-A +A

Reglement Permanente vorming advocaten OVB

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

In het Belgisch Staatsblad van 31/07/2017 verscheen de wijzigingen die werden aangebracht in de Codex Deontologie voor Advocaten, hoofdstuk II.3 permanente vorming. De nieuwe regeling zal van kracht zijn vanaf 1 november 2017 en betreft de puntenkaart van 2017-2018.

Basisprincipes:

1. De advocaat moet jaarlijks 20 opleidingspunten punten behalen.

2. Advocaten-stagiairs moeten geen opleidingspunten behalen voor het jaar van de stage waarin zij de beroepsopleiding volgen. Alle andere stagiairs dienen in alle andere stage-jaren en vanzelfsprekend tijdens hun loatere tableaujaren vanaf 1 november 2017 ook voldoen aan de vereisten inzake permanente vorming.

3. Het oude onderscheid tussen ‘juridische’ en ‘niet-juridische’ punten.bestaat niet meer.

4. In elk gerechtelijk jaar mogen er (maximum)10 punten voor daadwerkelijke binnenshuis opledingen (dus op het eigen kantoor) in aanmerking.worden genomen

5. Punten kunnen ook verdiend worden door opleidinge als docent te geven. Evenwel beperkt tot maximaal 20 punten per jaar.

6. Punten worden aan juridische auteurs verleend (4 punten per 2.500 woorden) met een maximum van 40 punten voor de volledige bijdrage.

7. 40 punten kunnen aangevraagd voor het behalen van een bijkomend diploma (…) behalen.

8. Om de 5 gerechtelijke jaren moeten minstens 2 punten behaald worden voor vormingen in verband met deontologie.

9. Wie meer dan 20 punten behaalt in een jaar kan maximaal 40 punten overgedragen naar het volgend gerechtelijk jaar.

10. Er worden geen negatieve punten meer overgedragen. Wie te weinig punten behaalt kan door de stafhouder de verplichting worden opgelegd het tekort in te halen binnen een opgelegde periode. Hier niet aan voldoen levert inbreuk op.

11. Opleidingen die ‘on demand’ worden gevolgd, kunnen voor erkenning in aanmerking komen.

12. Iindividuele gemotiveerde aanvragen als deelnemer kunnen worden erkend voor 1 punt per uur.

Een organisator kan opleidingen kan de erkenningscommissie verzoeken erkend worden als erkende opleidingsinstelling. Een aldus erkende opleidingsinstelling is gedurende de geldigheid van haar erkenning (dit is voor een periode van 3 jaar) vrijgesteld van het indienen van een aanvraag tot erkenning aan de erkenningscommissie voor de vormingen die zij aanbiedt en beslist zelf welke vormingsactiviteit in aanmerking komt voor permanente vorming en voor hoeveel punten elke opleiding in aanmerking komt.

Reglement inzake permanente vorming goedgekeurd door de AV van de OVB op 16 juni 2010 (publicatie B.S. 10/09/2010)

opmerking raadpleeg eerst de wijzigingen conform het Belgisch Staatsblad van 31/07/2017

Artikel 1

Permanente vorming is een deontologische plicht voor ieder advocaat.
Permanente vorming in de zin van dit reglement betekent zich op regelmatige wijze bekwamen en bijscholen in juridische of beroepsondersteunende materies, door het volgen van erkende cursussen en/of door het doceren, het houden van lezingen in juridische materies, of het publiceren in de zin van dit reglement.

Artikel 2

Ieder advocaat stelt vrij zijn jaarlijks vormingsprogramma samen. Het volgen van activiteiten van permanente vorming levert punten op.

Het per gerechtelijk jaar vereiste aantal permanente vormingspunten bedraagt 16 punten waarbij er per gerechtelijk jaar :
- slechts maximaal 8 niet-juridische punten kunnen worden in aanmerking genomen;
- maximaal 8 punten voor binnen samenwerkingsverbanden of kantoororganisaties of gezamenlijk door advocaten georganiseerde seminaries, studiedagen of uiteenzettingen die niet toegankelijk zijn voor andere confraters kunnen worden in aanmerking genomen;
- maximaal 10 punten op basis van erkenningen van permanente vorming door of krachtens de reglementeringen van buitenlandse balies kunnen worden in aanmerking genomen.

Deze drie bijzondere categorieën van erkenningen kunnen gecumuleerd worden.

De stafhouder kan aan een lid van zijn balie om gegronde redenen vrijstelling toestaan aan de nakoming van de verplichting en daartoe kan hij bijzondere modaliteiten opleggen.

Een overtal aan in een gerechtelijk jaar behaald aantal punten kan ten belope van maximum 32 punten worden overgedragen, zonder dat de totale overdrachten meer dan 48 punten kan bedragen.

Voor de advocaten-stagiairs gelden de verplichte lessen voor het behalen van het bekwaamheidsattest betreffende de beroepsopleiding als erkende permanente vorming voor de eerste drie jaar van de stage. Dit doet geen afbreuk aan het recht van stagiairs om permanente vormingspuntenkaarten in te dienen voor het 1e, 2e en 3e jaar stage met het recht op puntenoverdracht naar een volgend jaar.

Indien de stage of de onderbreking ervan afloopt tijdens het gerechtelijk jaar of een advocaat in de loop van het gerechtelijk jaar wordt heringeschreven, wordt het aantal te behalen punten voor permanente vorming pro rata van het aantal maanden bepaald.

Artikel 3

3.1. Het volgen van een voorafgaand erkende activiteit van permanente vorming levert 1 punt per uur op.

3.2. Het volgen van een niet voorafgaand erkende activiteit van permanente vorming kan worden erkend voor 1 punt per uur.

3.3. Het doceren door de advocaat
- van een juridisch opleidingsonderdeel aan een universiteit of een niet-universitaire instelling van het hoger onderwijs
of
- van een leervak in het kader van de opleiding van de advocaten-stagiairs
wordt erkend voor 2 punten per gedoceerd uur, met een maximum van 10 punten.

3.4. Het geven van een juridische lezing op academisch niveau kan worden erkend voor 2 punten per uur.

3.5. Het schrijven van een juridisch artikel, dat wordt gepubliceerd in de rechtsliteratuur, of een daaraan gelijkwaardige publicatie, kan worden erkend voor 2 punten per 1.000 woorden met een maximum van 32 punten.

Hetzelfde geldt voor het schrijven van een uitgegeven boek dat een juridisch onderwerp behandelt.

3.6. Het behalen van een bijkomend diploma van een erkend curriculum aan een rechtsfaculteit kan worden erkend voor 32 punten.

Hetzelfde geldt voor het behalen van een doctorale titel aan een rechtsfaculteit. De uitgave en/of publicatie van de eraan verbonden doctorale scriptie kan andermaal aanleiding geven tot erkenning van maximum 32 punten.

3.7. Het volgen van de beroepsopleiding cassatieprocedurei zoals blijkt uit het jaarlijks attest te bekomen bij de Orde van Advocaten bij het Hof van Cassatie, wordt erkend voor 10 juridische punten per jaar.

3.8. Een activiteit van permanente vorming, erkend door een andere Orde of organisatie van advocaten, kan het voorwerp van erkenning vormen.

De advocaat, die aan dergelijke activiteit heeft deelgenomen, of wenst deel te nemen, kan een aanvraag tot erkenning indienen op de wijze bepaald in artikel 5.5.

Na advies van de erkenningscommissie kan de Orde van Vlaamse Balies met andere balies, of organisaties akkoorden tot wederkerige erkenning van activiteiten van permanente vorming, met toekenning van punten van permanente vorming, sluiten.

Artikel 4

4.1. De Orde van Vlaamse Balies richt een erkenningscommissie op, gevestigd op de zetel van de Orde van Vlaamse Balies.

4.2. Deze erkenningscommissie bestaat uit 7 leden :

- de bestuurder van de Orde van Vlaamse Balies, bevoegd voor het departement permanente vorming (of zijn vertegenwoordiger) die de commissie ambtshalve voorzit;

- 3 advocaten en 3 academici, allen verkozen door de algemene vergadering van de Orde van Vlaamse Balies;

4.3. Het mandaat van de leden van de erkenningscommissie duurt 3 jaar en is hernieuwbaar.

4.4. De erkenningscommissie beslist bij gewone meerderheid van stemmen. Zij kan slechts geldig zetelen wanneer minstens vier leden aanwezig zijn. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

Artikel 5

5.1. De erkenningscommissie van de Orde van Vlaamse Balies oordeelt welke activiteiten, bedoeld in artikel 1 van dit reglement worden erkend, en bepaalt de aard en het aantal punten die aan de erkende activiteiten worden toegekend.

5.2. Bij haar beslissing tot erkenning en toekenning van punten aan een activiteit van permanente vorming houdt de erkenningscommissie rekening met de vereiste kwaliteit en de toegankelijkheid.

De erkenningscommissie of haar afgevaardigde kan - in het kader van haar visitatierecht - deze te allen tijde controleren.

5.3. De erkenningscommissie neemt een beslissing binnen de maand na de aanvraag. De erkenningscommissie motiveert elke afwijzing van een aanvraag tot erkenning.

Binnen de maand na de datum van verzending per e-mail van voornoemde beslissing van afwijzing kan de afgewezen aanvrager hiertegen uitsluitend per e-mail bezwaar aantekenen. De aanvraag tot herziening van de getroffen beslissing wordt door de erkenningscommissie opnieuw behandeld.

5.4. De organisator van een activiteit van permanente vorming, die hiervoor erkenning en toekenning van punten heeft aangevraagd mag slechts melding maken van de erkenning en de toegekende punten na mededeling van de beslissing hiertoe. Bij gebreke aan beslissing op de datum waarop de activiteit van permanente vorming plaatsvindt, kan uitsluitend melding worden gemaakt van de aanvraag tot erkenning en toekenning van punten.

5.5. Zowel de organisator van de permanente vormingsactiviteit als de individuele advocaat dienen hun aanvraag tot erkenning en toekenning van punten te richten tot de erkenningscommissie van de Orde van Vlaamse Balies, uitsluitend via het elektronisch aanvraagformulier op de website van de Orde van Vlaamse Balies.

De organisator dient zijn aanvraag in te dienen 6 weken voorafgaand de datum van de permanente vormingsactiviteit.

5.5.1. De aanvraag van de organisator is slechts ontvankelijk nadat aan de Orde van Vlaamse Balies een vergoeding werd vereffend gelijk aan éénmaal het volledige inschrijvingsrecht of deelnameprijs per potentiële deelnemer, met een minimum van euro 110,00 en met een maximum van euro 695,00.

Deze bepaling m.b.t. het inschrijvingsrecht geldt niet voor permanente vormingsactiviteiten die door de balie, samenwerkingsverbanden tussen balies, of door de Conferentie van de Jonge Balie of samenwerkingsverbanden tussen hen worden georganiseerd.

5.6. De in artikel 5.5.1 bepaalde bedragen kunnen worden aangepast bij elke stijging van 3 punten van de consumptie-index, ten aanzien van deze, vigerend op datum van de inwerkingtreding van dit reglement.

5.7. Bij de aanvraag tot erkenning van een permanente vormingsactiviteit dient elke organisator van een permanente vormingsactiviteit een dossier in met de verbintenis tot afgifte van de aanwezigheidsattesten na controle van de effectieve aanwezigheid van de deelnemers bij het begin en het einde van de permanente vormingsactiviteit, en met verplichte vermelding van minstens volgende gegevens :

1. datum en plaats van de permanente vormingsactiviteit
2. aard en onderwerp van de activiteit, desgevallend met de titels van de diverse lezingen
3. aantal uren waarvoor de erkenning wordt gevraagd
4. identiteit van de spreker(s)
5. doelgroep
6. inschrijvingsrecht of deelnameprijs
7. vermelding van het al dan niet voorhanden zijn van een syllabus ten behoeve van de deelnemers
8. de wijze van publiciteit voor de permanente vormingsactiviteit

Artikel 6

6.1. Ieder advocaat dient jaarlijks, uiterlijk op 30 september, schriftelijk aan de stafhouder van zijn balie verslag uit te brengen over het door hem gedurende het vorig gerechtelijk jaar gevolgde programma van permanente vorming, met toevoeging van de overtuigingsstukken.

6.2. De stafhouder deelt de verwerkte gegevens van zijn balie mede aan de Orde van Vlaamse Balies uiterlijk op 31 maart van het jaar volgend op de in artikel 6.1 vermelde datum.

Artikel 7

7.1. De op 1 september 2008 verkozen leden van de erkenningscommissie van de Orde van Vlaamse Balies blijven dit mandaat gedurende 3 jaren uitvoeren, waarbij deze termijn verstrijkt op 31 augustus 2011.

Goedgekeurd op de algemene vergadering van 16 juni 2010.

Dit reglement treedt in werking drie maanden na publicatie in het Belgisch Staatsblad en vervangt alsdan het reglement inzake permanente vorming goedgekeurd door de algemene vergadering op 2 juni 2004 en als laatst gewijzigd door de algemene vergadering op 22 februari 2006.
 

Commentaar: 

De gouden appels van de OVB (Orde Vlaamse Balies)

Heeft de graaischimmel ook de appels van de orde van Vlaamse balies bevlekt?

Feit is dat deze overkoepelende orde gespijsd wordt door het merendeel van de baliebijdrages van de individuele advocaten en dus indirect door de rechtsonderhorigen die op advocaten beroep doen. Deze bijdragen worden automatisch ingehouden op de verplichte baliegelden, zonder enige inspraak van de advocaten, laat staan van de rechtsonderhorigen.

Aldus is de Orde van Vlaamse balies mee verantwoordelijk voor de steeds hoger kostende toegang tot de rechter en dus voor de toenemende afstand tussen burger en justitie. Justitie is mede hierdoor eerder een product dan een recht geworden, waarbij steeds minder burgers nog een beroep kunnen doen op een advocaat en het dalend aantal zaken er dan weer voor zorgt dat het individueel aandeel van de baliegelden in elk behandeld dossier stijgt.

Voor een appel en ei doen de bestuurders het zeker niet. Hun maandelijkse vergoeding als bestuurder lopen immers op tot meer dan 4500 euro per maand en per ("gewone") bestuurder.

Dit is meer dan het dubbele dan een gemiddelde advocaat uit zijn vennootschap als loon voor zijn arbeid opneemt.

Zij betrekken een overdadig luxueus pand in de Staatsbladstraat te Brussel, een paleis van een dictator van een kleine bananenrepubliek waardig, waarbij met de baliegelden van de advocaten dan nog eens de peperdure lening naast de onderhoudskosten en niet te vergeten de personeelskosten betaald worden.

Het gebrek aan efficiëntie en het gebrek aan visie van het OVB kan geïllustreerd worden met ondermeer:

• Het project van het OVB waarbij juridisch advies gepromoot werd via cadeaubons, hetgeen de OVB meer dan 25.000 euro gekost heeft en waarbij er welgeteld 1 bon verkocht werd;

• Het door het OVB ondersteunde DPA (digtaal platform advocaten). Dit is het zoveelste informatica-avontuur, thans een initiatief is van de private sector. DPA wordt door OVB gestuurd, zo niet gesteund . Het werken met DPA brengt voor een advocaat niet alleen vaste kosten met zich mee maar ook kosten per document die aldus worden uitgewisseld. Deze kosten kunnen oplopen tot meerdere honderden euro’s per dossier en per transfert. De OVB stelde zich borg voor het DPA avontuur en belast hierdoor direct of indirect de plaatselijke balies.

Aan een bestuurder van DPA werd meer uitleg gevraagd en verzocht te antwoorden of het klopt dat de lokale balies verzocht werden om sommen aan de OVB ter beschikking te stellen (zelfs ten belope van percentages van hun reserves), dat baliegeld hierdoor in 2018 door DPA zouden kunnen verder verhoogd moeten worden en dat minstens 1 balie alle betalingen aan OVB heeft opgeschort of zou opschorten. Ondanks herhaalde belofte tot antwoord op deze vragen, werd hierop niet verder gereageerd hetgeen de perceptie wekt dat deze informatie juist is.

En terwijl de justitiepaleizen leeglopen met nog een enkele confrater die vorige week in korte broek kwam pleiten (De Morgen 24/06/2017, verwijzend naar confrater Dimitri Van Tomme), zo werd dezelfde week het peperdure tijdschrift Ad Rem (alweer gefinancierd door baliebijdragen) ongevraagd verspreid, gedrukt op commerciële persen waarin door confraters in dure maatpakken en zijden dassen vanuit dure vergaderzalen, gelobbyd wordt om door de strot van de confraters een verhoging van het aantal uren permanente vorming te duwen, tot maar liefst 20 uren aan een gemiddelde prijs van 90 euro per uur, waar jawel de Orde van Vlaamse balies met een deel van deze gelden gaat lopen, want om erkenning te krijgen van het OVB dient aan hen betaald te worden.

De OVB organiseert dan wel zelf peperdure cursussen permanente vorming met duidelijk winstbejag, als zou zij een commerciële onderneming dan wel handelaar zijn, waarbij zij precies de permanente vorming verplicht,.

Doen de mandatarissen op de OVB hun best, laat het ons hopen, maar dat ze hun best doen is niet alleen niet genoeg, het kan nooit verantwoorden dat zij zich 4.500 euro per maand laten betalen. Dit is inderdaad meer, veel meer dan de vergoeding voor de mandaten van de politici in de intercommunales en voor dergelijke praktijken bestaat sinds kort een naam, graaicultuur.

Ooit hebben een aantal advocaten blijkbaar beslist dat zij een extra loon verdienen, bovenop hun erelonen als advocaat, betaald door alle andere advocaten, omdat ze van zichzelf menen dat ze dat waard zijn.

Dit is wat mensen doen met geld van anderen, geld dat in een gemeenschappelijke pot terecht komt, geld dat van iedereen is en dus van niemand. Dit gebrek aan controle leidt tot het ethische gevaar dat mensen niet meer op hun tellen passen. Niemand zal het missen als je, geheel legaal, wat uit die kolossale zak in je eigen zak laat verdwijnen. Begrijp dat dit milde tot excessieve gegraai niet als corruptie of als fraude kan aanzien want dan kom je weer bij de rotte appels terecht en deze Rupiaanse (want plaat die Di Rupo al 12 jaar draait) discussie is achterhaald en kan nooit tot een oplossing leiden. (zie De Morgen 24 juni 2017 pagina 16 Bart Eeckhout).
 

Nuttige tips: 

ORDE VAN VLAAMSE BALIES

Staatsbladsstraat 8
1000 Brussel
www.advocaat.be
Telefoon: 02 227 54 70
Fax: 02 227 54 79
info@advocaat.be
https://www.facebook.com/ordevanvlaamsebalies

Gerelateerd
0
Uw beoordeling Geen
Aangemaakt op: di, 28/09/2010 - 20:58
Laatst aangepast op: do, 03/08/2017 - 19:16

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.