-A +A

Overeenkomsten over onderhoudsgeld

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

De onderhoudsplicht kan ofwel in der minne worden geregeld dan wel door de rechtbank.

In echtscheidingen onderlinge toestemming kan een regeling worden uitgewerkt met betrekking tot het onderhoudsgeld en de voorafgaande overeenkomst. Deze voorafgaandelijke overeenkomst blijft haar gelding bewaren, zelfs wanneer de echtscheiding geen doorgang vindt bij wijze van voorlopige maatregel tot wanneer een rechter gevat wordt om andere maatregelen te nemen.

Het gebeurt ook dat partijen nog voor er enige procedure opgestart wordt, overeenkomsten afsluiten met betrekking tot het onderhoudsgeld.
Deze overeenkomsten hebben slechts waarde voor zover zij worden gehomologeerd. Ook de omzettingen van onderhoudsgelden in een kapitaal dienen gehomologeerd te worden willen zij rechtsgeldig zijn.

Er is geen homologatie vereist voor alimentatieovereenkomsten die na de echtscheiding worden afgesloten met uitzondering evenwel van de verplichte homologatie voor de overeenkomsten waarbij de alimentatievordering wordt omgezet in een kapitaal.

Tijdens de echtscheidingsprocedure kunnen partijen akkoorden afsluiten met betrekking tot het onderhoudsgeld die dan door de rechtbank gehomologeerd worden.

Drie maanden na de homologatie van dit akkoord of 3 maanden na de voorlopige maatregelen die de alimentatie heeft opgelekt????, kunnen de partijen de bekrachtiging vragen van die maatregel voor de feitenrechter en dit ten definitieve titel ook voor de periode die volgt op de echtscheiding.

Persoonlijk onderhoudsgeld - vrijheid onderhandeling

Over persoonlijke onderhoudsgelden kunnen  in alle vrijheid overeenkomsten worden afgesloten.

Onderhoudsplicht kinderen - Openbare orde

Het recht op onderhoudsgeld en de gerelateerde onderhoudplicht voor de kinderen raakt evenwel de openbare orde.   

Een ontheffing inzake kinderalimentatie botst met de openbare orde.

Een onherroepelijke en derhalve verboden overeenkomst inzake kinderalimentatie, valt te onderscheiden van een toegelaten overeenkomst inzake de (onderlinge) ouderlijke bijdrage (contributio), die desnoods kan neerkomen op een (herroepbaar) nihilbeding.

De ontheffing van kinderalimentatie kan niet gekoppeld gekoppeld worden aan de toebedeling van vastgoed, wat absoluut uit den boze is.

Rechtspraak:

• Rb. Antwerpen (afd. Antwerpen), 06/11/2017, R.A.B.G., 2018/3, p. 193-196

(D.L. / D.B. - Rolnr.: 17/2003/A)

1. Procedure
De rechtbank heeft onder meer kennis genomen van:

- de inleidende dagvaarding, betekend op 6 april 2017;

- de namens eisende partij en het Openbaar Ministerie neergelegde stukken.

Op de zitting van de kamer minnelijke schikking hebben partijen geen akkoord bereikt.

Ter zitting van 16 oktober 2017 werd eisende partijen gehoord. Verwerende partij is niet verschenen, noch iemand voor hem. Aangezien hij op de zitting van 24 april 2017 wel aanwezig was en de zaak in voortzetting geplaatst werd, wordt dit vonnis op tegenspraak gewezen.

De wet op het taalgebruik in gerechtszaken is nageleefd.

2. Situering van het geschil - Vordering
D.L., eisende partij, is geboren op 4 december 1993 als de dochter van S.C. en F.L.

S.C. heeft sinds 2001 een relatie met B.D., zij zijn in 2003 gehuwd.

Bij vonnis van de familierechtbank van Mechelen van 19 november 2015 werd de gewone adoptie uitgesproken door B.D. van L.L. en werd haar naam gewijzigd in D.L.

In huidige procedure vordert D.L. dat de adoptie wordt herroepen. Zij vraagt tevens om B.D. te veroordelen tot de kosten en om het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

3. Beoordeling
Overeenkomstig artikel 354-1, eerste lid BW kan de herroeping van de gewone adoptie om zeer gewichtige redenen worden uitgesproken op verzoek van de adoptant, van de adoptanten of van een van hen, van de geadopteerde of van de procureur des Konings.

In de rechtspraak wordt het begrip “zeer gewichtige redenen” restrictief toegepast omwille van de rechtszekerheid en de stabiliteit van de afstammingsbanden. Vereist wordt dat buitengewone, onbedwingbare omstandigheden de handhaving van de adoptieband onmogelijk maken.

In het concrete geval blijkt dat, hoewel de eigenlijke adoptie dateert van 2015, toen verwerende partij 18 jaar was, de feitelijke band tussen eisende en verwerende partij is ontstaan in 2001, toen eisende partij 8 jaar oud was en verwerende partij een relatie is aangegaan met de moeder van verwerende partij.

In het kader van de adoptie verklaarde eisende partij:

“Gelet ik sedert 2010 definitief bij mijn moeder en B.D. woon beschouw ik hem als mijn vader. Ik vind zelf ook dat ik behandeld wordt als zijn dochter.”

B.D. verklaarde:

“Ik ken haar dus sedert ze 8 à 9 jaar oud was. Al die tijd heb ik voor haar gezorgd als een vader. Inmiddels is er ook een halfbroer van 10 jaar. Ze heeft daar een goed contact mee. Het is I. zelf die met de vraag tot adoptie is afgekomen. Ik vind het zelf ook goed en ga er zelf mee akkoord. Het is al 13 jaar dat ik haar eigenlijk beschouw als mijn dochter. Ik ben eveneens akkoord dat ze na de adoptie mijn naam zal dragen.”

Er blijkt eveneens dat er kort na de adoptie, in mei 2016, een conflict is ontstaan tussen eisende en verwerende partij.

Nadien zouden er nog al dan niet beledigende berichten gewisseld zijn via sociale media, maar was er verder geen contact.

De rechtbank is van oordeel dat er geenszins een fout is aangetoond in hoofde van één van partijen, maar dat er bovendien geen enkele sprake is van zwaarwichtige omstandigheden die het compleet onmogelijk maken dat er nog contacten zouden zijn tussen partijen.

Wrijvingen, meningsverschillen en strubbelingen die zich veelal voordoen in een familiale relatie kunnen geen grond vormen om een adoptie te herroepen.

Partijen slagen er niet in om aan te tonen dat hetgeen er zich tussen hen heeft voorgedaan, meer is dan een misverstand dat tot wrijving heeft geleid. Het gebrek aan contact is enkel te wijten aan het gegeven dat geen van beiden de eerste stap gezet heeft om opnieuw contact te zoeken.

Eisende partij zou dit als geen ander moeten beseffen, uit het adoptiedossier blijkt immers dat er ook een periode was dat zij ten tijde van de adoptie een conflict had met haar biologische vader waardoor ze geen contact meer met hem had. Ter zitting leken deze contacten thans hersteld te zijn.

Er is niets wat erop wijst dat de contacten met B.D. na verloop van tijd niet opnieuw hersteld zullen worden.

Het zou een aanfluiting zijn van de rechtsfiguur van de adoptie, die de bedoeling heeft om een afstammingsband te creëren die gelijk staat met een biologische afstammingsband, om een adoptie te herroepen louter en alleen omdat er een meningsverschil was en dat er een periode geen contacten meer geweest zijn.

Dit is des te meer het geval daar er blijkbaar nooit enige ernstige poging is ondernomen om met elkaar te praten eventueel in aanwezigheid van een familiaal bemiddelaar alvorens deze procedure werd aangevat.

De vordering van eisende partij wordt dan ook afgewezen als ongegrond.

4. Beslissing
De rechtbank stelt vast dat de wet op het taalgebruik in gerechtszaken is nageleefd en doet uitspraak op tegenspraak.

De vordering wordt ontvankelijk maar ongegrond verklaard.

D.L. wordt veroordeeld tot betaling van de kosten van het geding, in hoofde van B.D. op nihil.

Rechtsleer:

• S. Brouwers, « Afstand en compensatie van kinderalimentatie: dat gaat zomaar niet », R.A.B.G., 2018/3, p. 200-205

• H. De Page en J.-P. Masson, Traité, I, Brussel, Bruylant, 1990, nr. 478; S. Matthe, “Het stilzitten van de ouder-onderhoudsschuldeiser” (noot onder Vred. Gent (2) 6 juli 2009), RW 2010-11, (717) 721.

• X, “Extraits de jugements inédits relatifs au prononcé du divorce par consentement mutuel par le tribunal de première instance de Bruxelles”, Act.dr.fam. 2013, 213.

• N. Gallus, “L'exécution en matière familiale” in F. Georges (ed.), Algemene en bijzondere aspecten van het uitvoeringsrecht. Verslagboek van het colloquium van 29 januari 2010, Brugge, die Keure, 2010, 108, vn. 91.

• A.-C. Van Gysel, “Examen de jurisprudence. Les personnes (1991-2002)”, RCJB 2003, 419.

•  S. Brouwers en M. Govaerts, Alimentatievorderingen. R&P 86, Mechelen, Wolters Kluwer, 2015, 53-58.

• J.-Chr. Brouwers, noot onder Beslagr. Nijvel 19 maart 2003, Div.Act. 2004, (27) 30-31; contra M.-T. Caupain en E. Leroy, “Le recouvrement des créances alimentaires: états des lieux et perspectives” in L'argent pour vivre: vers une réforme globale de l'obligation alimentaire. Actes du colloque organisé par l'unité de droit familial de l'ULB, Brussel, Kluwer, 2000, 233.

• N. Gallus, “Le recouvrement des aliments en droit interne” in E. Vieujean (ed.), Les ressources de la famille, Brussel, Kluwer, 1992, 57.

Overige rechtspraak:

• Cass. 27 september 1990, RNB 1991, 195; zie over het openbare orde-karakter meer uitgebreid: S. Brouwers en M. Govaerts, Alimentatievorderingen. R&P 86, Mechelen, Wolters Kluwer, 2015, 29-32, 58 en 470-472.

• Brussel 28 april 2009, RW 2010-11, 288.

• Brussel 7 april 2000, JT 2000, 776; Antwerpen 23 maart 2005, NJW 2006, 268, noot G. Verschelden; Beslagr. Gent 18 december 2001, TGR 2002, 76.

• Rb. Brussel (30ste k.) 16 november 2007, RTDF 2008, 474, noot J. Renchon.

• Cass. 3 juni 2010, RABG 2011, 333, noot E. De Maeyer en C. Vergauwen, T.Fam. 2011, 101, noot F. Denissen, RW 2010-11, 1648, noot F. Swennen en NJW 2011, 460, noot C. Declerck.

• Gent 1 maart 2004, RABG 2004, 1233, noot P. Thiriar;

• Vred. Sint-Jans-Molenbeek 7 maart 2000, T.Vred. 2001, 271

• Vred. Wervik 3 april 2000, T.Vred. 2001, 297.

• Rb. Aarlen 4 september 2009, RTDF 2012, 175.

• Cass. 19 februari 1979, Pas. 1979, I, p. 722; Beslagr. Brussel 16 september 1987, JLMB 1987, 1431;

• Beslagr. Brussel 16 juli 1992, TBBR 1993, 272 (verkort).

• Beslagr. Verviers 6 oktober 1995, Act.dr. 1996, 318; Beslagr. Nijvel 19 maart 2003, Div.Act. 2004, 24, noot J.-Chr. Brouwers.

• Beslagr. Brussel 16 september 1987, JLMB 1987, 1431;

• Beslagr. Brussel 30 maart 1992, RRD 1993, 15;

• Rb. Brussel 19 januari 2001, RNB 2001, 601

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: ma, 19/10/2009 - 21:58
Laatst aangepast op: zo, 11/03/2018 - 19:32

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.