-A +A

Juridische grenzen aan solidariteit in private verzekering

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Publicatie
Auteur: 
Goessens E.
Tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2017-2018
Pagina: 
962
Samenvatting

Verschillende wettelijke mechanismen van bewust subsidiërende solidariteit kunnen in de verzekeringswetgeving worden onderkend. Dit lijkt niet in overeenstemming met het commerciële doel van de verzekeringsonderneming en met de verzekeringstechniek die de verzekeringsonderneming wenst te hanteren bij de uitoefening van haar activiteiten. In deze bijdrage wordt onderzocht of er juridische grenzen zijn aan subsidiërende solidariteit in private verzekering en of deze door de huidige solidariteitswetgeving worden overschreden.

Het spanningsveld tussen de vrije markt en sociale verantwoordelijkheid doet 2 vragen rijzen:

1. In hoeverre ken een privéverzekering aanzien worden als een sociaal recht.
2. In welke mate heeft de verzekering een solidariteitsfunctie (sociale taak).

https://www.rw.be/artikels/8812

Inhoudstafel tekst: 

I. Probleemstelling

1. Twee conflicterende evoluties in het verzekeringsrecht

2. De segmenteringsvrijheid en het streven naar kanssolidariteit

3. De toenemende concurrentie .

4. Het toenemend beroep op private verzekering

5. Spanningsveld tussen concurrentie en herverdeling

6. Maatschappelijke opdracht en haar grenzen

II. Grenzen aan solidariteit in private verzekering

7. Onderzoeksvraag – Met de toenemende rol van bewust subsidiërende solidariteit 19 in de (Belgische) verzekeringswetgeving, rijst de vraag naar de juridische grenzen aan deze solidariteit in de private verzekeringssector. Hoe ver dient de verzekeringsonderneming te gaan in het introduceren van solidariteitselementen in haar (voor het overige) concurrentiële verzekeringsactiviteiten? Zijn er, met andere woorden, juridische grenzen aan solidariteit in private verzekering en, indien deze er zijn, zijn de wettelijke mechanismen van subsidiërende solidariteit met deze grenzen compatibel ?

8. Het mechanisme van genetische solidariteit

Dit betreft het algemeen verbod op de overdracht van genetische informatie tussen verzekeraar en kandidaat-verzekeringnemer ingevoerd bij de Wet Landverzekeringsovereenkomst en vandaag opgenomen in de artt. 58 en 61 Wet Verzekeringen .

9. Effect op de verzekeringstechniek en organisatie solidariteit

A. Het interne marktrecht

11. Opzet

1° Het beginsel van tariferingsvrijheid

12. De vrije tariefzetting binnen het recht van de EU –

13. De evoluerende rechtspraak van het Hof van Justitie

14. Verbod op de rechtstreekse vaststelling van het verzekeringstarief

15. Toetsing van het mechanisme van genetische solidariteit

16. Evaluatie van het tariferingsvrijheidsbeginsel

2° De vrijheid van vestiging en de vrije dienstverrichting

17. Indien de solidariteitsmechanismen niet vallen binnen de geharmoniseerde materies, blijven de lidstaten bevoegd om wettelijk op te treden, weliswaar binnen de grenzen van de verplichtingen van het primaire Unierecht

18. Beperking van de fundamentele vrijheden

19. Rechtvaardiging wegens een dwingende reden van algemeen belang

20. Dwingende reden van algemeen belang

21. De geschiktheidsvereiste

22. De vereiste van noodzakelijkheid en

23. Toetsing van het mechanisme van genetische solidariteit aan de fundamentele vrijheden van vestiging en dienstverrichting

24. Evaluatie van de fundamentele vrijheden van vestiging en dienstverrichting

B. Het mededingingsrecht

25. Opzet

1° Het mededingingsrechtelijk ondernemingsbegrip

26. Belang van het onderzoek

27. Principiële toepasselijkheid van het mededingingsrecht op de verzekeringssector

28. Het ondernemingsbegrip m.b.t. de leer van activiteiten van zuiver sociale aard –

29. Evaluatie van de indiciën

30. Onderzoek naar de relevante elementen binnen de rechtspraak van het Hof van

31. De verplichte

32. Het ontbreken van een rechtstreekse band tussen bijdrage en prestatie

33. Invloed van de wetgever op bijdrage en prestatie

34. De afwezigheid van concurrentie tussen de betrokken entiteit en andere marktdeelnemers m.b.t. de hoofdactiviteit

35. Toetsing van het mechanisme van genetische solidariteit aan de vier decisieve

36. Evaluatie van het mededingingsrechtelijk ondernemingsbegrip –

2° Rechtvaardigingsmogelijkheid

37. Het gevaar voor een mededingingsbelemmerende situatie

III. Slotbeschouwingen

38. De private verzekeringsonderneming kan in beginsel aanspraak maken op haar ondernemings- en contractvrijheid om verzekeringsovereenkomsten aan te gaan onder de door haar bepaalde voorwaarden en tarieven

39. Opdracht aan de regelgever om juridische grenzen aan solidariteit te bewaken

40. Bevoegdheidsverdeling tussen EU en lidstaten m.b.t. invulling van solidariteit

41. Economische grenzen aan solidariteit in private verzekering?

Bronverwijzingen:

• E. Goessens, Solidariteit en concurrentie in de private verzekering, ingebonden versie van het doctoraatsproject, zoals dit in verschillende rechtsfaculteitsbibliotheken kan worden geraadpleegd en in commerciële versie: Intersentia, in de reeks «Aansprakelijkheids- en Verzekeringsrecht».

• J. Liukko, «Genetic discrimination, insurance, and solidarity: an analysis of the argumentation for fair risk classification», New Genetics and Society 2010, 468.

• H. Cousy, o.m. in De Europese interne verzekeringsmarkt;

realiteit, fictie of symbool?, Inaugurale rede, Publicaties van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Katholieke Universiteit Nijmegen, nr. 12, 1997, 32 p. en «Concurrence et solidarité: paradoxe du temps moderne. Illustré à partir du droit des assurances» in G. Comandé, F. Giardina, E. Navaretta en G. Ponzanelli (eds.), Liber Amicorum per Francesco D. Busnelli, Il diritto Civile, Tra Principi E Regoli, Milaan, Guiffrè Editore, 2008, Vol. 1, 527-544.

• J.H. Wansink, Acceptatie en naselectie bij verzekering, Zwolle, Tjeenk Willink, 1990, 4;

• N. De Pril en J. Dhaene, «Commissie voor Verzekeringen – Rapport van de werkgroep Segmentering» in H. Cousy, H. Claassens en C. Van Schoubroeck (eds.), Competitiviteit, ethiek en verzekering, Antwerpen, Maklu, 1998, 144-145 (hierna verkort: N. De Pril en J. Dhaene, «Commissie voor Verzekeringen – Rapport van de werkgroep Segmentering»).

• B. Weyts, «Het segmentatiebeleid van de verzekeraars: krachtlijnen en wijzigingen ten gevolge van de Verzekeringswet van 4 april 2014» in T. Vansweevelt en B. Weyts, De Verzekeringswet 2014, Antwerpen, Intersentia, 2015, 27-50;

• B. Toussaint, «Les dispositions de la loi du 4 avril 2014 relative aux assurances portant sur l’interprétation du contrat d’assurance, la publicité, la tarification et la segmentation», TBH 2015, 949-955;

• J.-C. André-Dumont, «La segmentation et autres questions relatives à l’exercice des activités d’assurance au regard de la loi du 4 avril 2014», T. Verz. 2015, 15-16.

• Y. Thiery en C. Van Schoubroeck, «Fairness and Equality in Insurance Classification», The Geneva Papers 2006, 196;

• W. Wils, «Insurance Risk Classification in the EC: Regulatory Outlook», Oxford Journal of Legal Studies 1994, 456.

• G.A. Akerlof, «The Market for «Lemons»: Quality Uncertainty and the Market Mechanism», Quarterly Journal of Economics 1970, 492-494;

• M. Rothschild en J. Stiglitz, «Equilibrium in Competitive Insurance Markets: An Essay on the Economics of Imperfect Information», Quarterly Journal of Economics 1976, 629–649.

• K. Abraham, «Efficiency and Fairness in Insurance Risk Classification», Virginia Law Review 1985, 413-414;

• S. Shavell, «On Moral Hazard and Insurance», Quarterly Journal of Economics 1979, 541;

• C. Paris, «Les dérives de la segmentation en assurance», Les dossiers du Journal des Tribunaux, Afl. 49, Brussel, Larcier, 2005, 18 en 28).

• E. Dirix, «Grondrechten en overeenkomsten» in K. Rimanque (ed.), De toepasselijkheid van de grondrechten in private verhoudingen, Antwerpen, Kluwer, 1982, 54;

• H. Cousy en C. Van Schoubroeck, «Contractsvrijheid en concurrentie versus solidariteit en mensenrechten in de private verzekering: zeven illustraties vanuit de recente Belgsiche wetgeving» in N. Van Tiggele-Van der Velde en J.H. Wansink (eds.), Contractsvrijheid in het verzekeringsrecht, Deventer, Kluwer, 2010, 191;

• G. Schoopens, «Segmentering en discriminatie» in H. Cousy, H. Claassens en C. Van Schoubroeck (eds.), Competiviteit, ethiek en verzekeringen, Antwerpen, Maklu, 1998, 222-223.

• GwH 10 november 2011, arrest nr. 166/2011, punten B.12.4, B.17.4, B.18.5, B.24.2, B.30.4 en B.56.1.

• B. Dubuisson, «Solidarité, segmentation et discrimination en assurances. Nouveau débat, nouvelles questions», Financieel Forum 2007, 245;

• C. Devoet, «Assurance, différenciation et discrimination» in P. Wauthelet (ed.), Le droit de la lutte contre la discrimination dans tous ses états, Limal, Anthemis, 2009, 76;

• R. Thys, «Segmentatie in de verzekering B.A. Motorrijtuigen» in J. Rogge (ed.), Les paramètres de sélection des risques à l’aube du XXIième siècle, Tijdschrift voor Verzekeringen, Dossier 10, Mechelen, Kluwer, 2004, 98-99;

• R. Ericson, D. Barry en A. Doyle, «The moral hazards of neo-liberalism: lessons from the private insurance industry», Economy and Society 2000, 534: «The recent trend towards more risk segmentation [...] is also one of several industry responses to the same global competitive pressures that have led to the advent of neo-liberal discourse»;

• H. Cousy, «De contractsvrijheid op proef gesteld: van verplichte verzekering naar een recht op verzekering» in E. Dirix e.a. (eds.), Liber amicorum Jacques Herbots, Antwerpen, Kluwer, 2002, 37-38.

• M. Albert, Capitalisme contre capitalisme, Parijs, Seuil, 1993, 315 p.;

• M. Albert, «L’avenir de l’assurance: modèle alpin ou modèle maritime?», Risques, Les cahiers de l’assurance 1991, 181-193;

• H. Cousy, «Recente ontwikkelingen: socialisatie van het risico in private verzekeringen» in R. Blanpain en R. Tas (eds.), Recht in beweging, Antwerpen, Maklu, 2008, 551.

• Richtlijn van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II), 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad, Pb. C. van 17 december 2009, 335.

• J.-C. André-Dumont, «L’exercice des activités d’assurance sous l’angle prudentiel au regard de la loi du 4 avril 2014» in B. Dubuisson (ed.), La nouvelle loi du 4 avril 2014 relative aux assurances, Brussel, Larcier, 2015, 27-49;

• F. Chandelle, «La loi du 13 mars 2016 relative au statut et au contrôle des entreprises d’assurance et de réassurance: principes clés et spécificités belges», Forum de l’assurance 2016, 172-180;

• B. De Groof, «Over winstuitkering, winstdeling en het prudentieel toezicht daarop in verzekeringsondernemingen», TBH 2017, 586-595.

• M. Faure, «Is risk differentiation on European insurance markets in danger?», Medical Journal 2007, 83;

• M. Faure, «Solidariteit en individualisering in private verzekering en sociale zekerheid», NJB 2005, 1786;

• De Wit en Van Eeghen formuleren het treffend: «Should premiums be such that everyone can afford insurance? In the past, this question used to be relevant for social insurance only [...]. But times have changed. Many types of insurance have become such common commodities, that they are being considered as basic needs and must therefore be affordable by everyone», in G. De Wit en J. Van Eeghen, «Rate making and society’s sense of fairness», Astin Bulletin 1984, 156.

• Interpretatieve Mededeling van de Commissie – Vrij verrichten van diensten en algemeen belang in het verzekeringsbedrijf, 2000/C 43/03, C43/17;

• C. Van Schoubroeck, «Wanneer is een nationale bepaling «van algemeen belang»» in H. Cousy, H. Claassens en C. Van Schoubroeck (eds.), Competitiviteit, ethiek en verzekering, Antwerpen, Maklu, 1998, 348.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-59/01, EU:C:2003:102, punt 16.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-296/98, EU:C:2000:227

• HvJ, conclusie in zaak-Commissie t/ Italië, C-59/01, EU:C:2002:421, punt 38).

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-59/01, EU:C:2003:102, punt 29.

• J.-M. Binon, «Le principe de liberté tarifaire: une nouvelle nébuleuse dans le ciel européen de l’assurance», T. Verz. 2004, 14;

• Y. Thiery, Discriminatie en verzekering, Antwerpen, Intersentia, 2011, 543. Zie ook kritisch hierover: HvJ, conclusie in zaak-Commissie t/ Luxemburg, C-346/02, EU:C:2004:195, punten 52-56.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Luxemburg, C-346/02, EU:C:2004:485;

• HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-347/02, EU:C:2004:486.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Luxemburg, C-346/02, EU:C:2004:485, punt 24;

• HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-347/02, EU:C:2004:486, punt 25;

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punten 100-106.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Luxemburg, C-346/02, EU:C:2004:485, punten 22-25 en HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-347/02, EU:C:2004:486 punten 23-26;

• C. Berr, «Note: le discutable système français de «bonus-malus» sauvé par la Cour de justice», RTD eur. 2004, 739-744;

• J.-M. Binon, «Chronique de droit européen. Assurance et responsabilité», RGAR 2005, nr. 13971, p. 3.

• HvJ, arrest-DKV Belgium t/ Association belge des consommateurs Test-Achats ASLB, C-577/11, EU:C:2013:146, punten 23-25

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punten 100-106.

• J.-M. Binon, «L’article 204 de la loi du 4 avril 2014 relative aux assurances: la fin des turbulences?», TBH 2016, 967-972.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Luxemburg, C-346/02, EU:C:2004:485, punt 24 en HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-347/02, EU:C:2004:486, punt 25;

• HvJ, arrest-DKV Belgium t/ Association belge des consommateurs Test-Achats ASLB, C-577/11, EU:C:2013:146, punt 22.

• J.-M. Binon, «Chronique de droit européen. Assurance et responsabilité», RGAR 2014, nr. 15044, p. 4;

• J.-M. Binon, «La liberté commerciale des assureurs à l’épreuve du feu européen», TBH 2010, 11 en 18-19;

• F. Longfils, «Observations – La liberté tarifaire s’arrête là où commencent le contrôle prudentiel et la protection du consommateur d’assurances», T.Verz. 2013, 322.

• HvJ, arrest-International Transport Workers’ Federation en Finnish Seamen’s Union t/ Viking Line ABP en OÜ Viking Line Eesti, C-438/05, EU:C:2007:772, punt 40 en de daar vermelde rechtspraak.

46 HvJ, arrest-Commissie t/ Denemarken, C-150/04, EU:C:2007:69, punten 35-38;

• HvJ, arrest-C.P.M. Meeusen t/ Hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep, C-337/97, EU:C:1999:284, punt 27;

• K. Armstrong, Governing Social Inclusion: Europeanization through policy coordination, New York, OUP, 2010, 188 L. Azzoulaï, «The Court of Justice and the social market economy: the emergence of an ideal and the conditions for its realization», CMLR 2008, 1341-1342.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-381/93, EU:C:1994:370, punt 16;

• HvJ, arrest-Commissie t/ België, C-522/04, EU:C:2007:405, punten 36-38;

• HvJ, arrest-Waypoint Aviation SA t/ Belgische Staat, C-9/11, nog niet gepubliceerd, punt 22;

• HvJ, arrest-New Valmar BVBA t/ Global Pharmacies Partner Health Srl., C-15/15, EU:C:2016:464, punt 37.

• W.P.J. Wils, «Insurance Risk Classification in the EC: Regulatory Outlook», Oxford Journal of Legal Studies 1999, 466.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Duitsland, C-205/84, EU:C:1986:463, punt 33: «Op het betrokken gebied [van het verzekeringswezen] blijken er dus dwingende redenen van • HvJ, arrest-Rewe-Zentral AG t/ Bundesmonopolverwaltung für Branntwein, C-120/78, EU:C:1979:42, punt 8. Het rechtvaardigingsmechanisme zou later ook van toepassing worden geacht op het vrije dienstenverkeer.

• Interpretatieve Mededeling van de Commissie – Vrij verrichten van diensten en algemeen belang in het verzekeringsbedrijf, 2000/C 43/03, C43/15-C43/18;

• J.-M. Binon, «Chronique de droit européen. Assurance et responsabilité», RGAR 2003, nr. 13785, p. 8;

• C. Van Schoubroeck, o.c., in H. Cousy, H. Claassens en C. Van Schoubroeck (eds.), Competitiviteit, ethiek en verzekering, 357.

• C. Barnard, The Substantive Law of the EU: The Four Freedoms, Oxford, OUP, 2013, 529-533.

•HvJ, arrest-Commissie t/ Duitsland, C-205/84, EU:C:1986:463, punt 30. Zie ook art. 40, § 2 Wet Verzekeringen, dat expliciet verwijst naar «de verplichting van de EER-verzekeringsondernemingen om zich te houden aan de Belgische dwingende regels van algemeen belang die een technisch kader voor de tariefontwikkeling instellen waarbinnen de verzekeringsondernemingen hun premies moeten berekenen» (Parl.St. Kamer 2013-14, 3361/1, p. 31).

• HvJ, arrest-Jyske Bank Gibraltar Ltd t/ Administración del Estado, C-212/11, ECLI:EU:C:2013:270, punten 65-67;

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punt 82;

• HvJ, arrest-DKV Belgium t/ Association belge des consommateurs Test-Achats ASLB, C-577/11, EU:C:2013:146, punt 42;

• G. Straetmans, «Case C-124/97, Lärä, Judgment of the Court of 21 September 1999 and Case C-67/98, Zenatti, Judgment of the Court of 21 October 1999», CMLR 2000, 1002;

• C. Barnard, o.c., 177 en 534.

• HvJ, arrest-A. Ambry, C-410/96, EU:C:1998:578, punten 33-35 en 36-38;

• HvJ, arrest-HIT hoteli, igralnici, turizem dd Nova Gorica en HIT LARIX, prirejanje posebnih iger na sreco in turizem dd t/ Bundesminister für Finanzen, C-176/11, EU:C:2012:454, punt 22

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punt 83 en HvJ, arrest-Jyske Bank Gibraltar Ltd t/ Administracion, C-212/11, EU:C:2013:270, punt 60;

• T. Tridimas, «The Rule of Reason and its Relation to Proportionality and Subsidiarity» in A. Schrauwen (ed.), Rule of Reason. Rethinking another Classic of European Legal Doctrine, Groningen, Europa Law Publishing, 2005, 111;

• Interpretatieve Mededeling van de Commissie – Vrij verrichten van diensten en algemeen belang in het verzekeringsbedrijf, 2000/C 43/03, C43/16-C43/19.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-110/05, nog niet gepubliceerd, punten 65-66;

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punt 84;

• N. Shuibhne, «Exceptions to the free movement rules» in C. Barnard en S. Peers (eds.), European Union Law, Oxford, OUP, 2014, 495-496.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Frankrijk, C-255/04, EU:C:2006:401, punt 44;

• HvJ, arrest-Jyske Bank Gibraltar Ltd t/ Administración del Estado, C-212/11, EU:C:2013:270, punt 68.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punten 83-85 en 92;

• J.-M. Binon, «Chronique de droit européen. Assurance et responsabilité», RGAR 2009, nr. 14540, p. 4.

• L. Schuermans en C. Van Schoubroeck, Grondslagen van het Belgische verzekeringsrecht, Antwerpen, Intersentia, 2015, 77.

• N. Jeger en P. Cauwenbergh, «Individuele levensverzekering «overlijden» en erfelijkheidsonderzoek: een kritsiche analyse van de art. 5 en 95 van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst», T. Gez. 1996-97, 241-242;

• J.-L. Fagnart, «Dispositions communes: formation et exécution du contrat» in M. Fontaine en J.-M. Binon (eds.), La loi du 25 juin 1992 sur le contrat d’assurance terrestre, Brussel, Bruylant, 1993, 63.

• HvJ, arrest-Commissie t/ Italië, C-518/06, EU:C:2009:270, punt 90.

• L. Azzoulaï, «The Court of Justice and the social market economy: the emergence of an ideal and the conditions for its realization», CMLR 2008, 1336

• D. Damjanovic, «The EU market rules as social market rules: why the EU can be a social market economy», CMLR 2013, 1704;

• G. Straetmans en P.J. Slot spreken dan weer van een gemiste kans voor het Hof van Justitie in het opnemen van een harmoniserende rol (G. Straetmans en P.J. Slot, «Europees vrij verkeer versus polisvoorwaarden» in T. Hartlief en M. Mendel (eds.), Verzekering en maatschappij, Deventer, Kluwer, 2000, 369).

• HvJ, arrest-Verband der Sachversicherer E.V. t/ Commissie van de Europese Gemeenschappen, C-45/85, EU:C:1987:34, punt 14;

• J.-M. Binon, «Le règlement d’exemption par catégories dans le secteur des assurances: un faux confort?», T. Verz. 2006, 16.

• HvJ, arrest-Klaus Höfner en Fritz Elser t/ Macrotron GmbH, C-41/90, EU:C:1991:161, punt 21 (cursief toegevoegd).

• HvJ, arrest-AOK Bundesverband e.a., C-264/01, C-306/01, C-354/01 en C-355/01, EU:C:2004:150, punt 46 en HvJ, arrest-F. Espanola de Empresas de Tecnolog[..] Sanitaria (FENIN), C-205/03P, EU:C:2006:453, punt 25.

• HvJ, conclusie in zaken-Albany, -Drijvende Bokken en -Brentjens, C-67/96, C-219/97, C-115/97 – C-117/97, EU:C:1999:28, punt 311;

• O. Odudu, «Are state owned healthcare providers that are funded by general taxation undertakings subject to competition law?», ECLR 2011, 233;

• A. Autenne, «La notion d’entreprise en droit européen de la concurrence: retour sur un concept clé pour déterminer la sphère d’application de l’ordre concurrentiel» in A. Puttemans (ed.), Actualité du droit de la concurrence, Brussel, Bruylant, 2007, 161.

• HvJ, conclusie in zaak-Diego Cali & Figli Srl t/ Servizi ecologici porto di Genova SpA (SEPG), C-343/95, EU:C:1996:482, punt 41;

• N. Dunne, «Knowing when to see it: state activities, economic activities, and the concept of undertaking», CJEL 2010, 439-440;

• W. Devroe, «Verzekering en mededinging» in C. Van Schoubroeck e.a. (eds.), Liber amicorum Herman Cousy. Over grenzen, Antwerpen, Intersentia, 2011, 1066, 1068-1071.

• HvJ, arrest-Poucet & Pistre, C-159/01 en C-160/91, EU:C:1993:63, punt 13 en HvJ, arrest-Kattner Stahlbau GmbH t/ Maschinenbau- und Metall- Berufsgenossenschaft, C-350/07, EU:C:2009:127, punt 35.

• J.L. Buendia Sierra, Exclusive Rights and State Monopolies under EC Law. article 86 (formerly Art. 90) of the EC Treaty, Oxford, OUP, 1999, 46-55;

• A. Winterstein, «Nailing the jellyfish: social security and competition law», Eur. Comp. L. Rev. 1999, 324-328.

• HvJ, arrest-Duphar BV en anderen t/ Nederland, C-238/82, EU:C:1984:45, punt 16. Nadien onder meer in: HvJ, arrest-José Garcia e.a. t/ Mutuelle de prévoyance sociale d’Aquitaine e.a., C-238/94, EU:C:1996:132, punt 15;

• HvJ, arrest-Kattner Stahlbau GmbH t/ Maschinenbau- und Metall- Berufsgenossenschaft, C-350/07, EU:C:2009:127, punt 37.

• P.J. Slot, «Applying the competition rules in the healthcare sector», E.Comp.L.R. 2004, 586.

• HvJ, arrest-Poucet & Pistre, C-159/01 en C-160/91, EU:C:1993:63, punt 13;

• HvJ, conclusie in zaak-Poucet & Pistre, C-159/91 en C-160/91, EU:C:1992:358, punt 12:

• HvJ, arrest-Freskot AE t/ Elliniko Dimosio, C-355/00, EU:C:2003:298, punt 76) en -AG2R (HvJ, arrest-AG2R Prévoyance t/ Beaudout Père et Fils, C-437/09, EU:C:2011:112, punten 43-44).

• N. Boeger, «Solidarity and EC competition law», E.L.Rev. 2007, 331;

• Y. Jorens, «Het Europees socialezekerheidsrecht: quo vadis?» in A. Van Regenmortel, H. Verschueren en V. Vervliet (eds.), Sociale zekerheid in het Europa van de markt en de burgers: enkele actuele thema’s, Brugge, die Keure, 2007, 127-128;

• G. Davies, «The Price of Letting Courts Value Solidarity: The Judicial Role in Liberalizing Welfare» in M. Ross en Y. Borgmann-Prebil (eds.), Promoting Solidarity in the European Union, Oxford, OUP, 2010, 118-119.

• M. Ross, «Promoting solidarity: From public services to a European model of competition?», CMLR 2007, 1068;

• C. Kersting, «Social Security and Competition Law – ECJ focuses on Art. 106(2) TFEU», J. Eur. Comp. L. & Practice 2011, 475, m.b.t. het arrest-AG2R;

• W. Devroe, o.c., in C. Van Schoubroeck e.a. (eds.), Liber amicorum Herman Cousy. Over grenzen, 1071.

• HvJ, arrest-Poucet & Pistre, C-159/01 en C-160/91, EU:C:1993:63

• HvJ, arrest-Cisal di Battistello Venanzio & C. Sas t/ Istituto nazionale per l’assicurazione contro gli infortuni sul lavoro (INAIL), C-218/00, EU:C:2002:36

• HvJ, arrest-AOK Bundesverband e.a., C-264/01, C-306/01, C-354/01 en C-355/01, EU:C:2004:150),

• HvJ, arrest-Kattner Stahlbau GmbH t/ Maschinenbau- und Metall-Berufsgenossenschaft, C-350/07, EU:C:2009:127).

• HvJ, arrest-FFSA e.a. t/ Ministère de l’Agriculture et de la Pêche, C-244/94, EU:C:1995:392),

• HvJ, arrest-Albany, C-67/96, EU:C:1999:430, punt 84, pensioenfonds in de textielindustrie;

• HvJ, arrest-Brentjens, C-115/97 – C-117/97, EU:C:1999:434, punt 84, pensioenfonds voor groothandelaars in bouwmaterialen;

• HvJ, arrest-Drijvende Bokken, C-219/97, EU:C:1999:437, punt 74,

• HvJ, arrest-AG2R Prévoyance t/ Beaudout Père et Fils, C-437/09, EU:C:2011:112

•W. Sauter, «Services of general economic interest and universal services in EU law», E.L.Rev. 2008, 168;

• W. Devroe en C. Geers, «Het ondernemingsbegrip in het mededingingsrecht» in B. Tilleman en E. Terryn (eds.), Beginselen van Belgisch privaatrecht XIII. Handels- en Economisch recht. Deel 1 Ondernemingsrecht, Volume A, Mechelen, Kluwer, 2011, 260 en 264;

• O. Czucz, «The Difficult Relationship between National Health Systems and EU Competition Rules» in H. Kanninen, N. Korjus en A. Rosas (eds.), EU Competition Law in context. Essays in Honour of Virpi Tiili, Oxford, Hart, 2009, 48-53.

• HvJ, arrest-Klaus Höfner en Fritz Elser t/ Macrotron GmbH, C-41/90, EU:C:1991:161, punt 21.

• N. Boeger, «Solidarity and EC competition law», E.L.Rev. 2007, 331.

• A. Winterstein, «Nailing the jellyfish: social security and competition law», Eur. Comp. L. Rev. 1999, 330-331).

• HvJ, arrest-Poucet & Pistre, C-159/01 en C-160/91, EU:C:1993:63, punt 13

• HvJ, arrest-Cisal di Battistello Venanzio & C. Sas/Istituto nazionale per l’assicurazione contro gli infortuni sul lavoro (INAIL), C-218/00, EU:C:2002:36, punt 45.

• F. Louckx, «Gezondheidszorg tussen interne markt en algemeen belang» in A. Van Regenmortel, H. Verschueren en V. Vervliet (eds.), Sociale zekerheid in het Europa van de markt en de burgers: enkele actuele thema’s, Brugge, die Keure, 2007, 319-321;

• W. Devroe en C. Geers, o.c., in B. Tilleman en E. Terryn (eds.), Beginselen van Belgisch privaatrecht XIII. Handels- en Economisch recht. Deel 1 Ondernemingsrecht, Volume A, 259-260.

• HvJ, arrest-AG2R Prévoyance t/ Beaudout Père et Fils, C-437/09, EU:C:2011:112, punten 43-45.

• R. Baeten en H. Verschueren, «Gezondheidszorg binnen de Europese interne markt. Is er nog ruimte voor solidariteit?» in M. Santens (ed.), Een rechtvaardige gezondheidszorg, Brugge, die Keure, 2008, 231;

• J.-M. Binon en H. Claassens, «La protection sociale complémentaire en droit européen: cadre général, acquis et questions pendantes» in C. Van Schoubroeck (ed.), De aanvullende sociale voorzieningen in de Europese Unie. Problematiek van de pensioenen en de gezondheidszorg, Antwerpen, Maklu, 2003, 45, noemden dit reeds «sans conteste le critère fondamentale».

• HvJ, arrest-Freskot AE/Elliniko Dimosio, C-355/00, EU:C:2003:298, punten 78-79;

• HvJ, arrest-Cisal di Battistello Venanzio & C. Sas t/ Istituto nazionale per l’assicurazione contro gli infortuni sul lavoro (INAIL), C-218/00, EU:C:2002:36, punten 43-44.

• HvJ, arrest-FFSA e.a. t/ Ministère de l’Agriculture et de la Pêche, C-244/94, EU:C:1995:392,

• HvJ, arrest-AG2R Prévoyance t/ Beaudout Père et Fils, C-437/09, EU:C:2011:112, punt 65.

• C. Kersting, «Social Security and Competition Law – ECJ focuses on Art. 106(2) TFEU», J. Eur. Comp. L. & Practice 2011, 474-475;

H. Gilliams, D. Arts, J. Wouters, P. De Man, P. Wytinck en A. Godfroid, «Kroniek van rechtspraak: Europees ondernemingsrecht (januari 2008 – december 2010)», TBH 2011, 654;

A. Autenne, o.c., in A. Puttemans (ed.), Actualité du droit de la concurrence, 164-165.

 

 

 

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: zo, 11/02/2018 - 13:19
Laatst aangepast op: wo, 21/02/2018 - 20:42

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.