u zodoende niet meer in de tijdsvoorwaarden verkeert;

indien u een ernstig gevaar vormt voor de fysieke of psychische integriteit van derden; indien u de algemene en bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden niet naleeft;

indien u doelbewust het toezichtsmateriaal beschadigt of indien u bewust het voorziene uurrooster niet naleeft;

indien u geen gevolg geeft aan de oproepingen van de justitieassistent;

indien u uw adreswijziging niet doorgeeft aan de justitieassistent.

Indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder9 bedraagt, kan de gevangenisdirecteur u horen op een zitting om aansluitend al dan niet uw elektronisch toezicht verder te zetten, uw voorwaarden te verzwaren of uw elektronisch toezicht te herroepen.

Indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt, kan het openbaar ministerie verbonden aan de strafuitvoeringsrechtbank u laten oproepen voor een zitting van de strafuitvoeringsrechtbank om aansluitend al dan niet uw elektronisch toezicht te schorsen, uw voorwaarden te verzwaren of te herroepen.

b)    Het elektronisch toezicht wordt stopgezet in volgende gevallen: indien uw elektronisch toezicht herroepen wordt;

-                       indien u voorlopig in vrijheid gesteld wordt door de gevangenisdirecteur;

-                       indien u voorwaardelijk in vrijheid gesteld wordt door de Strafuitvoeringsrechtbank;

-                       indien u het einde van uw straf bereikt. IX. WAAR KAN IK TERECHT VOOR BIJKOMENDE INFORMATIE?

Indien u nog vragen hebt met betrekking tot het elektronisch toezicht, dan kunt u deze stellen aan de psychosociale dienst van uw gevangenis of aan de justitieassistent eerstelijnshulp van het justitiehuis.

9 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt. 19 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal meer dan 3 jaar bedraagt.


 

Tekstvak:  
Bijlage 2
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Verzoek elektronisch toezicht"

Ondergetekende, .................................................  (naam, voornaam), geboren te

............................................  , op ....................................... , wenst elektronisch toezicht.

Ik zal het elektronisch toezicht doorbrengen bij .............................................  op het

volgend adres

Ik heb kennisgenomen van het feit :

-             dat ik door middel van elektronica en computertechnologie gecontroleerd zal worden; dat ik de regels verbonden aan het elektronisch toezicht moet naleven zoals voorzien in bijlage 1;

-             dat de beslissing tot toekenning is onderworpen aan volgende algemene voorwaarden: < geen strafbare feiten plegen;

< een vast adres hebben en bij wijziging ervan de nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent (en aan het Openbaar Ministerie bij de SURB indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar'2 bedraagt) zodat deze in samenspraak met het NCET kan voorzien in de planning van de verhuis van de bewakingsbox verbonden aan het elektronisch toezicht;

-V gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent (en van het Openbaar Ministerie indien u veroordeeld bent tot één of meer vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaarn bedraagt);

-V het met de justitieassistent overeengekomen uurrooster respecteren;

' het naleven van een nuttige dagbesteding, indien u veroordeeld bent tot één of

meerdere vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte 3 jaar of minder is; dat ik de bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden moet naleven;

-             dat ik steeds telefonisch bereikbaar moet zijn via gsm of via een vast telefoontoestel. Ik geef toestemming aan de bevoegde diensten om mijn verblijfplaats te betreden voor

-             de installatie en het weghalen van het toezichtsmateriaal voor het elektronisch toezicht;

-             het onderhoud van het telefoontoestel en van het toezichtsmateriaal voor het elektronisch toezicht.

n Een kopie wordt overhandigd aan de veroordeelde

12 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal meer dan drie jaar bedraagt.

13 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal meer dan drie jaar bedraagt.


 

Indien het elektronisch toezicht functioneert via een vaste telefoonlijn is het akkoord van de titularis van de telefoonlijn noodzakelijk opdat de telefoonlijn aangepast kan worden aan de technische vereisten om het toezichtsmateriaal te kunnen plaatsen.

(Naam en voornaam + handtekening van de veroordeelde).................................

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak:  
Bijlage 3
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Vergunning strafonderbreking

De genaamde

geboren te              op

identiteitskaartnummer : gedomicilieerd te

is in voorbereidingsfase elektronisch toezicht.

Verblijfsadres : Telefoon :

Voorwaarden:

-           Vaste verblijfplaats hebben en elke adreswijziging onmiddellijk meedelen aan de gevangenisdirecteur;

-           Onmiddellijk gevolg geven aan elke oproep van de penitentiaire administratie (

gevangenisdirecteur, mobiele equipe, ...);

De afspraak met de justitieassistent(e) met het oog op de uitvoering van de maatschappelijke enquête naleven;

Deze vergunning steeds bij zich dragen.

Hij/zij zal zich bij de eerste oproep in de gevangenis van ..............................  aanbieden.

Voor kennisname en akkoord,

De Directeur,

Naam en handtekening van de veroordeelde

Stempel

Naam en handtekening Datum:


 

Tekstvak: Bijlage 4
 Federale Overheidsdienst Justitie                     (aan de procureur des Konings die de

DG EPI                                   tenuitvoerlegging van de straffen heeft gelast)

Gevangenis

Toekenning strafonderbreking elektronisch toezicht

Op (datum)

heb ik ondergetekende.................... directeur van de gevangenis van ...................

aan de genaamde (naam + voornaam)

(geboorteplaats + datum)

.................. , een strafonderbreking toegekend, waarbij de strafuitvoering onderbroken wordt

gedurende een periode nodig voor de regeling van alle nodige formaliteiten voor de toekenning van elektronisch toezicht

Bijgaand vindt u een kopie van de vergunning strafonderbreking.

De directeur

(naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak: Bijlage 4bis
 Federale Overheidsdienst Justitie                                  Aan Dienst Individuele Gevallen

DG EPI

Gevangenis

Weigering strafonderbreking elektronisch toezicht

Op (datum)

heb ik ondergetekende                directeur van de gevangenis van

aan de genaamde (naam + voornaam)

(geboorteplaats + datum)

................. , een strafonderbreking geweigerd om volgende redenen:

De veroordeelde                                                           De directeur

(naam en voornaam + handtekening)                        (naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en datum)                                                                              (Plaats en datum)


 

 

Aan de directeur van het NCET

Aan de directeur van het Justitiehuis van

Bijlage 5

 

Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Aanvraag maatschappelijke enquête elektronisch toezicht

1 IDENTIFICATIEGEGEVENS VAN DE JUSTITIABELE:

Naam — Voornaam               : «cli_famnaam» «cli_voornaam>>

Geboorteplaats en -            : «cli_geb_pIN» «cli_geb_dat»

datum

Gevangenis van verblijf : «gevang_gemN» «multi_gevangN»

2 IDENTIFICATIEGEGEVENS VAN HET OPVANGMILIEU :


 

Naam — Voornaam Geboortedatum (indien beschikbaar)

Type relatie

Adres

Straat en nummer Gemeente

Postcode
Telefoonnummer

GSM


 

: «opvangmilieu.naam» «opvangmilieu.voornaam» : «opyangmilieu.geb_datum»

: «opvangmilieu.t_relatie»

: «opvangmilieu.adres»

: «opvangmilieu.gemeente» : «opvangmilieu.postcode» : «opvangmilieu.tel»

: «opyangmilieu.gsm>>


 

3.  CONTACTPERSOON (binnen de gevangenis):

4.  DATUM" WAAROP MAATSCHAPPELIJKE ENQUETE KLAAR MOET ZIJN:

5.   De maatschappelijke enquête bevat ten minste de volgende elementen die de opdrachtgever in staat moeten stellen om een beter zicht te krijgen op:

·        de materiële omstandigheden waarin het elektronisch toezicht zal worden uitgevoerd;

·        het akkoord van de meerderjarige huisgenoten indien de veroordeelde niet alleen woont;

·        de houding van de veroordeelde ten aanzien van de voorgestelde maatregel;

·        de mogelijkheid van de veroordeelde om in zijn levensonderhoud te voorzien;

·        de nuttige dagbesteding die:

14 Minimum één maand


 

- gericht is op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werkas, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk);

- of gericht is op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman16);

- of specifiek gerechtvaardigd in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

·            de verblijfplaats en de omgeving waar het ET wordt uitgevoerd. Indien de veroordeelde alleen woont, moet de justitieassistent er zich van vergewissen dat er aan de materiële voorwaarden wordt voldaan die het elektronisch toezicht vereist;

·            de familiale context;

·            de aard van de gepleegde feiten;

·            het manifest risico dat de veroordeelde een ernstig gevaar vormt voor de fysieke integriteit van derden;

·            het risico van plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten;

·            het risico dat hij de slachtoffers zou lastigvallen;

·            de houding van de veroordeelde ten aanzien van de slachtoffers van de misdrijven die tot zijn veroordeling hebben geleid.

Directeur

(naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en datum)

15 wordt in het kader van deze omzendbrief beschouwd als werk: de tewerkstelling die bewezen kan worden hetzij door een schriftelijke arbeidsovereenkomst hetzij door het bewijs van aansluiting bij de kruispuntbank van Ondernemingen en het bewijs van aansluiting bij een sociaalverzekeringsfonds voor zelfstandigen ingeval de veroordeelde als zelfstandige werkt.

is worden in het kader van deze omzendbrief beschouwd als huisman of huisvrouw: de personen die geen beroepsinkomen of een vervangingsinkomen genieten.


 

Tekstvak:  
Bijlage 5bis
 Federale Overheidsdienst Justitie                    Aan de politie van

DG MJH                                N° fax:

Vraag om inlichtingen

In het kader van een toekomstige plaatsing onder elektronisch toezicht wensen wij te vernemen of het volgende adres bestaat en wie er gedomicilieerd is:

ADRES:

Wij blijven ter beschikking voor verdere informatie.

Directeur NCET

(naam en voornaam + handtekening)

(plaats en datum)


 

 

Bijlage 6

Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Beslissing directeur - toekenning elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder" bedraagt

Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
............................................................. (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)
De toekenning van het elektronisch toezicht is onderworpen aan:

q volgende algemene voorwaarden :

·                           De veroordeelde moet zich akkoord verklaren met de standaardinstructies (zie bijlagen 1 en 2);

·                           het akkoord van de meerderjarige huisgenoten die betrokken zijn bij de dagelijkse uitvoering van het ET is onontbeerlijk, om te verzekeren dat de huisgenoten zich bewust zijn van de impact van het ET. Indien de verblijfplaats van de veroordeelde een instelling betreft, is het akkoord van de verantwoordelijke van de instelling vereist;

·       geen strafbare feiten plegen;

·       een vaste verblijfplaats hebben in België en bij wijziging ervan de nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent zodat deze in samenspraak met het NCET kan voorzien in de planning van de verhuis van de bewakingsbox verbonden aan het elektronisch toezicht;

·       gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent;

·       de door de gevangenisdirecteur vastgestelde nuttige dagbesteding naleven die:

—     is gericht op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk18, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk);

—     of is gericht op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman19);

—     of gerechtvaardigd is door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

·                           het naleven van de in overleg met de justitieassistent uitgewerkte concrete invulling van het ET, met betrekking tot het uurrooster en de standaardinstructies (zoals vermeld in bijlage 2, waarmee de veroordeelde zich akkoord heeft verklaard.

17 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.

18 wordt in het kader van deze omzendbrief beschouwd als werk: de tewerkstelling die bewezen kan worden hetzij door een schriftelijke arbeidsovereenkomst hetzij door het bewijs van aansluiting bij de kruispuntbank van Ondernemingen en het bewijs van aansluiting bij een sociaalverzekeringsfonds voor zelfstandigen ingeval de veroordeelde als zelfstandige werkt.

19 worden in het kader van deze omzendbrief beschouwd als huisman of huisvrouw: de personen die geen beroepsinkomen of een vervangingsinkomen genieten.


 

q volgende bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden:

El••1111

Tijdens het elektronisch toezicht heeft de veroordeelde recht op 3 maal 36 uur penitentiair verlof per trimester.

Deze beslissing is uitvoerbaar op voorwaarde dat de veroordeelde instemt met de voorwaarden.

De directeur,                                      Voor ontvangst en akkoord met de voorwaarden

(naam en voornaam + handtekening) De veroordeelde (naam en voornaam + handtekening) (Plaats en Datum)                                                                                  (Plaats en Datum)


 

Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis te


 

Bijlage 6 bis

Ter attentie van

(voornaam, naam):

Adres van de veroordeelde:


 

 


 

Mededeling van de beslissing van de directeur
toekenning van elektronisch toezicht

Geachte mevrouw, Geachte heer,

Hierbij stel ik u in kennis van mijn beslissing tot toekenning van het elektronisch toezicht. Een afschrift van deze beslissing vindt u als bijlage bij deze brief.

De mobiele equipe zal met u contact opnemen om een afspraak te maken voor de plaatsing van het toezichtmateriaal in uw verblijfplaats en om af te spreken wanneer u zich moet melden in de gevangenis met het oog op de kennisgeving van de beslissing tot plaatsing onder elektronisch toezicht en op het aanbrengen van de enkelband. U moet dan ook beschikbaar en telefonisch bereikbaar blijven.

Het tijdstip waarop de maatregel daadwerkelijk wordt uitgevoerd, hangt af van de aanwijzing van de justitieassistent die belast is met de opvolging van de maatregel. U kunt contact opnemen met het justitiehuis van uw verblijfplaats (adres en telefoonnummer van het justitiehuis vermelden) om informatie te vragen over de tijd die nodig is om de opvolging te regelen en de maatregel uit te voeren.

De directeur

(naam en voornaam handtekening)

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak:  
Bijlage 7
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Beslissing directeur — niet toekenning elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder20 bedraagt

Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
......................................................................... (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)

Gemotiveerde beslissing tot weigering van het elektronisch toezicht:

De veroordeelde dient zich, in het bezit van deze beslissing, uiterlijk op (datum)21 aan te bieden in de dichtst bijzijnde gevangenis. Indien hij hieraan geen gevolg geeft, zal hij worden geseind worden bij de politie.

Voor ontvangst:

De directeur,                                                 De veroordeelde

(naam en voornaam + handtekening)                        (naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)                                                                            (Plaats en Datum)

20 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.

21 Binnen een termijn van 7 kalenderdagen.


 

Tekstvak: Bijlage 8
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Advies van de directeur betreffende elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder22 bedraagt

Dit advies heeft betrekking op de veroordeelde:

................................................................ (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)

a)   Onderzoek van de contra-indicaties

b)       Gemotiveerd voorstel tot toekenning of weigering van het elektronisch toezicht:

c) Voorstel van algemene voorwaarden met betrekking tot de nuttige dagbesteding die:

q      gericht is op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werk, opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk)•..........................................................................................................................

q      of gericht is op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of h uisnrian24).          

q    of gerechtvaardigd is door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioengerechtigheid en dit geattesteerd kan worden: ............................................................

d) In voorkomend geval, voorstel van bijzondere voorwaarden:

22 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.

23 wordt in het kader van deze omzendbrief beschouwd als werk: de tewerkstelling die bewezen kan worden hetzij door een schriftelijke arbeidsovereenkomst hetzij door het bewijs van aansluiting bij de kruispuntbank van Ondernemingen en het bewijs van aansluiting bij een sociaalverzekeringsfonds voor zelfstandigen ingeval de veroordeelde als zelfstandige werkt.

worden in het kader van deze omzendbrief beschouwd als huisman of huisvrouw: de personen die geen beroepsinkomen of een vervangingsinkomen genieten.


 

Een kopie van dit advies wordt overhandigd aan de veroordeelde die tekent / weigert te tekenen25 voor ontvangst.

De directeur

(naam en voornaam + handtekening) (Plaats en Datum)


 

25 Schrappen wat niet past


 

Tekstvak:  
Bijlage 9
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Beslissing Dienst Individuele Gevallen - toekenning elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder26 bedraagt

Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
.............................................................. (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)
Gemotiveerde beslissing tot toekenning van het elektronisch toezicht:

·   • •

De toekenning van het elektronisch toezicht is onderworpen aan: q volgende algemene voorwaarden :

·                       De veroordeelde moet zich akkoord verklaren met de standaardinstructies (zie bijlagen 1 en 2),

·                       het akkoord van de meerderjarige huisgenoten die betrokkene zijn bij de dagelijkse uitvoering van het ET is onontbeerlijk, om te verzekeren dat de huisgenoten zich bewust zijn van de impact van het ET. Indien de verblijfplaats van de veroordeelde een instelling betreft, is het akkoord van de verantwoordelijke van de instelling vereist;

·                       geen strafbare feiten plegen;

·                       een vaste verblijfplaats hebben in België en bij wijziging ervan de nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent zodat deze in samenspraak met het NCET kan voorzien in de planning van de verhuis van de bewakingsbox verbonden aan het elektronisch toezicht;

·                       gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent;

·                       de door de gevangenisdirecteur vastgestelde nuttige dagbesteding naleven die:

—          is gericht op een reïntegratie op professioneel en educatief vlak (werkt', opleiding, vrijwilligerswerk, zoeken naar werk);

—          of is gericht op familiaal vlak (ondersteuning van de huisgenoten indien huisvrouw of huisman28);

—          of gerechtvaardigd is door een specifieke situatie in het geval van invaliditeit, ziekteuitkering of pensioengerechtigheid in het geval dit geattesteerd kan worden;

·                       het naleven van de in overleg met de justitieassistent uitgewerkte concrete invulling van het ET, met betrekking tot het uurrooster en de standaardinstructies (zoals vermeld in bijlage 2, waarmee de veroordeelde zich akkoord heeft verklaard:

26 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.

27 wordt in het kader van deze omzendbrief beschouwd als werk: de tewerkstelling die bewezen kan worden hetzij door een schriftelijke arbeidsovereenkomst hetzij door het bewijs van aansluiting bij de kruispuntbank van Ondernemingen en het bewijs van aansluiting bij een sociaalverzekeringsfonds voor zelfstandigen ingeval de veroordeelde als zelfstandige werkt.

28 worden in het kader van deze omzendbrief beschouwd als huisman of huisvrouw: de personen die geen beroepsinkomen of een vervangingsinkomen genieten.


 

-                      geen strafbare feiten plegen;

-           een vast adres hebben en, bij wijziging ervan, zijn nieuwe verblijfplaats onmiddellijk meedelen aan de justitieassistent en met deze laatste afspraken maken voor de planning van de verhuis van het materiaal;

-           gevolg geven aan de oproepingen van de justitieassistent;

het door de justitieassistent opgelegde uurrooster en de regels inherent aan het elektronisch toezicht (m.n. de verplichtingen vermeld in het verzoek elektronisch toezicht) naleven.

q volgende bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden:

Tijdens het elektronisch toezicht heeft de veroordeelde recht op 3 maal 36 uur penitentiair verlof per trimester.

Deze beslissing is uitvoerbaar op voorwaarde dat de veroordeelde instemt met de voorwaarden.

Voor de Minister :                                                       Voor ontvangst en akkoord met de

voorwaarden

De attaché                                                                   De veroordeelde

(naam en voornaam + handtekening)                    (naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)                                                  (Plaats en Datum)


 

Tekstvak:  
Bijlage 10
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Beslissing Dienst Individuele Gevallen — niet toekenning elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder29 bedraagt

Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
............................................................ (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)
Gemotiveerde beslissing tot weigering van het elektronisch toezicht:

Voor de Minister :                                                        Voor ontvangst:

De attaché                                                   De veroordeelde

(naam en voornaam + handtekening)                        (naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)                                                                            (Plaats en Datum)

29 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.


 

Tekstvak: Bijlage 11
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Naam:

Geboortedatum en —plaats:

Adres:

Nummer Rijksregister:

Ondergetekende, directeur van de gevangenis te .............. , verklaart dat bovengenoemde

persoon zich ten gevolge van een beslissing van de bevoegde overheid rechtsgeldig buiten de gevangenis bevindt onder toepassing van het stelsel van het elektronisch toezicht.

Betrokkene bevindt zich in elektronisch toezicht sinds ..... /  /

De directeur

(Naam en handtekening directeur)

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak: Bijlage llbis
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

ATTEST TEN BEHOEVE VAN HET ZIEKENFONDS

Naam:

Geboortedatum en —plaats:

Adres:

Nummer Rijksregister:

Ondergetekende, directeur van de gevangenis te .............. , verklaart dat bovengenoemde

persoon zich ten gevolge van een beslissing van de bevoegde overheid rechtsgeldig buiten de gevangenis bevindt onder toepassing van het stelsel van het elektronisch toezicht.

Betrokkene bevindt zich in elektronisch toezicht sinds      / /

De directeur

(Naam en handtekening directeur)

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak:  
Bijlage 12
 Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI

Gevangenis

Beslissing tot schorsing / nadere omschrijving / aanpassing van de bijzondere
voorwaarden van het elektronisch toezicht voor veroordeelden tot één of meer
vrijheidstraffen waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder" bedraagt

Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
......................................................................... (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)

Volgende bijzondere voorwaarde: ......

q       wordt geschorst;

q       wordt nader omschreven, namelijk:

q       wordt aangepast, namelijk:

om volgende gemotiveerde reden:

Voor ontvangst:

De directeur                                                             De veroordeelde

(naam en voornaam + handtekening)                        (naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)                                                                            (Plaats en Datum)

Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.


 

Beslissing tot herroeping van het elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder3' bedraagt

Tekstvak: Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
............................................................... (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)

Het elektronisch toezicht wordt herroepen om de gemotiveerde reden van :

De directeur

(naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)


 

31 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.


 

Tekstvak:  
Bijlage 13 bis
 Federale Overheidsdienst Justitie                     Ter attentie van

DG EPI                                    (voornaam, naam):

Gevangenis                                                       Adres van de veroordeelde:

AANGETEKEND SCHRIJVEN

Beslissing tot herroeping van het elektronisch toezicht

Mevrouw, mijnheer..................... (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)

Hierbij vindt u de beslissing tot herroeping van uw elektronisch toezicht op datum van .../.../...

Gelieve u onmiddellijk aan te bieden in de gevangenis van .... Indien u zich niet aanbiedt, zal u vanaf .../.../... als ontvlucht worden beschouwd.

Wanneer u zich aanbiedt aan de gevangenis, gelieve volgende zaken mee te brengen:

q                        de enkelband, die door een personeelslid van de gevangenis verwijderd zal worden;

q                        de bewakingsbox en de koffer waarin deze opgeborgen was.

Ik wens er uw aandacht op te vestigen dat u, in geval van niet-teruggave van het materiaal, door het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht in gebreke gesteld zal worden om de kosten van het materiaal terug te betalen.

De directeur

(naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)


 

Beslissing tot herziening van de voorwaarden van het elektronisch toezicht
voor veroordeelden tot één of meer vrijheidstraffen
waarvan het uitvoerbaar gedeelte drie jaar of minder32 bedraagt

Deze beslissing heeft betrekking op de veroordeelde:
............................................................. (Naam, voornaam, geboorteplaats en -datum)

De voorwaarden van het elektronisch toezicht worden herzien om volgende gemotiveerde reden:

Volgende bijzondere geïndividualiseerde voorwaarden worden opgelegd:

D.........................

Voor ontvangst en akkoord met de voorwaarden33:

De Directeur                                                 De veroordeelde

(naam en voornaam + handtekening)            (naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)                                                            (Plaats en Datum)

32 Hieronder wordt verstaan: veroordeelden tot effectieve gevangenisstraffen waarvan het totaal drie jaar of minder bedraagt.

33 Indien de veroordeelde niet instemt met de nieuwe voorwaarden, wordt het elektronisch toezicht geacht herroepen te zijn.


 

Bijlage 15

Aan de Procureur des Konings die de tenuitvoerlegging van de straffen heeft bevolen

 

Mevrouw/ Mijnheer procureur des Konings,

Bij deze breng ik u ter kennis dat ten aanzien van de veroordeelde :
.......................................................................... (Naam, voornaam, geboorteplaats en — datum)

verblijvende op het volgend adres: ..........................................................
een beslissing tot herroeping van het elektronisch toezicht werd genomen.

Als bijlage vindt u de beslissing tot herroeping.

De directeur van het NCET:

(naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak:  
Bijlage 16
 Federale Overheidsdienst Justitie                                      Aan de directeur van het NCET

DG EPI

Gevangenis

Bericht van invrijheidstelling van een persoon onder ET

Bij deze deel ik u mee dat de genaamde ......................................................... (Naam,

voornaam, geboorteplaats en —datum), begunstigde van een elektronisch toezicht, ingevolge de toekenning van een voorlopige invrijheidstelling / het bereiken van strafeinde34 in vrijheid zal worden gesteld op datum van

De directeur :

(naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)

34 Schrappen wat niet past


 

Federale Overheidsdienst Justitie

DG MJH


 

Bijlage 17

Aan de politie van:

FAX:

Kopie aan de gevangenisdirecteur:

FAX:


 

 


 

Verzoek tot seining en opsporing

..................................................... (Naam, voornaam, plaats- en geboortedatum) onder

elektronisch toezicht sinds ..../..../...... (datum)

71 Respecteert volgende voorwaarde verbonden aan de maatregel niet:

D              Geen gevolg gegeven aan de oproeping voor de plaatsing van het toezichtsmateriaal.

m           Geen gevolg gegeven aan het opgestelde uurrooster.

m           Niet teruggekeerd na penitentiair verlof.

m           Heeft doelbewust het toezichtsmateriaal beschadigd.

D Ter uitvoering van de beslissing tot herroeping van het elektronisch toezicht dd. ... Hierbij vindt u een afschrift van de beslissing tot herroeping.

71 Andere: ...

In toepassing van de ministeriële omzendbrief nr 1803 (iii) du 25 juillet 2008 vragen wij u de veroordeelde op te pakken en over te brengen naar de gevangenis van ...

ADRES:

Is het mogelijk om met het NCET (02/340.36.60) contact op te nemen als u aankomt op het verblijfadres van de veroordeelde zodat wij ons toezichtsmateriaal kunnen afsluiten.

Mogen wij u vragen het toezichtsmateriaal mee te nemen bij de overbrenging van de veroordeelde naar de gevangenis van ...

Wij blijven ter beschikking voor verdere informatie.

In bijlage vindt u de opsluitingsfiche Directeur NCET.

( Naam en voornaam + handtekening) (Plaats en Datum)


 

Federale Overheidsdienst Justitie

DG KIN

Aan de PK van het gerechtelijk arr van:

FAX:

Kopie aan het OM bij de SURB:

FAX:

Kopie aan de SURB van:

FAX:

Kopie aan de gevangenisdirecteur:

FAX:

Kopie aan de JA:

FAX:

 

Tekstvak:  
Bijlage 17bis
 Verslag van de niet-naleving van de voorwaarden van een elektronisch toezicht

Mevrouw, mijnheer de procureur des Konings,

In toepassing van de artikelen 64 tot 66 van de wet van 17 mei 200635, alsook van de omzendbrieven n° 1794 van 1 januari 2007 en n° 1803 III van 25 juli 2008, willen we u hierbij op de hoogte brengen dat mevrouw / mijnheer.................................................................................... (Naam, voornaam,
plaats- en geboortedatum),
geboren op .../.../... (datum), verblijvend te

onder elektronisch toezicht geplaatst sinds .../.../... het programma van de concrete invulling van het elektronisch toezicht (art. 64, §636) zoals bepaald in het artikel 42, alinea 2 van voornoemde wet, niet naleeft:

q                 De veroordeelde heeft geen gevolg gegeven aan de oproepingen tot plaatsing van het bewakingsmateriaal37;

q                 De veroordeelde heeft opzettelijke schade toegebracht aan het bewakingsmateriaal van het elektronisch toezicht (ontdoen van de enkelband, openen, uitschakelen of beschadigen van de bewakingsbox)38

q                 De veroordeelde heeft blijk gegeven van een bewuste niet naleving van meerdere uren op het voorziene uurrooster

q                 De veroordeelde is niet teruggekeerd naar zijn verblijfplaats na een penitentiair verlof

q            Andere:

In toepassing van de artikelen 64, 66 en 68 van voornoemde wet kan het openbaar ministerie de strafuitvoeringsrechtbank vatten met het oog op de herroeping of de schorsing van de toegekende strafuitvoeringsmoda I iteit.

In geval van een bevel tot voorlopige aanhouding (in toepassing van art. 70 van voornoemde
wet) van de betrokkene willen wij u verzoeken de politiediensten te informeren dat zij ons op

35 Wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van veroordeelden tot een vrijheidsstraf en betreffende de rechten toegekend aan de slachtoffers in het kader van de strafuitvoeringsmodaliteiten, gewijzigd door art, 13 van de wet van 8 juni 2008, houdende diverse bepalingen (II)

36 idem

37 Hoofdstuk 4, 1, C van de MO 1803 III

38 Hoofdstuk 5, 2, A, b van de MO 1803 III


 

het nummer 02.340.36.60 dienen te contacteren van zodra zij bij de betrokkene aankomen. Op die manier kunnen wij het toezichtmateriaal correct afsluiten en erop toezien dat dit door deze diensten meegenomen wordt naar de gevangenis waar de betrokkene opgesloten wordt.

Wij blijven ter beschikking voor verdere informatie. Met oprechte hoogachting

Directeur NCET.

( Naam en voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)


 

Federale Overheidsdienst Justitie

DG EPI


 

Bijlage 18

Aan de politie van: FAX:


 

 


 

Verzoek tot seining en opsporing

....................................................... (Naam, voornaam, plaats- en geboortedatum) onder

elektronisch toezicht sinds ./  /    (datum)

l Geen gevolg gegeven aan de oproeping van de justitieassistent met betrekking tot het uitvoeren van de maatschappelijke enquête. We vragen om betrokkene op te sporen teneinde ons de correcte identificatiegegevens door te geven.

Om deze reden vragen we u de veroordeelde om ons volgende gegevens over te maken ... ADRES:

In bijlage vindt u de opsluitingsfiche.

Wij blijven ter beschikking voor verdere informatie.

Gevangenisdirecteur

(naam en voornaam+ handtekening)

(Plaats en Datum)


 

Tekstvak:  
Bijlage 19
 Federale Overheidsdienst Justitie                 Aan de directeur van het NCET

DG EPI

Gevangenis van:

Datum uitvoerbaarheid vonnis SURB

De volgende informatie heeft betrekking op de veroordeelde :

(Naam, voornaam, plaats- en geboortedatum)

Het vonnis wordt uitvoerbaar op:

·                       Datum van afloop cassatietermijn: ........

·                       Datum vooropgesteld door de SURB in het vonnis (als deze later valt dan de datum van afloop cassatietermijn): ........................................

De directeur :

(naam, voornaam + handtekening)

(Plaats en Datum)


 

 

meer info: zie wet rechtspositie gedetineerden

KONINKLIJK BESLUIT van 29 januari 2007 tot bepaling van de concrete invulling van het programma van de beperkte detentie en het elektronisch toezicht (zie samenvatting in NJW 160, 303):

ART. 1
De justitieassistent bepaalt de concrete modaliteiten van het programma bedoeld in artikel 42, tweede lid van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten. Hij geeft eveneens een concrete beschrijving van de activiteiten waaraan de veroordeelde dient deel te nemen tijdens de beperkte detentie en bepaalt, in overleg met de directeur van de gevangenis waar de veroordeelde deze strafuitvoeringsmodaliteit ondergaat, de uren waarbinnen de veroordeelde de gevangenis mag verlaten.


ART. 2
De justitieassistent of, in voorkomend geval het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht, bepaalt de concrete modaliteiten van het programma bedoeld in artikel 42, tweede lid van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten. Hij geeft eveneens een concrete beschrijving van de activiteiten waaraan de veroordeelde dient deel te nemen tijdens de elektronisch toezicht en bepaalt het uurrooster volgens hetwelk de veroordeelde zijn woning mag verlaten, met inbegrip van een aantal uren vrije tijd per week. Deze uren vrije tijd worden progressief ingevuld met een minimum van zeven uur en een maximum van vijfentwintig uur per week.


ART. 3
Dit besluit treedt in werking op 1 februari 2007.


ART. 4
Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.


zie ook het koninklijk besluit van 29 januari 2007 tot bepaling van de inhoud van het verslag van de directeur en tot bepaling van de samenstelling en de werkwijze van het personeels college. De wet van 17 mei 2006 voorziet dat de gevangenisdirecteurs advies dient te geven aan de strafuitvoeringsrechtbank over het elektronisch toezicht en de directeur dient een dossier op te maken met daarin onder meer zijn eigen verslag in het koninklijk besluit van 29 januari 2007 worden bepaald wat er in dit verslag moet staan.

 

Nog dit: 

Elektronisch toezicht bij wijze van alternatief voorlopie hechtenis en vergoeding voor onwerkzame voorlopige hechtenis:

De rechtspraak van de Commissie voor de onwerkzame voorlopige hechtenis met betrekking tot de procedureregels

is als volgt vastgelegd (bron: Commissie voor de onwerkzame voorlopige hechtenis :

Verzoeker werd bij beschikking van de raadkamer verwezen naar de correctionele rechtbank, die hem bij verstekvonnis d.d. 30 september 2004 veroordeelde tot een hoofdgevangenisstraf van 18 maanden met onmiddellijke aanhouding. Op 11 oktober 2004 stelde verzoeker hoger beroep in tegen het vonnis, en op 15 oktober 2004 tekende hij daartegen verzet aan .
Verzoeker onderging een vrijheidsberoving van 143 dagen. Hij werd van zijn vrijheid benomen op 7 november 2004 en op 21 februari 2005 onder elektronisch toezicht geplaatst.
Het verzet werd door de correctionele rechtbank op 3 december 2004 niet toelaatbaar verklaard gelet op de devolutieve werking van het hoger beroep. Het hof van beroep heeft verzoeker op 29 maart 2005 vrijgesproken.

De vrijheidsberoving van verzoeker vanaf 7 november 2004 tot aan het arrest van het hof van beroep van 29 maart 2005 dat hem vrijsprak, is volgens de commissie van beroep een hechtenis in de zin van artikel 28 §1 van de wet van 13 maart 1973 betreffende de vergoeding voor onwerkzame voorlopige hechtenis.


Voorlopige hechtenis via elektronisch toezicht

Sinds 01.01.2014 is het Koninklijk besluit houdende ten uitvoerlegging van titel 2 van de wet van 27.12.2012 van kracht betreffende de Justitie.

Ingevolge deze bepalingen kunnen verdachten die in voorlopige hechtenis worden genomen voortaan onder aanhoudingsmandaat worden geplaatst in de vorm van thuishechtenis onder elektronisch toezicht in plaats van in de gevangenisfase.

Wanneer de Onderzoeksrechter tot de maatregel van voorlopige hechtenis onder elektronisch toezicht wil overgaan, neemt hij contact met de directeur van het nationaal centrum voor elektronisch toezicht (NCET). Wellicht zal dit in de regel telefonisch gebeuren of zal dit per fax of per e-mail geschieden door toezending van het aanhoudingsbevel.

Hierop brengt de politie de betrokkene over naar een huis van arrest, alwaar de aangehoudene verblijft tot zijn enkelband in die gevangenis is geplaatst en geactiveerd.

Van zodra de enkelband lijkt te functioneren, gaat de betrokkene samen met iemand van de dienst van het Nationaal Centrum voor Elektronisch Toezicht naar de verblijfplaats van de betrokkene waar dan de bewakingsbox wordt geïnstalleerd.

De Onderzoeksrechter heeft de keuze om de plaats te kiezen (indien er verschillende mogelijkheden zijn bij wie de betrokkene zou verblijven) waar het elektronisch toezicht wordt uitgevoerd.

Men heeft er rekening mee gehouden dat het mogelijk is dat men de enkelband plaatst en de enkelband niet onmiddellijk in werking kan gesteld worden. In dit geval wordt de betrokkene vrijgelaten en zal hij zich opnieuw dienen aan te melden in de gevangenis.

Tijdens de voorlopige hechtenis onder elektronisch toezicht mag de betrokkene onder geen enkel beding zijn verblijfplaats verlaten. Verplaatsingen kunnen wel worden toegestaan in het kader van de gerechtelijke procedure en in het kader van het onderzoek, zoals de verplaatsingen naar de politiediensten, bij een medisch spoedgeval of in geval van werkelijke overmacht (bvb het huis staat in brand).
De Onderzoeksrechter heeft de mogelijkheid om op elk ogenblik de aanhouding onder elektronisch toezicht om te zetten in de aanhouding met verblijf in de gevangenis.

De dienst van het Nationaal Centrum van Elektronisch Toezicht deelt de Onderzoeksrechter mee wanneer de betrokkene niet bereikbaar is via de telefoon, bij eventuele ontsnappingen en bij opzettelijke beschadiging van het bewakingsmateriaal of welk misbruik ook./

Wanneer een verdachte voor de Onderzoeksrechter wordt geleid en deze laat kennen dat hij een voorlopige aanhouding overweegt, kan de verdachte op eigen initiatief aan de Onderzoeksrechter vragen om de voorlopige hechtenis te laten geschieden onder elektronisch toezicht.

Hof van Cassatie, 2e Kamer – 28 januari 2014, RW 2014-2015, 1342

"Zolang aan de voorlopige hechtenis geen einde wordt gemaakt en het gerechtelijk onderzoek niet is afgesloten, oordeelt de raadkamer van maand tot maand over het handhaven van de voorlopige hechtenis en over de modaliteit van uitvoering ervan.

Krachtens art. 30, § 1, eerste zin Voorlopige Hechteniswet kunnen de verdachte, de beklaagde of de beschuldigde en het openbaar ministerie voor de kamer van inbeschuldigingstelling hoger beroep instellen tegen de beschikkingen van de raadkamer gegeven in de gevallen bedoeld in art. 21, 22, 22bis en 28.

3. Krachtens art. 30, § 4, eerste lid Voorlopige Hechteniswet doet het gerecht dat over het hoger beroep beslist, uitspraak rekening houdend met de omstandigheden van de zaak op het ogenblik van zijn uitspraak. Indien de kamer van inbeschuldigingstelling, in de gevallen van art. 21, 22, 22bis en 28, beslist dat de voorlopige hechtenis gehandhaafd blijft, levert het arrest een titel van vrijheidsbeneming op voor een maand te rekenen van de beslissing, of voor drie maanden te rekenen van de beslissing, indien het hoger beroep wordt ingesteld tegen de bij art. 22, tweede lid en art. 22bis bedoelde beschikking.

Uit deze bepalingen volgt dat de kamer van inbeschuldigingstelling kennis kan nemen van het hoger beroep tegen een beschikking van de raadkamer die oordeelt dat de bevolen voorlopige hechtenis in de gevangenis verder uitgevoerd wordt door een hechtenis onder elektronisch toezicht.

De kamer van inbeschuldigingstelling, waarvan de rechtsmacht voortvloeit uit de devolutieve werking van het hoger beroep, heeft inzake voorlopige hechtenis dezelfde bevoegdheden als de raadkamer.

De uitvoeringsmodaliteit van de voorlopige hechtenis in de gevangenis dan wel onder elektronisch toezicht behoort tot het algemeen belang.

Daar het hoger beroep van het openbaar ministerie het algemeen belang betreft, is dit hoger beroep gericht tegen een dergelijke beslissing bijgevolg ontvankelijk."

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: do, 04/01/2018 - 21:07
Laatst aangepast op: do, 04/01/2018 - 21:07

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.