-A +A

Overmacht

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Impossibilium nulla est obligatio
Nichts ist Pflicht bei Unmöglichkeit

 
Bepaling in het Burgerlijk wetboek
 
Art. 1147. De schuldenaar wordt, indien daartoe grond bestaat, veroordeeld tot het betalen van schadevergoeding, hetzij wegens niet uitvoering van de verbintenis, hetzij wegens vertraging in de uitvoering, wanneer hij niet bewijst dat het niet nakomen het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend, en hoewel er zijnerzijds geen kwade trouw is.
 
Voorbeeld van vreemde oorzaak:
 
Atmosferische gebeurtenissen zoals mist, sneeuw, overstroming, bliksem, natuurramp, overmatige droogte, slecht weer mits die gebeurtenissen zich plotseling voordeden en niet konden worden voorzien  (H. DE PAGE, Traité élémentaire de droit civil belge, T. II, Les obligations, Brussel, Bruylant, 1953, nr. 601).
 
Overmacht
 
Bepaling in het Burgerlijk wetboek:
 
Art. 1148. Geen schadevergoeding is verschuldigd, wanneer de schuldenaar door overmacht of toeval verhinderd is geworden datgene te geven of te doen waartoe hij verbonden was, of datgene gedaan heeft wat hem verboden was.
 
Rechtsleer:
 
• VAN OEVELEN, A., Overmacht en imprevisie in het Belgische contractenrecht
TPR 2008, afl. 2, 603-641
 
• OOSTEN, I., MONSEREZ, L., Beëindiging van de arbeidsovereenkomst van de definitief arbeidsongeschikte werknemer wegens overmacht
Or. 2007, afl. 10, 269-275
• HEERINCKX, S., De aansprakelijkheid van de bruiklener in het geval van diefstal van de ontleende zaak: kan er een beroep worden gedaan op overmacht? TBBR 2001, 459-462, Luik (12e k.) 8 september 1999, TBBR 2001, 458, noot HEERINCKX, S..
 
Overmacht in het arbeidsrecht:
 
 
Verschil overmacht-vreemde oorzaak:
 
Overmacht maakt een vreemde oorzaak uit waarbij de schuldenaar bevrijd wordt indien de uitvoering van de overeenkomst door een plotse onvoorzienbare omstandigheid onmogelijk wordt.
 
Verdere detaillering van het onderscheid tussen “overmacht” en “vreemde oorzaak”: zie A. VAN OEVELEN, “Overmacht en imprevisie in het Belgische contractenrecht”, TBH 2008, afl. 2, 605 (603-641).
 
Resultaatsverbintenissen en overmacht.
 
Bij een resultaatsverbintenis, wordt in tegenstelling tot een inspanningsverbintenis een welbepaald resultaat beloofd. Wanneer de schuldeiser kan aantonen dat dit resultaat niet bereikt werd staat de contractuele fout van de schuldenaar vast. De schuldenaar kan zich evenwel beroep op overmacht.
 
 
toepassingsvoorwaarden van overmacht als  bevrijdingsgrond:
1.       De schuldenaar dient te bewijzen dat het voorval waarop hij zich beroept niet te wijten is aan eigen fout of aan een derde voor wie hij instaat, om dit te beoordelen wordt rekeninggehouden met de voorzienbaarheid: van het voorval op het ogenblik van de contractsluiting. Een voorzienbaar voorval maakt geen overmacht uit.
2.       Het voorval moet een plots karakter kennen (zie ook de eerste vereiste van het onvoorzienbaar karakter).
3.       De schuldenaar moet bewijzen dat hij in de onmogelijkheid was in te grijpen om het voorval te vermijden of desondanks het voorval de overeenkomst onder het weze zwaardere omstandigheden uit te voeren. Aldus moet het voorval de nakoming van de overeenkomst volstrekt onmogelijk maken. Een plotse omstandigheid die de uitvoering onmogelijk maakt, zal geen overmacht uitmaken, wanneer de schuldenaar zich verbonden had een bepaalde overeenkomst uit te voeren binnen een bepaalde periode, hij verschillende weken getalmd heeft en het voorval zich op het einde van de uitvoeringsperiode voordoet. Vb. Plotse regenval in het voorjaar op het einde van de periode waarin de aannemer van dakwerken zich verbonden had tot uitvoering van de dakwerken, nadat deze weken had getalmd in een periode zonder regenweer.
 
Maken atmosferische omstandigheden zoals vorst, hagel en neerslag (regen)  overmacht uit in het aannemingsrecht?
 
Om deze vraag te beoordelen zal vooreerst dien uitgemaakt of de aannemingsovereenkomst een resultaatsverbintenis dan wel een inspanningsverbintenis uitmaakt en of de uitvoeringstermijn een determinerende en strikt verbindende voorwaarde van de contractsluiting was.
 
Sommige contracten hebben een gemengd karakter, waarbij de termijn om een handeling te stellen, determinerend is en een resultaatsverbintenis inhoudt maar waarbij het resultaat zelf niet gegarandeerd wordt. Vb. de verplichting van een advocaat om tijdig conclusies neer te leggen en ter zitting aanwezig te zijn. De meeste aannemingscontracten in het bouwrecht maken zuivere resultaatsverbintenissen uit. Vaak wordt evenwel de uitvoeringstermijn als indicatief aangegeven. Dit ontslaat de aannemer niet om de aanneming binnen een redelijke termijn uit te voeren, die evenwel in concreto wordt beoordeeld.
 
Atmosferische omstandigheden zijn echter meestal voorzienbaar. Een neerslagperiode die enkele dagen aanhoudt is in ons land steeds een voorzienbare omstandigheid en kan derhalve zelden overmacht of vreemde oorzaak uitmaken. Zo is ook vorst en hagel veelal te aanzien als een voorzienbare omstandigheid.
 
Overmachtsbedingen
 
De voorzichtige aannemer zal in zijn aannemingscontracten vaak voorzien dat de uitvoeringstermijn verlengd wordt met het aantal dagen regen, hagel en vorst tijdens de uitvoeringsperiode die formeel wordt ingeschreven in het aannemingscontract, gebeurlijk onder bijkomende stipuleringen. De overmacht regeling in het burgerlijk wetboek is van aanvullende aard en het staat partijen vrij om contractueel te bepalen wat als overmacht dient te worden aanzien en hoe deze omstandigheden worden opgevangen.
 
 
Dit soort bedingen worden overmachtsbedingen geheten.
 
Hierbij is het nuttig de uitvoeringstermijn in werkdagen te bepalen en niet in kalderdagen, waaraan wordt toegevoegd dat de weersomstandigheden die in de weerverletkalender van de Bouwconfederatie aanleiding geven tot een dag bouwverlet de uitvoeringstermijn met een zelfde periode verlengen.
Overmacht versuse imprevisie
 
Sommige omstandigheden maken een overeenkomst niet volstrekt onmogelijk maar bemoeilijken de uitvoering ervan. Hiervoor kan geen overmacht worden ingeroepen, maar eventueel wel de imprevisieleer. Deze leer behoort niet tot het Belgisch recht. Al stellen er zich hierbij toch een aantal vragen en misschien soms ook uitwegen. Zie onze bijdrage over imprevisie.
 
 
Overmacht regeling bij overheidsopdrachten:
 
Overheidsopdrachtenwet: artikel 16 § 2, 1° en 2° AAV17 voorziet dat de aannemer hetzij om verlenging van de uitvoeringstermijnen, hetzij, wanneer hij een zeer belangrijk nadeel heeft geleden, om herziening of verbreking van de overeenkomst kan vragen, door omstandigheden te doen gelden, die hij redelijkerwijze niet kon voorzien bij het indienen van de offerte of de gunning van de opdracht, die hij niet kon ontwijken en waarvan hij de gevolgen niet kon verhelpen alhoewel hij al het nodige daarvoor heeft gedaan. Atmosferische omstandigheden kunnen dergelijke omstandigheden uitmaken voorzover ze door de aanbestedende overheid als abnormaal worden erkend, rekening houdend met de plaats en het seizoen, moeten worden beschouwd als voor­melde omstandigheden.
Rechtsleer: 

Snauwaert, L. en Van Der Elst, C., Het onmogelijkheidscriterium inzake overmacht: hoe onmogelijk is onmogelijk? TPR 2011-1, 123

Inhoud van deze bijdrage in TPR

Hoofdstuk I. Inleding
Hoofdstuk II. Het onmogelijkheidscriterium inzake overmacht
A. Absolute of relatieve onmogelijkheid
1. Strenge of milde benadering
2. Beoordeling in abstracto of in concreto
B. Tendens naar een relatieve onmogelijkheid in België

Hoofdstuk III Rechtspraakonderzoek

Gerelateerd
0
Uw beoordeling Geen
Aangemaakt op: za, 03/07/2010 - 19:27
Laatst aangepast op: za, 06/06/2015 - 10:26

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.