-A +A

Referendaris

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Een referendaris is een functie binnen de rechterlijke orde. De referendaris is (mede)verantwoordelijk voor de voorbereiding van de zitting en stukken, leest bestudeert en vat dossiers samen en maakt ontwerpen van beslissingen en uitspraken op voor de rechter. Verschillende rechterlijke instanties beschikken over referendarissen.

Referendarissen bij het Hof van Cassatie
Aantal
Het Hof van Cassatie wordt bijgestaan door ten minste vijf en ten hoogste dertig referendarissen.
Taak
De taak van de referendarissen bij het Hof van Cassatie bestaat erin het werk van de raadsheren en de leden van het parket voor te bereiden. Daarnaast verrichten zij werkzaamheden in verband met de documentatie. Tot slot werken zij mee aan de vertaling en publicatie van arresten en aan het in overeenstemming brengen van de Franse en Nederlandse tekst.
Benoeming
Om tot referendaris bij het Hof van Cassatie te worden benoemd, moet men vijfentwintig jaar oud zijn en doctor of licentiaat in de rechten zijn. De kandidaten worden met het oog op hun benoeming gerangschikt op grond van een vergelijkend examen.
De referendarissen worden door de Koning benoemd voor een stage van drie jaar. Na drie jaar wordt de benoeming definitief tenzij de Koning anders beslist.
Referendarissen bij het Grondwettelijk Hof
Aantal
Het Grondwettelijk Hof mag ten hoogste vierentwintig referendarissen hebben van wie de ene helft Nederlandstalig en de andere helft Franstalig is.
Taak
Het Grondwettelijk Hof wordt eveneens bijgestaan door referendarissen.
Benoeming
Om tot referendaris bij het Grondwettelijk Hof benoemd te worden, men vijfentwintig jaar oud zijn en doctor of licentiaat in de rechten zijn. De kandidaten worden met het oog op hun benoeming gerangschikt op grond van een vergelijkend examen.
De referendarissen worden door het Hof benoemd voor een stage van drie jaar. Na die drie jaar wordt de benoeming definitief, tenzij het Hof anders beslist.
Referendarissen bij de Raad van State
Het coördinatiebureau van de Raad van State is samengesteld uit:
  • twee eerste referendarissen-afdelingshoofden en
  • twee eerste referendarissen, referendarissen of adjunct-referendarissen
Referendarissen bij de hoven van beroep, arbeidshoven en rechtbanken
Taak
De magistraten van de hoven van beroep, de arbeidshoven en de rechtbanken kunnen eveneens bijgestaan worden door referendarissen. In tegenstelling tot de referendarissen bij het Hof van Cassatie, staan deze referendarissen enkel de zittende magistraten bij, maar niet de leden van het parket. De magistraten van het parket worden daarentegen bijgestaan door parketjuristen.
De referendarissen bij de hoven van beroep, de arbeidshoven en de rechtbanken moeten het werk van de magistraten op juridisch vlak voorbereiden.
Benoeming
Om te worden benoemd tot referendaris moet de kandidaat doctor, licentiaat of master in de rechten zijn en geslaagd zijn voor een vergelijkende selectie, georganiseerd door Selor (het Selectiebureau voor de federale overheid). De referendarissen worden door de Koning benoemd. De benoeming wordt eerst vast na het verloop van een periode van voorlopige benoeming die moet toelaten om de geschiktheid van de kandidaat voor het ambt te kunnen beoordelen.
Toelichting:

De referendarissen bij de rechterlijke orde: schets van hun statuut, opdracht en deontologie Carl DE BUSSCHERE, RW 2012-2013, 562

Inhoud:

I. Schets van het statuut van de referendarissen bij de rechterlijke orde

A. Inleiding: De invoering van het ambt van referendaris bij het Hof van Cassatie en van het ambt van referendaris bij de andere hoven en rechtbanken
B. Enkele gelijkenissen tussen het statuut van de referendarissen bij het Hof van Cassatie en het statuut van de referendarissen bij de lagere hoven en rechtbanken
C. Enkele verschillen tussen het statuut van de referendarissen bij het Hof van Cassatie en het statuut van de referendarissen bij de lagere hoven en rechtbanken
D. Enkele specifieke kenmerken van het statuut van de referendarissen bij de lagere hoven en rechtbanken
E. Het voorrecht van rechtsmacht (art. 479 en 483 Sv.)

II. Schets van de opdracht van de referendarissen bij de rechterlijke orde

A. De opdracht van de referendarissen bij het Hof van Cassatie
B. De opdracht van de referendarissen bij de hoven van beroep, arbeidshoven en rechtbanken ( Art. 162, § 2, eerste lid Ger.W)
a) De referendarissen bij de hoven van beroep, arbeidshoven en rechtbanken bereiden het werk van de magistraten van de zetel voor en dit op juridisch vlak
b) De referendarissen mogen zich niet inlaten met de door de wetgever aan de griffiers opgedragen taken, zoals de taken vermeld in art. 168 Ger.W
C. Het voor magistraten facultatieve karakter van de bijstand van een referendaris
D. De referendaris en het repliekrecht van de partijen

III. Schets van de deontologie van de referendarissen

A. Afwezigheid van een wettelijke deontologische code voor de referendarissen
B. De ambtseed van de referendarissen bij de aanvang van hun ambt
C. Elementen uit de deontologie van magistraten en van griffiers
D. Elementen uit het strafrecht
E. Diverse expliciete ambtsverplichtingen van de referendarissen
1° Het naleven van de diverse bepalingen inzake onverenigbaarheden
2° Het naleven van de bepalingen inzake de continuïteit van de dienst
3° Het naleven van het verbod om bepaalde betwiste rechten over te nemen
4° Invloed op het specifi eke verbod van toewijzing aan bepaalde gerechtsdienaren?
F. Naleving van diverse niet-geschreven deontologische plichten van de referendarissen
1° Discretie
2° Beroepsbekwaamheid
3° Nauwgezetheid
4° Onafhankelijkheid, onpartijdigheid en objectiviteit
5° Het bijdragen tot de goede werking van het gerecht
6° Onderlinge eerbied tussen de magistraten en referendarissen
7° Ontzag voor zijn overheden
8° Wraking en verschoning
9° Goede trouw en eerlijkheid
10° Loyaliteit
H. Deontologie en tuchtrecht

IV. Enkele krachtlijnen van het tuchtrecht voor de referendarissen
A. Tuchtfouten
1° De wettelijke omschrijving van tuchtfouten
2° Voorbeelden van laakbare gedragingen uit het beroepsleven

3° Voorbeelden van laakbare gedragingen uit het privéleven
4° Het bewijs van een tuchtfout
B. Mogelijke tuchtstraffen toepasselijk op de referendarissen
1° De wettelijke limitatieve opsomming van de tuchtstraff en
2° Het evenredigheidsbeginsel bij de bestraffing
3° Verzwarende of verzachtende omstandigheden en de strafmaat
C. Tuchtoverheden bij een tuchtprocedure tegen een referendaris
1° De vier verschillende tuchtoverheden met elk een specifieke opdracht
2° De Nationale Tuchtraad en de tuchtprocedure tegen een referendaris
D. Het verloop van een tuchtprocedure tegen een referendaris
V. Ten uitgeleide
VI. De referendarissen als nieuwe «amici curiae»

 

 

Rechtsleer: 

• BLOMME, K., De functie en het statuut van de referendarissen bij de hoven en rechtbanken in evolutie, Ius & Actores 2009, afl. 3, 5-46.

• VAN EX, J., Rechtbankreferendarissen worden stilaan vertrouwd beeld, Juristenkrant 2001, afl. 38, 11.

• BAUDENELLE, C., Les référendaires près les Cours d'appel et les tribunaux de première instance, JT 2005, afl. 6204, 781-786.

• HERBOTS, P., Parketjurist en referendaris beter betaald. Balie-ervaring meegeteld voor berekening anciënniteit, Juristenkrant 2007, afl. 153, 17

• Marek Verhoeven, De juristenkrant, 21 maart 2012, nr. 246, De referendaris: de helpende hand van de rechter

• W. Pas, «De auditeurs en referendarissen in de Raad van State», Cass@nova 2005/2, p. 6 en 7;

• R. Ryckeboer, «De referendarissen bij het Arbitragehof», Cass@nova 2005/2, p. 4-6.

• A. Bossuyt, «De referendarissen van Europa», Cass@nova 2005/2, p. 7 en 8).

• I. Boone, «De referendarissen bij het Hof van Cassatie», Cass@nova 2005/2, 1-4;

• T. Erniquin, «Les référendaires attachés aux juridictions supérieures», JT 2003, 717-729 en 796.

•  Baudenelle, «Les référendaires près les cours d’appel et les tribunaux de première instance», JT 2005, 781-786;

• K. Blomme, «De functie en het statuut van de hoven en rechtbanken in evolutie», Ius et actores 2009, nr. 3, p. 5-46;

• C. De Busschere, «Artikel 162» in Comm.Ger., 2009;

• G. De Leval en F. Georges, Précis de droit judiciaire, I, Brussel, Larcier, 2010, p. 255-257, nrs. 389-393;

• J. Laenens, K. Broeckx, D. Scheers en P. Thiriar, Handboek gerechtelijk recht, Antwerpen, Intersentia, 2008, 355-358.

•  Verslag L. Willems en R. Landuyt, Parl.St. Kamer 1998-99, nr. 2037/2, p. 10.

• E. Van Dooren, «De wettelijke termijn van installatie en eedaflegging voor gerechtelijke ambten, met bijzondere toepassing op de referendarissen bij het Hof van Cassatie», RW 2008-09, p. 1573, nr. 2; 
 

Wetgeving: 

• Wet van 24 maart 1999 met betrekking tot de parketjuristen en de referendarissen..., BS 7 april 1999, 11.297, err. BS 8 mei 1999, 16.037;

• Wet van 25 april 2007 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek inzonderheid met betrekking tot de bepalingen inzake het gerechtspersoneel van het niveau A, de griffiers en de secretarissen en inzake de rechterlijke organisatie, BS 1 juni 2007, 29.680, err. BS 30 juli 2007, 40.274.

Gerelateerd
0
Uw beoordeling Geen
Aangemaakt op: do, 22/03/2012 - 09:14
Laatst aangepast op: vr, 30/11/2012 - 22:16

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.