-A +A

Legaat definitie

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Het testament is de akte met de laatste wilsbeschikking. In het testament kan de begrafenis geregeld worden, maar kunnen ook testamentaire beschikkingen van het vermogen worden gedaan (legaten geheten). Een legaat is dus een onderdeel van het testament.

Het legaat is de testamentaire beschikking over een deel of het geheel van het vermogen van de erflater in het testament. Hij die de gift krijgt is legataris genoemd. Hij die de gift geeft is de legator. Het begiftigen bij testament heet legateren.

Door aanduiding van een legataris in een testament wijkt de overledene af van de wettelijke erfopvolging.

Het algemeen legaat is de uiterste wilsbeschikking waarbij de erflater zijn ganse nalatenschap schenkt aan 1 persoon of organisatie. Hierbij kan de erflater kan kiezen voor meerdere begunstigden, maar bij een algemeen legaat betreft de gift het ganse vermogen. 

U kan volgende formulering gebruiken:

Ik, ondergetekende, (naam, voornaam, adres, geboortedatum) maak vandaag mijn testament op. Ik herroep uitdrukkelijk alle laatste wilsbeschikkingen die ik vroeger zou gemaakt hebben. Ik vermaak via deze weg al mijn roerende en onroerende goederen aan ...

Wetgeving: artikel 1002-1024 BW

 

Algemeen legaat

Een algemeen legaat is de uiterste wilsbeschikking waarbij de erflater aan een of meer personen de algemeenheid van de goederen geeft die hij bij zijn overlijden zal nalaten.

Wanneer, bij het overlijden van de erflater, erfgenamen bestaan aan wie de wet een voorbehouden erfdeel op zijn goederen toekent, treden deze erfgenamen, door zijn dood, van rechtswege in het bezit van alle goederen van de nalatenschap; en de algemene legataris moet hun de afgifte van de in het testament begrepen goederen vragen.

Evenwel heeft de algemene legataris in die gevallen het genot van de in het testament begrepen goederen, te rekenen van de dag van het overlijden, indien de vordering tot afgifte is ingesteld binnen het jaar na dit tijdstip; bij gebreke daarvan, vangt het genot eerst aan op de dag waarop de rechtsvordering is ingesteld of waarop de afgifte vrijwillig is toegestaan.

Wanneer, bij het overlijden van de erflater, geen erfgenamen bestaan aan wie de wet een voorbehouden erfdeel op diens goederen toekent, treedt de algemene legataris, door de dood van de erflater, van rechtswege in het bezit, zonder de afgifte te moeten vragen. In dit het geval van artikel 1006 moet de algemene legataris, indien het een eigenhandig of een internationaal testament betreft, zich in het bezit doen stellen door een beschikking van de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van het arrondissement waar de erfenis is opengevallen, geschreven onderaan op een verzoekschrift, waarin melding wordt gemaakt van de deponering bedoeld in artikel 976 B.W.

De algemene legataris die tot de erfenis komt samen met een erfgenaam aan wie de wet een voorbehouden erfdeel toekent, is, persoonlijk voor zijn aandeel en hypothecair voor het geheel, gehouden tot betaling van de schulden en lasten der nalatenschap van de erflater; en hij is verplicht alle legaten uit te keren, behoudens het geval van inkorting, zoals in de artikelen 926 en 927 is bepaald.
 

Voordbeld van een algemeen legaat:

"Ik, ondergetekende, (naam, voornaam, adres, geboortedatum) maak vandaag mijn testament op. Ik herroep uitdrukkelijk alle laatste wilsbeschikkingen die ik vroeger zou gemaakt hebben. Ik vermaak via deze weg al mijn roerende en onroerende goederen aan " met vermelding van datum en handtekening.

Rechtspraak 

Algemeen legaat versus onder algemene titel – Bepaling van breukdelen

• Hof van Beroep Gent, 28 april 2016, RW 2017-2018, 1268

samenvating-abstract:

Gaat het om een bij eigenhandig testament aangewezen algemene legataris, dan moet hij aan de familierechter de inbezitstelling vragen (art. 1008 BW). Alsdan heeft de algemene legataris geen bezitsrecht van rechtswege (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 1046-1047, nr. 2048).

Een legataris onder algemene of bijzondere titel heeft nooit bezitsrecht en kan bijgevolg geen inbezitstelling vragen. Hij moet de afgifte vragen aan de reservataire erfgenamen, bij gebreke daarvan aan de algemene legatarissen en bij gebreke daarvan aan de wettige erfgenamen. Die afgifte volgt dan hetzij vrijwillig hetzij gerechtelijk (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 1048, nrs. 2051-2052).

Van belang is derhalve de kwalificatie van de legatarissen in onderhavig geval als hetzij algemene legatarissen (artt. 1003-1009 BW) hetzij legatarissen onder algemene titel (artt. 1010-1013 BW).

Maatstaf voor het onderscheid is niet datgene wat de legatarissen uiteindelijk ontvangen, maar datgene waartoe zij zijn geroepen: het geheel of een deel van het nalatenschapsvermogen.

De residuaire roeping is het criterium bij uitstek om uit te maken of het een algemeen legaat betreft. Heeft de roeping betrekking op alle goederen en houdt ze met andere woorden een residuaire aanspraak in, dan betreft het een algemeen legaat (art. 1003 BW).

Is de legataris alleen geroepen (1) tot alle onroerende goederen of tot alle roerende goederen of (2) tot een gedeelte van de (onroerende of roerende) goederen, dan betreft het een legaat onder algemene titel (art. 1010 BW).

Centraal staat de werkelijke bedoeling van de testator en niet zozeer de gebruikte bewoording

De testator kan verschillende algemene legatarissen aanwijzen. Elk van hen is dan geroepen tot het hele nalatenschapsvermogen in die zin dat, indien een van hen (om welke reden ook) niet tot de nalatenschap komt, er aanwas plaatsvindt ten behoeve van de overblijvende legatarissen.

Komen ze samen tot de nalatenschap, dan (ver)delen zij in beginsel in gelijke delen. De testator kan echter ook verschillende algemene legatarissen aanwijzen, elk ten belope van een ongelijk deel indien ze samen tot de nalatenschap komen.

Het geval waarin de testator verschillende personen aanwijst om tot zijn nalatenschap te komen en daarbij het breukdeel bepaalt dat aan elk van hen zal toekomen, is (niet on)verenigbaar met het concept van een «algemeen legaat».

Het specificeren van het breukdeel kan namelijk de bevestiging zijn van de regel dat, indien verschillende algemene legatarissen tot de nalatenschap komen, zij dit algemeen legaat erven ten belope van een breukdeel. De bepaling van breukdelen is in voorkomend geval een uitvoeringsmodaliteit en sluit geen algehele roeping uit.

Tekst arrest

Inzake cons. D.

...

1. Emiel D. is overleden op 13 maart 2015, zonder reservataire erfgenamen na te laten.

Bij eigenhandig testament van 2 november 2011 vermaakte Emiel D. (1) al zijn onroerende goederen aan Roland, Ria en Regina D.C., elk ten belope van 1/3 en (2) al zijn roerende goederen aan Cecilia D.H.

Na het overlijden van de testator is diens testament in depot gegeven bij notaris B., waarvan overeenkomstig art. 976 BW proces-verbaal is opgemaakt.

2. Bij verzoekschrift van 12 januari 2016 vragen de legatarissen in hun beweerde hoedanigheid van algemene legatarissen met toepassing van de artt. 1006 en 1008 BW de inbezitstelling van het nalatenschapsvermogen van Emiel D.

Bij beschikking van 19 januari 2016 (...) wijst de 19e Familiekamer van de Rechtbank van Eerste Aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, het verzoek af als ongegrond. De familierechter oordeelt in essentie dat de beweerde hoedanigheid van algemene legatarissen niet klopt. De rechter beschouwt de legatarissen, gelet op het testament van 2 november 2011, als legatarissen onder algemene titel. In die hoedanigheid kunnen zij geen inbezitstelling vragen, maar enkel de afgifte van hun respectieve legaten aan de wettige erfgenamen.

3. Bij verzoekschrift van 16 februari 2016 stellen de legatarissen op ontvankelijke wijze hoger beroep in. Zij beogen, met hervorming van de beroepen beschikking, de inwilliging van het oorspronkelijke verzoek tot inbezitstelling van het nalatenschapsvermogen van Emiel D. Zij blijven daarbij vasthouden aan hun beweerde hoedanigheid van algemene legatarissen.

4. Bij gebrek aan reservataire erfgenamen heeft de algemene legataris het bezitsrecht van het bedoelde nalatenschapsvermogen (art. 1006 BW).

Gaat het om een bij eigenhandig testament aangewezen algemene legataris, dan moet hij aan de familierechter de inbezitstelling vragen (art. 1008 BW). Alsdan heeft de algemene legataris geen bezitsrecht van rechtswege (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 1046-1047, nr. 2048).

Een legataris onder algemene of bijzondere titel heeft nooit bezitsrecht en kan bijgevolg geen inbezitstelling vragen. Hij moet de afgifte vragen aan de reservataire erfgenamen, bij gebreke daarvan aan de algemene legatarissen en bij gebreke daarvan aan de wettige erfgenamen. Die afgifte volgt dan hetzij vrijwillig hetzij gerechtelijk (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 1048, nrs. 2051-2052).

5. Van belang is derhalve de kwalificatie van de legatarissen in onderhavig geval als hetzij algemene legatarissen (artt. 1003-1009 BW) hetzij legatarissen onder algemene titel (artt. 1010-1013 BW).

Maatstaf voor het onderscheid is niet datgene wat de legatarissen uiteindelijk ontvangen, maar datgene waartoe zij zijn geroepen: het geheel of een deel van het nalatenschapsvermogen van Emiel D. (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 872-873, nr. 1666; M. Puelinckx-Coene e.a., «Overzicht van rechtspraak (2009-2011): Giften», TPR 2013, p. 770, nr. 777).

De residuaire roeping is het criterium bij uitstek om uit te maken of het een algemeen legaat betreft (M. Puelinckx-Coene e.a., «Overzicht van rechtspraak (2009-2011): Giften», TPR 2013, p. 770-771, nr. 778). Heeft de roeping betrekking op alle goederen en houdt ze met andere woorden een residuaire aanspraak in, dan betreft het een algemeen legaat (art. 1003 BW). Is de legataris alleen geroepen (1) tot alle onroerende goederen of tot alle roerende goederen of (2) tot een gedeelte van de (onroerende of roerende) goederen, dan betreft het een legaat onder algemene titel (art. 1010 BW).

Centraal staat de werkelijke bedoeling van de testator en niet zozeer de gebruikte bewoording (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 872-873, nr. 1666; M. Puelinckx-Coene e.a., «Overzicht van rechtspraak (2009-2011): Giften», TPR 2013, p. 775, nr. 783).

6. De testator kan verschillende algemene legatarissen aanwijzen. Elk van hen is dan geroepen tot het hele nalatenschapsvermogen in die zin dat, indien een van hen (om welke reden ook) niet tot de nalatenschap komt, er aanwas plaatsvindt ten behoeve van de overblijvende legatarissen. Komen ze samen tot de nalatenschap, dan (ver)delen zij in beginsel in gelijke delen. De testator kan echter ook verschillende algemene legatarissen aanwijzen, elk ten belope van een ongelijk deel indien ze samen tot de nalatenschap komen (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 874, nr. 1070; M. Puelinckx-Coene e.a., «Overzicht van rechtspraak (1993-1998): Giften», TPR 1999, p. 1023-1024, nr. 404).

Het geval waarin de testator verschillende personen aanwijst om tot zijn nalatenschap te komen en daarbij het breukdeel bepaalt dat aan elk van hen zal toekomen, is (niet on)verenigbaar met het concept van een «algemeen legaat». Het specificeren van het breukdeel kan namelijk de bevestiging zijn van de regel dat, indien verschillende algemene legatarissen tot de nalatenschap komen, zij dit algemeen legaat erven ten belope van een breukdeel. De bepaling van breukdelen is in voorkomend geval een uitvoeringsmodaliteit en sluit geen algehele roeping uit (W. Pintens e.a., Familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2010, p. 876, nr. 1673; M. Puelinckx-Coene, «Art. 1003 BW» in Comm.Erf. 1990, p. 8-9, nr. 15).

7. Welnu, in casu blijkt duidelijk de bedoeling van de testator om door middel van een bepaling van een verdeling bij wijze van uitvoeringsmodaliteit (hoe dan ook) te beschikken over zijn integrale nalatenschapsvermogen.

Anders dan de eerste rechter, is het hof derhalve van oordeel dat Roland, Ria en Regina D.C. en Cecilia D.H. samen fungeren als algemene legatarissen (met een residuaire roeping) om aldus ten belope van het door Emiel D. bepaalde deel tot diens nalatenschap te (kunnen) komen.

Het hoger beroep is gegrond.

...
 

Het bijzonder legaat

Is een legaat waarbij niet het geheel waar wel een som geld of een bepaald goed wordt nagelatenillen nalaten aan een vereniging, een instelling of een particulier.

In dit geval zal de legataris enkel dit goed krijgen dat hem uitdrukkelijk werd nagelaten.

Het legaat ten algemene titel

Bij legaat onder algemene titel legateert de erflater een deel van zijn goederen nalaten. Bijvoorbeeld een bepaald percentage zoals de bijvoorbeeld de helft, een derde, een vijfde... van het gehele vermogen, van alle roerende en/of onroerende goederen, van een kunstpatrimonium, een boekencollectie...Het legaat onder algemene titel kan gebruikt worden wanneer er wettelijke erfgenamen zijn, maar wanneer de erflater ook wenst een deel van zijn/haar bezittingen over te maken aan een derde.

voorbeeld

Ik, ondergetekende, (naam, voornaam, adres, geboortedatum) maak vandaag mijn testament op. Ik herroep uitdrukkelijk alle laatste wilsbeschikkingen die ik vroeger gemaakt zou hebben. Ik verklaar via deze weg dat ik naast een deel voor mijn wettelijke erfgenamen, een gedeelte van mijn bezittingen wil nalaten aan ....

Aan X (naam, voornaam van wettelijke erfgenaam) laat ik na:

• het bedrag van € ..........

• een huis gelegen op volgend adres:..........

• volgende roerende goederen:..........


Aan Y laat ik na  ...

• het bedrag van € ..........

• een huis/appartement gelegen op volgend adres:..........

• volgende roerende goederen:..........

Al het overige laat ik na aan .../ of aan mijn wettige erfgenamen.


Gedaan te (plaats) op (datum)



Handtekening
 

Nog dit: 

Legatus legionis

Een legatus legionis was in het Imperium Romanum een ex-praetor of -tribunus die legioenen mocht aanvoeren in naam van de princeps voor een periode van drie of vier jaar, hoewel dit ook langer kon zijn. Hij beheerde ook de provincia waar zijn legioen gestationeerd was, indien enkel zijn legioen in die provincia verbleef. Indien er meerdere legioenen gelegerd waren in een bepaalde provincia, stonden de verscheidene legati legionis onder het bevel van de legatus Augusti pro praetore of legatus pro praetore (cf. provinciegouverneur). Hij was de vervanger van de republikeinse propraetor.

Legatus pro praetore

Een legatus pro praetore (ook wel legatus proconsularis genoemd) was in het Imperium Romanum een magistraat, die was aangesteld door de princeps als assistent van een proconsul (ex-consul) die een senatoriale provincia bestuurde. Er stonden drie legati pro praetore onder zo'n proconsul en zodoende had de princeps toch een zekere controle over de senatoriale provinciae.

Een legatus Augusti pro praetore

Een legatus Augusti pro praetore is in het Principaat (het vroege Romeinse Keizerrijk) een legatus van consulaire óf praetoriaanse rang, die door de princeps (die zelf een imperium proconsulare - het imperium als van een consul - bezit en deze macht dus kan delegeren), is aangesteld met een imperium pro praetore (het imperium als van een praetor) om stadhouder te zijn of een leger aan te voeren in een keizerlijke provincia. Hij staat boven een legatus legionis en onder de personen met een imperium proconsulare (dit zijn de princeps - de "keizer" - of bepaalde leden van diens familie). Hij had dan ook een of drie legati bij zich als zijn assistenten[1]. Zijn imperium is afgeleid van (net zoals al in de Romeinse Republiek het imperium van de praetor gezien werd als afgeleid van dat van de consul) maar ook ondergeschikt aan dat van de princeps. Er is dus geen sprake van een echte delegatie: de princeps blijft ten volle bevoegd. De legaatstitel verwijst naar de meest "verheven" titel van de princeps: Augustus.

De legati Augusti pro praetore zijn de afgevaardigden van de princeps die via dezen de keizerlijke provincies in absentia (tijdens zijn afwezigheid) laat beheren[2]. Zij voeren de exercitus (de in de desbetreffende provincie aanwezige keizerlijke veldlegers) aan in naam van de keizer en oefenen bepaalde uitvoerende en rechtssprekende functies uit. Diegene verantwoordelijk voor de census in de keizerlijke provinciae werd een Legatus Augustus pro praetore ad census accipiendos genoemd.
 

Franse term: 
legs
Nuttige tips: 

Frans: legs
Duits: Legat, Vermächtnis
Engels: legacy, bequest

Legataris: de persoon aan wie een legaat wordt toebedeeld (Frans: légataire, Vermächtnisnehmer).

Legataris onder algemene tite
l (Frans: légataire à titre universel, Duits Quotenvermächtnisnehmer): de persoon aan wie een legaat onder algemene titel wordt toebedeeld.

Algemeen legataris (Frans: légataire universel, Duits Universalvermächtnisnehmer): de persoon aan wie een algemaan legaat wordt toebedeeld.

Bijzonder legataris (Frans: légataire particulier, Duits Stückvermächtnisnehmer): de persoon aan wie een bijzonder legaat wordt toebedeeld.

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: zo, 07/10/2012 - 14:41
Laatst aangepast op: zo, 01/04/2018 - 14:42

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.