-A +A

Publicatieverbod in kortgeding

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Meermaals tracht een benadeelde de publicatie van een boek of een tijdschrift tegen te gaan door een procedure in kort geding. Veelal wordt dan gesteld dat de persoonlijke rechten van de betrokkene geschaad zijn, dat hij zich beledigd voelt of meer in het algemeen dat er een fout werd begaan in de zin van art. 1382 B.W.

Er bestaat evenwel een algemene regel dat een kort geding rechter geen nadeel mag doen aan de zaak zelf.

Maar de meerderheidsrechtspraak aanvaardt dat een kort geding rechter ten voorlopige titel zelfs fundamentele rechten en vrijheden mag beperken zoals het recht van vrije meningsuiting en het persrecht, voor zover hiermee een vermoedelijke schending van een ander subjectief recht kan voorkomen worden.

Vanzelfsprekend zal de kort geding rechter in een dergelijke zaak de hoogdringendheid dienen te beoordelen en eveneens de maatschappelijke impact van het desbetreffende artikel of het desbetreffende boek.

Bovendien zal de kort geding rechter een evenwichtsoefening dienen te maken, met name in hoeverre de beperking van de grondwettelijk gewaarborgde rechten van de ene in verhouding staan met de rechtmatige belangen en motieven van de andere.

Dit alles neemt niet weg dat de kort geding rechter in dergelijke gevallen de eisende partij steeds kan opleggen om op zeer korte termijn een procedure ten gronde in te spannen waarbij de rechter ten gronde een totaal andere visie kan weerhouden.

Bij de beoordeling in hoeverre bepaalde uitspraken beledigend zijn, lasterlijk zijn, de rechten van een benadeelde kunnen raken, wordt er in de regel een onderscheid gemaakt tussen artikelen die louter informatief zijn en de artikelen die eerder als satire worden aanzien.

De satire is een genre waarbij de lezer onmiddellijk moet duidelijk worden dat een bepaalde stijlfiguur wordt gebruikt, zonder dat een loutere naakte digitale boodschap wordt weergegeven en waardoor er een grotere tolerantie bestaat ten aanzien van de satire.

Om uit te maken of iets een satire is, wordt vaak gekeken naar het medium zelf. Zo wordt een onderscheid gemaakt tussen ernstige kranten (en daarom niet minder waardevolle) satirische weekbladen waarvan de lezer verondersteld wordt op de hoogte te zijn van het satirisch karakter ervan.

Zie terzake Hof van Beroep te Brussel 31.06.2009, N.J.W. 219, 24.03.2010, 248 met noot rechterlijk publicatieverbod en Brussel 11.12.2008, N.J.W. 2009,324.
 

Gerelateerd
0
Uw beoordeling Geen
Aangemaakt op: wo, 21/07/2010 - 20:55
Laatst aangepast op: zo, 22/03/2015 - 14:56

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.